elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Swanenberg, A.P.C. (2011), Brabants-Nederlands: Nederlands-Brabants: Handwoordenboek, Someren

aaiemaai, aaiemaai, zelfstandig naamwoord, hooiwagen (spin met lange poten) (West-Brabant)
aal, aol, zelfstandig naamwoord, nageboorte van de koe (West-Brabant)
aan, aon, voorzetsel, naar (West-Brabant)
aandeger, andeeger, bijwoord, voortdurend (Helmond en Peelland)
aangaan, angaon, zelfstandig naamwoord, karwei (Land van Cuijk; Helmond en Peelland)
aangeladen, aongelaoie, bijvoeglijk naamwoord, dronken (West-Brabant)
aangelog, angelog, zelfstandig naamwoord, boerenerf (Helmond en Peelland; Eindhoven en Kempenland)
aangewen, angewén, zelfstandig naamwoord, gewoonte (Land van Cuijk)
aanhoudend, anhaawend, unhaawend, bijwoord, voortdurend (Helmond en Peelland)
aankeren, ankéére, werkwoord, voor zijn mening uitkomen, verdedigen (Land van Cuijk)
aankleren, aonkleere, werkwoord, aankleden (West-Brabant)
aanladen, anlaaie, werkwoord, aankoeken (Land van Cuijk)
aanlopen, ònloope, werkwoord, beginnen te lopen (Den Bosch en Meierij)
aanrecht, archt, zelfstandig naamwoord, aanrecht (Helmond en Peelland)
aanrecommanderen, anrikkemedeere, aonrekommedeere, werkwoord, aanbevelen (Helmond en Peelland); aonrekommedeere; aanbevelen (West-Brabant)
aanrijden, ònrééje, werkwoord, vertrekken (Den Bosch en Meierij)
aanslag, anslag, zelfstandig naamwoord, drukte (Helmond en Peelland)
aansturen, anstuure, werkwoord, een schommel aantrekken (Helmond en Peelland)
aanuieren, ònèùre, werkwoord, zwaar worden, betrekken, gezegd van de lucht (Den Bosch en Meierij)
aanwerk, anwèèrk, anwerk, zelfstandig naamwoord, begin (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk)
aardachtig, aordèèchteg, bijvoeglijk naamwoord, aangenaam (Eindhoven en Kempenland)
aardappel, èrpel, éérpel, elper, zelfstandig naamwoord, aardappel (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland); éérpel; aardappel (Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant); ); elper; aardappel (Land van Cuijk)
aardbei, erbeezie, éérbezem,erdbizzing, erdsbéér, zelfstandig naamwoord, aardbei (West-Brabant); éérbeezem; aardbei (Tilburg en Midden-Brabant); erdbizzing; aardbei (Helmond en Peelland); erdsbéér; aardbei (Land van Cuijk)
aardeind, ééréénd, eséénd, zelfstandig naamwoord, boomstronk (West-Brabant); eséénd; boomstronk (West-Brabant)
aarden, aarde, aorde, aore, werkwoord, zich thuis voelen (Den Bosch en Meierij); aorde; zich thuis voelen (Eindhoven en Kempenland); aore; zich thuis voelen (West-Brabant)
aardgal, erdgal, zelfstandig naamwoord, paardebloem (Den Bosch en Meierij)
aardig, aareg, aoreg, arreg, bijvoeglijk naamwoord, eigenaardig, vreemd, onwel (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk; Helmond en Peelland); aoreg; eigenaardig, vreemd (Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant); arreg; eigenaardig, vreemd, onwel (Eindhoven en Kempenland)
aardmuis, erdmois, zelfstandig naamwoord, veldmuis (Helmond en Peelland)
aardschillen, erdskalle, zelfstandig naamwoord, meervoud, paardenbloembladeren (Helmond en Peelland)
Aarle, Aale, toponiem, Aarle-Rixtel (Helmond en Peelland)
aasje pik, aoskepek, zelfstandig naamwoord, zwarte, harige rups (West-Brabant)
aaszak, aozak, zelfstandig naamwoord, oneerlijk, vals spel (West-Brabant)
accorderen, akkerdeere, akkedere, akkerdiere, akkediere, werkwoord, goed met elkaar overweg kunnen (Eindhoven en Kempenland; West-Brabant; Land van Cuijk; Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland)
achter, taaftere, saafteres, bijwoord, vanmiddag (Helmond en Peelland); saafteres; in de namiddag. (Helmond en Peelland)
achter elkaar, aachterbekaare, bijwoord, achter elkaar, onmiddellijk (Helmond en Peelland)
achtereen, achtereen, bijwoord, binnenkort (West-Brabant)
achtermiddag, aachtemiddeg, saachtermiddegs, zelfstandig naamwoord, namiddag (Eindhoven en Kempenland); saachtermiddegs; in de namiddag. (West-Brabant)
achterstel, aachterstel, zelfstandig naamwoord, nasleep (Eindhoven en Kempenland)
achterstevoren, aafterstevurre, bijwoord, achterstevoren, averechts (Helmond en Peelland)
achterwerk, aachterwaark, aachterwèèrk, zelfstandig naamwoord, werkachterstand (West-Brabant; Eindhoven en Kempenland)
achtkantig, aachtkaanteg, aachtkanteg, aachtkèntig, bijvoeglijk naamwoord, onbuigzaam, dwars, lomp, driftig (West-Brabant; Tilburg en Midden-Brabant; Helmond en Peelland)
adem, aoiem, aosem, ojjem, òssem, zelfstandig naamwoord, adem (Tilburg en Midden-Brabant; Land van Cuijk); aosem; adem (West-Brabant); ojjem; adem (Helmond en Peelland); òssem; adem (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant)
ademloos, aoiloos, bijvoeglijk naamwoord, flauw, wee (West-Brabant)
ader, aoier, zelfstandig naamwoord, ader (Den Bosch en Meierij)
ader, aore, zelfstandig naamwoord, meervoud, aderen (Land van Cuijk)
afbadderen, afbaddere, werkwoord, een pak slaag geven (West-Brabant)
afblotten, afblotte, werkwoord, afschilferen, vervellen (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; West-Brabant; Helmond en Peelland)
afgang, afgaank, afgang, zelfstandig naamwoord, stoelgang (West-Brabant; Tilburg en Midden-Brabant)
afgeladen, afgelaoie, bijvoeglijk naamwoord, stomdronken (Tilburg en Midden-Brabant)
afgelasten, aflasse, werkwoord, afgelasten (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; West-Brabant)
afgewerkt, afgewerkt, bijvoeglijk naamwoord, klaar, met pensioen (Den Bosch en Meierij)
afgieten, afgiete, werkwoord, urineren (Den Bosch en Meierij)
afhanger, afhanger, zelfstandig naamwoord, veilingmeester (Tilburg en Midden-Brabant)
afhaspelen, afapsele, werkwoord, beredeneren, afspreken (West-Brabant)
afkaaien, afkaaie, werkwoord, afbreken (Tilburg en Midden-Brabant)
afkomen, afkomme, werkwoord, bezoeken (West-Brabant)
afleggensklaar, afleggesklaor, bijvoeglijk naamwoord, doodmoe, doodziek (West-Brabant; Helmond en Peelland)
afpekken, afpekke, werkwoord, een pak slaag geven (West-Brabant)
afpraten, afpraote, werkwoord, afspreken (Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
afraffelen, afroefele, werkwoord, afraffelen (Land van Cuijk)
afrepen, afrjeepe, werkwoord, afscheuren, afstropen (West-Brabant)
afril, april, zelfstandig naamwoord, helling, talud (West-Brabant)
afscheiden, afschaaie, afschèèje, afskèèje, werkwoord, ophouden (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant; Land van Cuijk; Helmond en Peelland; Den Bosch en Meierij)
afschopper, afskoeper, zelfstandig naamwoord, voorschaar van de ploeg (Den Bosch en Meierij)
afspinzen, afspiense, werkwoord, afluisteren (Helmond en Peelland)
afstenen, afstjeene, werkwoord, beslissen (West-Brabant)
aftrappen, aftrappe, werkwoord, een afstand lopend meten (West-Brabant)
aftreden, aftrèèje, werkwoord, een afstand lopend meten (Helmond en Peelland)
afvallen, afvalle, werkwoord, heimwee hebben (Land van Cuijk)
afzetten, afzette, werkwoord, de tafel afruimen (Land van Cuijk)
air, éérke, zelfstandig naamwoord, melodietje (West-Brabant)
ajuin, jèùn, juin, jung, zelfstandig naamwoord, ui (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant); juin; ui (Den Bosch en Meierij; West-Brabant); jung; ui (Den Bosch en Meierij; West-Brabant)
ajuinig, jèùneg, bijvoeglijk naamwoord, grappig (Tilburg en Midden-Brabant)
ajuinpijp, juunpiepkes, zelfstandig naamwoord, meervoud, groen van de ui (Land van Cuijk)
akelig, aokelek, bijvoeglijk naamwoord, akelig (Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
aker, aoker, zelfstandig naamwoord, putemmer (West-Brabant)
akker, ekker, zelfstandig naamwoord, akker, boerenland (Helmond en Peelland; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
al zijn leven, alzeleeve, bijwoord, voortdurend, in elk geval (Eindhoven en Kempenland; West-Brabant; Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant; Land van Cuijk)
alevenwel, alivver, bijwoord, toch al (West-Brabant)
algedurig, allegeduurrege, bijwoord, aanhoudend (Eindhoven en Kempenland)
aling, alleng, elleng, elling, angel, engel, ólling, bijwoord, geheel, heel (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland); elleng; enige, enkele (Eindhoven en Kempenland); elling; heel, geheel (Land van Cuijk); angel; geheel (Helmond en Peelland); engel; heel, geheel (Land van Cuijk); òlling; geheel, heel (Den Bosch en Meierij)
allee, allee, tussenwerpsel, vooruit (Tilburg en Midden-Brabant)
alleen, allennig, allinnig, bijwoord, alleen (Land van Cuijk; Helmond en Peelland)
allemaal, ammel, ammol, bijwoord, allemaal (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland); ammol; allemaal (Tilburg en Midden-Brabant)
alleman, alleman, voornaamwoord, iedereen (Den Bosch en Meierij)
allerhande, alderhande, bijwoord, allerlei (Eindhoven en Kempenland); allehaande; allerlei (Land van Cuijk); alleraande; allerlei (Tilburg en Midden-Brabant); alterande; allerlei (Den Bosch en Meierij)
alsem, èlse, els, zelfstandig naamwoord, alsem (Eindhoven en Kempenland); els; alsem (Land van Cuijk)
altaar, outer, ouwer, zelfstandig naamwoord, altaar (West-Brabant); ouwer; altaar (Tilburg en Midden-Brabant)
alteratie, alterazzie, zelfstandig naamwoord, verwarring (Helmond en Peelland)
altijd, altij, aai, aalt, aatij, alt, bijwoord, altijd (West-Brabant); aai; altijd (Tilburg en Midden-Brabant); aalt; altijd (Helmond en Peelland; Land van Cuijk); aatij; altijd (Tilburg en Midden-Brabant); alt; altijd (Den Bosch en Meierij)
ambetant, impetant, bijvoeglijk naamwoord, vervelend (West-Brabant)
ambetanterik, impetanterik, zelfstandig naamwoord, klier (West-Brabant)
ambras, ambras, zelfstandig naamwoord, herrie, ruzie, problemen (West-Brabant)
Ameidestraat, Mèèjstrotje, toponiem, Ameidestraat (Helmond) (Helmond en Peelland)
amer, ómmere, zelfstandig naamwoord, meervoud, houtskool (Helmond en Peelland; Eindhoven en Kempenland)
anderdaags, saanderdaogs, saanderdaags, saanderendaags, saanderendogs, sande, bijwoord, de volgende dag (Den Bosch en Meierij); saanderendaogs, saanderendogs; de volgende dag. (Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant); sanderendaags, sanderendaogs; de volgende dag. (Land van Cuijk; Eindhoven en Kempenland)
andersom, auwsum, ouwsum, bijwoord, andersom (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk); ouwsum; binnenstebuiten (Land van Cuijk)
angel, angel, zelfstandig naamwoord, haal, waaraan de kookketel boven het vuur hangt (West-Brabant)
appelprol, appelentrol, zelfstandig naamwoord, appelmoes (Helmond en Peelland)
appelprut, appelprut, zelfstandig naamwoord, appelmoes (Land van Cuijk)
appelsien, appelsien, aplesien, appelesien, zelfstandig naamwoord, sinaasappel (Eindhoven en Kempenland; West-Brabant); aplesien; sinaasappel (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant); appelesien;sinaasappel (Helmond en Peelland)
appetjoek, appetjoek, zelfstandig naamwoord, stommeling (Tilburg en Midden-Brabant)
apprensie, apperènsie, zelfstandig naamwoord, aanstalten (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant; Helmond en Peelland; Eindhoven en Kempenland)
arbeider, erbèèr, zelfstandig naamwoord, arbeider (Helmond en Peelland)
aren, eere, werkwoord, ploegen (Den Bosch en Meierij)
armoede, èèremoei, èrremoei, zelfstandig naamwoord, armoede (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland); èrremoei; armoede (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk)
armvol, elver, aalver, eelver, zelfstandig naamwoord, armvol, flinke hoeveelheid (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk); aalver; armvol (West-Brabant); eelver; kleine hoeveelheid (Helmond en Peelland)
as, aase, assie, zelfstandig naamwoord, meervoud, as (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant; Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland); assie; as (West-Brabant)
asdel, assiedel, zelfstandig naamwoord, vies vrouwtje (West-Brabant)
assurantie, astransie, astraasie, zelfstandig naamwoord, verzekering (Den Bosch en Meierij); astraasie; verzekering (Tilburg en Midden-Brabant)
Asten, Aaste, toponiem, Asten (Helmond en Peelland)
astrant, astraant, astrant, ekstrant, straant, strant, bijvoeglijk naamwoord, brutaal (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk; West-Brabant; Tilburg en Midden-Brabant); ekstrant; brutaal, onbeschaamd (Land van Cuijk); staant; brutaal (Tilburg en Midden-Brabant); strant; brutaal (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland)
Aswoensdag, asselewoenzeg, zelfstandig naamwoord, Aswoensdag (Land van Cuijk)
avançatie, affesossie, zelfstandig naamwoord, haast (Helmond en Peelland)
avance, avvezaans, bijwoord, voorspoed (Tilburg en Midden-Brabant)
avanceerplank, affeseerplenkske, zelfstandig naamwoord, step (Tilburg en Midden-Brabant)
avanceren, affeseere, avveseere, werkwoord, voortmaken, opschieten (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant); avveseere; voortmaken, opschieten (Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk)
avond, taovend, bijwoord, vanavond (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
avonduil, aovenduul, zelfstandig naamwoord, nachtbraker (Helmond en Peelland)
aziken, ozzike, werkwoord, scharrelen (Land van Cuijk)
baaien, baaie, werkwoord, met grote passen lopen (Helmond en Peelland)
baak, baok, zelfstandig naamwoord, pit van een steenvrucht (West-Brabant)
baakster, baakster, baokster, zelfstandig naamwoord, vroedvrouw (Land van Cuijk); baokster; vroedvrouw (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
baalzak, baolzak, zelfstandig naamwoord, jutezak (West-Brabant)
baandrenkelen, baandrenkele, werkwoord, slenteren, rondhangen (West-Brabant)
baasschap, bòsschap, zelfstandig naamwoord, zeggenschap (Tilburg en Midden-Brabant)
babbel, babbel, zelfstandig naamwoord, snoepje (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
bag, bagge, zelfstandig naamwoord, meervoud, koolrapen, voederbieten (West-Brabant)
bagasse, begaozie, begarrie, zelfstandig naamwoord, rommel, herrie (West-Brabant); begarrie; rommel, rotzooi (West-Brabant)
bagatel, baggetèl, zelfstandig naamwoord, kleinigheid (Helmond en Peelland)
bakelen, baakele, werkwoord, zich in het zand wentelen (Land van Cuijk)
bakeren, baokere, werkwoord, kletsen (Tilburg en Midden-Brabant)
bakje, bakske, bèkske, zelfstandig naamwoord, kopje (koffie) (West-Brabant); bèkske; kopje (koffie) met een oor (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant; Land van Cuijk)
bakkei, bakkèèj, bakskei, zelfstandig naamwoord, grote straatsteen (Helmond en Peelland); bakskei; baksteen (Land van Cuijk)
bakkes, bakkes, zelfstandig naamwoord, gezicht, smoel (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant; Helmond en Peelland)
baktand, baktaand, baktand, zelfstandig naamwoord, kies (Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant; Den Bosch en Meierij)
balie, ballie, zelfstandig naamwoord, lichtzinnige vrouw (Land van Cuijk)
baliën, bállieje, böllieje, werkwoord, ijlend praten, wankelend lopen (Eindhoven en Kempenland); böllieje; rondrijden (Tilburg en Midden-Brabant)
balkementen, balkemente, werkwoord, ravotten (Land van Cuijk)
balkeneren, balkeneere, werkwoord, ronddolen (Eindhoven en Kempenland)
ballenfrutter, ballefrutter, zelfstandig naamwoord, schimpnaam voor een Goirlenaar (Tilburg en Midden-Brabant)
balletjesvuil, ballekesvuil, zelfstandig naamwoord, nachtschade (West-Brabant)
balscheut, balskeut, zelfstandig naamwoord, korte afstand (Den Bosch en Meierij)
balsemien, balsemien, zelfstandig naamwoord, springzaad (plantnaam) (Land van Cuijk)
balsturig, balstuureg, bolstuureg, bijvoeglijk naamwoord, baldadig (Land van Cuijk); bolstuureg; onbesuisd (Eindhoven en Kempenland)
bam, bam, zelfstandig naamwoord, boterham (Tilburg en Midden-Brabant)
bambocheren, bambezjoere, ballezjoere, bombezjoere, werkwoord, plezier maken, pierewaaien (Den Bosch en Meierij); ballezjoere; lanterfanten (Den Bosch en Meierij); bombezjoere; uitgaan (Tilburg en Midden-Brabant)
bamboest, bamboest, zelfstandig naamwoord, losbol (West-Brabant)
bamis, baomes, zelfstandig naamwoord, 1 oktober (Bavomis), herfst, herfstweer (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
bandelen, bandele, werkwoord, hoepelen (kinderspel) (Land van Cuijk)
bangen, bange, werkwoord, bang zijn (Tilburg en Midden-Brabant)
banken, banke, werkwoord, grond omwerken in voren (Den Bosch en Meierij)
banzelen, baanzele, banzele, werkwoord, slenteren (Helmond en Peelland); banzele; rondslenteren (Eindhoven en Kempenland)
barg, barg, börcht, börg, zelfstandig naamwoord, gecastreerd mannelijk varken (West-Brabant); börcht; gecastreerde varkensbeer (Den Bosch en Meierij) börg; gecastreerde varkensbeer (Land van Cuijk)
barrevoets, bèrrevoets, bijwoord, blootsvoets (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
bars, bars, bijvoeglijk naamwoord, bloot (Helmond en Peelland)
bartel, bartels, zelfstandig naamwoord, meervoud, tienerjongens (Eindhoven en Kempenland)
bassen, basse, baaste, werkwoord, blaffen, hoesten (West-Brabant); baaste ; blaffen (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
batraaf, batraof, zelfstandig naamwoord, kwajongen (West-Brabant)
bats, bats, zelfstandig naamwoord, grote (koren)schop (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant); bats; achterste (Land van Cuijk)
batsen, batse, werkwoord, moeizaam door modder of water lopen (West-Brabant)
batteren, battere, werkwoord, snel lopen (Land van Cuijk)
bauwen, bauwe, werkwoord, stotteren (West-Brabant)
baviaan, baviaon, zelfstandig naamwoord, kwajongen (West-Brabant)
beddekoets, beddekoets, zelfstandig naamwoord, bedstede (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland)
bedevaart, beevert, béévert, zelfstandig naamwoord, bedevaart (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant; Land van Cuijk)
bedicht, bedicht, bijwoord, vlak na elkaar, vlug (West-Brabant)
bedienen, bediene, werkwoord, het Heilig Oliesel toedienen (Den Bosch en Meierij)
bedoening, bedoening, zelfstandig naamwoord, toestand (West-Brabant)
beduiden, bedieje, werkwoord, duidelijk maken (Eindhoven en Kempenland)
beduvelarij, beduuvelderèèj, zelfstandig naamwoord, bedrog (Helmond en Peelland)
Beeks, Biks, bijvoeglijk naamwoord, Hilvarenbeeks (Tilburg en Midden-Brabant)
beeldjeskusser, beelekeskusser, zelfstandig naamwoord, schijnheilige (West-Brabant)
beer, bèèr, zelfstandig naamwoord, gier, vloeibare mest (West-Brabant)
beergelt, beergelt, zelfstandig naamwoord, fokvarken (Den Bosch en Meierij)
beergelt, birgelt, zelfstandig naamwoord, dekrijp varken (Tilburg en Midden-Brabant)
beestenbende, bistebende, zelfstandig naamwoord, beestenbende (Tilburg en Midden-Brabant)
beesterij, bisterèèj, zelfstandig naamwoord, vandalisme (Eindhoven en Kempenland)
beestworm, biswörm, zelfstandig naamwoord, runderhorzel (Eindhoven en Kempenland)
beetje, bietje, bitje, zelfstandig naamwoord, beetje (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant); bitje; beetje (Land van Cuijk)
beetraaf, petraas, zelfstandig naamwoord, aardappel (Eindhoven en Kempenland)
begaaien, begaaie, begaoie, werkwoord, verbruien (Helmond en Peelland); begaoie; vuil maken, verbruien (West-Brabant; Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
begaffelen, begaffele, werkwoord, in orde maken (Tilburg en Midden-Brabant)
begankenis, begaankenis, begankenis, begènkenis, zelfstandig naamwoord, bedevaart, begrafenis, eerste kerkgang na de bevalling (West-Brabant); begankenis; gedoe, rompslomp (Tilburg en Midden-Brabant); begènkenis; gedoe, rompslomp (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk)
begarrelen, begarrele, werkwoord, ordenen, aantobben (West-Brabant)
beheimst, behemst, behemd, bijvoeglijk naamwoord, stiekem (West-Brabant); behemd; geheimzinnig (Tilburg en Midden-Brabant; Land van Cuijk; Den Bosch en Meierij)
behelst, behelst, zelfstandig naamwoord, kracht (West-Brabant)
behemelen, behimmele, werkwoord, prijzen, bewerkstelligen (Helmond en Peelland)
behipperen, behippere, werkwoord, beter worden (Tilburg en Midden-Brabant)
behouwen, behaawe, werkwoord, zwanger worden, drachtig worden (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk)
bei, bèèje, werkwoord, slaan (Eindhoven en Kempenland)
beidegaar, bèèjgaar, telwoord, beide (Eindhoven en Kempenland)
Bekelaar, Bikkelder, toponiem, Bekelaar, wijk in Mierlo (Helmond en Peelland)
bekomen, bekomme, werkwoord, bijkomen (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk)
bekwaam, bekwaam, bekwaom, bijvoeglijk naamwoord, zelfstandig,volwassen (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland)
bekwikkelen, bekwikkele, werkwoord, opmonteren (Den Bosch en Meierij)
belatafeld, belaoitoffeld, bijvoeglijk naamwoord, gek (Tilburg en Midden-Brabant)
Belg, Bèls, zelfstandig naamwoord, België (Eindhoven en Kempenland)
Belgisch, Bèls, bijvoeglijk naamwoord, Belgisch (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
bemainteneren, bementeneere, werkwoord, verzorgen, bewerken, onder de duim houden (West-Brabant)
ben, benneke, zelfstandig naamwoord, mandje (Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
benauwd, benauwd, bijvoeglijk naamwoord, gierig (Land van Cuijk)
bendel, bendel, bèndel, zelfstandig naamwoord, veter (Tilburg en Midden-Brabant); bèndel; metalen wig (Helmond en Peelland)
bengel, bèngels, zelfstandig naamwoord, meervoud, kousenbanden (Land van Cuijk)
bengelen, bèmmele, werkwoord, bungelen, rondhangen (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant; Helmond en Peelland; Land van Cuijk)
bens, bèns, bijvoeglijk naamwoord, moe, loom (Eindhoven en Kempenland)
benul, belul, zelfstandig naamwoord, benul (Helmond en Peelland)
benzen, bènze, werkwoord, vechten (Den Bosch en Meierij)
beramen, beraome, werkwoord, contact leggen (Tilburg en Midden-Brabant)
berappen, berappe, werkwoord, bewerkstelligen (Land van Cuijk)
beredderen, beriddere, werkwoord, in orde brengen (Land van Cuijk)
Berlicum, Ballekum, toponiem, Berlicum (Den Bosch en Meierij)
beroerdigheid, bruureghed, zelfstandig naamwoord, ondeugendheid (Tilburg en Midden-Brabant)
berzie, berzie, zelfstandig naamwoord, grote hoeveelheid (Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant; Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
bes, beejzie, beezem, bizzem, bizzing, zelfstandig naamwoord, bes (West-Brabant); beezem; besje (Tilburg en Midden-Brabant); bizzem; bes (Helmond en Peelland; Den Bosch en Meierij); bizzing; bes (Helmond en Peelland)
bescheid, beskeid, zelfstandig naamwoord, inlichting (Den Bosch en Meierij)
bescheien, beschaaie, beskèèje, werkwoord, bedingen (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant); beskèèje; bedingen (Den Bosch en Meierij)
beschieten, beschiejte, werkwoord, ontgelden (Land van Cuijk)
beschommelen, besjolleme, werkwoord, voor de kosten opdraaien (West-Brabant)
beslachten, beslachte, werkwoord, gelijken (Den Bosch en Meierij; West-Brabant)
beslag, beslag, zelfstandig naamwoord, beroerte (Den Bosch en de Meierij)
beslechten, beslééchte, werkwoord, gelijken (Tilburg en Midden-Brabant)
besnieten, besniete, werkwoord, ontgelden, bezuren (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant; Helmond en Peelland)
bessenbos, beeziebos, zelfstandig naamwoord, bessenstruik (Eindhoven en Kempenland)
beste kamer, bistekaomer, zelfstandig naamwoord, beste kamer, voorkamer (Tilburg en Midden-Brabant)
besteken, besteeke, bestèùke, werkwoord, cadeautjes geven (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant; Eindhoven en Kempenland); bestèùke; cadeautjes geven (Helmond en Peelland)
bestielen, bestiele, werkwoord, besturen (West-Brabant)
bestoffen, bestoefe, werkwoord, prijzen, loven (West-Brabant)
bestuiten, bestèùte, bestoite, bestuite, bestuute, werkwoord, prijzen, loven (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant); bestoite; prijzen, loven (Helmond en Peelland; Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk)
betoeterd, betoeterd, bijvoeglijk naamwoord, gek (Eindhoven en Kempenland)
betonie, petunneke, fietun neke, mietunneke, zelfstandig naamwoord, sleutelbloem (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland); fietunneke; sleutelbloem (Helmond en Peelland); mietunneke; sleutelbloem (Helmond en Peelland)
beuk, buuk, zelfstandig naamwoord, beukenboom (Tilburg en Midden-Brabant)
beuken, bèùke, werkwoord, hard vallen (Land van Cuijk)
beuken, bèùke, werkwoord, een boer laten (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland); bèùke; een boer laten, (Land van Cuijk)
beukenheg, buukeheg, zelfstandig naamwoord, beukenhaag (Den Bosch en Meierij)
beukentuin, buukentèùn, buuketuin, zelfstandig naamwoord, beukenhaag (Eindhoven en Kempenland); buuketuin; beukenhaag (Wesr-Brabant)
beukje, boike, zelfstandig naamwoord, beukennootje (Helmond en Peelland)
beuling, beuling, bulling, zelfstandig naamwoord, worst, Bossche specialiteit (Den Bosch en Meierij); bulling; ingewanden (Land van Cuijk)
beun, beun, zelfstandig naamwoord, plank (Land van Cuijk)
Beurdsestraat, Beurzekiet, toponiem, Beurdsestraat, ’s-Hertogenbosch (Den Bosch en Meierij)
beuren, beure, werkwoord, ontvangen moeten (Den Bosch en de Meierij)
bewaarschool, bewaorschól, zelfstandig naamwoord, kleuterschool (Land van Cuijk; Eindhoven en Kempenland)
bezeiken, bezééke, werkwoord, beduvelen (Tilburg en Midden-Brabant)
bezem, bessem, zelfstandig naamwoord, bezem (Den Bosch en de Meierij)
bezem, bezzeme, zelfstandig naamwoord, meervoud, biezen (West-Brabant)
bezemhei, bessemhei, zelfstandig naamwoord, struikhei (West-Brabant)
bezetting, bezetting, zelfstandig naamwoord, verkoudheid op de borst, longontsteking (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk)
bezien, beziej, werkwoord, overwegen (Helmond en Peelland)
bezijden, bezaie, bezééje, bezije, voorzetsel, naast (Tilburg en Midden-Brabant; Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; West-Brabant)
bezwaai, bezwaai, bezwèèj, zelfstandig naamwoord, moeite (Tilburg en Midden-Brabant); bezwèèj; moeite (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland); bezwèèj; omvangrijk geval (Helmond en Peelland)
bezwaren, bezweere, werkwoord, drukken op (Eindhoven en Kempenland)
bezwijmd, bezwiemd, bijvoeglijk naamwoord, bewusteloos (Land van Cuijk)
bibbel, bibbel, zelfstandig naamwoord, kikkerdril (Land van Cuijk)
bidden, bidde, werkwoord, op de begrafenis uitnodigen (Tilburg en Midden-Brabant)
big, bag, zelfstandig naamwoord, big (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant; Land van Cuijk)
bij, bie, zelfstandig naamwoord, bij (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland)
bijenboer, bieboer, zelfstandig naamwoord, imker (West-Brabant)
bijendief, biediefke, zelfstandig naamwoord, koolmees (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
bijenman, bieman, zelfstandig naamwoord, imker (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
bijenmees, beejmeeske, zelfstandig naamwoord, koolmees (Land van Cuijk)
bijkans, bekant, bekaanst, bekaant, bijwoord, bijna (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk); bekaanst; bijna (West-Brabant); bekaant; bijna (Tilburg en Midden-Brabant)
bijkansig, bekanteg, bekaanteg, bijvoeglijk naamwoord, afgunstig (Tilburg en Midden-Brabant); bekaanteg; afgunstig (West-Brabant)
bijlichten, bélochte, werkwoord, bijlichten (Tilburg en Midden-Brabant)
bijlieven, bélieve, werkwoord, vriendelijk een ruzie beëindigen (Tilburg en Midden-Brabant)
bijmees, biejmeeske, zelfstandig naamwoord, koolmees (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland)
bijschieten, beschiete, beschiejte, beskiete, werkwoord, bijdragen (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant); beschiejte; bijdragen (Land van Cuijk); beskiete; bijdragen (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland)
bijtijd, betejd, bijvoeglijk naamwoord, van plan (Land van Cuijk)
bijtijds, beteds, bijwoord, op tijd (West-Brabant)
bijts, bits, bijvoeglijk naamwoord, happig (Eindhoven en Kempenland)
bik, bik, zelfstandig naamwoord, maaltijd (Land van Cuijk)
bikkel, bikkel, zelfstandig naamwoord, jeneverbes (Helmond en Peelland); bikkel; knikker (Land van Cuijk)
bikken, bikke, werkwoord, eten (Land van Cuijk)
bil, bil, zelfstandig naamwoord, dij (West-Brabant)
billen, bille, werkwoord, groeven in een molensteen scherpen (Helmond en Peelland)
billentikker, billetikker, zelfstandig naamwoord, jacquetjas (Helmond en Peelland; Den Bosch en Meierij; West-Brabant)
billenwagen, billewaage, billewaoge, zelfstandig naamwoord, benenwagen (Land van Cuijk; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
bim, bimke, zelfstandig naamwoord, kleinste klokje van de kerktoren (Tilburg en Midden-Brabant)
binden, bééne, binge, werkwoord, binden (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant); binge; binden (Helmond en Peelland)
binnenwerk, binnewèèrk, zelfstandig naamwoord, voering (Eindhoven en Kempenland)
bitterpee, bitterpee, zelfstandig naamwoord, cichorei (West-Brabant)
blaaibakkes, blaoibakkes, zelfstandig naamwoord, trotse, opschepperige vrouw (Eindhoven en Kempenland)
blaak, blaok, blawk, zelfstandig naamwoord, walm (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant); blawk; rook (Helmond en Peelland)
blaar, blaoier, zelfstandig naamwoord, blaar (Land van Cuijk)
blaas, blaos, blaans, zelfstandig naamwoord, onhandige vrouw (Land van Cuijk); blaans; slome vrouw (Den Bosch en Meierij)
blaasbalg, blaosbalk, zelfstandig naamwoord, blaasbalg (West-Brabant)
blad, blaoier, zelfstandig naamwoord, meervoud, bladeren, bladen (Tilburg en Midden-Brabant); blaoike; blaadje (Den Bosch en Meierij; West-Brabant); blèèjke ; blaadje (Eindhoven en Kempenland)
bladeren, blaoie, werkwoord, winst maken (West-Brabant)
blak, blak, bijvoeglijk naamwoord, vlak (West-Brabant); blak; vlak, overstroomd (Den Bosch en Meierij)
blaken, blaoke, werkwoord, walmen (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk)
blankweg, blankewég, bijwoord, openlijk (Eindhoven en Kempenland)b
blaten, blèète, werkwoord, huilen (West-Brabant)
blauwe, blaawe, zelfstandig naamwoord, iemand met rood haar (Tilburg en Midden-Brabant)
blauwlegger, blauwlegger, zelfstandig naamwoord, heggenmus (Den Bosch en Meierij)
blauwmannetje, blauwmènneke, zelfstandig naamwoord, heggenmus (Land van Cuijk)
blauwpiepertje, blaowpieperke, blaawpieperke, zelfstandig naamwoord, heggenmus (Eindhoven en Kempenland); blaawpieperke; heggenmus (Tilburg en Midden-Brabant)
blees, blees, zelfstandig naamwoord, vliesje, van graankorrels, klokhuisjes e.d (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant)
blein, blein, blaon, blèèn, zelfstandig naamwoord, blaar (West-Brabant); blaon; blaar (Eindhoven en Kempenland); blèèn; blaar (Tilburg en Midden-Brabant)
blèren, bléére, werkwoord, huilen (Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant); blèère; blaten, van een schaap (Den Bosch en Meierij)
bles, bles, zelfstandig naamwoord, haarlok (Land van Cuijk)
bliek, bliek, zelfstandig naamwoord, kolblei, soort vis (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
blik, blek, zelfstandig naamwoord, bast, blik (Eindhoven en Kempenland; Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
blikaars, blekèèrs, zelfstandig naamwoord, uitslag op het achterwerk, bijv. door paardrijden. (Den Bosch en Meierij)
blikbakkes, bliekbakkes, zelfstandig naamwoord, gluurder (Eindhoven en Kempenland)
blikken, blieke, blekke, werkwoord, gluren, spieken (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk; Helmond en Peelland); blekke; ontschorsen, ondiep ploegen (Helmond en Peelland)
bliksnuit, blieksnuut, zelfstandig naamwoord, nieuwsgierige vrouw (Land van Cuijk)
blind, bleengd, blend, bliend, bijvoeglijk naamwoord, blind (Helmond en Peelland); blend; blind (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant); bliend; blind (Land van Cuijk)
blindaas, blendaos, bleengden dazzerik, blindaos, blindazzerik, zelfstandig naamwoord, daas, steekvlieg (Tilburg en Midden-Brabant; Den Bosch en Meierij); bleengden dazzerik; daas, steekvlieg (Helmond en Peelland); blindaos; daas, steekvlieg (West-Brabant); blindazzerik; daas, steekvlieg (Helmond en Peelland)
blinde, bliende, zelfstandig naamwoord, meervoud, luiken aan de binnenkant van een raamkozijn (Land van Cuijk)
blink, blink, blienk, zelfstandig naamwoord, schoensmeer (Eindhoven en Kempenland); blienk; schoensmeer (West-Brabant)
blinksmeer, blinksméér, zelfstandig naamwoord, schoensmeer (Tilburg en Midden-Brabant)
blo, blooi, bijvoeglijk naamwoord, verlegen (West-Brabant)
bloeden, bloeie, bluuie, werkwoord, bloeden (Helmond en Peelland); bluuie; bloeden (West-Brabant)
bloeien, blèùje, bluuie, werkwoord, bloeien (Helmond en Peelland; Land van Cuijk); bluuie; bloeien (West-Brabant)
bloemtuil, blomtuil, zelfstandig naamwoord, ruiker bloemen (West-Brabant)
bloemzoet, blomzuut, bijvoeglijk naamwoord, een beetje scheel (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant)
blok, blok, zelfstandig naamwoord, klomp (Eindhoven en Kempenland); blèùk); klompen (Helmond en Peelland); blök; klompen (Helmond en Peelland);
blokslijpen, bloksleipe, werkwoord, flikflooien, vleien (Helmond en Peelland)
blokstaarten, blokstèèrte, werkwoord, couperen van de staart (West-Brabant)
blootskops, blótskop, bijvoeglijk naamwoord, blootshoofds (Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
bluister, blèùster, zelfstandig naamwoord, schilfer (Tilburg en Midden-Brabant)
blutsen, blutse, werkwoord, slootje springen (Den Bosch en Meierij)
bobbekop, boebeskop, zelfstandig naamwoord, groot hoofd (Land van Cuijk)
bobbel, brobbel, zelfstandig naamwoord, luchtbel (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland)
bobberd, bobberd, zelfstandig naamwoord, stijfkop (Eindhoven en Kempenland)
bocht, bocht, zelfstandig naamwoord, onkruid (Den Bosch en Meierij); bocht; onkruid, nageboorte bij het vee (Land van Cuijk); bócht; rommel (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland
bode, boi, booi, zelfstandig naamwoord, postbode (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant); boi; dienstbode (Land van Cuijk); booi; postbode (Helmond en Peelland)
boekweit, boekend, boegend, boekerd, zelfstandig naamwoord, boekweit (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant); boegend; boekweit (Eindhoven en Kempenland); boekerd; boekweit (West-Brabant)
boekweitvink, boekendvink, zelfstandig naamwoord, botvink (Land van Cuijk)
boender, buunder, zelfstandig naamwoord, borstel (Helmond en Peelland)
boenderen, boendere, werkwoord, borstelen (Helmond en Peelland)
boenen, buune, werkwoord, boenen, poetsen (Tilburg en Midden-Brabant)
boensel, boensel, zelfstandig naamwoord, boenwas (Tilburg en Midden-Brabant)
Boerdonk, Boerring, toponiem, Boerdonk (Den Bosch en Meierij)
boerenmoes, boeremoes, zelfstandig naamwoord, boerenkool (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk; Helmond en Peelland)
boerenteen, boereteen, boeretjeen, zelfstandig naamwoord, tuinboon (Tilburg en Midden-Brabant); boeretjeene; tuinbonen (West-Brabant)
boerentop, boeretoppe, zelfstandig naamwoord, meervoud, boerenkool (Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
boerentuil, boeretuile, zelfstandig naamwoord, meervoud, duizendschoon (West-Brabant)
boerinnetje, boerinneke, zelfstandig naamwoord, lieveheersbeestje (Tilburg en Midden-Brabant)
boesten, boeste, werkwoord, walnoten pellen (Land van Cuijk)
boesteren, boestere, werkwoord, ruw schoonpoetsen (Tilburg en Midden-Brabant)
boetje, boetje, zelfstandig naamwoord, boterham (Land van Cuijk)
boezeroen, baazeroen, bazzeloen, bazzeroen, zelfstandig naamwoord, kiel, overhemd (Helmond en Peelland); bazzeloen, bazzeroen; kiel, overhemd (Tilburg en Midden-Brabant; Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
bokhei, bokhèèj, zelfstandig naamwoord, struikhei (Helmond en Peelland)
bokking, bukkem, zelfstandig naamwoord, gerookte haring (Den Bosch en de Meierij)
boks, bóks, zelfstandig naamwoord, broek (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk)
bokstapelen, bokstaopele, werkwoord, met informatie staven (Tilburg en Midden-Brabant); bokstaopele; inprenten (West-Brabant)
bokstas, bóksetès, zelfstandig naamwoord, broekzak (Helmond en Peelland)
bol, bölleke, zelfstandig naamwoord, hoofdje (Land van Cuijk)
bolhen, bolhen, zelfstandig naamwoord, kip zonder staart (Land van Cuijk)
bolker, bolker, zelfstandig naamwoord, grote knikker (Helmond en Peelland)
bollen, bolle, werkwoord, bevallen, aanstaan (Eindhoven en Kempenland)
bolscheut, bolscheut, zelfstandig naamwoord, korte afstand (Tilburg en Midden-Brabant)
bomijs, bomijs, zelfstandig naamwoord, ijs waaronder het water is weggezakt (West-Brabant; Eindhoven en Kempenland)
bommeket, bommeket, zelfstandig naamwoord, stuiter, grote knikker (West-Brabant)
bonheur, beneur, zelfstandig naamwoord, opbrengst, winst (West-Brabant)
bonjour, bezjoer, tussenwerpsel, daag (Helmond en Peelland)
bonjourder, bezjoerder, zelfstandig naamwoord, levensgenieter (Tilburg en Midden-Brabant)
bonjouren, bezjoere, bonzjoere, sjoere, zjoere, werkwoord, het ervan nemen (Helmond en Peelland); bonzjoere; groeten, boemelen (Eindhoven en Kempenland); sjoere; afscheid nemen (Tilburg en Midden-Brabant); sjoere; kijken (Tilburg en Midden-Brabant); zjoere; wuiven om te begroeten (West-Brabant)
bonker, bonkertje, zelfstandig naamwoord, korte overjas (Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
bonzen, boengse, bangse, werkwoord, bonzen (West-Brabant); bangse; botsen (West-Brabant)
boomgaard, boogerd, zelfstandig naamwoord, boomgaard (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
boomgaarden, boogere, werkwoord, fruit stelen uit tuin of boomgaard (West-Brabant)
boos, beus, bijvoeglijk naamwoord, boos (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
bord, berd, bred, bröd, burd, zelfstandig naamwoord, plank, zijschot (Helmond en Peelland); bred; plank, opzetstuk (Land van Cuijk); bröd; plank, zijschot (Helmond en Peelland); burd; eetbord (Eindhoven en Kempenland)
borg, börg, zelfstandig naamwoord, borg, krediet (Eindhoven en Kempenland)
borrelen, bortele, werkwoord, pruttelen (Helmond en Peelland)
bos, bus, zelfstandig naamwoord, meervoud, bossen, geboomte (Land van Cuijk)
bosduivel, bosduuvel, zelfstandig naamwoord, spanzaag (Helmond en Peelland)
bossen, bosse, werkwoord, met een stok slaan (Tilburg en Midden-Brabant)
boteren, buttere, werkwoord, karnen (Helmond en Peelland)
botsen, boetse, werkwoord, stoten (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
botte nelis, botnellis, zelfstandig naamwoord, dwarsligger (Tilburg en Midden-Brabant)
bout portant, aboepertaant, bijwoord, plotsklaps (Tilburg en Midden-Brabant)
bouw, bouw, zelfstandig naamwoord, oogsttijd (Land van Cuijk)
bouwen, bouwe, werkwoord, ploegen (Land van Cuijk); bouwen; prakken (West-Brabant)
braaf, braaf, bijwoord, ongeveer (Land van Cuijk)
braai, braoi, zelfstandig naamwoord, (dik) achterwerk (Tilburg en Midden-Brabant; Eindhoven en Kempenland); braoi; (vrouw met een dik) achterwerk (Den Bosch en Meierij)
braaien, braaie, werkwoord, met bloemen versieren, bijv. voor een feest (West-Brabant)
braambes, brèmbeezem, brembeezie, brombéére, vraandbizzem, zelfstandig naamwoord, braambes (Tilburg en Midden-Brabant); brermbeezie; braambes (Eindhoven en Kempenland; West-Brabant); brombéére; meervoud; bramen (Land van Cuijk); vraandbizzeme; meervoud; blauwe bosbessen (Helmond en Peelland)
brabbelen, brebbele, werkwoord, kwebbelen (Tilburg en Midden-Brabant)
brader, braoier, braoierd, zelfstandig naamwoord, prutser (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant); braoierd; prutser (Den Bosch en Meierij)
brak, brak, zelfstandig naamwoord, kleine jongen (Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant), brak; schakel (Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk)
brakken, brakke, werkwoord, stoeien (West-Brabant)
brallen, bralle, werkwoord, brullen van koeien (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
bram, bram, zelfstandig naamwoord, druktemaker (Eindhoven en Kempenland)
bras, bèras, zelfstandig naamwoord, grote, zware jongeman (Helmond en Peelland)
bras, bras, zelfstandig naamwoord, knoeier (Eindhoven en Kempenland)
brassen, brasse, werkwoord, knoeien (Helmond en Peelland)
bratbal, bratbal, zelfstandig naamwoord, branieschopper (West-Brabant)
bratsen, bratse, werkwoord, prakken (Tilburg en Midden-Brabant)
Breda, Berdao, toponiem, Breda (West-Brabant)
breekgoed, breekgoed, zelfstandig naamwoord, aardewerk (Den Bosch en Meierij)
breekwaar, breekwaar, breekwaor, zelfstandig naamwoord, aardewerk (Land van Cuijk; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
breken, brééke, werkwoord, verspreiden van mest (Land van Cuijk)
brellen, brelle, werkwoord, brullen (Tilburg en Midden-Brabant)
brem, brèm, zelfstandig naamwoord, sterke drank (Den Bosch en Meierij)
brensen, briense, brienze, werkwoord, briesen (Den Bosch en Meierij); briense; hinniken (Helmond en Peelland; Land van Cuijk)
bres, bres, zelfstandig naamwoord, snee, wond (Tilburg en Midden-Brabant)
brijzelement, briezemieleke, zelfstandig naamwoord, fragmentje (Helmond en Peelland)
brik, briek, zelfstandig naamwoord, mager paard (West-Brabant)
brissen, prisse, werkwoord, braden (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant)
britsen, britse, werkwoord, prakken (Tilburg en Midden-Brabant); britse; hinkelen (kinderspel) (Helmond en Peelland; Eindhoven en Kempenland)
brobbelen, broebele, werkwoord, bruisen (Tilburg en Midden-Brabant)
broeder, broeder, bruujer, zelfstandig naamwoord, soort pannenkoek (Tilburg en Midden-Brabant); bruujer; broer (Helmond en Peelland)
broekerd, broekerd, zelfstandig naamwoord, kluns (Den Bosch en Meierij)
broekhannik, broekhannik, zelfstandig naamwoord, praatjesmaker (Tilburg en Midden-Brabant)
broel, broelie, zelfstandig naamwoord, chaos (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
broer, bruur, zelfstandig naamwoord, broer (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant)
broes, broes, zelfstandig naamwoord, schuim (Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
brok, brok, zelfstandig naamwoord, kloek (Eindhoven en Kempenland)
bronolie, bromóllie, bromoolie, zelfstandig naamwoord, petroleum (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
bronstig, bremzeg, bijvoeglijk naamwoord, tochtig, gezegd van een zeug (West-Brabant)
brouwen, brouwe, werkwoord, prakken (Den Bosch en Meierij)
Brouwhuis, Braws, toponiem, Brouwhuis (Helmond en Peelland)
bruinekel, broeneekels, zelfstandig naamwoord, meervoud, brandnetels (West-Brabant)
bruining, broenik, zelfstandig naamwoord, vloeibare mest (Helmond en Peelland)
bruistig, brösteg, bijvoeglijk naamwoord, opgewonden (Tilburg en Midden-Brabant)
brullen, brulle, werkwoord, schreeuwend huilen (Land van Cuijk)
bruls, bruls, bijvoeglijk naamwoord, bronstig, van koeien (Helmond en Peelland)
brussel, brusselke, zelfstandig naamwoord, kruimeltje (Den Bosch en Meierij)
brusselen, brussele, werkwoord, kruimelen (Tilburg en Midden-Brabant)
bruut, bröst, zelfstandig naamwoord, bruut (Tilburg en Midden-Brabant)
budden, budde, werkwoord, wroeten (Eindhoven en Kempenland)
buiknagel, boiknaogel, buuknaagel, zelfstandig naamwoord, navel (Helmond en Peelland); buuknaagel; navel (Land van Cuijk)
buikpijn, boikping, zelfstandig naamwoord, buikpijn (Helmond en Peelland)
buikziek, bökziek, buukziek, bijvoeglijk naamwoord, beurs, overrijp (West-Brabant); buukziek; overrijp (Land van Cuijk)
buikzoet, bökzuut, bijvoeglijk naamwoord, beurs, overrijp (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant)
buil, bèùl, zelfstandig naamwoord, papieren zak (Tilburg en Midden-Brabant); bèùl; papieren zak, krant (Helmond en Peelland); beuleke; verkleinwoord; papieren zakje (Land van Cuijk)
buistig, buistig, bijvoeglijk naamwoord, kortademig (West-Brabant)
buitenbuiks, buiteböks, bijvoeglijk naamwoord, apart (West-Brabant)
buizen, bèùze, werkwoord, schrokken (Tilburg en Midden-Brabant)
bulken, bölleke, bulke, werkwoord, een boer laten (West-Brabant; Tilburg en Midden-Brabant); bölleke; schransen (Helmond en Peelland); bulke; hard roepen (Land van Cuijk)
bullenvent, bullevent, zelfstandig naamwoord, voddenkoopman (West-Brabant)
bunder, buunder, zelfstandig naamwoord, hectare (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk)
bunzing, bonsem, bössem, zelfstandig naamwoord, bunzing (West-Brabant); bössem; bunzing (Tilburg en Midden-Brabant)
burger, börger, burger, zelfstandig naamwoord, burgemeester (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant); burger; burgemeester (Land van Cuijk; West-Brabant)
bussel, bössel, bussel, zelfstandig naamwoord, klein bos (Helmond en Peelland); bussel; bundel (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
but, but, zelfstandig naamwoord, hak (gereedschap om grond te werken) (Eindhoven en Kempenland); but; stront (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant)
buten, buute, werkwoord, graven, krabben in de grond (Tilburg en Midden-Brabant)
buts, buts, zelfstandig naamwoord, deuk (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
butsen, butse, werkwoord, deuken (Land van Cuijk; West-Brabant); butse; stuiteren, botsen (Helmond en Peelland)
butvaren, butvaare, werkwoord, vloeibare mest uitrijden (Helmond en Peelland)
buurten, buurte, werkwoord, gezellig kletsen (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
cache-nez, kasjenee, kazzienee, zelfstandig naamwoord, sjaal, halsdoek (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant); kazzienee; sjaal, halsdoek (Eindhoven en Kempenland)
canada, kannadasse, kanniedas, zelfstandig naamwoord, meervoud, Canadese populieren (Land van Cuijk); kanniedas; Canadese populier (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Eindhoven en Kempenland)
canaille, kernalje, kernallie, kamallie, kernòllie, knallie, zelfstandig naamwoord, gemene, bazige vrouw (West-Brabant; Eindhoven en Kempenland) ; kamallie; bazige vrouw (Helmond en Peelland) kernòllie; bazige vrouw (Tilburg en Midden-Brabant); knallie; bazige vrouw (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk)
caoutchouc, kasjoe, kesjoe, zelfstandig naamwoord, rubber (West-Brabant) kesjoe; rubber (Tilburg en Midden-Brabant)
carbolineum, karbeleejem, kèrmeleem, zelfstandig naamwoord, carbolineum (West-Brabant); kèrmeleem; carbolineum (Den Bosch en Meierij)
caressant, karresant, zelfstandig naamwoord, vrijer (Eindhoven en Kempenland)
casueel, kasjeweel, bijvoeglijk naamwoord, uitzonderlijk (West-Brabant)
champetter, sjampetter, zelfstandig naamwoord, veldwachter (West-Brabant)
chanterelle, sjanternel, zelfstandig naamwoord, (op) stap (zijn) (Tilburg en Midden-Brabant)
charge, sjars, zelfstandig naamwoord, zwaai (Helmond en Peelland)
chassé, sasseej, zelfstandig naamwoord, oude man (Eindhoven en Kempenland)
chemisette, ziemezètje, zimmezètje, zelfstandig naamwoord, befje (kledingstuk) (Den Bosch en Meierij); zimmezètje; dameshemdje (Tilburg en Midden-Brabant)
chocolade, seklaad, zelfstandig naamwoord, chocolade (Helmond en Peelland)
chose, sjoos, zelfstandig naamwoord, kwestie (Tilburg en Midden-Brabant)
cichorei, sekraai, sekrèèj, zelfstandig naamwoord, cichorei (Tilburg en Midden-Brabant; Den Bosch en Meierij)
cichorei, soikerééj, zelfstandig naamwoord, cichorei (Helmond en Peelland)
collecte, klek, zelfstandig naamwoord, collecteschaal (Land van Cuijk)
commies, kemies, zelfstandig naamwoord, douanier (Eindhoven en Kempenland)
content, kontènt, bijvoeglijk naamwoord, tevreden (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
contrefort, konterfoor, kontefoor, zelfstandig naamwoord, hielstuk van een schoen (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; West-Brabant)
cornelisroos, kenillisroos, kernillusroos, knillusroos, zelfstandig naamwoord, pioenroos (West-Brabant); kernillusroos; pioenroos (Eindhoven en Kempenland); knillusroos; pioenroos (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant)
corruptie, krupsie, zelfstandig naamwoord, kwaaltje (Tilburg en Midden-Brabant)
couplet, komplèt, zelfstandig naamwoord, couplet (Eindhoven en Kempenland)
creperen, krampeere, werkwoord, creperen (Tilburg en Midden-Brabant)
crimineel, krimmeneel, bijwoord, vreselijk (Eindhoven en Kempenland)
Cuijk, Kuuk, toponiem, Cuijk (Land van Cuijk)
cuisinière, kezjèèr, kwiezjéér, zelfstandig naamwoord, fornuis (West-Brabant); kwiezjéér; fornuis (Tilburg en Midden-Brabant)
cultivator, kullefaater, zelfstandig naamwoord, cultivator (Land van Cuijk)
daai, daoi, zelfstandig naamwoord, flinke meid (West-Brabant)
daap, daop, zelfstandig naamwoord, sufferd (Tilburg en Midden-Brabant)
daaps, daabs, bijvoeglijk naamwoord, slaperig, sloom (Land van Cuijk)
daarom, dörrum, bijwoord, daarom (Land van Cuijk)
dabben, dabbe, werkwoord, graven, stappen (Eindhoven en Kempenland); dabbe; in de modder lopen (Land van Cuijk); dabbe; krabben, wroeten (Helmond en Peelland)
dabber, dabber, debber, zelfstandig naamwoord, knoeier (Tilburg en Midden-Brabant); debberke; verkleinwoord; klein kindje (Helmond en Peelland)
dabberen, dabbere, werkwoord, in de modder lopen of spelen (Den Bosch en Meierij; West-Brabant); dabbere; met moeite lopen (Eindhoven en Kempenland)
dadel, daol, zelfstandig naamwoord, dadel (West-Brabant)
dadelijk, daalek, daak, bijwoord, zo dadelijk (Eindhoven en Kempenland); daak; zo dadelijk (Den Bosch en Meierij)
dahlia, daalias, daaliedas, zelfstandig naamwoord, dahlia (Den Bosch en Meierij); daaliedasse; dahlia’s (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland)
daling, delling, zelfstandig naamwoord, dal (West-Brabant)
dalk, dalk, zelfstandig naamwoord, sukkel (West-Brabant)
dalken, dalke, werkwoord, knoeien (Helmond en Peelland); dalke; met moeite lopen (Eindhoven en Kempenland); dalke; rondzwerven (West-Brabant)
dam, dam, zelfstandig naamwoord, erf (Tilburg en Midden-Brabant); dam; steunpaal, onder een kar (Helmond en Peelland)
dampig, dempeg, dèmpeg, dompig, bijvoeglijk naamwoord, mistig (West-Brabant); dèmpeg; kortademig (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant; Helmond en Peelland); dompig; mistig (Eindhoven en Kempenland)
dansen, daanse, werkwoord, dansen (Tilburg en Midden-Brabant)
dat, , voornaamwoord, voegwoord, dat (Land van Cuijk; Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
dauwelen, daawele, werkwoord, knoeien (Tilburg en Midden-Brabant)
daveren, daovere, werkwoord, beven (Eindhoven en Kempenland)
deddelen, dèddele, werkwoord, knoeien (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant)
deel, déél, deel, zelfstandig naamwoord, dorsvloer (Land van Cuijk; West-Brabant)
deem, deem, zelfstandig naamwoord, speen (Land van Cuijk)
deemster, deemster, zelfstandig naamwoord, duister (West-Brabant)
deer, dèèr, zelfstandig naamwoord, ellende, verdriet (West-Brabant)
deerne, derke, zelfstandig naamwoord, meisje (Land van Cuijk)
deger, deeger, bijwoord, degelijk (Land van Cuijk); deeger; steeds (Helmond en Peelland)
dek, dek, zelfstandig naamwoord, deksel (Land van Cuijk)
del, dèl, doel, doelie, zelfstandig naamwoord, man met vieze praatjes (Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk); doel; jonge vrouw (Land van Cuijk); doelie; slordige vrouw (Tilburg en Midden-Brabant)
delen, daaile, werkwoord, delen (Helmond en Peelland)
den Twist, Twist, den, toponiem, Westerbeek (Land van Cuijk)
derf, dèèrf, derf, bijvoeglijk naamwoord, klef, bedorven (Helmond en Peelland); derf; taai, vochtig, niet gaar (Tilburg en Midden-Brabant; Den Bosch en Meierij)
deurgebint, dörgebont, durgebont, zelfstandig naamwoord, deurkozijn (Land van Cuijk); durgebont; deurkozijn (Eindhoven en Kempenland)
Deurne, Deurne, toponiem, Deurne (Helmond en Peelland)
deuver, dövver, bijwoord, zeker, absoluut (West-Brabant)
dibbes, doebes, zelfstandig naamwoord, goedzak (Tilburg en Midden-Brabant)
dichtbij, dichtenbai, bijwoord, dichtbij (Tilburg en Midden-Brabant)
dictionaire, diksjenéér, zelfstandig naamwoord, woordenboek (Tilburg en Midden-Brabant)
dienen, diejne, werkwoord, in loondienst zijn (Helmond en Peelland; Land van Cuijk)
Dieze, Diest, toponiem, Dieze, rivier in ’s-Hertogenbosch (Den Bosch en Meierij)
dijen, dééje, werkwoord, dik worden (van saus e.d.) (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk)
dik, dik, bijwoord, vaak (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
dik, duk, bijwoord, vaak (Land van Cuijk)
dikkop, dikköpke, zelfstandig naamwoord, kikkervisje (Land van Cuijk; Helmond en Peelland)
dikoor, dikoor, zelfstandig naamwoord, bof (kinderziekte) (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
dikstentijd, diksentè, diksentijd, dukstentieds, bijwoord, meestal (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland); dukstentieds; meestal (Land van Cuijk)
dikwijls, dikkels, bijwoord, vaak (West-Brabant)
dil, dilleke, zelfstandig naamwoord, fiets, karretje (West-Brabant)
ding, diengers, zelfstandig naamwoord, meervoud, dingen (West-Brabant)
dingsigheid, deenzighaid, dinhzeghèd, dingsigheid, zelfstandig naamwoord, snuisterijen (Helmond en Peelland); dingzeghèd; etenswaar (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk)
dinsdag, denzeg, destag, dijseg, dingsdag, dingsdig, zelfstandig naamwoord, dinsdag (Den Bosch en Meierij); destag; dinsdag (Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant); dijseg; dinsdag (Eindhoven en Kempenland); dingsdag; dinsdag (Land van Cuijk); dingsdig; dinsdag (Helmond en Peelland)
direct, drèk, bijwoord, meteen (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant; Den Bosch en Meierij)
dirk, dirk, zelfstandig naamwoord, directeur (Eindhoven en Kempenland)
dist, dist, bijwoord, deze kant op, hierheen (Den Bosch en Meierij)
distel, diesel, dijsel, zelfstandig naamwoord, distel (Land van Cuijk); dijsel; distel (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
distelvink, dijselfink, zelfstandig naamwoord, putter (Helmond en Peelland)
dochter, daogter, zelfstandig naamwoord, dochter (Helmond en Peelland)
doef, doef, zelfstandig naamwoord, duw, stomp (West-Brabant)
doerak, doerak, zelfstandig naamwoord, kwajongen, deugnietje (Den Bosch en Meierij; West-Brabant)
does, doesje, zelfstandig naamwoord, hondje, ook als koosnaam voor kindjes (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
doetelpot, doetelpot, zelfstandig naamwoord, rommelpot, muziekinstrument bij vastenavond (Den Bosch en Meierij)
doezelen, droezele, werkwoord, sluimeren, dommelen (Den Bosch en Meierij)
doezig, doezeg, bijvoeglijk naamwoord, murw, zacht (West-Brabant)
doffen, doffe, zelfstandig naamwoord, stompen (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland)
doka, dooka, zelfstandig naamwoord, lompe, trage vrouw (Tilburg en Midden-Brabant)
dokkelen, dokkele, werkwoord, pootjebaden (Tilburg en Midden-Brabant)
dokter, dogter, zelfstandig naamwoord, dokter (Helmond en Peelland)
dol, dölleke, zelfstandig naamwoord, lief meisje (Tilburg en Midden-Brabant)
dol, dol, zelfstandig naamwoord, last, moeite (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; West-Brabant)
dol, dols, zelfstandig naamwoord, moeite, trammelant (Tilburg en Midden-Brabant)
dolper, dölperd, zelfstandig naamwoord, brokkenmaker (Land van Cuijk)
dom, dom, zelfstandig naamwoord, naaf van een wiel (Tilburg en Midden-Brabant)
dominee, dómmenie, zelfstandig naamwoord, dominee (Helmond en Peelland)
domineren, dommeneere, werkwoord, de baas willen spelen (Den Bosch en Meierij); dommeneere; razen, tieren (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
dommelen, doemele, werkwoord, dommelen (Land van Cuijk)
dona, doona, zelfstandig naamwoord, sullige vrouw (Land van Cuijk)
donderbaard, donderbaard, donderbaord, zelfstandig naamwoord, huislook (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
donderbloem, donderbloem, zelfstandig naamwoord, klaproos (Helmond en Peelland)
donderdag, donnereg, zelfstandig naamwoord, donderdag (Eindhoven en Kempenland)
donderschoer, donderskoewr, zelfstandig naamwoord, onweersbui (Helmond en Peelland)
donker, donkere, zelfstandig naamwoord, duisternis (Eindhoven en Kempenland)
donst, dónst, zelfstandig naamwoord, fijn tarwemeel (Helmond en Peelland)
doodfonds, doudfonds, zelfstandig naamwoord, uitvaartverzekering (Helmond en Peelland)
dooier, doore, zelfstandig naamwoord, dooier (West-Brabant)
door kordons, durkedons, bijwoord, spitsroeden lopen (Den Bosch en Meierij; West-Brabant)
doordrijver, durdreever, zelfstandig naamwoord, dwingeland (Eindhoven en Kempenland)
doorjager, durjaoger, zelfstandig naamwoord, snelle eter (Tilburg en Midden-Brabant)
doorn, dèùr, zelfstandig naamwoord, meervoud, doornen, doornstruiken (Land van Cuijk)
doornenboom, doorneboom, zelfstandig naamwoord, meidoorn (Tilburg en Midden-Brabant)
doornenheg, dèùrehég, zelfstandig naamwoord, doornhaag (Land van Cuijk)
doorslag, dörslag, durslag, zelfstandig naamwoord, vergiet (Land van Cuijk); durslag; vergiet (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; West-Brabant); durslag; kopie (Den Bosch en Meierij)
doos, doos, zelfstandig naamwoord, onnozele vrouw (Tilburg en Midden-Brabant; Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk)
dor, daors, bijvoeglijk naamwoord, dor, saai (Den Bosch en Meierij)
dorp, dörp, zelfstandig naamwoord, dorp, centrum van het dorp (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
dorpel, dörpel, dölper, zelfstandig naamwoord, drempel (Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant); dölper; drempel (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland)
dorskast, dorskas, zelfstandig naamwoord, dorsmachine (Helmond en Peelland)
dorus, doeres, zelfstandig naamwoord, onnozel persoon (Helmond en Peelland)
dot, dot, zelfstandig naamwoord, knot, haarwrong (West-Brabant)
dotsen, dotse, werkwoord, het hoofd stoten (West-Brabant)
dottelen, dottele, werkwoord, met dubbele tong spreken (Eindhoven en Kempenland)
dovenetel, dannittel, zelfstandig naamwoord, dovenetel (Den Bosch en Meierij)
dozig, deuzeg, bijvoeglijk naamwoord, suf, sloom (West-Brabant; Tilburg en Midden-Brabant)
draaibord, drèèjburd, zelfstandig naamwoord, onrustig persoon, verwaand meisje (Helmond en Peelland)
drab, drap, zelfstandig naamwoord, koffiedik (West-Brabant)
drabbik, drabbek, drebbik, zelfstandig naamwoord, modder (Eindhoven en Kempenland); drebbik; viezigheid, slijk (Helmond en Peelland)
dranknoest, dranknoest, zelfstandig naamwoord, schep voor varkensvoer (Land van Cuijk)
dras, dras, drats, zelfstandig naamwoord, koffiedik (Helmond en Peelland; Eindhoven en Kempenland); drats; drek, prut (Land van Cuijk); drats; koffiedik (Den Bosch en Meierij); drats; slappe koffie (Land van Cuijk)
dreeg, dréég, bijvoeglijk naamwoord, ondiep (Land van Cuijk)
dreinen, drééne, werkwoord, zeuren (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
drek, drek, zelfstandig naamwoord, onkruid (Land van Cuijk); drèk; viezigheid (Den Bosch en Meierij)
drel, drel, zelfstandig naamwoord, viezigheid (Land van Cuijk)
drensoor, drènsoor, zelfstandig naamwoord, lastig persoon (Eindhoven en Kempenland)
drentelen, drèènzele, werkwoord, sukkelen (Helmond en Peelland)
driegen, driege, triege, werkwoord, rijgen (West-Brabant); triege; rijgen (Den Bosch en Meierij)
dries, dries, zelfstandig naamwoord, grasveld bij het huis (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; West-Brabant; Helmond en Peelland)
drietip, drietip, zelfstandig naamwoord, driehoekig stuk land (Den Bosch en Meierij)
drijftol, dreefdölleke, driefdol, zelfstandig naamwoord, drijftol (Helmond en Peelland); driefdol; drijftol (Land van Cuijk)
drijven, drieve, werkwoord, aansporen om haast te maken (Land van Cuijk)
drijver, drééver, zelfstandig naamwoord, big van ca. drie maanden oud. (Den Bosch en Meierij)
drinkkuil, drinkeskuul, zelfstandig naamwoord, drenkplaats (Land van Cuijk)
drispelen, drispele, dripsele, werkwoord, heen en weer lopen (Eindhoven en Kempenland); dripsele; heen en weer lopen (West-Brabant); drispele; treuzelen (Tilburg en Midden-Brabant)
droebelen, droebele, werkwoord, rommelend geluid maken (Land van Cuijk)
droeskop, droeskop, zelfstandig naamwoord, sufferd (Eindhoven en Kempenland)
droffel, druffelke, zelfstandig naamwoord, anjer (Helmond en Peelland)
droogte, drugt, zelfstandig naamwoord, droogte (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
drozen, droewze, werkwoord, mijmeren (Helmond en Peelland)
druil, droel, zelfstandig naamwoord, druiloor (West-Brabant)
druilen, droele, droole, werkwoord, dagdromen (Tilburg en Midden-Brabant); droole; dromen, suffen (West-Brabant)
druiper, druuper, zelfstandig naamwoord, beklagenswaardige man (Land van Cuijk)
druivenwingerd, drèùvééger, druuvevieger, zelfstandig naamwoord, wijnstok (Eindhoven en Kempenland); druuvevieger; wijnstok (Land van Cuijk)
dubbel, dobbel, bijvoeglijk naamwoord, dubbel (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
dubbeltand, dobbeltand, zelfstandig naamwoord, kies (Eindhoven en Kempenland)
duikelen, dönkele, werkwoord, duikelen (West-Brabant)
duim, dömmeke, zelfstandig naamwoord, duimpje (West-Brabant)
duimsep, dèùmsjep, zelfstandig naamwoord, duimdrop (Tilburg en Midden-Brabant)
duivel, duuvel, zelfstandig naamwoord, duivel (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
duivelaar, duuveléér, zelfstandig naamwoord, wolmenger (Tilburg en Midden-Brabant)
duivelsbrood, duuvelsbrwood, zelfstandig naamwoord, paddenstoel (West-Brabant)
duivelshaar, duuvelshaor, zelfstandig naamwoord, dons bij jonge vogeltjes (Eindhoven en Kempenland)
duizelen, diezele, werkwoord, slingerend lopen (Land van Cuijk)
duizend, duuzend, telwoord, duizend (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
durabel, duuraabel, bijvoeglijk naamwoord, kostbaar (Land van Cuijk)
durske, durske, zelfstandig naamwoord, meisje (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland)
duts, duts, zelfstandig naamwoord, deuk (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk); duts; slome vrouw (Land van Cuijk)
dutsel, dutseltje, zelfstandig naamwoord, suf vrouwtje (West-Brabant)
dutselachtig, dutselèèchtig, dutselèchteg, bijvoeglijk naamwoord, vergeetachtig (Helmond en Peelland; Den Bosch en Meierij)
dutselen, dutsele, werkwoord, sukkelen (Eindhoven en Kempenland)
duuk, duuk, zelfstandig naamwoord, vreemde snoeshaan (Eindhoven en Kempenland)
duveltje, duuveltje, zelfstandig naamwoord, potkacheltje (Tilburg en Midden-Brabant)
duwen, dawwe, dèùwe, douwe, werkwoord, duwen (Helmond en Peelland); dèùwe; duwen (Eindhoven en Kempenland); douwe; duwen (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
dwaalschaap, dwalkschaop, zelfstandig naamwoord, afgedwaald persoon (Tilburg en Midden-Brabant)
dwarsklepel, dwèrsklippel, zelfstandig naamwoord, weerbarstig persoon (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland)
dweil, dwaol, zelfstandig naamwoord, dweil (Eindhoven en Kempenland)
eau de cologne, onjeklonje, zelfstandig naamwoord, eau de cologne (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
echel, èchel, èègel, zelfstandig naamwoord, bloedzuiger (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant); èègel ; bloedzuiger (Land van Cuijk)
echelstaart, echelstèèrt, zelfstandig naamwoord, windhoos (West-Brabant)
eek, eek, zelfstandig naamwoord, azijn (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk)
eekhoorn, enkhórre, zelfstandig naamwoord, eekhoorn (Eindhoven en Kempenland)
eekhoorn, inkhoore, inkhórre, ienkoore, zelfstandig naamwoord, eekhoorn (West-Brabant; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant; Den Bosch en Meierij); ienkoore; eekhoorntje (West-Brabant)
eekkat, inkkats, zelfstandig naamwoord, eekhoorn (Land van Cuijk)
eekpoes, inkpoes, zelfstandig naamwoord, eekhoorn (Land van Cuijk)
eendenmoes, endemoes, zelfstandig naamwoord, eendenkroos (Land van Cuijk)
eender, jinder, bijwoord, hetzelfde (West-Brabant)
eenstijdig, insetééj, bijwoord, twee keer zo snel (Eindhoven en Kempenland)
eer, eer, zelfstandig naamwoord, dar, mannelijke honingbij (Den Bosch en Meierij)
eerdat, eerdè, voegwoord, voordat (Eindhoven en Kempenland)
eerder, jidder, bijwoord, eerder (West-Brabant)
eerst, urst, uurst, bijwoord, eerst (Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant); uurst; eerst, vroeger (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland)
eeuwselen, uwsele, werkwoord, aarzelen (Helmond en Peelland)
effer, èffer, zelfstandig naamwoord, grote boor (Den Bosch en Meierij)
eg, icht, zelfstandig naamwoord, eg (West-Brabant)
ei, aaier, zelfstandig naamwoord, meervoud, eieren (Eindhoven en Kempenland)
eierbloem, eierblom, aaierbluumke, zelfstandig naamwoord, sleutelbloem (West-Brabant); aaierbluumke; verkleinwoord; primula (Tilburg en Midden-Brabant)
eierwezel, èèrweezel, eierweezel, aaierweezel, zelfstandig naamwoord, wezel (Helmond en Peelland)’eierweezel; wezel (Land van Cuijk); aaierweezel; wezel (Tilburg en Midden-Brabant)
eigen, èèges, èèjges, voornaamwoord, zelf (Den Bosch en Meierij); èèjges; zelf (Eindhoven en Kempenland)
eigengereid, éégegeraaid, bijvoeglijk naamwoord, eigenwijs (Tilburg en Midden-Brabant)
eigenlijk, eik, bijwoord, eigenlijk (Den Bosch en Meierij)
eikel, eekel, ikkel, jeekel, zelfstandig naamwoord, eikel (Eindhoven en Kempenland); ikkel; eikel (Helmond en Peelland); jeekel; eikel (West-Brabant)
eimat, iemet, zelfstandig naamwoord, toemaat (Land van Cuijk)
einde, end, enkt, zelfstandig naamwoord, einde (Land van Cuijk); enkt; einde (Helmond en Peelland)
einde, tèène, tenne, bijwoord, aan het einde (Helmond en Peelland; Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant); tenne; aan het einde (West-Brabant)
eindelijk, engsele, bijwoord, eindelijk (Land van Cuijk)
eiwees, eiwees, bijwoord, meteen (Helmond en Peelland)
elastiek, illestiek, zelfstandig naamwoord, elastiek (West-Brabant)
elastiek, stiek, zelfstandig naamwoord, elastiek (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk)
elektriciteit, ellentriek, illektriek, zelfstandig naamwoord, elektriciteit (Eindhoven en Kempenland; West-Brabant); illektriek; elektriciteit (Tilburg en Midden-Brabant)
elektrisch, illetrieks, bijvoeglijk naamwoord, elektrisch (West-Brabant)
elkaar, mekaare, mekaore, voornaamwoord, elkaar (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
ellende, éélend, zelfstandig naamwoord, ellende (Land van Cuijk)
els, elsie, zelfstandig naamwoord, schoenmakerspriem (Tilburg en Midden-Brabant)
embouchure, ammezuur, zelfstandig naamwoord, de juiste mondzetting, het goede gevoel, inspiratie (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; West-Brabant)
emmer, eemer, immer, zelfstandig naamwoord, emmer (Tilburg en Midden-Brabant); immer; emmer (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland)
emmeren, emmere, werkwoord, zeuren
en passant, meepesaant, meepesant, impesaant, bijwoord, in het voorbijgaan (Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant; Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland); impesaant; in het voorbijgaan (West-Brabant)
enige, ennegte, voornaamwoord, enkele (West-Brabant)
entelen, entele, werkwoord, plagen (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant; Eindhoven en Kempenland)
environs, anveronses, zelfstandig naamwoord, meervoud, omstreken (Land van Cuijk)
eppig, eppeg, bijvoeglijk naamwoord, nauw (Land van Cuijk)
ere, èère, zelfstandig naamwoord, voorstal (Helmond en Peelland)
ergens, ergend, ergeraand, errend, erres, iveraans, bijwoord, ergens (Eindhoven en Kempenland); ergeraand; ergens (Tilburg en Midden-Brabant); errend; ergens (Helmond en Peelland); erres; ergens (Den Bosch en Meierij); iveraans; ergens (West-Brabant)
ergerweren, ergerweere, werkwoord, zenuwachtig doen, ruziën, vervelend tegenspreken (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland)
erwtensoep, artsoep, zelfstandig naamwoord, erwtensoep (West-Brabant)
Escharen, Estere, toponiem, Escharen (Land van Cuijk)
est, est, zelfstandig naamwoord, bakoven (Den Bosch en Meierij)
etsje, etske, zelfstandig naamwoord, krijgertje (kinderspel) (West-Brabant)
euwigheid, uwweghè, zelfstandig naamwoord, eeuwigheid (Eindhoven en Kempenland)
evenaar, èèventer, zelfstandig naamwoord, getuig voor twee paarden (Helmond en Peelland)
evenaf, effenaaf, bijwoord, kortweg (Tilburg en Midden-Brabant)
eventijds, effentééj, bijwoord, tegelijkertijd (Eindhoven en Kempenland)
eventjes, efkes, effekes, iefkes, bijwoord, even (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant); effekes; even (West-Brabant); iefkes; eventjes (Land van Cuijk)
evenveelachtig, evveveulechteg, bijvoeglijk naamwoord, besluiteloos (Land van Cuijk)
evenwel, evèl, evvel, ivvel, bijwoord, evenwel, echter (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland); evvel; evenwel, echter (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk); ivvel; evenwel (West-Brabant)
ezelaar, eezeléér, zelfstandig naamwoord, dwarskop (West-Brabant)
ezelen, eezele, werkwoord, vervelen (Eindhoven en Kempenland)
faam, fánnes, zelfstandig naamwoord, honger (Eindhoven en Kempenland)
fabrieken, febrieke, werkwoord, improviserend maken (Helmond en Peelland)
fabrikant, fabriekaant, zelfstandig naamwoord, (textiel) fabrikant (Tilburg en Midden-Brabant)
failliet, feliet, bijvoeglijk naamwoord, failliet (Tilburg en Midden-Brabant)
fakkelen, faokele, werkwoord, flakkeren (Eindhoven en Kempenland)
falie, faalie, fállie, faol, fòllie, zelfstandig naamwoord, omslagdoek, rouwsluier (Land van Cuijk); fállie; zwarte rouwsluier (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland); faol; sluier (Eindhoven en Kempenland); fòllie; sluier (Tilburg en Midden-Brabant)
fanniken, fannike, werkwoord, gek doen (Helmond en Peelland)
fazel, vaazel, vaarzel, zelfstandig naamwoord, uitwendig geslachtsorgaan van een koe of merrie (Land van Cuijk); vaarzel; uitwendig geslachtsorgaan van een koe (Helmond en Peelland)
feest, fist, zelfstandig naamwoord, feest (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
feitelijk, failek, bijwoord, in feite (Tilburg en Midden-Brabant)
feliciteren, fliesieteere, werkwoord, feliciteren (Eindhoven en Kempenland)
felsen, fèlse, werkwoord, verwaarlozen (Eindhoven en Kempenland)
femel, feemel, zelfstandig naamwoord, kwezel (Den Bosch en Meierij)
femelen, feemele, fiemele, werkwoord, onhandig bezig zijn (Land van Cuijk); fiemele; prutsen (Eindhoven en Kempenland)
ferm, ferm, bijvoeglijk naamwoord, flink (Tilburg en Midden-Brabant)
feuzen, feuze, werkwoord, een zachte scheet laten (Tilburg en Midden-Brabant)
fiducie, feduusie, fieduusie, veduusie, zelfstandig naamwoord, vertrouwen (Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant); fiduusie; vertrouwen (Eindhoven en Kempenland) ; veduusie; vertrouwen (West-Brabant)
fiebelefors, vievedevos, bijwoord, snel (Den Bosch en Meierij)
fiedelen, fietele, werkwoord, spijbelen (Den Bosch en Meierij)
fiep, fiep, feep, zelfstandig naamwoord, fopspeen (Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant; Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland);feep; zeurpiet (West-Brabant); fiep; grapjas (Den Bosch en Meijerij); fiep; kletsmajoor (Land van Cuijk); fiep; zeurpiet (Eindhoven en Kempenland);
fieper, fieper, zelfstandig naamwoord, fluitje, gesneden uit hout van vlier of lijsterbes (West-Brabant)
fieperen, fiepere, werkwoord, muziek repeteren, klungelen (Helmond en Peelland)
fiepertjeshout, fiepkeshout, zelfstandig naamwoord, lijsterbes (West-Brabant)
fiets, fiets, zelfstandig naamwoord, afgeroomde melk of kaaswei (Land van Cuijk; Den Bosch en Meierij)
fijn, feen, zelfstandig naamwoord, kwezel (Tilburg en Midden-Brabant)
fijn, féén, fing, bijvoeglijk naamwoord, zuinig (Den Bosch en Meierij); fing; gierig (Helmond en Peelland)
fikfakken, fikfakke, fiekfakke, werkwoord, stoeien, vrijen (Eindhoven en Kempenland; Den Bosch en Meierij); fiekfakke; vrijen, friemelen (West-Brabant)
fikken, fikke, fikkels, fikkers, fikkes, zelfstandig naamwoord, meervoud, vingers (West-Brabant); fikkels; vingers (Eindhoven en Kempenland); fikkers; vingers (Land van Cuijk); fikkes; vingers (Den Bosch en Meierij)
filippine, fielepiene, zelfstandig naamwoord, meervoud, lupine (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk)
filosoof, fielezoof, zelfstandig naamwoord, huichelaar (Eindhoven en Kempenland)
filou, fieloe, zelfstandig naamwoord, gemenerik (Land van Cuijk)
finaal, fenaol, zelfstandig naamwoord, notabelen (Tilburg en Midden-Brabant)
finaal, fienaol, bijwoord, helemaal (Tilburg en Midden-Brabant)
fineren, fieneere, werkwoord, verzinnen (Eindhoven en Kempenland)
fis, fis, zelfstandig naamwoord, bunzing (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland)
fits, fitske, zelfstandig naamwoord, scharniertje (Helmond en Peelland); fitske; scherfje, splinter (West-Brabant)
flambard, flambéér, zelfstandig naamwoord, grote, zwarte hoed (Tilburg en Midden-Brabant)
flanel, fernèl, zelfstandig naamwoord, flanel (Eindhoven en Kempenland)
flantuten, flantoet, zelfstandig naamwoord, ordinaire vrouw (Den Bosch en Meierij)
flares, flaaris, zelfstandig naamwoord, sul (Helmond en Peelland)
flats, flats, zelfstandig naamwoord, klap, slag (Eindhoven en Kempenland)
flats, flats, zelfstandig naamwoord, koeienvlaai (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland)
fleer, fléér, fleer, flierts, zelfstandig naamwoord, manziek meisje (Eindhoven en Kempenland; West-Brabant; Helmond en Peelland); fléér; klap, slag (Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant; Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; West-Brabant); flierts; manziek meisje (Eindhoven en Kempenland)
flens, flins, vlèns, zelfstandig naamwoord, harde aardlaag (Land van Cuijk); vlèns; ijzeroerbank.
flenteren, flèntere, werkwoord, rondhangen (Eindhoven en Kempenland)
flèren, fluure, werkwoord, vleien (Eindhoven en Kempenland)
flets, flèps, bijvoeglijk naamwoord, flauw, bleek (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
fletsen, flatse, werkwoord, neergooien, laten vallen (Land van Cuijk)
flikflooien, fielefaawe, fieliefouwe, werkwoord, vleien, zeuren (Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant); fieliefouwe; vleien, smiespelen, (Den Bosch en Meierij)
flimp, flimp, zelfstandig naamwoord, wimper, spaandertje (Helmond en Peelland)
flinter, flidderke, zelfstandig naamwoord, velletje, dun schijfje (West-Brabant)
flip, flip, zelfstandig naamwoord, vrijer, jongen met wie een meisje verkering heeft (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; West-Brabant)
flippenteer, flippentéér, zelfstandig naamwoord, vlinder (Helmond en Peelland)
flodderboon, flodderbón, zelfstandig naamwoord, tuinboon (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Land van Cuijk)
flokken, flokke, werkwoord, tutten, duimzuigen (West-Brabant)
flors, floerts, zelfstandig naamwoord, diarree (Helmond en Peelland)
florsen, floertse, werkwoord, winden laten (Land van Cuijk)
flos, floes, zelfstandig naamwoord, damesonderbroek (West-Brabant)
flos, flos, zelfstandig naamwoord, pluim (aan staart, muts enz.) (Den Bosch en Meierij)
flossen, flosse, werkwoord, urineren (Tilburg en Midden-Brabant)
fluiten, fluutere, werkwoord, fluiten (Eindhoven en Kempenland)
fluwijn, flewien, zelfstandig naamwoord, steenmarter (Land van Cuijk)
foefelen, foefele, werkwoord, vals spelen (West-Brabant)
foekepot, foekepot, zelfstandig naamwoord, rommelpot, muziekinstrument bij vastenavond (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Land van Cuijk)
foep, foempa, zelfstandig naamwoord, dikke vrouw (Den Bosch en Meierij)
foepeje, foepejeeje, werkwoord, bokspringen (West-Brabant)
foeperen, foepere, werkwoord, hobbelen (Land van Cuijk)
foeperpot, foeperpot, zelfstandig naamwoord, rommelpot, muziekinstrument bij vastenavond (Eindhoven en Kempenland)
foetelen, foetele, werkwoord, bedriegen, vals spelen (Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk; Helmond en Peelland)
foetelpot, foetelpot, zelfstandig naamwoord, rommelpot, muziekinstrument bij vastenavond (Tilburg en Midden-Brabant)
foeter, foeter, zelfstandig naamwoord, roddelaarster (Helmond en Peelland)
foeteren, foetere, werkwoord, mopperen, snauwen (Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant; Den Bosch en Meierij)
foezel, foewzel, zelfstandig naamwoord, opgehoopt stof in de naad van een jaszak e.d. (Helmond en Peelland)
foezelen, foesele, foezele, werkwoord, stiekem regelen (Helmond en Peelland); foezele; vals spelen (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
fok, fok, zelfstandig naamwoord, grote neus (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
fokkederen, fokkedeere, werkwoord, overeenkomen (West-Brabant)
folen, foole, werkwoord, strelen (West-Brabant)
fontonten, fantonten, zelfstandig naamwoord, meervoud, belachelijke manieren (Eindhoven en Kempenland)
fooi, fooi, zelfstandig naamwoord, vrouwelijk konijn (Tilburg en Midden-Brabant; Eindhoven en Kempenland)
fooi, fwooi, zelfstandig naamwoord, vrouwelijk konijn (West-Brabant)
foors, foors, zelfstandig naamwoord, opvliegend persoon, (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland)
fotsen, fotse, werkwoord, ketsen (biljartsport) (Tilburg en Midden-Brabant)
frak, frak, zelfstandig naamwoord, jas (West-Brabant)
franje, frannie, frònnie, zelfstandig naamwoord, franje (Helmond en Peelland); frònnie; franje (Tilburg en Midden-Brabant)
fransje, fraanske, zelfstandig naamwoord, kadetje (West-Brabant)
frazelen, fraazele, fraozele, werkwoord, lispelen, brabbelen (Helmond en Peelland); fraozele; ijlen (Tilburg en Midden-Brabant)
frazelen, fraotele, werkwoord, brabbelen (Eindhoven en Kempenland)
frech, frech, bijvoeglijk naamwoord, brutaal, onbeschaamd (Land van Cuijk)
frietje, frietje, zelfstandig naamwoord, portie patates frites (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
frikadel, friekedel, zelfstandig naamwoord, gehaktbal (West-Brabant)
froezel, froezel, zelfstandig naamwoord, plooi (Eindhoven en Kempenland)
frommelen, froemele, werkwoord, frommelen, kreukelen (Land van Cuijk; Helmond en Peelland)
fronselen, fronsele, werkwoord, kreukelen (Land van Cuijk)
frut, frót, zelfstandig naamwoord, pruillip (Helmond en Peelland)
frutblaas, frutblaos, zelfstandig naamwoord, varkensblaas (Tilburg en Midden-Brabant)
frutsel, fruttels, zelfstandig naamwoord, meervoud, kreukels (West-Brabant)
frutten, frutte, frotte, werkwoord, friemelen, prutsen (Tilburg en Midden-Brabant); frotte; frommelen, prutsen (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk; West-Brabant)
fuit, fötje, zelfstandig naamwoord, veulen (West-Brabant)
funderen, funtere, vundere, werkwoord, uitvinden, ergens achter proberen te komen (West-Brabant); vundere; uitvinden, ergens achter proberen te komen (Land van Cuijk)
futselbroek, futselbroek, zelfstandig naamwoord, treuzelaar (Eindhoven en Kempenland)
fysionomie, fiezelemie, zelfstandig naamwoord, gezicht (West-Brabant)
gaaf, gèèf, bijvoeglijk naamwoord, mooi, goed, flink (West-Brabant)
gaaf, gif, bijvoeglijk naamwoord, gaaf, mooi (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland); gif; netjes (Eindhoven en Kempenland)
gaan, gaw, werkwoord, gaan (Helmond en Peelland)
gaap, gaop, zelfstandig naamwoord, onnozelaar (Eindhoven en Kempenland)
gaapstok, gaopstok, zelfstandig naamwoord, nieuwsgierigaard (Eindhoven en Kempenland)
gaar, gaar, gaor, bijwoord, helemaal (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk); gaor; helemaal (Eindhoven en Kempenland)
gaarne, gèèr, gèère, geier, bijwoord, gaarne, graag (Eindhoven en Kempenland); gèère; gaarne, graag (West-Brabant; Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant); geier; graag (Helmond en Peelland); ger; graag (Land van Cuijk)
gaarnen, gèrre, werkwoord, believen (Eindhoven en Kempenland)
gaden, gaoie, gaaie, werkwoord, bij elkaar passen (Eindhoven en Kempenland); gaaie; aanstaan, bevallen (Helmond en Peelland; Land van Cuijk)
gadeslaan, gaaislao, gòislòn, gaoislaoge, werkwoord, benutten (Helmond en Peelland); gòislòn; behartigen, verzorgen (Eindhoven en Kempenland); gaoislaoge; gadeslaan (West-Brabant)
gaffel, gaavel, zelfstandig naamwoord, hooivork met twee tanden (Land van Cuijk)
galg, galge, zelfstandig naamwoord, meervoud, bretels (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
galper, galperd, gölperd, zelfstandig naamwoord, onbesuisde knaap, deugniet, gemenerik, sufferd (Helmond en Peelland; Den Bosch en Meierij; West-Brabant); galperd; onvolwassen jongen (Eindhoven en Kempenland); gölperd; onnozel persoon (Helmond en Peelland)
gamasche, kemasse, zelfstandig naamwoord, meervoud, leren beenkappen (Den Bosch en Meierij)
ganzentong, ganzetonge, gaanzetong, zelfstandig naamwoord, meervoud, paardenbloem (Eindhoven en Kempenland); gaanzetong; paardenbloem (Tilburg en Midden-Brabant)
gaper, gaoperd, zelfstandig naamwoord, sufferd (Tilburg en Midden-Brabant)
gard, gèèrd, gard, gerd, zelfstandig naamwoord, vishengel (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland); gerd; hengel (Land van Cuijk); gerdje; twijgje (West-Brabant)
garde, garde, zelfstandig naamwoord, veldwachter (West-Brabant)
gareel, gereel, zelfstandig naamwoord, juk om de hals van een trekpaard (West-Brabant)
garelen, gereele, zelfstandig naamwoord, meervoud, bretels (West-Brabant)
garf, géérw, zelfstandig naamwoord, garf, korenschoof (Helmond en Peelland)
garm, germ, zelfstandig naamwoord, ooi, vrouwelijk schaap (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
garnaal, garnot, gòrnoot, zelfstandig naamwoord, garnaal (West-Brabant); gòrnoot; garnaal (West-Brabant)
garstig, gaarst, gaarsteg, gaast, gasteg, bijvoeglijk naamwoord, ranzig (Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk); gaartseg; ranzig (Helmond en Peelland); gaast; ranzig (Tilburg en Midden-Brabant); gasteg; ranzig (West-Brabant)
gasconnade, kasgenaate, kaskenade, kaskenaoi,, zelfstandig naamwoord, opschepperij (Helmond en Peelland); kaskenaode; opschepperij (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant; Eindhoven en Kempenland)
gasolie, gastollie, zelfstandig naamwoord, petroleum (Helmond en Peelland)
gast, gaast, zelfstandig naamwoord, vent (Eindhoven en Kempenland)
gat, gaoters, zelfstandig naamwoord, meervoud, gaten (West-Brabant)
gataap, gataop, zelfstandig naamwoord, ondeugend kind (West-Brabant)
gateind, gatengd, gatend, zelfstandig naamwoord, boomstronk (Tilburg en Midden-Brabant; Helmond en Peelland)
gathannes, gathannes, zelfstandig naamwoord, dromer, sul (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Eindhoven en Kempenland)
gatlauw, gatlauw, bijvoeglijk naamwoord, lauw, handwarm (West-Brabant)
gatschenk, gatschenk, zelfstandig naamwoord, stuitbeentje (Eindhoven en Kempenland)
gatslag, gatslag, zelfstandig naamwoord, schatting (Tilburg en Midden-Brabant)
gebak, gebekt, zelfstandig naamwoord, bakbenodigdheden (Tilburg en Midden-Brabant)
gebint, gebint, gebont, zelfstandig naamwoord, bergruimte in de schuur (West-Brabant); gebont; bergruimte in de schuur (Tilburg en Midden-Brabant); gebont; gebint, deurkozijn (Helmond en Peelland; Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
geboer, geboer, zelfstandig naamwoord, boerenbedrijf (Land van Cuijk)
geburen, gebuure, werkwoord, bij een buurt horen (Eindhoven en Kempenland)
gebuurt, gebuurt, zelfstandig naamwoord, buurt, gehucht (Tilburg en Midden-Brabant; Den Bosch en Meierij)
gedachte, gedaacht, zelfstandig naamwoord, opvatting (Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
gedallast, gedallast, bijvoeglijk naamwoord, gedupeerd (Tilburg en Midden-Brabant)
gedoe, gedoeike, gedoentje, zelfstandig naamwoord, boerderijtje (West-Brabant); gedoentje; boerderijtje, bedrijfje (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
gedurig, geduureg, bijwoord, voortdurend (Tilburg en Midden-Brabant)
geeën, gèèje, werkwoord, wieden (Land van Cuijk)
geefachtig, gééfèchteg, bijvoeglijk naamwoord, vrijgevig (Eindhoven en Kempenland)
geeneens, gineens, ginnins, bijwoord, zelfs niet (Tilburg en Midden-Brabant); ginnins; zelfs niet (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
geenman, gimman, ginman, voornaamwoord, niemand (Eindhoven en Kempenland); ginman; niemand (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant)
geestelijk, gisselek, zelfstandig naamwoord, geestelijkheid (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
geestig, gisteg, bijvoeglijk naamwoord, pienter (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
gehaktbal, gakbal, zelfstandig naamwoord, gehaktbal (West-Brabant)
geheng, gehéng, gehéngt, zelfstandig naamwoord, hangwerk (Helmond en Peelland); gehèngt;
geit, guit, zelfstandig naamwoord, geit (Helmond en Peelland)
geiten, gèète, werkwoord, nieuwsgierig kijken (Den Bosch en Meierij)
gekleed, geklid, zelfstandig naamwoord, dracht van een priester (Helmond en Peelland)
gelaad, gelaod, zelfstandig naamwoord, bergruimte (Land van Cuijk)
gele verf, géél véérw, gèèl vèrf, geele vèrf, gééle vèrf, zelfstandig naamwoord, geelzucht (Helmond en Peelland); gèèl vèrf; geelzucht (Den Bosch en Meierij); geele vèrf; geelzucht (Den Bosch en Meierij); gééle vèrf; geelzucht (Land van Cuijk)
gelijk, gelééjk, gelijk, gleks, bijwoord, helemaal, allemaal (Eindhoven en Kempenland); gelijk; direct (West-Brabant); gelijk; direct, allemaal (Den Bosch en Meijerij); gleks; vlak, egaal (Den Bosch en Meierij)
gelp, gelp, bijvoeglijk naamwoord, welig tierend, fris (Land van Cuijk)
gelte, gelt, zelfstandig naamwoord, varkenszeug, die niet bevrucht wordt (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk)
gemaak, gemaok, zelfstandig naamwoord, makelij (Tilburg en Midden-Brabant)
gemacht, gemach, zelfstandig naamwoord, mannelijk geslachtsdeel (Eindhoven en Kempenland)
gemak, gemak, bijvoeglijk naamwoord, makkelijk (Tilburg en Midden-Brabant)
gemak, gemak, zelfstandig naamwoord, toilet (West-Brabant)
gemeenlijk, geméénlek, geménlek, bijwoord, gewoonlijk (Tilburg en Midden-Brabant; Eindhoven en Kempenland)
gemoeiig, gemoeieg, bijvoeglijk naamwoord, soepel (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk)
Gemonde, Gimde, toponiem, Gemonde (Den Bosch en Meierij)
genamig, genèmmig, bijvoeglijk naamwoord, aangenaam (Den Bosch en Meierij)
geneuk, geneuk, zelfstandig naamwoord, gedoe (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant; Helmond en Peelland)
geneven, geneefs, zelfstandig naamwoord, meervoud, neven (West-Brabant)
genoeg, genogt, bijwoord, genoeg (West-Brabant)
gent, gent, zelfstandig naamwoord, mannelijke gans (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk)
geraaktheid, geròkteid, zelfstandig naamwoord, beroerte (West-Brabant)
gereedschap, gerizzep, zelfstandig naamwoord, gereedschap, bestek (Helmond en Peelland)
gereformeerd, geriffermeerd, bijvoeglijk naamwoord, averechts (Tilburg en Midden-Brabant)
gerei, grèèj, grej, zelfstandig naamwoord, spullen (Den Bosch en Meierij); grej; spul (Land van Cuijk)
gerfkamer, gerfkaamer, zelfstandig naamwoord, sacristie (Land van Cuijk)
gericht, gericht, bijvoeglijk naamwoord, kort, meest direct (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
gerij, gerééj, gerai, gerij, grèèj, zelfstandig naamwoord, rijtuigen, wagens (Eindhoven en Kempenland); gerai; rijtuig (Helmond en Peelland); gerij; rijtuig (West-Brabant); grèèj; rijtuigen, wagens (Den Bosch en Meierij)
geronnen, geronne, bijvoeglijk naamwoord, geschift, gezegd van melk (West-Brabant)
gerpen, gerpe, werkwoord, begerig kijken (West-Brabant)
gerst, gaorst, zelfstandig naamwoord, gerst (Eindhoven en Kempenland)
gesneden, gesneeje, zelfstandig naamwoord, vleeswaren als broodbeleg (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland)
gesp, geps, zelfstandig naamwoord, gesp (Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
gesp, gespel, zelfstandig naamwoord, gesp (Land van Cuijk)
gespelen, gepse, werkwoord, er vandoor gaan (West-Brabant)
gesta, gestaoi, zelfstandig naamwoord, gemak (Tilburg en Midden-Brabant)
Gestel, Gèèstel, toponiem, het Eindhovense stadsdeel Gestel (Eindhoven en Kempenland)
Gestel, Gèèsel, toponiem, Sint-Michielsgestel (Den Bosch en Meierij)
get, get, zelfstandig naamwoord, modder (Helmond en Peelland; West-Brabant)
getijd, getééjd, bijvoeglijk naamwoord, van plan (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
getouw, ketaaw, zelfstandig naamwoord, weefgetouw (Tilburg en Midden-Brabant)
getralie, katrallie, zelfstandig naamwoord, traliewerk (Land van Cuijk)
getuig, getög, getuug, zelfstandig naamwoord, gereedschap (Eindhoven en Kempenland); getuug; getuig (Helmond en Peelland)
geuren, geure, werkwoord, trots zijn (Den Bosch en Meierij)
gevorst, gevorst, zelfstandig naamwoord, nok van het dak (Land van Cuijk)
gewarig, gewarreg, geworreg, bijvoeglijk naamwoord, opmerkzaam, waakzaam, gretig (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland); geworreg; waakzaam (Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
gewelf, gewölft, zelfstandig naamwoord, gewelf (Den Bosch en Meierij)
gewisse, gewisse, zelfstandig naamwoord, bewustzijn (Tilburg en Midden-Brabant)
geworden, geworre, werkwoord, gewennen (Helmond en Peelland)
gewormte, gewörmt, zelfstandig naamwoord, insecten, ongedierte (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; West-Brabant; Land van Cuijk)
gewricht, gevricht, zelfstandig naamwoord, wreef (Tilburg en Midden-Brabant)
gezaad, kezaot, zelfstandig naamwoord, dat wat men bij een spel inzet (Tilburg en Midden-Brabant)
gezwak, gezwak, bijvoeglijk naamwoord, lenig (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
giebel, giebel, zelfstandig naamwoord, meisje dat veel giechelt (Land van Cuijk)
giebelgeit, giebergéét, zelfstandig naamwoord, meisje dat veel giechelt (Tilburg en Midden-Brabant)
giebelkont, giebelkont, zelfstandig naamwoord, meisje dat veel giechelt (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
giegauw, giegauw, zelfstandig naamwoord, krul, slinger, bocht (Tilburg en Midden-Brabant)
giel, giel, zelfstandig naamwoord, muil (Eindhoven en Kempenland)
giezen, gèùze, werkwoord, nieuwsgierig of begerig kijken (Tilburg en Midden-Brabant)
gij, gij, gaai, voornaamwoord, jij (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant); gaai; jij (Helmond en Peelland)
gijp, giepske, zelfstandig naamwoord, regenbuitje (West-Brabant)
gilde, guld, zelfstandig naamwoord, gilde (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
Gilze, Giels, toponiem, Gilze (Tilburg en Midden-Brabant)
ginderwijd, gienderwééd, gienderwijd, ginderwied, ginderwijd, gunterwijd, bijwoord, ginds (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant; Den Bosch en Meierij); ginderwied; ginds (Land van Cuijk); ginderwijd; ginds (Helmond en Peelland); gunterwijd; ginds (West-Brabant)
gindsgaans, geensgòns, bijwoord, op de heenweg (Tilburg en Midden-Brabant)
giroffel, snoffel, sjenoffel, snuffel, zelfstandig naamwoord, anjer (Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant); sjenoffel; anjer (West-Brabant); snuffelke; verkleinwoord; anjer (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
gisselen, gissele, werkwoord, aanlengen met water (Tilburg en Midden-Brabant)
gisteren, giestere, bijwoord, gisteren (Eindhoven en Kempenland)
glad, glad, bijwoord, helemaal (Den Bosch en Meierij)
glad, glatteg, bijvoeglijk naamwoord, glad (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland)
gladdig, gladdeg, glatteg, bijvoeglijk naamwoord, glad (Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant); glatteg;
glazen, glaozere, bijvoeglijk naamwoord, glazen (Eindhoven en Kempenland)
glazensnijder, glaazesneejer, glaozesnééjer, glaozensnijer, zelfstandig naamwoord, libel (West-Brabant; Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk)
glazenwasser, glaazewasser, glaozewaaser, zelfstandig naamwoord, libel (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant)
glijer, glééjer, glijer, zelfstandig naamwoord, step (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland)
glint, gelènt, gelient, zelfstandig naamwoord, leuning (Den Bosch en Meierij); gelient; leuning, schutting (West-Brabant)
glinten, glinte, werkwoord, afrasteren (Land van Cuijk)
gloeiig, gloeieg, bijvoeglijk naamwoord, gepikeerd (Eindhoven en Kempenland); gloeieg; gloeiend (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
gloeiige, gloeiege, zelfstandig naamwoord, dwaallicht (Eindhoven en Kempenland)
gloem, gloem, zelfstandig naamwoord, wak in het ijs (Helmond en Peelland)
godsblok, godsblok, zelfstandig naamwoord, goedzak (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk)
godverdju, gordjuus, bijwoord, erg (Eindhoven en Kempenland)
godveren, godvere, werkwoord, vloeken (West-Brabant)
goed, goei, zelfstandig naamwoord, levenslust (West-Brabant)
goesting, goesting, zelfstandig naamwoord, zin, smaak (West-Brabant)
goevrouw, goeivrouw, zelfstandig naamwoord, vroedvrouw (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland)
gofferd, gofferd, zelfstandig naamwoord, lomperd (Tilburg en Midden-Brabant)
Goirke, ‘t, Gurke, toponiem, ‘t Goirke (Tilburg en Midden-Brabant)
Goirle, Gool, toponiem, Goirle (Tilburg en Midden-Brabant)
golliepaap, gòlliepaop, zelfstandig naamwoord, onnozel persoon (Tilburg en Midden-Brabant)
goot, goot, geut, zelfstandig naamwoord, bijkeuken (Eindhoven en Kempenland); geut; bijkeuken, gootsteen (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant; Helmond en Peelland)
gootgat, götsgat, gutgat, zelfstandig naamwoord, afvoer van de gootsteen (Land van Cuijk)
gootsteen, gutsteen, zelfstandig naamwoord, aanrecht (Den Bosch en Meierij)
graaf, graaf, grèèf, zelfstandig naamwoord, sloot, greppel (Helmond en Peelland; Land van Cuijk); grèèf; schop om mest af te steken (West-Brabant)
graat, graot, zelfstandig naamwoord, honingraat (Land van Cuijk)
grabbel, gribbel, zelfstandig naamwoord, grabbel (Helmond en Peelland)
grasnek, grasnèk, zelfstandig naamwoord, mager persoon (Den Bosch en Meierij)
gratielijk, grásselek, bijvoeglijk naamwoord, gracieus (Helmond en Peelland)
grauwen, graawe, werkwoord, grommen (Tilburg en Midden-Brabant)
Grave, de Graaf, toponiem, Grave (Land van Cuijk)
grep, grip, zelfstandig naamwoord, greppel, sloot (Den Bosch en Meierij; West-Brabant); grip; greppel, voedergoot of mestgoot in de stal (Land van Cuijk)
gretig, greeg, gréét, bijvoeglijk naamwoord, gierig, gretig, hongerig (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk); gréét; gretig, wellustig (West-Brabant)
griebelgrauw, griebelegraow, griepgrauwe, zelfstandig naamwoord, schemering (Den Bosch en Meierij); griepgrauwe; schemering (Land van Cuijk)
griezel, griesel, werkwoord, tuinhark (Eindhoven en Kempenland)
griezelen, griesele, griezele, werkwoord, aanharken (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk; Helmond en Peelland); griezele; harken (Tilburg en Midden-Brabant)
grif, grif, bijwoord, beslist (Helmond en Peelland); grif; vlot (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk)
grijnspot, greengspot, zelfstandig naamwoord, chagrijnig persoon (Helmond en Peelland)
grijnzen, gréénze, grèèze, grienzen, gringze, werkwoord, mopperen (Den Bosch en Meierij); grèèze; chagrijnig zijn, huilen (Tilburg en Midden-Brabant; Eindhoven en Kempenland); grienze; knorrig zijn (Land van Cuijk); gringze; zeuren (Land van Cuijk)
grijp, gröp, zelfstandig naamwoord, gulzigaard (Land van Cuijk)
grimmig, grimzeg, bijvoeglijk naamwoord, nors (Tilburg en Midden-Brabant)
grob, grob, gröb, zelfstandig naamwoord, handvol (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant); gröb; handvol (Helmond en Peelland)
groeien, grèùje, werkwoord, groeien (Land van Cuijk)
groenig, gruunseg, bijvoeglijk naamwoord, groenig (Den Bosch en Meierij)
groenigaard, gruunegerd, zelfstandig naamwoord, groenling, soort vink (Helmond en Peelland)
Groeningen, Gruuninge, toponiem, Groeningen (Land van Cuijk)
groensel, gruunsel, zelfstandig naamwoord, groenling, soort vink (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant)
groenvink, gruunvink, zelfstandig naamwoord, groenling, soort vink (Eindhoven en Kempenland)
groep, groep, zelfstandig naamwoord, mestgoot achter de koeien (Tilburg en Midden-Brabant; Helmond en Peelland; West-Brabant); groep; voedergoot in de koestal (Den Bosch en Meierij)
groeze, groes, zelfstandig naamwoord, grasveld (Land van Cuijk); gruuske; verkleinwoord; riviergrondel (Land van Cuijk)
groezen, groeze, werkwoord, fruit en groente eten (Den Bosch en Meierij)
gronen, groenieje, werkwoord, zeuren, grommen (Helmond en Peelland)
gront, gruntje, zelfstandig naamwoord, riviergrondel (Land van Cuijk)
grootbek, grootbèk, zelfstandig naamwoord, opschepper (Den Bosch en Meierij)
grootje, grötje, grutje, zelfstandig naamwoord, grootmoeder (Land van Cuijk); grutje; grootmoeder (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
groots, gröts, gruts, bijvoeglijk naamwoord, trots, verwaand (Land van Cuijk); gruts; trots, verwaand (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland)
grootsig, grootseg, grótseg, bijvoeglijk naamwoord, trots (West-Brabant); grótseg; verwaand (Tilburg en Midden-Brabant)
gruwelijk, gruuwelek, bijwoord, heel erg (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk)
gunzen, gungze, werkwoord, loeien (Land van Cuijk)
gust, gust, bijvoeglijk naamwoord, niet drachtig, een merrie (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk)
guts, guts, zelfstandig naamwoord, zware bui (West-Brabant)
haaft, haaft, bijvoeglijk naamwoord, dringend (Tilburg en Midden-Brabant)
haagweduwe, hegwuw, zelfstandig naamwoord, ongehuwde moeder (Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
haaibaai, aaibaai, zelfstandig naamwoord, kordate vrouw (West-Brabant)
haaknaald, hèùknuld, zelfstandig naamwoord, haaknaald (Helmond en Peelland)
haakweduwe, haokweuw, zelfstandig naamwoord, ongehuwde moeder (Helmond en Peelland)
haal, haol, bijwoord, louter (Eindhoven en Kempenland)
haam, haam, haom, zelfstandig naamwoord, juk om de hals van een trekpaard (Land van Cuijk; Den Bosch en Meierij); haam; nageboorte van het paard (Den Bosch en Meierij); haom; nageboorte van het paard (Tilburg en Midden-Brabant); haom; juk om de hals van een trekpaard (Eindhoven en Kempenland)
Haansberg, Embaarg, toponiem, Haansberg (straat in Etten-Leur) (West-Brabant)
haar, hèùr, zelfstandig naamwoord, celluloid (Helmond en Peelland)
haard, hèrd, éérd, zelfstandig naamwoord, woonkamer (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant); éérd; huiskamer, haard (West-Brabant)
haareender, haorinder, haorinter, voornaamwoord, precies hetzelfde (Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant; Den Bosch en Meierij)
haarenkelen, haorenkele, harénkele, werkwoord, tijdens het lopen de enkels tegen elkaar stoten (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland)
haargetouw, harreketouw, zelfstandig naamwoord, werktuig om de zeis te scherpen (Tilburg en Midden-Brabant)
haarzakken, horzakke, werkwoord, vervelen, ruziën (Tilburg en Midden-Brabant)
haast, hòst, bijwoord, bijna (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
hachelen, hèchele, werkwoord, vals spelen (Den Bosch en Meierij)
haffelen, haffele, werkwoord, liefkozen, verwennen, sollen (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk)
hagedis, aiktes, eegtes, hekkefis, heitis, hicht, raties, zelfstandig naamwoord, hagedis (Land van Cuijk); eegtes; hagedis (Land van Cuijk); hekkefis; hagedis (Eindhoven en Kempenland); heitis; hagedis (Helmond en Peelland); hicht; hagedis (Den Bosch en Meierij); raties; hagedis (West-Brabant)
hagen, haage, werkwoord, op rijen zetten (Land van Cuijk)
hak, hak, zelfstandig naamwoord, hiel (Helmond en Peelland)
hak, hakkes, zelfstandig naamwoord, meervoud, hakken (van de voeten) (Eindhoven en Kempenland)
haken, hèùke, werkwoord, haken (Land van Cuijk)
hakkenaaien, akkenaaie, werkwoord, bekvechten (West-Brabant)
haksel, haksel, aksel, heksel, zelfstandig naamwoord, hoofdkaas (Tilburg en Midden-Brabant); aksel; soort hoofdkaas (West-Brabant); heksel; kort gemaakt stro (Land van Cuijk)
haktol, aktol, hakdol, zelfstandig naamwoord, priktol (West-Brabant); hakdol; priktol (kinderspeelgoed) (Tilburg en Midden-Brabant; Eindhoven en Kempenland)
halfstaander, halfstònder, zelfstandig naamwoord, medewerker (Tilburg en Midden-Brabant)
hals, hèlske, zelfstandig naamwoord, sukkeltje (Eindhoven en Kempenland)
Halsteren, Altere, toponiem, Halsteren (West-Brabant)
halveling, alvelieng, bijwoord, half en half (West-Brabant)
halventijd, halfsentè, bijwoord, de helft van de tijd, af en toe (Eindhoven en Kempenland)
hamerslag, haamerslag, hammerslag, zelfstandig naamwoord, kleine wolkjes (Eindhoven en Kempenland; Den Bosch en Meierij)
handig, hèndeg, bijvoeglijk naamwoord, gemakkelijk (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant; Helmond en Peelland)
handvat, aansvat, zelfstandig naamwoord, handvat (West-Brabant)
handvol, haffel, zelfstandig naamwoord, handvol, kleine hoeveelheid (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
handwijzer, aandwijzer, handweezer, zelfstandig naamwoord, wegwijzer (West-Brabant); handweezer; wegwijzer (Helmond en Peelland)
hangoren, hangoore, zelfstandig naamwoord, meervoud, kinderen (Land van Cuijk)
hangwang, hangwang, zelfstandig naamwoord, persoon met een bol, afhangend gezicht (Helmond en Peelland)
hannes, hannes, zelfstandig naamwoord, sukkel (Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant; Eindhoven en Kempenland)
hannesen, hannese, werkwoord, stuntelen (Den Bosch en Meierij)
hannikbroek, annebroek, zelfstandig naamwoord, Vlaamse gaai (West-Brabant)
hannikkauw, hannikauw, zelfstandig naamwoord, Vlaamse gaai (Eindhoven en Kempenland)
hans, hans, zelfstandig naamwoord, mannelijk konijn (Land van Cuijk)
hansop, hansjop, zelfstandig naamwoord, nachthemd (Den Bosch en Meierij)
hapschaar, apsjaar, zelfstandig naamwoord, vreemde snoeshaan (West-Brabant)
hapsnap, hapsnap, bijwoord, in de haast (Den Bosch en Meierij)
hardzak, hardzak, zelfstandig naamwoord, gevoelloos persoon (Den Bosch en Meierij)
haring, hirring, zelfstandig naamwoord, haring (Helmond en Peelland)
hark, hèrk, zelfstandig naamwoord, bazige vrouw (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland)
harketak, herkentek, herketerk, zelfstandig naamwoord, kattig persoon (Den Bosch en Meierij); herketerk; fel vrouwtje (Tilburg en Midden-Brabant)
harmonica, monnika, moonieka, zelfstandig naamwoord, accordeon (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
harmonie, hèrremenie, aarmenie, zelfstandig naamwoord, harmonie (Land van Cuijk); aarmenie; harmoniegezelschap (West-Brabant)
hartelijk, hartelek, artelek, bijvoeglijk naamwoord, hartig (Helmond en Peelland); artelek; hartig (West-Brabant
harten, hartes, zelfstandig naamwoord, harten (kaartspel) (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
haspel, apsel, zelfstandig naamwoord, haspel (West-Brabant)
haspelen, haspele, werkwoord, struikelen (Eindhoven en Kempenland)
hauw, haawkes, hauwe, hauwkes, zelfstandig naamwoord, meervoud, peultjes (Tilburg en Midden-Brabant); hauwe; erwten- en bonenschillen (Land van Cuijk); hauwkes; peultjes (Den Bosch en Meierij)
haveres, haoverès, zelfstandig naamwoord, lijsterbes (Eindhoven en Kempenland)
hazengerf, haozegèrf, zelfstandig naamwoord, duizendblad (Den Bosch en Meierij)
, eej, tussenwerpsel, hee, hè, nietwaar (West-Brabant)
hebbelijk, hebbelek, bijvoeglijk naamwoord, inhalig (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Eindhoven en Kempenland)
hebben, emme, werkwoord, hebben (West-Brabant)
hecht, echt, zelfstandig naamwoord, heft van een mes (West-Brabant)
heefdeeg, eefdeeg, zelfstandig naamwoord, zuurdeeg (West-Brabant)
heen, tjin, bijwoord, hierheen (Helmond en Peelland)
heenweren, heenweere, werkwoord, droog blijven (Land van Cuijk)
Heerle, Éérel, toponiem, Heerle (West-Brabant)
heeromkeerom, hééremkéérem, bijwoord, plotsklaps (Tilburg en Midden-Brabant)
heeroom, heeroom, zelfstandig naamwoord, oom, die priester is (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
hees, gees, his, bijvoeglijk naamwoord, hees, schor (West-Brabant); his; hees (Den Bosch en Meierij)
Heeswijk, Hezzik, toponiem, Heeswijk (Den Bosch en Meierij)
heet, jit, bijvoeglijk naamwoord, heet, warm (West-Brabant)
heetzeiker, heetzééker, zelfstandig naamwoord, driftig persoon (Tilburg en Midden-Brabant)
Heeze, Heejs, toponiem, Heeze (Eindhoven en Kempenland)
heffen, heffe, werkwoord, couperen (kaartspel) (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
hefstaart, efstèèrt, zelfstandig naamwoord, verwaand persoon (West-Brabant)
heft, heft, eft, zelfstandig naamwoord, handvat van een mes (Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant; Den Bosch en Meierij); eft; hecht, handvat van een mes (West-Brabant) heft; lomperik (Eindhoven en Kempenland)
heg, heg, zelfstandig naamwoord, haag (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
hegappel, hegappel, zelfstandig naamwoord, vrucht van de meidoorn (Land van Cuijk)
hegmien, hegming, zelfstandig naamwoord, oude vrijster (Helmond en Peelland)
hegmulder, hegmulder, zelfstandig naamwoord, meikever (Helmond en Peelland)
hegschool houden, hegschool haawe, werkwoord, spijbelen (Land van Cuijk)
heide, haai, zelfstandig naamwoord, heide (Tilburg en Midden-Brabant)
heijassen, haaiasse, werkwoord, jonassen (Eindhoven en Kempenland)
Heikese kerk, Haaikese kerk, toponiem, kerk van ’t Heike (Tilburg en Midden-Brabant)
heikneuter, hèèjkneuter, zelfstandig naamwoord, kneu (vogelsoort) (Helmond en Peelland)
heimauwerik, heimaurik, zelfstandig naamwoord, kneu (vogelsoort) (Land van Cuijk)
hein, ein, zelfstandig naamwoord, afrastering, omheining (West-Brabant)
heinen, hééne, werkwoord, afrasteren (Tilburg en Midden-Brabant)
heiningen, héénenge, werkwoord, afrasteren (Den Bosch en Meierij)
heislender, haaislènder, zelfstandig naamwoord, hagedis (Eindhoven en Kempenland)
heitol, heidol, zelfstandig naamwoord, priktol (Helmond en Peelland)
hek, hekke, ekke, zelfstandig naamwoord, hek (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant); ekketje; verkleinwoord; hekje (West-Brabant); hekkentje; verkleinwoord; hekje (Helmond en Peelland)
hekkendam, hekkendam, ekkedam, zelfstandig naamwoord, toegang tot de akker (Tilburg en Midden-Brabant); ekkedam; toegang tot akker of weide (West-Brabant)
hekkengat, hekkegat, zelfstandig naamwoord, toegang tot een wei (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk)
hel, hèl, bijvoeglijk naamwoord, gezond van geest, levendig, vlug (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland)
helegans, eelegaans, bijwoord, helemaal (West-Brabant)
helemaal, himmel, himmol, jimmel, bijwoord, helemaal (Den Bosch en Meierij); himmol; helemaal (Tilburg en Midden-Brabant); jimmel; helemaal (West-Brabant)
helleveeg, hellevèèg, zelfstandig naamwoord, gehaaide vrouw (Helmond en Peelland)
helm, elm, zelfstandig naamwoord, nageboorte van een merrie (West-Brabant)
Helmond, Hèllemut, toponiem, Helmond (Helmond en Peelland)
heloren, heleure, werkwoord, poolshoogte nemen (Tilburg en Midden-Brabant)
hem, hum, voornaamwoord, hem, zijn (Helmond en Peelland)
hemd, hemmeke, emmeke, hempje, zelfstandig naamwoord, hemdje (Tilburg en Midden-Brabant); emmeke; hemdje (West-Brabant); hempje; hemdje (Den Bosch en Meierij)
hemdsknoop, hemsknöpke, zelfstandig naamwoord, moederkruid (Helmond en Peelland)
hemdslip, hemslip, zelfstandig naamwoord, hemd (Eindhoven en Kempenland)
hemelzaad, heemelzaod, himmelzaod, zelfstandig naamwoord, bladluizen (Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant); himmelzaod; bladluizen (Den Bosch en Meierij)
hen, hullie, voornaamwoord, hen, hun (Helmond en Peelland)
hengsel, hengel, zelfstandig naamwoord, hengsel (Land van Cuijk)
hengstig, hingsteg, bijvoeglijk naamwoord, tochtig, gezegd van een merrie (Land van Cuijk)
hennep, kènnep, zelfstandig naamwoord, hennep (Eindhoven en Kempenland)
herenteer, herrenteer, zelfstandig naamwoord, haagbeuk (Eindhoven en Kempenland)
hers, herres, ééres, bijwoord, hierheen (Tilburg en Midden-Brabant); ééres; hierheen (West-Brabant)
hersenen, harses, zelfstandig naamwoord, meervoud, hersenen (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant)
hessekes, hèssekès, zelfstandig naamwoord, snibbig meisje (Eindhoven en Kempenland)
heten, jitte, werkwoord, heten (West-Brabant)
heukeren, eukere, werkwoord, drogend hooi in banen leggen (Tilburg en Midden-Brabant)
heul, eul, zelfstandig naamwoord, slaapbol (papaver) (Tilburg en Midden-Brabant)
hevel, heefel, zelfstandig naamwoord, gist (Den Bosch en Meierij)
hiep, hiep, zelfstandig naamwoord, kapmes (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk; Helmond en Peelland)
hijgen, hiejge, werkwoord, hijgen (Helmond en Peelland)
hijs, éés, zelfstandig naamwoord, hengsel (West-Brabant)
hik, hibbik, hikkepik, hippik, zelfstandig naamwoord, hik (Helmond en Peelland); hikkepik; hik (Land van Cuijk); hippik; hik (Den Bosch en Meierij)
hilten, hilte, werkwoord, bikkelen (kinderspel) (Helmond en Peelland, Land van Cuijk, Den Bosch en Meierij)
hinkhok, hinkhok, zelfstandig naamwoord, hinkelperk (Land van Cuijk)
hispel, hispel, zelfstandig naamwoord, wesp (Land van Cuijk)
hitsen, hisse, werkwoord, ophitsen (Eindhoven en Kempenland)
hitskiezen, hééskieze, werkwoord, ophitsen, van een hond (Helmond en Peelland)
hitte, hèt, hits, jit, zelfstandig naamwoord, hitte (Den Bosch en Meierij); hits; hitte (Tilburg en Midden-Brabant;
hitte, hits, zelfstandig naamwoord, hitte (Tilburg en Midden-Brabant)
hobbelpaard, oepelpéérd, zelfstandig naamwoord, hobbelpaard (West-Brabant)
hoe een, hoeneke, oejin, bijwoord, wat voor een (Helmond en Peelland); oejin; wat voor eentje (West-Brabant)
hoe zulk, hoelke, voornaamwoord, welke (Helmond en Peelland)
hoeden, huuje, werkwoord, hoeden, bijv. koeien, of besluiteloos rondlopen (Land van Cuijk; Den Bosch en Meierij)
hoeneer, hoeneer, oeneer, bijwoord, wanneer (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk); oeneer; wanneer (West-Brabant)
hoezen, hoeze, werkwoord, hard waaien, loeien, suizen (Helmond en Peelland; Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
hof, hof, of, zelfstandig naamwoord, moestuin, tuin (Land van Cuijk; Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant); of; tuin (West-Brabant)
hokkel, hokkel, zelfstandig naamwoord, hobbel (Eindhoven en Kempenland)
hoks, hoks, heks, zelfstandig naamwoord, knieholte (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland); heks; knieholte (Tilburg en Midden-Brabant)
hollen, heule, werkwoord, uithollen (Eindhoven en Kempenland)
holleveren, holleveere, werkwoord, ravotten (Land van Cuijk)
hollewaai, hollewaai, ollewaai, zelfstandig naamwoord, luidruchtige, domme vrouw (Eindhoven en Kempenland); ollewaai; wispelturig of lichtzinnig vrouwmens (West-Brabant)
hommelen, hommele, werkwoord, rommelen, geluid van naderend onweer (Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk)
hompelen, hompere, werkwoord, kreupel lopen (Den Bosch en Meierij)
hompen, hompe, werkwoord, strompelen (Land van Cuijk)
hond, hond, zelfstandig naamwoord, oppervlaktemaat, 14 are (Tilburg en Midden-Brabant)
hondenhut, hondshut, zelfstandig naamwoord, hondenhok (Land van Cuijk)
hondskers, hoonskurs, zelfstandig naamwoord, vuilboom (Helmond en Peelland)
hondskralen, honskralle, zelfstandig naamwoord, meervoud, zwarte nachtschade (Land van Cuijk; Den Bosch en Meierij)
hondsouder, honsouwer, zelfstandig naamwoord, meervoud, hoge leeftijd (schertsend) (Eindhoven en Kempenland)
hondsrib, honsrib, onsribbe, zelfstandig naamwoord, smalle weegbree (Eindhoven en Kempenland); onsribbe; meervoud; smalle weegbree (West-Brabant)
hoofd, ood, zelfstandig naamwoord, hoofd (West-Brabant)
hoofdstel, hudsel, zelfstandig naamwoord, halster (Helmond en Peelland)
Hoog-Lieve-Vrouw, hooglievrouw, zelfstandig naamwoord, Maria- Hemelvaart (15 aug.) (Land van Cuijk)
hooghuis, hóghois, zelfstandig naamwoord, stadhuis (Helmond en Peelland)
hoogte, hucht, zelfstandig naamwoord, hoogte in het landschap (Tilburg en Midden-Brabant)
hoogzaal, woogzaol, zelfstandig naamwoord, oksaal (West-Brabant)
hooireep, hóireep, hóirep, zelfstandig naamwoord, ruif (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Land van Cuijk)
hooispringer, hóisprenger, zelfstandig naamwoord, sprinkhaan (Helmond en Peelland)
hoor, hörre, tussenwerpsel, hoor (Tilburg en Midden-Brabant)
hoorn, hórre, hor, oore, zelfstandig naamwoord, hoorn en mannelijke duif (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland); hor; mannelijke duif (Land van Cuijk); oore; mannelijke duif (West-Brabant)
hoos, hoos, eus, hós, zelfstandig naamwoord, kous (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk); eus; grote houten graanschep (Tilburg en Midden-Brabant); hós; kous (Helmond en Peelland)
hoosbindel, hoosbendel, hósbengel, zelfstandig naamwoord, kousenband (Den Bosch en Meierij); hósbengel; kousenband (Helmond en Peelland)
hopzakken, hopzakke, werkwoord, stoeien (Land van Cuijk)
hor, hort, zelfstandig naamwoord, raamwerk, vliegenraam (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant; Land van Cuijk)
hor, or, zelfstandig naamwoord, bui of horzel (West-Brabant)
horken, hörke, werkwoord, scherp luisteren (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant)
horloge, lózzie, gelózzie, loozie, zelfstandig naamwoord, horloge (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant);gelózzie; horloge (Helmond en Peelland); loozie; horloge (West-Brabant)
hors, hors, bijvoeglijk naamwoord, doof (Tilburg en Midden-Brabant)
horsdroog, horsdreug, hersdroig, bijvoeglijk naamwoord, kurkdroog (Tilburg en Midden-Brabant); hersdroig; zeer droog (Helmond en Peelland)
hort, hortje, zelfstandig naamwoord, poosje (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland); hort; magere koe (Tilburg en Midden-Brabant)
horzel, heurs, zelfstandig naamwoord, hoornaar, grote wesp (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland)
horzen, hoorse, hoorze, werkwoord, snorren, brommen, boos weglopen (Helmond en Peelland; Den Bosch en Meierij)
horzen, horze, werkwoord, kwaad worden (Eindhoven en Kempenland)
hot, hotte, zelfstandig naamwoord, meervoud, stremsel (Land van Cuijk)
hotsel, hotsel, zelfstandig naamwoord, stremsel (Den Bosch en Meierij)
hotselen, hotsele, werkwoord, stremmen (Eindhoven en Kempenland); hotsele; schokken, stoten (Land van Cuijk)
hotten, hotte, werkwoord, klonteren (Den Bosch en Meierij)
hotteren, huttere, werkwoord, knoeien (Helmond en Peelland); huttere; wiebelen (Eindhoven en Kempenland)
houdoe, houdoe, hawdoe, oudoe, tussenwerpsel, het ga je goed, dag! (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland) ; hawdoe; het ga je goed, dag! (Helmond en Peelland); oudoe; het ga je goed, dag! (Den Bosch en Meierij, Eindhoven en Kempenland)
houkind, haawkiendje, zelfstandig naamwoord, zorgenkindje (Tilburg en Midden-Brabant)
hout, holt, zelfstandig naamwoord, hout (Land van Cuijk)
houten, houtere, bijvoeglijk naamwoord, houten, gemaakt van hout (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
houtenmiegel, hultermechiel, zelfstandig naamwoord, prutser (Helmond en Peelland)
houterillletje, hawterejilleke, woutereeleke, zelfstandig naamwoord, ringmus (Helmond en Peelland) ; woutereeleke; ringmus (Den Bosch en Meierij)
houtje, hultje, zelfstandig naamwoord, houtje (Land van Cuijk)
houw, ouw, zelfstandig naamwoord, windhoos (West-Brabant)
houwklos, houklos, zelfstandig naamwoord, hakblok (Land van Cuijk)
houwmouw, haawmaaw, hauwmauw, hawmauw, zelfstandig naamwoord, wervelwind, windhoos (Tilburg en Midden-Brabant); hauwmauw; wervelwind, windhoos (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk); hawmaaw wervelwind (Helmond en Peelland)
hoven, heuve, werkwoord, tuinieren (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
hovenier, oevenier, zelfstandig naamwoord, tuinder (West-Brabant)
hozen, eeze, euze, werkwoord, water hozen (Eindhoven en Kempenland); euze; vis vangen door een afgedamd stuk beek leeg te hozen (Tilburg en Midden-Brabant)
hubertusbol, hèùberbolle, zelfstandig naamwoord, meervoud, St.-Hubertusbroodjes (Tilburg en Midden-Brabant)
huif, huuf, zelfstandig naamwoord, bovenkant van de klomp (Land van Cuijk)
Huijbergen, Uibaarge, toponiem, Huijbergen (West-Brabant)
huiltol, huuldol, zelfstandig naamwoord, blikken bromtol (Land van Cuijk)
huipen, hèùpe, werkwoord, huichelen (Tilburg en Midden-Brabant)
huipje, upke, zelfstandig naamwoord, St.-Hubertusbroodje (West-Brabant)
huipjesdag, upkesdag, zelfstandig naamwoord, feestdag van St.-Hubertus (3 nov.) (West-Brabant)
huis, huus, uis, höske, zelfstandig naamwoord, huis (Land van Cuijk); uis; huis (West-Brabant); höske; verkleinwoord; huisje (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant)
huiswaarts, haivers, bijwoord, huiswaarts (Helmond en Peelland)
huizen, heuze, werkwoord, verblijven (Helmond en Peelland)
hukkem, hukkem, tussenwerpsel, ja, ja (Eindhoven en Kempenland)
hulte, hult, zelfstandig naamwoord, holte (Land van Cuijk)
hulworst, hölwörske, zelfstandig naamwoord, metworstje (Land van Cuijk)
hun, hullie, voornaamwoord, hen, hun (Helmond en Peelland)
hunkeren, hunkere, uunkere, werkwoord, hinniken (Tilburg en Midden-Brabant); uunkere; hinniken (West-Brabant)
hurken, hoike, huike, hukkes, huuke, ukke, zelfstandig naamwoord, meervoud, hurken (Helmond en Peelland); huike; hurken (Den Bosch en Meierij); hukkes; hurken (Tilburg en Midden-Brabant); huuke; hurken (Land van Cuijk); ukke; hurken (West-Brabant)
hussel, huzzel, zelfstandig naamwoord, schacht waarin de steel van riek of schop wordt bevestigd (Tilburg en Midden-Brabant)
husselen, hussele, hutsele, werkwoord, vermengen (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant); hutsele; schudden (Helmond en Peelland)
hutteren, huttere, werkwoord, wonen (Helmond en Peelland)
iemand, iemes, voornaamwoord, iemand (Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
iepert, iepert, zelfstandig naamwoord, slaapplaats (Tilburg en Midden-Brabant)
iets, iet, voornaamwoord, iets (Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
ietsje, ietskes, voornaamwoord, een beetje (Land van Cuijk)
ijselijk, aiselek, ééselek, ijselek, bijwoord, vreselijk (Helmond en Peelland); ééselek; vreselijk (Tilburg en Midden-Brabant); ijselek; gruwelijk, vreselijk (Den Bosch en Meierij)
ijskegel, ijskeekel, ijskikkel, zelfstandig naamwoord, ijspegel (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland)
ijspin, ééspien, iespin, zelfstandig naamwoord, ijspegel (West-Brabant); iespin; ijspegel (Land van Cuijk)
ijveren, uuvere, werkwoord, aanmoedigen (Tilburg en Midden-Brabant)
ijverig, ievereg, bijvoeglijk naamwoord, ijverig (West-Brabant)
ijzelen, héézele, hijzele, werkwoord, ijzelen (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant); hijzele; ijzelen (Den Bosch en Meierij)
ijzer, ijsder, zelfstandig naamwoord, ijzer (West-Brabant)
immers, ommes, ummers, bijwoord, immers (West-Brabant); ummers; immers (Eindhoven en Kempenland)
ineens, innins, bijwoord, plotseling (Helmond en Peelland)
inham, iempaamp, zelfstandig naamwoord, inham (West-Brabant)
inhebben, inhebbe, werkwoord, beduiden (Den Bosch en Meierij)
inkomst, inkommende, zelfstandig naamwoord, inkomsten (West-Brabant; Land van Cuijk)
inktappel, enkappel, zelfstandig naamwoord, galappel (Eindhoven en Kempenland)
inloop, inloop, zelfstandig naamwoord, visite (Den Bosch en Meierij)
inschudden, inschudde, inskudde, werkwoord, inschenken (Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk; Den Bosch en Meierij)
insoezen, insoeze, werkwoord, indommelen (Land van Cuijk)
intijds, intèds, intijds, bijwoord, op tijd (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant; Helmond en Peelland)
jachten, jachte, werkwoord, jakkeren, haasten (Tilburg en Midden-Brabant)
jakken, jakke, werkwoord, haasten (West-Brabant)
jaloers, sjeloers, bijvoeglijk naamwoord, jaloers (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland)
jammer, jommer, zelfstandig naamwoord, medelijden (Land van Cuijk)
janktas, janktes, zelfstandig naamwoord, huilebalk (Helmond en Peelland)
japon, jepunneke, zelfstandig naamwoord, jurk (Den Bosch en Meierij)
jatsen, jatse, werkwoord, jakkeren op een fiets (Land van Cuijk)
jawel, uuvèl, tussenwerpsel, jazeker (Helmond en Peelland)
jen, jen, zelfstandig naamwoord, drukte (Land van Cuijk)
jenever, snééver, zelfstandig naamwoord, jenever (Eindhoven en Kempenland)
jenever, sneevel, snéével, zelfstandig naamwoord, jenever (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
jenzen, jèènze, werkwoord, smijten (West-Brabant)
jeppen, jèppe, werkwoord, zuipen (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant)
jeremiëren, jeeremiejeere, jééremieneere, jirremejeeje, werkwoord, jammeren (Den Bosch en Meierij); jééremieneere; jammeren (Tilburg en Midden-Brabant) ; jirremejeeje; jammeren (West-Brabant)
jeuk, jöks, jukt, juuk, ukt, zelfstandig naamwoord, jeuk (Land van Cuijk); jukt; jeuk (Helmond en Peelland); juuk; jeuk (West-Brabant); ukt; jeuk (Den Bosch en Meijerij)
jeuksel, uksel, zelfstandig naamwoord, jeuk (Eindhoven en Kempenland)
jodenbaard, juddenbaard, zelfstandig naamwoord, muurpeper (Land van Cuijk)
joef, joef, bijvoeglijk naamwoord, zelfstandig naamwoord, gek (Den Bosch en Meierij)
joekel, joekel, zelfstandig naamwoord, groot exemplaar (Den Bosch en Meierij)
joekelen, joekere, joenkere, werkwoord, janken (Tilburg en Midden-Brabant; Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland); joenkere; janken (Helmond en Peelland; Land van Cuijk)
joel, joel, bijvoeglijk naamwoord, manziek (Tilburg en Midden-Brabant)
joentje, joentje, zelfstandig naamwoord, fatje (Eindhoven en Kempenland)
joks, joeks, zelfstandig naamwoord, flauwekul (Land van Cuijk)
jong, jong, zelfstandig naamwoord, zoon (Land van Cuijk)
jongetje, jungske, zelfstandig naamwoord, jongetje (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
Joosje pek, joosjepek, zelfstandig naamwoord, duivel (West-Brabant)
jouw, aw, voornaamwoord, jouw (Helmond en Peelland)
juist, sjuust, bijwoord, zojuist, precies (West-Brabant)
jullie, allie, gallie, gèllie, gillie, göllie, öllie, ollie, voornaamwoord, jullie (Helmond en Peelland); gallie; jullie (Helmond en Peelland); gèllie; jullie (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland); gillie; jullie (Land van Cuijk); göllie; jullie (West-Brabant); öllie; jullie (Den Bosch en Meierij); ollie; jullie (Land van Cuijk)
jutteren, juttere, werkwoord, los wiegelen, wiebelen, schudden (Helmond en Peelland; West-Brabant)
kaaieren, kaoiere, werkwoord, tevreden geluid maken, door een baby (West-Brabant)
kaak, kaok, zelfstandig naamwoord, wang (West-Brabant)
kaal, kaal, bijwoord, volledig (Land van Cuijk)
kaaljakker, kaljakker, kaoljakker, zelfstandig naamwoord, armoedzaaier (Eindhoven en Kempenland); kaoljakker; armoedzaaier (Den Bosch en Meierij)
kaaljakkerij, kaaljakkerij, zelfstandig naamwoord, poeha (Helmond en Peelland)
kaan, kaoikes, kooie, zelfstandig naamwoord, meervoud, kaantjes (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant); kooie; kaantjes (Land van Cuijk)
kaar, kaar, zelfstandig naamwoord, bijenkorf (Land van Cuijk)
kaas, kees, kéés, zelfstandig naamwoord, kaas (Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
kaats, kats, zelfstandig naamwoord, kaatsbal (Land van Cuijk)
Kaatsheuvel, Kets, toponiem, Kaatsheuvel (Tilburg en Midden-Brabant)
kabas, kabas, kallebas, kebas, kollebas, zelfstandig naamwoord, boodschappenmand (Tilburg en Midden-Brabant) ; kalebas; boodschappenmand, grote tas (Helmond en Peelland; Den Bosch en Meierij); ; kebas; boodschappentas (Eindhoven en Kempenland); kollebas; boodschappenmand (West-Brabant)
kabbe, kab, zelfstandig naamwoord, big (Tilburg en Midden-Brabant)
kabberdoes, kabberdoes, zelfstandig naamwoord, kroeg (West-Brabant)
kabinet, kammienèt, kammenet, zelfstandig naamwoord, kabinetskast (Den Bosch en Meierij); kammenet; kabinetskast (Tilburg en Midden-Brabant)
kabuis, kappes, zelfstandig naamwoord, witte kool (Land van Cuijk)
kachel, kachel, bijvoeglijk naamwoord, dronken (Den Bosch en Meierij); kachel; praatgraag (Land van Cuijk)
kachelen, kachele, werkwoord, hard rijden (Den Bosch en Meierij)
kadee, kadee, kedee, kedééj, zelfstandig naamwoord, flinke knaap, durfal (Helmond en Peelland; Eindhoven en Kempenland); kedee; manwijf (West-Brabant) kedééj; feest (Tilburg en Midden-Brabant)
kadukelijk, keduukelek, kedukkelek, bijvoeglijk naamwoord, gammel, wrakkig, kwetsbaar, hulpbehoevend (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; West-Brabant)
kaduuk, keduuk, bijvoeglijk naamwoord, kapot (Tilburg en Midden-Brabant)
kakkeduiter, kakkedoiter, zelfstandig naamwoord, opschepper (Helmond en Peelland)
kakkelewasie, kakkelewasie, zelfstandig naamwoord, gepoch (Den Bosch en Meierij)
kakkenestje, kakkenesje, zelfstandig naamwoord, jongste uit het nest (West-Brabant; Eindhoven en Kempenland)
kakschool, kakschool, zelfstandig naamwoord, kleuterschool (Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
kakstoel, kakstoel, zelfstandig naamwoord, kinderstoel met een pot (Tilburg en Midden-Brabant)
kalaminken, kallemienke, werkwoord, pijn lijden (West-Brabant)
kalissehout, kluusiehout, zelfstandig naamwoord, zoethout (Eindhoven en Kempenland)
kalissesap, kliesjap, zelfstandig naamwoord, dropwater (West-Brabant)
kalot, klotje, zelfstandig naamwoord, alpinomuts (West-Brabant)
kalveroog, kalversooge, zelfstandig naamwoord, meervoud, margriet (West-Brabant)
kameraad, kammeraod, zelfstandig naamwoord, vriend (Den Bosch en Meierij)
kamille, kermeul, zelfstandig naamwoord, kamille (West-Brabant)
kammen, kemme, werkwoord, schrapen met de poten of benen (Tilburg en Midden-Brabant)
kamp, kamp, zelfstandig naamwoord, omsloten akker (Land van Cuijk) kèmke; weilandje (Den Bosch en Meierij)
kamrad, kamrad, zelfstandig naamwoord, tandwiel (Helmond en Peelland)
Kanaal, Knaal, toponiem, Kanaal, Zuid-Willemsvaart (Den Bosch en Meierij)
kanaal, knaol, zelfstandig naamwoord, kanaal (Helmond en Peelland)
kanen, kaaie, werkwoord, vreten (Land van Cuijk)
kanis, kaanus, zelfstandig naamwoord, hoofd (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant)
kanjer, kanjaard, zelfstandig naamwoord, forse persoon (Eindhoven en Kempenland)
kapel, kepèlleke, zelfstandig naamwoord, vlinder (West-Brabant)
kaper, kaaper, zelfstandig naamwoord, strakke meisjesmuts met afhangende strook die nek en schouders bedekt (Den Bosch en Meierij)
kapitoor, kappetuunie, zelfstandig naamwoord, boekomslag, kaft (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; West-Brabant)
kapoen, kapuin, zelfstandig naamwoord, gecastreerde haan (West-Brabant)
kappen, kappe, werkwoord, schenken, gieten (West-Brabant)
kapperen, kappere, werkwoord, schiften (West-Brabant)
kappost, kappaost, zelfstandig naamwoord, hakblok (Helmond en Peelland)
kaproen, kepruin, keproel, zelfstandig naamwoord, boomkruin (West-Brabant); keproeleke; portaaltje van een bovenhuis (Land van Cuijk)
kaps, kaps, kèps, bijvoeglijk naamwoord, blut (West-Brabant); kèps; blut (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
kaptol, kapdol, zelfstandig naamwoord, priktol (Eindhoven en Kempenland)
kapucijn, kappesien, zelfstandig naamwoord, kapucijn (Tilburg en Midden-Brabant)
kar, kaarske, zelfstandig naamwoord, karretje (Helmond en Peelland)
kar, kéér, zelfstandig naamwoord, kar (Tilburg en Midden-Brabant)
karbies, karbieske, zelfstandig naamwoord, boodschappenmand (West-Brabant)
karbonade, karremenaaie, kèrmenaai kèrmenaoi, kèrmenèèj, zelfstandig naamwoord, karbonade (West-Brabant) kèrmenaai; karbonade (Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant; Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland)
karbord, karbred, zelfstandig naamwoord, opzetplank van een kar (Land van Cuijk)
kardoes, kerdoes, zelfstandig naamwoord, patroonhuls (Eindhoven en Kempenland); kerdoes; rolletje muntstukken (West-Brabant)
karnemelk, kerremelk, zelfstandig naamwoord, karnemelk (West-Brabant)
karnen, kerre, kaorze, werkwoord, karnen (Land van Cuijk); kaorze; karnen (Den Bosch en Meierij)
karnoffel, karnoefel, zelfstandig naamwoord, bazige vrouw (Helmond en Peelland)
karnpols, kerpols, zelfstandig naamwoord, karnstok (Land van Cuijk)
karp, kèrp, zelfstandig naamwoord, karper (Land van Cuijk)
karpet, karpet, zelfstandig naamwoord, tapijt (Land van Cuijk)
karrad, karrad, kerrad, zelfstandig naamwoord, wagenwiel (Land van Cuijk); kerrad; karrenwiel (Tilburg en Midden-Brabant)
karrenkot, karrekot, zelfstandig naamwoord, wagenhuis (West-Brabant)
karretje, kretje, zelfstandig naamwoord, handkar (West-Brabant)
karwei, kerwaai, zelfstandig naamwoord, karwei (Tilburg en Midden-Brabant)
karwip, kéérwip, zelfstandig naamwoord, krik (Tilburg en Midden-Brabant)
kas, kas, zelfstandig naamwoord, buik, lichaam (West-Brabant)
kas, kas, bijwoord, volledig (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant)
kasserol, kastrol, zelfstandig naamwoord, braadpan (West-Brabant)
kastanje, kerstannie, zelfstandig naamwoord, kastanje (Helmond en Peelland)
katapult, katteprul, zelfstandig naamwoord, katapult (Land van Cuijk)
kattenstaart, kattestart, kattestèrt, zelfstandig naamwoord, heermoes (Land van Cuijk; Den Bosch en Meierij)
kaveleuter, kaaveleuter, zelfstandig naamwoord, jofele en sjofele vent (Helmond en Peelland)
keel, keele, keeltjes, kiltjes, zelfstandig naamwoord, meervoud, raapstelen (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; West-Brabant); kiltjes; raapstelen (Tilburg en Midden-Brabant)
keet, kiet, zelfstandig naamwoord, huisje (Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant; Den Bosch en Meierij)
keiband, kaaibaand, zelfstandig naamwoord, rand van het trottoir (Tilburg en Midden-Brabant)
keiboeter, kaaibuuter, zelfstandig naamwoord, stratenmaker (Tilburg en Midden-Brabant)
Keiebijter, Keiebijters, zelfstandig naamwoord, meervoud, bijnaam en carnavalsnaam voor Helmonders (Helmond en Peelland)
keienlegger, kaoielegger, zelfstandig naamwoord, stratenmaker (Eindhoven en Kempenland)
keischeut, kaaischeut, zelfstandig naamwoord, knikker (Tilburg en Midden-Brabant)
keken, kèèke, werkwoord, kijven (Land van Cuijk)
keldervarken, keldervéérke, zelfstandig naamwoord, pissebed (Tilburg en Midden-Brabant)
kelderzeug, kèlderzóg, zelfstandig naamwoord, pissebed (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk)
Keldonk, Kèlling, toponiem, Keldonk (Den Bosch en Meierij)
kellerwis, kèlwis, zelfstandig naamwoord, bezem om de oven schoon te vegen (Den Bosch en Meierij)
kemp, kèmp, zelfstandig naamwoord, hennep (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
kennen, kanne, werkwoord, kennen (Helmond en Peelland)
kennisvolk, kennisvolk, zelfstandig naamwoord, bekenden (Tilburg en Midden-Brabant)
kerel, kèl, zelfstandig naamwoord, kerel, echtgenoot (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk)
keren, keere, kéére, werkwoord, vegen (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
keren, kjeere, werkwoord, vegen (West-Brabant)
kerfwiek, kerwiejk, zelfstandig naamwoord, snee, wond (Helmond en Peelland)
kerkkauw, kerkkaaw, zelfstandig naamwoord, kauw (Land van Cuijk)
kern, kéérs, zelfstandig naamwoord, kern, bijv. binnenste van een boom (Den Bosch en Meierij)
kern, kèn, zelfstandig naamwoord, pit (Eindhoven en Kempenland)
kers, keers, zelfstandig naamwoord, kers (Eindhoven en Kempenland)
kers, kirze, zelfstandig naamwoord, meervoud, kersen (Helmond en Peelland)
kerstmis, kessemis, korsemes, korsmes, zelfstandig naamwoord, kerstmis (West-Brabant); korsemes, korsmes; kerstmis (Helmond en Peelland; Eindhoven en Kempenland)
kervel, kèlver, zelfstandig naamwoord, kervel (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland)
keskedieën, keskedieje, werkwoord, iets te zeggen hebben (Tilburg en Midden-Brabant)
ket, ket, zelfstandig naamwoord, vork (Helmond en Peelland; Land van Cuijk)
ketelboeter, kittelbuujter, zelfstandig naamwoord, ketellapper (Helmond en Peelland)
ketteren, kettere, werkwoord, kijven (Land van Cuijk)
keu, keu, zelfstandig naamwoord, varken (West-Brabant); keujes; varkens (Land van Cuijk)
keukelen, keukele, werkwoord, buitelen (Land van Cuijk)
keus, kuus, zelfstandig naamwoord, varken (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant); kuus; kalfje (Den Bosch en Meierij)
keutelen, keutele, werkwoord, omvallen (Tilburg en Midden-Brabant)
keutelen, koetele, werkwoord, vals spelen (Land van Cuijk)
keuter, kötter, zelfstandig naamwoord, keuterboer (Eindhoven en Kempenland)
keuterij, keuterij, zelfstandig naamwoord, keuterboerderij (Land van Cuijk)
kiekas, kiekas, zelfstandig naamwoord, jong dat net uit het ei komt (Tilburg en Midden-Brabant)
kiel, keejl, zelfstandig naamwoord, kiel (Eindhoven en Kempenland)
kiem, kiem, bijvoeglijk naamwoord, kieskeurig, secuur (West-Brabant; Tilburg en Midden-Brabant)
kiep, kiep, zelfstandig naamwoord, melkbus (Eindhoven en Kempenland)
kierewiet, kierewiet, bijvoeglijk naamwoord, gek (Den Bosch en Meierij)
kietelkei, kielekeike, zelfstandig naamwoord, kiezelsteentje (Den Bosch en Meierij)
kietelkei, kietelkèèj, kietelkaai, zelfstandig naamwoord, kiezelsteen (Helmond en Peelland; West-Brabant; Tilburg en Midden-Brabant)
kietelsteen, kietelsteen, zelfstandig naamwoord, kiezelsteen (Land van Cuijk)
kieuwen, kiewe, werkwoord, roepen (Eindhoven en Kempenland)
kievitje, kievietjes, zelfstandig naamwoord, meervoud, pinksterbloem (Tilburg en Midden-Brabant)
kijf, kiejves, zelfstandig naamwoord, berisping (Helmond en Peelland)
kijken, kieke, werkwoord, kijken, tonen (Land van Cuijk)
kikbil, kikbil, zelfstandig naamwoord, kikker (Helmond en Peelland; Land van Cuijk)
kikkelen, kikkele, werkwoord, vallen (Helmond en Peelland)
kikvors, kikvors, zelfstandig naamwoord, kikker (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk)
killig, kèlleg, bijvoeglijk naamwoord, koud (Eindhoven en Kempenland)
killig, kèlteg, bijvoeglijk naamwoord, koud (Den Bosch en Meierij)
kind, kijnder, zelfstandig naamwoord, meervoud, kinderen (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland); kienders; kinderen (West-Brabant)
kinds, kènds, keengs, bijvoeglijk naamwoord, dement (Eindhoven en Kempenland); keengs; dement (Helmond en Peelland)
kindskind, kendskender, kenskender, zelfstandig naamwoord, meervoud, kleinkinderen (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
kinkenduut, kinkenduut, zelfstandig naamwoord, kikker (Tilburg en Midden-Brabant)
kip, kip, kiep, zelfstandig naamwoord, gleuf, kerf (West-Brabant); kiep; kalf (West-Brabant)
kippenkramer, kiepekreemer, zelfstandig naamwoord, kippenkoopman (Land van Cuijk)
kippenvaak, kiepeveeke, zelfstandig naamwoord, kippenhorde, houten geraamte waar de kippen op slapen (Land van Cuijk)
kitsen, kitse, werkwoord, spugen, overgeven (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
kitsig, kitseg, bijvoeglijk naamwoord, koket (West-Brabant)
klaar, klaor, bijwoord, louter (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant); klaor; gereed, helder (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
klaarlouter, kloorloeter, bijvoeglijk naamwoord, zuiver (Land van Cuijk)
klabaks, klawats, zelfstandig naamwoord, oorvijg (West-Brabant)
klabots, klabots, zelfstandig naamwoord, proppenschieter (Tilburg en Midden-Brabant)
klak, klak, zelfstandig naamwoord, pet, muts (West-Brabant)
klamper, klaamper, klamper, klamperd, zelfstandig naamwoord, roofvogel (Helmond en Peelland; West-Brabant); klamperd; roofvogel (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
klapblaas, klapblaos, zelfstandig naamwoord, varkensblaas (Eindhoven en Kempenland)
klapbus, klapbus, klabbuis, zelfstandig naamwoord, proppenschieter (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland); klabbuis; proppenschieter (West-Brabant)
klapstaart, klapstèèrt, zelfstandig naamwoord, klappei, klikspaan (West-Brabant)
klare, klaore, zelfstandig naamwoord, glaasje jenever (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
klassen, klasse, werkwoord, met water knoeien (West-Brabant)
klassineren, klasjeneere, klassieneere, klazzieneere, werkwoord, gewichtig praten (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant); klazzieneere; gewichtig praten (Helmond en Peelland; Land van Cuijk)
klauwsen, klewse, werkwoord, met tegenzin eten (Land van Cuijk)
klaver, kleever, zelfstandig naamwoord, klaver (Land van Cuijk)
klaveren, klaovere, werkwoord, klauteren (Helmond en Peelland)
klaveren, klivvere, zelfstandig naamwoord, meervoud, klaveren (kaartspel) (Helmond en Peelland)
klavier, kleviere, klevèrrie, zelfstandig naamwoord, meervoud, handen (Tilburg en Midden-Brabant) ; klevèrrie; wilde meid (Eindhoven en Kempenland)
kleed, kledje, kleedje, kleejke, zelfstandig naamwoord, jurk (Helmond en Peelland; Land van Cuijk); kleejke; jurk (Den Bosch en Meierij; West-Brabant; Tilburg en Midden-Brabant)
kleinman, kléénmanne, zelfstandig naamwoord, meervoud, kleine kinderen (Tilburg en Midden-Brabant)
klembakkes, klembakkes, zelfstandig naamwoord, tetanus (Tilburg en Midden-Brabant)
klemmoel, klemmoel, zelfstandig naamwoord, tetanus (Den Bosch en Meierij)
klensdoek, kleesdoek, zelfstandig naamwoord, filter in de melkzeef (West-Brabant)
klepel, klippel, zelfstandig naamwoord, knuppel (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
kleppen, kleppe, werkwoord, klikken (Eindhoven en Kempenland)
klepschuw, klepschèùw, klepskaw, klepskouw, bijvoeglijk naamwoord, kopschuw (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Den Bosch en Meierij)
kleptiet, kleptiet, zelfstandig naamwoord, verklikker (Tilburg en Midden-Brabant)
kleptoot, kleptoot, zelfstandig naamwoord, verklikker (Helmond en Peelland)
klerage, kleeraazie, kleeròzzie, klirázzie, zelfstandig naamwoord, kleding (Land van Cuijk; Den Bosch en Meierij) klirázzie; kleding (Helmond en Peelland)
klets, klèts, zelfstandig naamwoord, verkoudheid (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
klets, kletske, klèdje, zelfstandig naamwoord, overschotje (West-Brabant); klèdje; overschotje (Land van Cuijk)
kleuter, kleuterke, zelfstandig naamwoord, spaander (Helmond en Peelland)
klezen, kleeze, werkwoord, urineren (West-Brabant)
kliek, kliekskes, zelfstandig naamwoord, meervoud, etensresten (Land van Cuijk)
klieken, klieke, werkwoord, spugen (Den Bosch en Meierij)
klijster, kliester, klister, zelfstandig naamwoord, bloembol (West-Brabant); klister; bloembol (Helmond en Peelland)
klink, klienk, zelfstandig naamwoord, vrouwelijk schaamdeel van koe of merrie (West-Brabant)
klinkerd, klinkerd, zelfstandig naamwoord, verharde weg (Tilburg en Midden-Brabant)
klinkriemen, klinkrieme, werkwoord, lanterfanten (Den Bosch en Meierij)
klis, klis, zelfstandig naamwoord, rookvlees aan het stuk (Tilburg en Midden-Brabant)
klobber, klöbber, klöpperd ,klöpper, klöpper, kanjer (Eindhoven en Kempenland) ; klöpperd ,klöpper ; kanjer (Land van Cuijk; Den Bosch en Meierij)
kloek, klók, zelfstandig naamwoord, broedse kip (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland)
kloeks, kloeks, bijvoeglijk naamwoord, broeds (Land van Cuijk)
kloerts, kloerts, zelfstandig naamwoord, jong vogeltje (Land van Cuijk)
klokbes, klokkebaaie, zelfstandig naamwoord, meervoud, bosbessen (West-Brabant)
klommelen, knommele, werkwoord, knutselen (Helmond en Peelland)
klontjesmik, klöntjesmik, zelfstandig naamwoord, suikerbrood (Land van Cuijk)
kloof, kleuf, zelfstandig naamwoord, blok hout (Tilburg en Midden-Brabant)
kloon, kloon, zelfstandig naamwoord, klomp (West-Brabant)
klootachtig, klóótèchteg, bijvoeglijk naamwoord, nietig (Eindhoven en Kempenland)
klootje, klötje, zelfstandig naamwoord, jongetje (Land van Cuijk)
klootveger, klótveeger, zelfstandig naamwoord, ondeugend kind (Den Bosch en Meierij)
klophengst, klophengst, zelfstandig naamwoord, ruin (Helmond en Peelland)
klos, klos, zelfstandig naamwoord, boomstronk (Land van Cuijk); kluske; verkleinwoord; houtje (Land van Cuijk)
klossen, klosse, werkwoord, strompelen, in het water heen en weer bewegen (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk)
klot, klot, zelfstandig naamwoord, natte turf (Land van Cuijk; Eindhoven en Kempenland)
kloten, klóóte, werkwoord, belazeren, prutsen, lummelen, vervelen (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
kloten, kloute, werkwoord, prutsen (Helmond en Peelland)
kloterij, klóóterééj, zelfstandig naamwoord, kleinigheid (Eindhoven en Kempenland)
klotgemul, klotgemul, zelfstandig naamwoord, turfstrooisel (Helmond en Peelland)
klotig, klóóteg, bijvoeglijk naamwoord, onbeduidend, klein (Land van Cuijk)
klotmijt, klotmiete, zelfstandig naamwoord, meervoud, stapels turf (Helmond en Peelland)
klotteren, klottere, werkwoord, inkopen doen voor het Sinterklaasfeest (Tilburg en Midden-Brabant)
klottermarkt, klottermèrt, zelfstandig naamwoord, rommelmarkt (Eindhoven en Kempenland)
kloven, kleuve, werkwoord, klieven (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk)
klucht, klocht, zelfstandig naamwoord, klucht (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant; Helmond en Peelland)
kluiter, kluiter, zelfstandig naamwoord, borst (West-Brabant)
kluter, kluuter, zelfstandig naamwoord, wulp (Eindhoven en Kempenland)
kluut, kuulut, zelfstandig naamwoord, wulp (Helmond en Peelland)
kluwen, klaw, zelfstandig naamwoord, kluwen touw (Helmond en Peelland)
knaaien, knaoie, werkwoord, zaniken, foeteren (Land van Cuijk)
knaaien, knèèje, werkwoord, zwoegen (Land van Cuijk)
knapper, knapper, zelfstandig naamwoord, rol munten (Helmond en Peelland)
knapper, knèppers, zelfstandig naamwoord, meervoud, bejaarden (Eindhoven en Kempenland)
knar, kner, zelfstandig naamwoord, ratelboor (Land van Cuijk)
knauwboon, knaawboon, zelfstandig naamwoord, tuinboon (Tilburg en Midden-Brabant)
knauwen, knaawe, werkwoord, kauwen (Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
knecht, knèègs, zelfstandig naamwoord, meervoud, knechten (Helmond en Peelland)
kneden, knáie, werkwoord, kneden (Helmond en Peelland)
knellen, knelle, werkwoord, met je eten spelen (Tilburg en Midden-Brabant)
kneukel, kneukel, zelfstandig naamwoord, alikruik (Tilburg en Midden-Brabant)
kneukelen, kneukele, werkwoord, punniken (West-Brabant)
kneukelvast, kneukelvaast, bijwoord, met vaste hand (Tilburg en Midden-Brabant)
kneut, kneut, zelfstandig naamwoord, margarine (Tilburg en Midden-Brabant) ; kneut; mopperende vrouw (Tilburg en Midden-Brabant); kneut; troep, rommel (Land van Cuijk)
kneuter, knèùter, zelfstandig naamwoord, kneu (Eindhoven en Kempenland)
knibbelen, knibbele, werkwoord, knabbelen (Land van Cuijk)
knie, kneejes, kniejes, kniejs, zelfstandig naamwoord, meervoud, knieën (Land van Cuijk); kniejes, kniejs; knieën (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland)
kniebankelen, kniebankele, werkwoord, kniepoten, een rund in toom houden (Eindhoven en Kempenland)
knijper, knieperd, zelfstandig naamwoord, achterbaks persoon (Land van Cuijk)
knijperig, knoepereg, bijvoeglijk naamwoord, zuinig (Land van Cuijk)
knip, knip, kniep, zelfstandig naamwoord, bouwvallig huisje (Land van Cuijk; Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland) ; kniep; zakmes (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk); knip; portemonnee (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk); knip; verkoudheid, klap (Helmond en Peelland)
knipbeurs, knipbeurs, zelfstandig naamwoord, portemonnee (West-Brabant)
knipmes, knipmis, zelfstandig naamwoord, zakmes (Tilburg en Midden-Brabant)
knobbel, knoebel, knubbel, zelfstandig naamwoord, kraakbeen (Eindhoven en Kempenland); knubbel; knoop (in een touw) (Helmond en Peelland)
knobbelbes, knoebelbéér, zelfstandig naamwoord, kruisbes (Land van Cuijk)
knoei, knoei, zelfstandig naamwoord, onkruid (Land van Cuijk)
knoeien, knoeie, werkwoord, aanhoudend regenen (Land van Cuijk)
knoepen, knoepe, werkwoord, kraken, botsen (Land van Cuijk)
knoeper, knoeperd, zelfstandig naamwoord, kanjer (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
knoeperen, knoepere, werkwoord, knabbelen (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
knoersel, knoerzel, zelfstandig naamwoord, kraakbeen (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland)
knoerst, knoers, zelfstandig naamwoord, kraakbeen (Land van Cuijk)
knoest, knoest, knöst, zelfstandig naamwoord, kwast in het hout, lompe persoon (Land van Cuijk); knöst; knoest, hoofd (Tilburg en Midden-Brabant)
knoesten, knoeste, werkwoord, schrokken (West-Brabant)
knol, knol, zelfstandig naamwoord, gat (in de sok) (Land van Cuijk; West-Brabant)
knolraap, knolraop, knolderaap, zelfstandig naamwoord, koolraap (Tilburg en Midden-Brabant) ; knolderaap; koolraap (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Land van Cuijk)
knook, knook, knök, zelfstandig naamwoord, bot (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland) ; knök; meervoud; beenderen (Land van Cuijk
knoop, knoop, zelfstandig naamwoord, vloek, verwensing (West-Brabant)
knorren, knoorze, werkwoord, brommen (Helmond en Peelland)
knot, knoot, zelfstandig naamwoord, knotwilg (Land van Cuijk); knoetje; verkleinwoord; broodkapje (Helmond en Peelland); knutje; verkleinwoord; haarwrong (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk)
knuffelen, knoefele, werkwoord, strelen (Land van Cuijk) ; knoefele; hard werken (West-Brabant)
knuffen, knoffe, werkwoord, knorren (Den Bosch en Meierij)
knurft, knörft, zelfstandig naamwoord, norse persoon, pummel (West-Brabant; Tilburg en Midden-Brabant)
knutsen, knutse, werkwoord, kneuzen (Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
kobbe, kobbes, zelfstandig naamwoord, hoofd (Eindhoven en Kempenland)
koe, koei, zelfstandig naamwoord, koe (Helmond en Peelland) ; koeien; meervoud; koeien (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant)
koefles, koefles, zelfstandig naamwoord, dakkapel (West-Brabant)
koeiemin, koeiemien, zelfstandig naamwoord, koeienuier (Helmond en Peelland)
koekerel, koekerèl, zelfstandig naamwoord, drijftol (kinderspeelgoed) (Den Bosch en Meierij)
koekwous, koekwaus, zelfstandig naamwoord, gek (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
koerbakkes, koerbakkes, zelfstandig naamwoord, masker (West-Brabant)
koerken, koerke, werkwoord, rommelen (Land van Cuijk)
koers, koers, zelfstandig naamwoord, wielerwedstrijd (West-Brabant)
koestouwer, koestouwerke, zelfstandig naamwoord, kwikstaartje (West-Brabant)
koeteren, koetere, werkwoord, onrustig heen en weer lopen (Tilburg en Midden-Brabant)
koeterig, koetereg, bijvoeglijk naamwoord, gebrand, geil (Eindhoven en Kempenland)
koewen, koewe, werkwoord, roepen (Tilburg en Midden-Brabant)
kog, kog, zelfstandig naamwoord, nachtvlinder (Land van Cuijk)
kogel, koogel, zelfstandig naamwoord, koot van het paardenbeen (Tilburg en Midden-Brabant); koogel;kap van de imker (Land van Cuijk)
kol, kol, zelfstandig naamwoord, bles, witte vlek op het voorhoofd (Den Bosch en Meierij)
kolenspringer, kóllesprenger, zelfstandig naamwoord, sprinkhaan (Land van Cuijk)
kolerig, kelerrig, klèrreg, bijvoeglijk naamwoord, boosaardig (Helmond en Peelland) klèrreg; kregelig (Eindhoven en Kempenland)
kom, kommeke, kumke, keumke, zelfstandig naamwoord, kopje (koffie, thee) (West-Brabant) ; kumke; kopje (koffie, thee) zonder oor (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant) ; keumke; kopje koffie (zonder oor) (Helmond en Peelland
komaf, komaaf, komaf, zelfstandig naamwoord, afkomst (Tilburg en Midden-Brabant; Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk; West-Brabant)
komedie, kemirrie, zelfstandig naamwoord, trubbels (Helmond en Peelland)
kommerlijk, kummeleg, bijvoeglijk naamwoord, korzelig, klagerig, ziekelijk, zorgelijk (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
komvoort, komvort, zelfstandig naamwoord, kindje dat net kan lopen (Tilburg en Midden-Brabant)
komvoortkind, komvortkéénd, zelfstandig naamwoord, kindje dat net kan lopen (Den Bosch en Meierij)
konijn, knéén, kerneengt, knéént, knient, zelfstandig naamwoord, konijn (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant); kerneent; konijn (Helmond en Peelland); knéént; konijn (Den Bosch en Meierij); knient; konijn (Land van Cuijk)
konijns, kerneends, bijvoeglijk naamwoord, bijdehand (Helmond en Peelland)
koningszeer, kunningszeer, zelfstandig naamwoord, klierziekte (Den Bosch en Meierij)
koninkje, kunninkske, zelfstandig naamwoord, koninkje, kleinste dier van het nest (Den Bosch en Meierij)
konkelaar, kèènkelèèr, zelfstandig naamwoord, valsspeler (West-Brabant)
konteind, kontèènd, kontènd, zelfstandig naamwoord, boomstronk (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
konthamer, konthaamer, zelfstandig naamwoord, kikkervisje (Den Bosch en Meierij)
kooi, kói, zelfstandig naamwoord, kudde (Eindhoven en Kempenland)
kooilam, kooilam, bijvoeglijk naamwoord, lamlendig (Tilburg en Midden-Brabant)
koolduif, koldeuf, koldèùf, zelfstandig naamwoord, houtduif (Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
koon, koon, zelfstandig naamwoord, wang (West-Brabant)
koor, koor, zelfstandig naamwoord, galerij boven het kerkportaal, waar het zangkoor staat (Land van Cuijk)
koorts, kórts, zelfstandig naamwoord, koorts (Helmond en Peelland)
koosjer, kouster, bijvoeglijk naamwoord, legaal (Eindhoven en Kempenland)
kopboom, kopboom, zelfstandig naamwoord, geknotte wilg (West-Brabant)
koppijn, koppent, kopping, zelfstandig naamwoord, hoofdpijn (Tilburg en Midden-Brabant); kopping; hoofdpijn (Helmond en Peelland)
kopstulpen, kopstölpe, werkwoord, kopjeduikelen (Eindhoven en Kempenland)
korenmus, kórmus, zelfstandig naamwoord, huismus (Land van Cuijk)
korre, koer, zelfstandig naamwoord, roepnaam voor het varken (Land van Cuijk)
kortborstig, kortborsteg, bijvoeglijk naamwoord, kortademig (Tilburg en Midden-Brabant)
kortelings, körteliengs, bijwoord, onlangs (West-Brabant)
kortnat, kortnat, zelfstandig naamwoord, sterke drank (West-Brabant)
kortoor, kortoor, zelfstandig naamwoord, klein kind (Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant); kortórre; meervoud; kinderen (Eindhoven en Kempenland)
korts, korts, bijwoord, onlangs (Helmond en Peelland)
korts erop, kortserop, bijwoord, spoedig daarna (Eindhoven en Kempenland)
kortstaart, kortstart, zelfstandig naamwoord, driftkikker (Tilburg en Midden-Brabant)
Korvel, Körvel, toponiem, Korvel (Tilburg en Midden-Brabant)
korzelig, koerteleg, bijvoeglijk naamwoord, korzelig (Land van Cuijk)
korzen, korze, werkwoord, spinnen, van een poes (Eindhoven en Kempenland)
kostelijk, kösselek, köstelek, bijvoeglijk naamwoord, kostbaar, duur, heerlijk (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant; Helmond en Peelland; West-Brabant)
kot, kot, zelfstandig naamwoord, gat, hol, hok (Eindhoven en Kempenland)
kou, kèlt, zelfstandig naamwoord, koude (Eindhoven en Kempenland)
koud, kald, bijvoeglijk naamwoord, koud (Land van Cuijk)
koude pis, koupis, zelfstandig naamwoord, blaasontsteking (West-Brabant)
koukrimper, kaawkrimper, zelfstandig naamwoord, koukleum (Helmond en Peelland)
kraaiappel, kraaiappel, zelfstandig naamwoord, galnoot (West-Brabant)
kraaksteen, kroksteen, zelfstandig naamwoord, pit van een steenvrucht (Tilburg en Midden-Brabant)
kraaltjeskuit, krellekeskuut, zelfstandig naamwoord, viskuit (Land van Cuijk)
kraanzomer, kraonezómmer, zelfstandig naamwoord, nazomer (Eindhoven en Kempenland)
krabbelen, kraffele, werkwoord, krabbelen (Tilburg en Midden-Brabant)
krabbeljacht, krabbeljaacht, zelfstandig naamwoord, menigte kinderen (Eindhoven en Kempenland)
kramats, krematse, zelfstandig naamwoord, meervoud, fouten (Eindhoven en Kempenland)
kramer, kreemerke, kreemer, krimmer, zelfstandig naamwoord, spit in de rug (Land van Cuijk; Den Bosch en Meierij); krimmer; spit in de rug (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland)
krammig, krèmmeg, bijvoeglijk naamwoord, stijf (Den Bosch en Meierij)
krang, krang, bijwoord, binnenstebuiten (Land van Cuijk)
kratsen, kratse, werkwoord, snijden (West-Brabant)
krauwen, krauwe, werkwoord, krabben (West-Brabant)
krauwsel, krauwsel, zelfstandig naamwoord, schurft (Eindhoven en Kempenland)
kreiten, krèète, werkwoord, plagen (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland)
krek, krèk, bijwoord, precies, net (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
krekel, kriek, zelfstandig naamwoord, krekel (Tilburg en Midden-Brabant)
krengelig, krengeleg, bijvoeglijk naamwoord, nauw (Den Bosch en Meierij)
krentenkakker, krintekakker, zelfstandig naamwoord, gierigaard (Den Bosch en Meierij)
krentenmik, krintemik, zelfstandig naamwoord, krentenbrood (Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
krentensik, krintesik, zelfstandig naamwoord, krentenbaard (impetigo) (Land van Cuijk)
krets, krèts, zelfstandig naamwoord, schurft (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk)
kreukel, kreukel, zelfstandig naamwoord, alikruik (West-Brabant)
kreupelend, kruppelend, bijvoeglijk naamwoord, hulpbehoevend (Helmond en Peelland)
kribbe, krib, zelfstandig naamwoord, ledikant (Den Bosch en Meierij)
kriek, kriek, zelfstandig naamwoord, kers (West-Brabant); kriekske; verkleinwoord; kleine pruimensoort (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant)
kriemelen, kriemele, werkwoord, wemelen, kriebelen (Eindhoven en Kempenland)
kriezelachtig, kriezelèèchteg, bijvoeglijk naamwoord, korrelig (Eindhoven en Kempenland)
kriffelen, kriffele, werkwoord, schuifelend voortbewegen (West-Brabant)
krijten, krèète, kreite, werkwoord, ruziën, schreeuwen (Helmond en Peelland; Land van Cuijk)
krik, krikke, zelfstandig naamwoord, meervoud, houtskool (West-Brabant; Eindhoven en Kempenland)
krikkel, krikkel, bijvoeglijk naamwoord, fragiel, gevoelig (Tilburg en Midden-Brabant); krikkel; prikkelbaar (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk)
krikkelig, krikkeleg, bijvoeglijk naamwoord, prikkelbaar (West-Brabant)
krimpen, krimpe, werkwoord, kou lijden (Land van Cuijk)
kringelen, krengele, werkwoord, kronkelen, tussenwringen (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland)
krip, krèp, zelfstandig naamwoord, snee, diepe schram (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
krip, krep, kripke, zelfstandig naamwoord, varkensfilet (Tilburg en Midden-Brabant); kripke; verkleinwoord; reepje spek (West-Brabant)
krits, kritske, zelfstandig naamwoord, korreltje (Eindhoven en Kempenland)
kritsel, krietselke, zelfstandig naamwoord, kruimeltje (Land van Cuijk)
krochen, kroche, kruche, werkwoord, kuchen, hoesten (Land van Cuijk); kruche; zuchten, kreunen, kuchen (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant)
kroefelen, kroeffele, werkwoord, kruipen (Eindhoven en Kempenland)
kroelen, kroele, werkwoord, knuffelen (Tilburg en Midden-Brabant)
kroenekraan, kroenekraan, zelfstandig naamwoord, kraanvogel (Land van Cuijk)
kroet, kroet, kruut, zelfstandig naamwoord, appelstroop (Helmond en Peelland); kruut; appelstroop (Land van Cuijk)
kroezel, kroesel, kroensel, knoesel, knoerzel, zelfstandig naamwoord, kruisbes (Den Bosch en Meierij); kroensel; kruisbes (Helmond en Peelland); knoesel; kruisbes (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant); knoerzel; kruisbes (Land van Cuijk)
krol, krol, zelfstandig naamwoord, opgerold wittebroodje (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland)
krombussel, krombussel, zelfstandig naamwoord, kort, dik vrouwtje (West-Brabant)
kronen, kroone, werkwoord, met dennentakken versieren (Helmond en Peelland)
kronkel, krunkel, zelfstandig naamwoord, kreukel (Land van Cuijk)
krooi, krooi, zelfstandig naamwoord, menigte (Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
kroos, kroos, kroost, zelfstandig naamwoord, klokhuis (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk); kreuske; verkleinwoord; klokhuis van een appel (Helmond en Peelland); kroost; eendenkroos (Helmond en Peelland)
kroot, kroot, zelfstandig naamwoord, rode biet (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant); kroot; dennenappel (Helmond en Peelland)
krootje, krötje, zelfstandig naamwoord, onvolgroeide vrucht (Land van Cuijk)
kruidnagel, krènaogel, kroinaagels, kruinaagels, zelfstandig naamwoord, sering (Eindhoven en Kempenland); kroinaagels; meervoud; seringen (Helmond en Peelland); kruinaagels; meervoud; seringen (West-Brabant; Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
Kruikenzeiker, Krèùkezééker, zelfstandig naamwoord, schimpnaam voor een Tilburger (Tilburg en Midden-Brabant)
kruimel, grummel, zelfstandig naamwoord, kruimel (Helmond en Peelland); grummelke; kruimeltje (Eindhoven en Kempenland)
kruimelspul, krimmelspul, zelfstandig naamwoord, priegelwerk (Tilburg en Midden-Brabant)
kruisdoorn, kruidoore, zelfstandig naamwoord, kruisbes (West-Brabant)
kruislieveheer, krèùslievenheer, zelfstandig naamwoord, kruisbeeld (Tilburg en Midden-Brabant)
kruiwagen, kraige, kreuge, kreugel, zelfstandig naamwoord, kruiwagen (Helmond en Peelland); kreuge, kreugel; kruiwagen (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
krullen, krulle, werkwoord, spannen (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
kuieren, kèùre, werkwoord, kuieren, wandelen (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland)
kuiken, kieke, zelfstandig naamwoord, kuiken (West-Brabant)
kuilder, kölder, zelfstandig naamwoord, wulp (Tilburg en Midden-Brabant)
kuimen, koime, kuume, werkwoord, kreunen (Helmond en Peelland); kuume; jammeren (Land van Cuijk)
kuis, kèùs, kös, bijwoord, helemaal (Tilburg en Midden-Brabant); kös; helemaal (Eindhoven en Kempenland)
kuisen, kuise, werkwoord, schoonmaken (West-Brabant)
kuit, kiet, kuit, zelfstandig naamwoord, kuit, achterzijde van het onderbeen (West-Brabant); kuit; hazenleger (West-Brabant)
kukelhaan, kuukelekaantje, zelfstandig naamwoord, pinksterbloem (West-Brabant)
kulken, kölleke, werkwoord, kokhalzen (Land van Cuijk)
kullen, kulle, werkwoord, foppen (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
kunnen, kanne, werkwoord, kunnen (Eindhoven en Kempenland); kanne; kunnen (Helmond en Peelland)
kutjanus, kutjanus, zelfstandig naamwoord, klootzak (Den Bosch en Meierij)
kwaad, kao, , bijvoeglijk naamwoord, kwaad (Helmond en Peelland)
kwaadkrijgs, kwaoikrèègs, bijvoeglijk naamwoord, moeilijk te krijgen (West-Brabant)
kwab, kwab, zelfstandig naamwoord, jong, kaal vogeltje (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland); kwebke; verkleinwoord; jong, kaal vogeltje (Helmond en Peelland)
kwadetongen, kwaoitonge, werkwoord, roddelen (Den Bosch en Meierij)
kwakbol, kwabbol, zelfstandig naamwoord, kikkervisje (West-Brabant)
kwakel, kwaakels, zelfstandig naamwoord, meervoud, mestklitten (Land van Cuijk)
kwalijk, kaolek, kwèllek, bijvoeglijk naamwoord, kriegel (Tilburg en Midden-Brabant); kwèllek; nauwelijks (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Land van Cuijk)
kwalster, kwalster, zelfstandig naamwoord, lijsterbes (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
kwanselen, kwaansele, werkwoord, knoeien (Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
kwansuis, skanshois, bijwoord, terloops (Helmond en Peelland)
kwant, kwaant, bijvoeglijk naamwoord, mooi (Tilburg en Midden-Brabant)
kwartel, kwakkel, zelfstandig naamwoord, kwartel (West-Brabant)
kwartier, ketier, zelfstandig naamwoord, kwartier (West-Brabant); ketierke; kwartiertje (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
kwat, kwéét, zelfstandig naamwoord, grote spat (Tilburg en Midden-Brabant)
kwats, kwats, zelfstandig naamwoord, hoeveelheid vloeistof (Eindhoven en Kempenland)
kwatten, kwaaiere, werkwoord, spugen (Tilburg en Midden-Brabant)
kwatter, kwaaier, zelfstandig naamwoord, speekselklodder (West-Brabant)
kwek, kwéék, zelfstandig naamwoord, grote mond, luid- ruchtige vrouw (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant; Helmond en Peelland)
kwekken, kwééke, kweeke, kwieke, werkwoord, huilen, schreeuwen (Eindhoven en Kempenland; West-Brabant; Land van Cuijk); kwieke; schreeuwen, zoals varkens doen (Eindhoven en Kempenland)
kwel, kwelleke, zelfstandig naamwoord, slokje (Tilburg en Midden-Brabant)
kwezel, kweezel, zelfstandig naamwoord, pannenlap (Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
kwiep, kwiep, bijvoeglijk naamwoord, blut (Helmond en Peelland)
kwijlen, kwiele, werkwoord, kwijlen (West-Brabant)
kwikkelen, kwikkele, werkwoord, waggelen (Tilburg en Midden-Brabant)
kwikken, kwikke, werkwoord, gewicht schatten op de hand (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
kwips, kweps, bijvoeglijk naamwoord, onwel, flauw (Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant; Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk)
kwispel, kwispel, zelfstandig naamwoord, ongedurig persoon (Eindhoven en Kempenland); kwispel; twijg (West-Brabant)
la bonheur, allebeneur, tussenwerpsel, vooruit dan maar (Tilburg en Midden-Brabant)
laag, lig, bijvoeglijk naamwoord, laag (Helmond en Peelland)
laai, laai, zelfstandig naamwoord, vlam (West-Brabant)
laatst, lest, list, bijvoeglijk naamwoord, laatst (Eindhoven en Kempenland); list; laatst (Tilburg en Midden-Brabant)
labberente, labberente, zelfstandig naamwoord, meervoud, problemen (Eindhoven en Kempenland)
labboon, labbón, labboon, zelfstandig naamwoord, tuinboon (Eindhoven en Kempenland; West-Brabant)
laf, laf, bijvoeglijk naamwoord, flauw van smaak (Land van Cuijk)
lakschouwen, lakschouwe, werkwoord, je ogen uitkijken (West-Brabant)
lammenteren, lammenteere, werkwoord, klagen (Eindhoven en Kempenland)
lamoor, lamoor, zelfstandig naamwoord, deugniet (Land van Cuijk)
lamp, Lamp, zelfstandig naamwoord, Philips (Eindhoven en Kempenland)
lampe belge, lambels, zelfstandig naamwoord, Belgische olielamp (Tilburg en Midden-Brabant)
lang, laank, bijvoeglijk naamwoord, lang (West-Brabant)
langbeender, langbender, zelfstandig naamwoord, langpootmug (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk)
langen, lange, werkwoord, aanreiken (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
langnat, langnat, zelfstandig naamwoord, frisdrank (West-Brabant)
langs, langs, laanst, voorzetsel, naast (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant); laanst; langs (West-Brabant)
langsgaan, laanstgaon, werkwoord, op visite gaan (West-Brabant)
lantaarn, lanteer, zelfstandig naamwoord, lantaarn (Land van Cuijk); lantèèrske; verkleinwoord; lantaarn (Helmond en Peelland)
lappeet, lappeet, zelfstandig naamwoord, plaatsvervangende peettante (Tilburg en Midden-Brabant)
larie, larrie, zelfstandig naamwoord, slappe koffie (Eindhoven en Kempenland)
lariën, larrieje, werkwoord, onduidelijk praten (Helmond en Peelland)
last, laast, zelfstandig naamwoord, bergruimte in de schuur (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk)
lasten, laaste, werkwoord, iets te vertellen hebben (Eindhoven en Kempenland)
lawaaisaus, lewaaisaus, zelfstandig naamwoord, waterige saus (Tilburg en Midden-Brabant)
laweiten, lewaate, werkwoord, luidruchtig praten (Eindhoven en Kempenland)
lebberen, lebbere, werkwoord, lubberen (West-Brabant) ; lebbere; likken (Land van Cuijk)
lechter, lechter, zelfstandig naamwoord, nageboorte van een varken (Den Bosch en Meierij)
Ledeacker, t Leeker, toponiem, Ledeacker (Land van Cuijk)
Leende, Lind, toponiem, Leende (Eindhoven en Kempenland)
leer, leer, leier, ljeer, zelfstandig naamwoord, ladder (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant); leier; ladder (Helmond en Peelland); ljeer; (West-Brabant)
leeuwerik, ljeewaark, zelfstandig naamwoord, leeuwerik (West-Brabant)
leewieken, leewieke, werkwoord, kortwieken (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk)
lefdoekje, lefduukske, zelfstandig naamwoord, pochet (Tilburg en Midden-Brabant)
lei, lèèj, laai, zelfstandig naamwoord, looprek voor kindjes (Den Bosch en Meierij); laai; looprek voor kindjes (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
leiden, lèèje, laaie, werkwoord, (overdreven) dribbelen bij het voetbal (Den Bosch en Meierij); laaie; leiden (Tilburg en Midden-Brabant)
leider, lééter, zelfstandig naamwoord, leidsel (Tilburg en Midden-Brabant)
leien, laaie, werkwoord, poffen (op de lei laten schrijven) (Tilburg en Midden-Brabant)
Leij, Laai, toponiem, Leij, riviertje dat door Tilburg stroomt (Tilburg en Midden-Brabant)
lekken, laike, leejke, werkwoord, lekken (Helmond en Peelland); leejke; lekken (Eindhoven en Kempenland)
lekkertje, lekkerke, zelfstandig naamwoord, snoepje (West-Brabant)
lelijk, lillek, lullek, bijvoeglijk naamwoord, lelijk (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant) ; lullek; lelijk (Eindhoven en Kempenland)
lelijkster, lillekster, zelfstandig naamwoord, naar vrouwmens (West-Brabant)
lende, lèène, zelfstandig naamwoord, meervoud, lendenen (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
lenteren, lèntere, werkwoord, lanterfanten (Eindhoven en Kempenland)
leplazarus, laplaazeres, bijvoeglijk naamwoord, stomdronken (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant)
leppen, leppe, werkwoord, gulzig drinken (Tilburg en Midden-Brabant)
lerpen, lèrrewe, werkwoord, slurpen (Eindhoven en Kempenland)
lessen, lesse, werkwoord, betten van een wond (Den Bosch en Meierij)
letsen, leste, lèèste, lètse, litse, werkwoord, krijgertje spelen (Den Bosch en Meierij); lééste; krijgertje spelen (Helmond n Peelland); lètse; krijgertje spelen (Eindhoven en Kempenland); litse; krijgertje spelen (Tilburg en Midden-Brabant)
leut, leut, zelfstandig naamwoord, plezier (West-Brabant)
leuteren, leutere, werkwoord, kletsen (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant); leutere; loszitten (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk); leutere; treuzelen (Eindhoven en Kempenland)
leutig, leuteg, bijvoeglijk naamwoord, prettig, aardig, grappig, lief (West-Brabant)
levend, léévend, zelfstandig naamwoord, linnengoed (Eindhoven en Kempenland)
levendig, leeveteg, zelfstandig naamwoord, levend (West-Brabant)
licht, locht, laocht, lucht, bijvoeglijk naamwoord, licht in gewicht, luchtig, lichtzinnig, duizelig (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant) ; locht; licht in gewicht, luchtig (West-Brabant); laocht; lichtzinnig (Helmond en Peelland); lucht; lamp, lantaarn (Eindhoven en Kempenland)
lichtelijk, liggelik, bijwoord, allicht (Helmond en Peelland)
lichten, lichte, werkwoord, optillen (Eindhoven en Kempenland)
lichten, luchte, werkwoord, bijlichten (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk)
lichtvaardig, lichfèrreg, ligvèrrig, bijwoord, waarschijnlijk (Eindhoven en Kempenland); ligvèrrig; gemakkelijk (Helmond en Peelland)
lidderen, liddere, werkwoord, bibberen (West-Brabant)
liedje, lieke, zelfstandig naamwoord, liedje (Eindhoven en Kempenland)
liegbakkes, liegbakkes, zelfstandig naamwoord, leugenaar (Eindhoven en Kempenland)
lierlauw, lierielauw, bijvoeglijk naamwoord, lauw (Den Bosch en Meierij)
lies, lies, zelfstandig naamwoord, melkvel (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
Lieshout, Liessent, toponiem, Lieshout (Helmond en Peelland)
Lieve-Vrouw laag, leeglievrouw, zelfstandig naamwoord, Maria- Geboorte (8 sept.) (Land van Cuijk)
lieveheershennetje, lievenheerenhenneke, lieveneereninneke, zelfstandig naamwoord, lieveheersbeestje (Tilburg en Midden-Brabant) ; lieveneereninneke; lieveheersbeestje (West-Brabant)
lievermannetje, lievermènnekes, zelfstandig naamwoord, meervoud, duizendschoon (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
lievevrouwebeestje, lievrouwenbisje, zelfstandig naamwoord, lieveheersbeestje (Eindhoven en Kempenland)
lievevrouwtje, lievrouwke, zelfstandig naamwoord, lieveheersbeestje (Den Bosch en Meierij)
lijden, lééje, werkwoord, dulden, verdragen (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk); lèèje; dragen, gezegd van ijs (Den Bosch en Meierij)
lijfje, liefke, zelfstandig naamwoord, korte borstrok (Land van Cuijk)
lijfwaad, lijved, lieved, zelfstandig naamwoord, lijfgoed, onderkleren (West-Brabant); lieved; ondergoed (Helmond en Peelland)
lijk, lèk, bijwoord, voegwoord, als, zoals (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland)
lijkenen, léékene, werkwoord, lijken (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant)
lijkmis, liekmis, zelfstandig naamwoord, uitvaartdienst (Land van Cuijk)
lijmpinnetje, léémpinneke, zelfstandig naamwoord, lijmstokje (Tilburg en Midden-Brabant)
lijn, leengt, zelfstandig naamwoord, vislijn (Helmond en Peelland)
lijntje, lentje, zelfstandig naamwoord, liniaal (West-Brabant)
lijnzaad, léénzaod, zelfstandig naamwoord, vlaszaad (Tilburg en Midden-Brabant)
lijpen, lippe, werkwoord, pruilen (Eindhoven en Kempenland)
lijsterkraal, liesterkralle, zelfstandig naamwoord, meervoud, lijsterbes (Land van Cuijk)
likken, lèkke, werkwoord, likken (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
liklippen, leklippe, werkwoord, verlustigen (West-Brabant)
likmoel, lekmoel, zelfstandig naamwoord, fijnproever (Land van Cuijk)
lillepoten, lellepoote, lillepwoote, werkwoord, stuiptrekken (Tilburg en Midden-Brabant); lillepwoote; stuiptrekken (West-Brabant)
limmuneren, limmeneere, werkwoord, feestvieren (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
limp, limp, zelfstandig naamwoord, kwaal, ongemak (West-Brabant)
lindeboom, leinenbóm, zelfstandig naamwoord, linde (Helmond en Peelland)
Linden, Liende, toponiem, Linden (Land van Cuijk)
link, lienk, zelfstandig naamwoord, plooi (West-Brabant)
lint, lèènt, lient, lijnt, zelfstandig naamwoord, leidsel (West-Brabant); lient; leidsel (Land van Cuijk); lijnt; leidsel (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
listig, listeg, bijvoeglijk naamwoord, vindingrijk (West-Brabant)
lobbes, loebes, laabes, laapes, zelfstandig naamwoord, goedzak (West-Brabant) laabes; lobbes (Land van Cuijk); laapes; sufferd (Den Bosch en Meierij); loebes; lomperd (Eindhoven en Kempenland)
loeder, loeter, zelfstandig naamwoord, gemene vrouw (Helmond en Peelland)
loef, loef, zelfstandig naamwoord, slordig gekleed persoon, ruige hond (Eindhoven en Kempenland)
loeier, loewer, zelfstandig naamwoord, harde klap (Helmond en Peelland)
loen, loewn, zelfstandig naamwoord, wak in het ijs (Eindhoven en Kempenland)
loerachtig, loerèchteg, bijvoeglijk naamwoord, wisselvallig, gezegd van het weer (Eindhoven en Kempenland)
loerie, loerie, zelfstandig naamwoord, slappe koffie (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
loeriefoep, loeriefoep, zelfstandig naamwoord, diarree (Helmond en Peelland)
loert, loerd, zelfstandig naamwoord, leverworst (West-Brabant)
loet, loete, zelfstandig naamwoord, meervoud, nukken, streken (West-Brabant)
loken, looke, werkwoord, met leem bestrijken (Eindhoven en Kempenland)
lol, lol, zelfstandig naamwoord, zure leverworst (West-Brabant)
lom, lom, zelfstandig naamwoord, wak in het ijs (Den Bosch en Meierij; West-Brabant)
lommer, lommert, zelfstandig naamwoord, schaduw (West-Brabant)
lonzen, lonze, werkwoord, knikkeren (Tilburg en Midden-Brabant)
looi, lói, zelfstandig naamwoord, stier (Eindhoven en Kempenland)
look, look, zelfstandig naamwoord, ui (Land van Cuijk)
lookpijp, lookpiepkes, zelfstandig naamwoord, meervoud, lenteuitjes (Land van Cuijk)
loops, lups, bijvoeglijk naamwoord, loops (Helmond en Peelland)
loors, lorske, loereske, loorske,, zelfstandig naamwoord, min mannetje (Eindhoven en Kempenland) ; loereske; kopje koffie (Helmond en Peelland) loorske; slokje (Helmond en Peelland)
loos, loos, zelfstandig naamwoord, longen, m.n. van een dier (Den Bosch en Meierij; West-Brabant)
lopens, loopes, lwoopes, bijwoord, te voet (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant) ; lwoopes; te voet (West-Brabant)
lorrig, lortsig, bijvoeglijk naamwoord, slordig (Land van Cuijk)
lorsen, lorze, werkwoord, smokkelen (Eindhoven en Kempenland)
losmaken, losmaake, werkwoord, opendoen (Land van Cuijk)
lot, lot, bijvoeglijk naamwoord, slordig (West-Brabant); lot; zacht, week (Helmond en Peelland)
loteren, lootere, werkwoord, loszitten (West-Brabant)
lou loene, louwloene, bijwoord, waardeloos (Tilburg en Midden-Brabant)
louw, louw, zelfstandig naamwoord, zeelt (vis) (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant)
louwen, louwe, werkwoord, aanstaren, dom kijken (Tilburg en Midden-Brabant); louwe; nietsnutten (West-Brabant)
lub, löb, zelfstandig naamwoord, ruin, sukkel (Helmond en Peelland)
lucht, locht, laocht, zelfstandig naamwoord, lucht (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant); laocht; lucht (Helmond en Peelland)
luds, löds, zelfstandig naamwoord, onhandige vrouw (Helmond en Peelland)
lui, lai, bijvoeglijk naamwoord, lui (Helmond en Peelland)
luien, luie, werkwoord, bijkletsen (West-Brabant)
luier, luur, zelfstandig naamwoord, luier (Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
luif, luif, zelfstandig naamwoord, afdak (West-Brabant); luif; pet (Land van Cuijk)
Luijksgestel, Gèèstel, toponiem, Luijksgestel (Eindhoven en Kempenland)
luikes, loikes, bijwoord, stiekempjes (Helmond en Peelland)
luimen, luime, lèùme, werkwoord, eropuit zijn iets te krijgen (West-Brabant); lèùme; op de loer liggen (Eindhoven en Kempenland)
luip, lèùp, bijvoeglijk naamwoord, onbetrouwbaar (Tilburg en Midden-Brabant)
luiwagen, luiwaage, zelfstandig naamwoord, harde bezem (West-Brabant)
lul, lul, zelfstandig naamwoord, kletspraat (Eindhoven en Kempenland)
lullen, lulle, werkwoord, ouwehoeren (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
lus, liske, lieske, zelfstandig naamwoord, lusje (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland) lieske; lusje (West-Brabant)
lut, lut, zelfstandig naamwoord, fopspeen (Eindhoven en Kempenland)
lutje, lutske, zelfstandig naamwoord, poosje (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
lutteren, luttere, werkwoord, trillen (West-Brabant)
maagd, maodeke, zelfstandig naamwoord, bruidsmeisje in de processie (West-Brabant)
maagd, madje, zelfstandig naamwoord, meisje (Land van Cuijk)
maal, maol, zelfstandig naamwoord, jonge koe, die nog niet heeft gekalfd (Helmond en Peelland; Land van Cuijk)
maalkuis, maolkuuske, zelfstandig naamwoord, vrouwelijk kalfje (Den Bosch en Meierij)
maat, maot, zelfstandig naamwoord, vriend (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant); matje; verkleinwoord; vriend (Helmond en Peelland)
macht, maacht, zelfstandig naamwoord, kracht, grote hoeveelheid (Tilburg en Midden-Brabant)
made, maoi, maai, zelfstandig naamwoord, made (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland); maai; made (Land van Cuijk)
madenschijter, maoieschijter, zelfstandig naamwoord, vleesvlieg (West-Brabant)
mainteneren, mènteneere, werkwoord, zijn naam hooghouden (Tilburg en Midden-Brabant); mènteneere; onderhouden (Den Bosch en Meierij)
majemen, maajeme, werkwoord, regenen (Den Bosch en Meierij)
malheur, meleur, zelfstandig naamwoord, pech (Eindhoven en Kempenland)
malie, maolie, zelfstandig naamwoord, verhard uiteinde van een veter (West-Brabant)
mam, mam, zelfstandig naamwoord, tepel van een zeug (West-Brabant)
man, mènneke, zelfstandig naamwoord, mannetje (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant)
maneschijn, maonesking, zelfstandig naamwoord, maneschijn (Helmond en Peelland)
mangel, mangels, zelfstandig naamwoord, meervoud, voederbieten (Land van Cuijk)
mangelpeen, mangelpeej, zelfstandig naamwoord, voederbiet (West-Brabant)
mannetjesstaar, mènnekesstaarze, zelfstandig naamwoord, meervoud, vogelmelk (Helmond en Peelland)
mantel, muntel, zelfstandig naamwoord, halster (Eindhoven en Kempenland)
manvolk, mansvolk, maansvollek, zelfstandig naamwoord, mannen (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland); maansvollek; mannen (Helmond en Peelland)
marbel, méérpel, marbel, zelfstandig naamwoord, knikker (Tilburg en Midden-Brabant); marbel; marmer (West-Brabant)
marechal, marsjal, mesjal, zelfstandig naamwoord, vreemde snuiter (Eindhoven en Kempenland); mesjal; vreemde snuiter (Tilburg en Midden-Brabant)
markt, mèrt, zelfstandig naamwoord, markt (Helmond en Peelland; Land van Cuijk)
markten, mèrte, werkwoord, de markt bezoeken (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
marmer, mölmer, zelfstandig naamwoord, knikker (Land van Cuijk)
marsen, marse, merse, werkwoord, op de rug dragen (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland); merse; op de rug dragen (Tilburg en Midden-Brabant)
mast, mast, maast, zelfstandig naamwoord, dennenboom (Den Bosch en Meierij); maast; dennenboom (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant); maske; verkleinwoord; varkensstaart (West-Brabant)
mastpin, mastepien, zelfstandig naamwoord, dennenwortel (West-Brabant)
mastprop, masteprop, zelfstandig naamwoord, dennenappel (West-Brabant)
mastspeld, mastespel, zelfstandig naamwoord, dennennaald (West-Brabant)
matel, maotel, zelfstandig naamwoord, dar, mannelijke honingbij (West-Brabant)
materie, metirrie, zelfstandig naamwoord, etter (Eindhoven en Kempenland)
matsen, matse, werkwoord, slaag geven (West-Brabant)
mauwen, mauwe, maawe, werkwoord, zeuren (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk; West-Brabant) ; maawe; zeuren (Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant); mauwe; huilen (West-Brabant)
medaille, medállie, medollie, bedollie, zelfstandig naamwoord, medaille (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant); bedollie; medaille (West-Brabant)
medicijn, middelsééne, zelfstandig naamwoord, meervoud, medicijnen (Eindhoven en Kempenland)
mee, mee, bijwoord, meteen (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
mee, mei, bijwoord, soms (Land van Cuijk)
meel, meel, zelfstandig naamwoord, wetstok voor de zeis (Tilburg en Midden-Brabant)
meer, méér, zelfstandig naamwoord, laaggelegen grond, vaak met hakhout (Helmond en Peelland)
meerhannik, marhannek, zelfstandig naamwoord, Vlaamse gaai (Eindhoven en Kempenland)
meerkol, martkolf, martkeurf, mertkolf, morkolf, zelfstandig naamwoord, Vlaamse gaai (Land van Cuijk); martkeurf; Vlaamse gaai (Helmond en Peelland); mertkolf; Vlaamse gaai (Land van Cuijk); morkolf; Vlaamse gaai (Den Bosch en Meierij)
meestentijds, mjeestetij, bijwoord, meestal (West-Brabant)
meester, mister, zelfstandig naamwoord, onderwijzer (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
meet, meet, zelfstandig naamwoord, streep, bijv. in sport en spel (West-Brabant)
meetje steken, meetjese, werkwoord, meetje steken (spel, waarbij men muntjes werpt) (West-Brabant)
meibloem, maaibluumke, meiblom, zelfstandig naamwoord, madeliefje (Tilburg en Midden-Brabant); meiblom; madeliefje (West-Brabant)
meisje, maske, zelfstandig naamwoord, meisje (West-Brabant)
meizoentje, meizuuntje, maizoentje, zelfstandig naamwoord, madeliefje (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk); maizoentje; madeliefje (Helmond en Peelland)
melde, millew, zelfstandig naamwoord, melde (plantnaam) (Eindhoven en Kempenland); millew; bladluis (Eindhoven en Kempenland)
melk, mellech, mölk, zelfstandig naamwoord, hom (Land van Cuijk); mölk; karnemelk (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
melkaars, melkaors, zelfstandig naamwoord, modderkruiper (vis) (Den Bosch en Meierij)
melken, mèlke, werkwoord, treuzelen of zeuren (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
melkpap, melkepap, zelfstandig naamwoord, pap van karnemelk (Land van Cuijk)
melkwied, melkwied, zelfstandig naamwoord, melkdistel (West-Brabant)
mem, mèm, zelfstandig naamwoord, tepel, borst (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
memmengetuig, mèmmegetuug, zelfstandig naamwoord, beha (Helmond en Peelland)
mendeur, mendeur, zelfstandig naamwoord, grote schuurdeur (West-Brabant)
menen, mèène, werkwoord, veronderstellen (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant); meene; vermoeden (Land van Cuijk)
menens, mèènes, mjèènes, bijwoord, ernstig, gemeend (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant); mjèènes; ernstig, gemeend (West-Brabant)
mennen, menne, werkwoord, de oogst binnenhalen (West-Brabant)
mens, mins, zelfstandig naamwoord, mens (Land van Cuijk)
mentelijk, mèntelek, bijwoord, meteen (Eindhoven en Kempenland)
mentie, mèènsie, zelfstandig naamwoord, aandacht (West-Brabant)
mentig, mentig, bijvoeglijk naamwoord, flink (Helmond en Peelland)
merel, melling, malder, mèl, mèrzel, zelfstandig naamwoord, merel (Helmond en Peelland); malder; merel (Den Bosch en Meierij); mèl; merel (Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk); mèrzel; merel (Eindhoven en Kempenland)
merkaton, mèrkedón, mèrketon, zelfstandig naamwoord, grote, gele perzik (Helmond en Peelland; Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
merkel, méérkel, zelfstandig naamwoord, sluitbalk, grendel (Tilburg en Midden-Brabant)
merrie, meer, zelfstandig naamwoord, merrie (Land van Cuijk)
mest, mèès, mès, mis, mist, zelfstandig naamwoord, mest (Eindhoven en Kempenland); mès; mest (Helmond en Peelland); mis; mest (Tilburg en Midden-Brabant); mist; mest (Land van Cuijk)
mesthoop, missep, zelfstandig naamwoord, boerenerf (Helmond en Peelland)
mesting, messing, zelfstandig naamwoord, mesthoop (Tilburg en Midden-Brabant)
mestkar, mieskaar, zelfstandig naamwoord, mestkar (West-Brabant)
mestput, miesput, zelfstandig naamwoord, mestvaalt (West-Brabant)
mestvaalt, mesfaalt, mistvalt, zelfstandig naamwoord, mesthoop (Den Bosch en Meierij); mistvalt; mesthoop (Land van Cuijk)
met, mit, voorzetsel, met (Land van Cuijk)
met, mit, bijwoord, direct (Land van Cuijk)
met opgeheven staart rondlopen, door koeien (Land , bietse, beeze, brieze, werkwoord
meteen, medeene, medinne, bedinne, bijwoord, zo dadelijk (Tilburg en Midden-Brabant; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland); bedinne; zo dadelijk (West-Brabant)
metselaar, metselder, metser, zelfstandig naamwoord, metselaar (Den Bosch en Meierij); metser; metselaar (Helmond en Peelland)
metselen, metse, werkwoord, metselen (Eindhoven en Kempenland)
meuk, meuk, zelfstandig naamwoord, maag bij dieren (Eindhoven en Kempenland)
meuken, mèùke, werkwoord, luieren (Den Bosch en Meierij)
meuken, moieke, moewke, muuke, werkwoord, rommelen, prutsen (Land van Cuijk); moewke; pruilen (Helmond en Peelland); muuke; fruit bewaren om verder te laten rijpen (West-Brabant; Helmond en Peelland); muuke; sparen (West-Brabant)
meut, meut, zelfstandig naamwoord, kletskous (Den Bosch en Meierij)
meutel, meutel, zelfstandig naamwoord, houtworm (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
middag, mirged, zelfstandig naamwoord, middag (West-Brabant)
Middelrode, Mirrói, toponiem, Middelrode (Den Bosch en Meierij)
miemauwen, miemauwe, werkwoord, klagen (Eindhoven en Kempenland)
miemeukel, miemèùkel, zelfstandig naamwoord, kluns (Tilburg en Midden-Brabant)
miemeut, miemeut, zelfstandig naamwoord, zeurpiet (West-Brabant)
mieren, miere, werkwoord, drukte maken, lastig zijn (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant); miere; peuteren, prutsen (Eindhoven en Kempenland)
Mierlo, Mierle, toponiem, Mierlo (Eindhoven en Kempenland)
mierzeiker, mierzèèjker, zelfstandig naamwoord, mier (Helmond en Peelland)
mierzeiker, moerzeiker, moerzèèjk, muuzeiker, zelfstandig naamwoord, mier (Tilburg en Midden-Brabant); moerzèèjk; mier (Eindhoven en Kempenland); muuzeiker; mier (West-Brabant)
mieteren, mietere, werkwoord, lastig zijn (Helmond en Peelland)
miezeren, miezele, werkwoord, motregenen (Land van Cuijk)
miezerig, miezereg, bijvoeglijk naamwoord, druilerig (Land van Cuijk)
mijdelijk, mijelek, bijvoeglijk naamwoord, gevaarlijk, lastig, moeilijk (West-Brabant)
mijken, mijke, werkwoord, zwenken (West-Brabant)
mijter, mieter, zelfstandig naamwoord, houtworm (West-Brabant)
mik, mik, zelfstandig naamwoord, kruis (menselijk lichaam), vork in een boomstam (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant); mik; wittebrood (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
mikhouder, mikkehouwer, zelfstandig naamwoord, klein broekje (Tilburg en Midden-Brabant)
Milheeze, Milles, toponiem, Milheeze (Helmond en Peelland)
min, mieneke, zelfstandig naamwoord, jonge geit (Helmond en Peelland); mieneke; lammetje (Den Bosch en Meierij)
min, min, bijvoeglijk naamwoord, tenger (Eindhoven en Kempenland)
mine, mienekes, zelfstandig naamwoord, meervoud, aanstellerij (Helmond en Peelland)
minemaker, mienekesmaoker, zelfstandig naamwoord, flemer (Eindhoven en Kempenland)
mirakels, meraokels, mieraakels, bijvoeglijk naamwoord, buitengewoon (Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant; Eindhoven en Kempenland); mieraakels; buitengewoon (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk)
mis, mies, bijvoeglijk naamwoord, onwel (West-Brabant)
misgedachte, misgedaacht, zelfstandig naamwoord, vergissing (Eindhoven en Kempenland)
miskwal, mieskwal, zelfstandig naamwoord, mispunt (West-Brabant)
misschien, beschient, bijwoord, misschien (West-Brabant)
misse, misse, meeste, zelfstandig naamwoord, erf (Den Bosch en Meierij); meeste; boerenerf (Land van Cuijk)
misselijk, misselek, bijvoeglijk naamwoord, bijwoord, onberekenbaar, onzeker (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
misval, miesval, misval, zelfstandig naamwoord, miskraam (West-Brabant); misval; miskraam (Tilburg en Midden-Brabant)
moe, moei, muug, muuj, bijvoeglijk naamwoord, moe (West-Brabant); muug; moe (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant); muuj; moe (Land van Cuijk)
moeder, moeier, moen, moet, moier, zelfstandig naamwoord, moeder (Eindhoven en Kempenland); moen; moeder (Land van Cuijk); moet; moeder (Land van Cuijk); moier; moeder (Den Bosch en Meierij)
moei, mèùj, moet, mui, zelfstandig naamwoord, lompe vrouw (Land van Cuijk); mèùj; tante (Land van Cuijk); moet; tante (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland); mui; tante (West-Brabant)
moeien, moeie, werkwoord, bemoeien (Eindhoven en Kempenland)
moer, moer, moeier, zelfstandig naamwoord, veengrond (Den Bosch en Meierij); moeier; vrouwelijk konijn (Helmond en Peelland); moer; vrouwelijk konijn (Land van Cuijk)
moerbei, moelbèèr, moerbeezem, zelfstandig naamwoord, bosbes (Land van Cuijk); moerbeezem; blauwe bosbes (Tilburg en Midden-Brabant)
Moergestel, Géésel, toponiem, Moergestel (Tilburg en Midden-Brabant)
moerts, moerts, zelfstandig naamwoord, bevlieging (Land van Cuijk)
moesjanker, moesjaanker, zelfstandig naamwoord, zeurpiet (West-Brabant)
moetig, moeteg, bijvoeglijk naamwoord, bemoedigend (Tilburg en Midden-Brabant)
moets, moets, zelfstandig naamwoord, dikke vrouw (Helmond en Peelland)
mof, moffe, zelfstandig naamwoord, meervoud, bepaald soort vlezige aardbeien (West-Brabant)
moffelboon, moffelboon, zelfstandig naamwoord, tuinboon (Tilburg en Midden-Brabant)
moffeltje, muffelke, zelfstandig naamwoord, slokje (Helmond en Peelland)
moffig, moffeg, bijvoeglijk naamwoord, nors (West-Brabant)
mogen, magge, werkwoord, mogen (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland)
mok, mök, zelfstandig naamwoord, kalf, lomperik (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk)
mok, mok, moewk, zelfstandig naamwoord, mist (Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk); moewk; mist (Helmond en Peelland)
mokkepaaien, mokkepaaie, werkwoord, knoeien met eten (West-Brabant)
mokkeren, mokkere, werkwoord, knoeien met eten (West-Brabant)
molen, meule, zelfstandig naamwoord, molen (Helmond en Peelland)
molenaar, meulenèèr, mölder, mulder, zelfstandig naamwoord, molenaar, meikever (West-Brabant); mölder; molenaar (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant; Land van Cuijk); mulder; molenaar (Helmond en Peelland)
mombakkes, mombakkes, bombakkes, zelfstandig naamwoord, masker (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant); bombakkes; masker (Land van Cuijk)
momber, momber, mommer, zelfstandig naamwoord, voogd (Land van Cuijk; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland)
mondfiat, mondfiat, bijvoeglijk naamwoord, welbespraakt (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
mondig, munteg, bijvoeglijk naamwoord, mondig (Tilburg en Midden-Brabant)
mondvol, moffel, zelfstandig naamwoord, mondvol (Den Bosch en Meierij)
monkelen, moonkele, werkwoord, mompelen, brommen (West-Brabant)
mooi, mouwie, bijvoeglijk naamwoord, mooi (Helmond en Peelland)
moor, moor, zelfstandig naamwoord, waterketel (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
moos, moos, zelfstandig naamwoord, bijkeuken (West-Brabant)
mooswater, mooswátter, zelfstandig naamwoord, afwaswater (Eindhoven en Kempenland)
moren, moore, werkwoord, de grond omwoelen (Den Bosch en Meierij)
morgen, mèèr, moin, bijwoord, morgen (Land van Cuijk); moin; tussenwerpsel; goedemorgen (Helmond en Peelland)
morgen, mèèrge, maarge, zelfstandig naamwoord, morgen, ochtend (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant; Helmond en Peelland); maarge; ca. 28 are (oppervlaktemaat) (Land van Cuijk)
morsen, smorse, werkwoord, knoeien (Eindhoven en Kempenland)
mortel, mortel, zelfstandig naamwoord, metselspecie (Eindhoven en Kempenland)
mot, mot, zelfstandig naamwoord, mist (Den Bosch en Meierij)
mottig, motteg, bijvoeglijk naamwoord, mistig (Land van Cuijk)
mouwen, mouwe, werkwoord, hard waaien (Eindhoven en Kempenland)
mouwer, mouwer, zelfstandig naamwoord, waterketel (Helmond en Peelland)
mouwveger, mawvèèger, zelfstandig naamwoord, huichelaar (Helmond en Peelland)
mozzik, moozik, mózzek, zelfstandig naamwoord, gier, vloeibare mest (Den Bosch en Meierij); mózzek; rook (Helmond en Peelland)
mozziken, muzzike, werkwoord, rommelen (Helmond en Peelland)
muil, moel, zelfstandig naamwoord, mond, bek (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk; West-Brabant)
muilen, moele, werkwoord, bekvechten (Land van Cuijk)
muishond, muisoond, zelfstandig naamwoord, wezel (West-Brabant)
mulder, mölder, mulder, zelfstandig naamwoord, meikever (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant; Land van Cuijk); mulder; meikever (Helmond en Peelland)
mup, möp, bijvoeglijk naamwoord, nukkig (Eindhoven en Kempenland)
muren, muure, werkwoord, roeren, vertroebelen (Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
murig, muureg, bijvoeglijk naamwoord, troebel (Land van Cuijk)
murkelen, mèùrkele, werkwoord, morrelen (Tilburg en Midden-Brabant)
murm, murm, bijvoeglijk naamwoord, vermolmd (West-Brabant)
murmureren, murmereere, werkwoord, mompelen, brommen, klagen (West-Brabant; Helmond en Peelland)
mutsaard, mutserd, musterd, zelfstandig naamwoord, takkenbos (Helmond en Peelland); musterd; mutsaard, takkenbos (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
mutsaardschelft, musterdschelft, zelfstandig naamwoord, mutsaardmijt, stapel takkenbossen (West-Brabant)
muur, mier, miert, zelfstandig naamwoord, vogelmuur (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk);miert; vogelmuur (Tilburg en Midden-Brabant)
muurvarken, muurvèèreke, zelfstandig naamwoord, pissebed (Helmond en Peelland)
naakt, náks, bijvoeglijk naamwoord, naakt (Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk)
naald, nold, nuld, zelfstandig naamwoord, nokbalk (Den Bosch en Meierij); nuld; naald (Helmond en Peelland)
naar, nor, voorzetsel, na (West-Brabant)
nacht, tenaacht, bijwoord, vannacht (Eindhoven en Kempenland)
naderhand, naoderhaand, nòdderhand, bijwoord, later; nòdderhand; achteraf (Helmond en Peelland)
nagelbuik, naogelbèùk, naogelbuik, zelfstandig naamwoord, navel (Tilburg en Midden-Brabant; Eindhoven en Kempenland; West-Brabant)
nakend, naakend, naokend, bijvoeglijk naamwoord, naakt (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
natie, naosie, zelfstandig naamwoord, geslacht, de gezamenlijke afstammelingen (Den Bosch en Meierij)
natten, nette, werkwoord, nat maken (Tilburg en Midden-Brabant)
nauw, naaw, bijvoeglijk naamwoord, precies (Helmond en Peelland)
nauwneus, nauwneus, zelfstandig naamwoord, pietlut (Den Bosch en Meierij)
navenant, naavenant, naovenaant, naovenant, nòvvenant, bijwoord, naar evenredigheid (Eindhoven en Kempenland; West-Brabant; Land van Cuijk); nòvvenant; naar evenredigheid (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
nee, nint, bijwoord, nee (Eindhoven en Kempenland)
neefje, neefke, zelfstandig naamwoord, kleine mug (Land van Cuijk)
neer, néér, zelfstandig naamwoord, dar, mannelijke honingbij (Land van Cuijk)
neetoor, neetoor, zelfstandig naamwoord, plaaggeest, lastpost (Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk; Den Bosch en Meierij)
negenoger, neegeneuger, zelfstandig naamwoord, karbonkel, bloedzweer (Eindhoven en Kempenland)
negotie, agoosie, agóssie, zelfstandig naamwoord, handel(swaar) (West-Brabant; Eindhoven en Kempenland)
negotie, negossie, zelfstandig naamwoord, handelswaar (Helmond en Peelland)
nerf, nèrf, zelfstandig naamwoord, opperhuid (Den Bosch en Meierij)
nergens, nergend, nerrend, bijwoord, nergens (Eindhoven en Kempenland); nerrend; nergens (Helmond en Peelland)
nest, nèèst, nist, zelfstandig naamwoord, bed (Helmond en Peelland); nist; nest, bed (Tilburg en Midden-Brabant)
nestel, nissel, zelfstandig naamwoord, schoenveter (Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
nestschijter, nesteschieter, zelfstandig naamwoord, jongste van een nest (Land van Cuijk)
netel, nittele, zelfstandig naamwoord, meervoud, brandnetels (Helmond en Peelland)
Netersel, Nittersel, toponiem, Netersel (Eindhoven en Kempenland)
nets, nèts, zelfstandig naamwoord, klap (Eindhoven en Kempenland)
netsen, netse, nitse, werkwoord, slaan (Helmond en Peelland); netse; sarren (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk); nitse; plagen (Tilburg en Midden-Brabant)
neuk, neuk, zelfstandig naamwoord, klap (West-Brabant)
neuken, neuke, werkwoord, vallen (West-Brabant; Land van Cuijk); neuke; gooien, snel gaan, er toe doen (West-Brabant)
neuksel, nuksel, zelfstandig naamwoord, lastpak (West-Brabant)
neulen, nèùle, werkwoord, zeuren, kletsen (Land van Cuijk)
neusdoek, neusdoek, zelfstandig naamwoord, zakdoek (West-Brabant)
neusdoek, neuzek, nuzzek, zelfstandig naamwoord, omslagdoek (Land van Cuijk); nuzzek; omslagdoek (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland)
neusteren, nostere, werkwoord, zeuren (Eindhoven en Kempenland)
neutelig, neuteleg, neutelek, zelfstandig naamwoord, chagrijnig (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant; Eindhoven en Kempenland)
neveneen, neffenin, bijwoord, naast elkaar (Helmond en Peelland)
nevens, neffe, nèève, voorzetsel, naast (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant); nèève; naast (West-Brabant)
niemand, niemes, voornaamwoord, niemand (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
nieuw, nuuw, bijvoeglijk naamwoord, nieuw (West-Brabant)
nieuwelijk, nuuwelek, bijvoeglijk naamwoord, nieuwsgierig (West-Brabant)
nieuwmodisch, nijmóddes, bijvoeglijk naamwoord, nieuwerwets (Den Bosch en Meierij)
nieuws, nijs, bijvoeglijk naamwoord, benieuwd (Land van Cuijk)
nieuws, nuus, zelfstandig naamwoord, nieuws (Tilburg en Midden-Brabant)
nieuwsgierig, naaiskierig, neejsgiereg, nijskiereg, bijvoeglijk naamwoord, nieuwsgierig (Helmond en Peelland); neejsgiereg; nieuwsgierig (Land van Cuijk); nijskiereg; nieuwsgierig (Den Bosch en Meierij)
nijdig, néég, nijeg, bijvoeglijk naamwoord, fel, driftig (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant); nijeg; opvliegerig, fel, levendig (West-Brabant)
nijpen, néépe, werkwoord, knijpen (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
nijpen, nijpe, werkwoord, knijpen (West-Brabant)
nijver, nuuver, bijvoeglijk naamwoord, ijverig (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
nip, nipke, zelfstandig naamwoord, vinnig persoon (Tilburg en Midden-Brabant)
nippig, nippeg, bijvoeglijk naamwoord, lichtgeraakt (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
nirken, nierke, nerke, nirke, nirrike, werkwoord, herkauwen (Eindhoven en Kempenland); nerke; herkauwen, met tegenzin eten (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk); nirke; herkauwen (Tilburg en Midden-Brabant); nirrike; herkauwen (West-Brabant)
nirrie, nirrie, zelfstandig naamwoord, tabakssap (Helmond en Peelland)
Nistelrode, Nisserói, toponiem, Nistelrode (Den Bosch en Meierij)
node, nooi, noi, nwooi, bijwoord, niet graag (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant); noi; niet graag (Helmond en Peelland; Land van Cuijk); nwooi; niet graag (West-Brabant)
noden, nooie, nèùje, werkwoord, uitnodigen (West-Brabant); nèùje; uitnodigen (Land van Cuijk)
noemen, nuume, werkwoord, noemen (Helmond en Peelland)
noentje, noonterke, zelfstandig naamwoord, middagdutje (Helmond en Peelland)
noes, noes, bijvoeglijk naamwoord, scheef (West-Brabant)
noest, noest, zelfstandig naamwoord, kwast in het hout (Land van Cuijk)
nondejuke, nondejuuke, zelfstandig naamwoord, vrijgezellenstrikje, vlinderdasje (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant); nondejuuke; snorretje (Land van Cuijk)
nooit, noot, bijwoord, nooit (Tilburg en Midden-Brabant)
noppen, nöppe, werkwoord, plagen (Tilburg en Midden-Brabant)
nummer, noemer, zelfstandig naamwoord, nummer (Eindhoven en Kempenland)
nurkerig, nörkereg, bijvoeglijk naamwoord, nors (West-Brabant)
nut, nut, bijvoeglijk naamwoord, vies, onbeschoft (Eindhoven en Kempenland)
Oerle, Oewrs, toponiem, Oerle (Eindhoven en Kempenland)
oesem, oesem, zelfstandig naamwoord, schurk (West-Brabant)
oets, oets, zelfstandig naamwoord, boomwagen (mallejan) (West-Brabant); oetske; verkleinwoord; onnozel persoontje (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant)
olieknop, óllieknoppe, zelfstandig naamwoord, meervoud, slaapbol (papaver) (Land van Cuijk)
oliemeuter, euliemeuter, zelfstandig naamwoord, zeurkous (West-Brabant)
om de beurt, umsteburt, bijwoord, om de beurt (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk)
omkant, umkante, zelfstandig naamwoord, meervoud, omgeving (Eindhoven en Kempenland)
omkiepen, omkiepe, werkwoord, omkippen (Tilburg en Midden-Brabant)
omlaag, umblig, bijwoord, omlaag (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland)
omtrekken, umtrekke, werkwoord, omkleden (Land van Cuijk)
omwas, omwas, zelfstandig naamwoord, afwas, vaat (West-Brabant)
omwassen, omwaase, werkwoord, afwassen (Tilburg en Midden-Brabant)
omwenden, umwééne, werkwoord, omkeren (Land van Cuijk)
omzetten, umzette, werkwoord, mengen (Helmond en Peelland)
onbehouwen, onbezouwe, bijvoeglijk naamwoord, lomp (West-Brabant)
onbesnut, onbesnut, bijvoeglijk naamwoord, lomp, onbeschaafd (Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant; Eindhoven en Kempenland)
onbeziens, ombeziens, bijwoord, ongezien (Land van Cuijk)
onderhand, onderaand, bijwoord, intussen (West-Brabant)
onderlaatst, onderlest, bijwoord, laatst, onlangs (Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
onderroom, onderromme, zelfstandig naamwoord, meervoud, afgeroomde melk (Helmond en Peelland)
onderweg, onderweege, onderweeges, bijwoord, onderweg (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant); onderweeges; onderweg (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland)
ongans, ongaans, bijvoeglijk naamwoord, onwel (Tilburg en Midden-Brabant)
ongedoopt, ongedópt, bijvoeglijk naamwoord, onnozel (Helmond en Peelland)
ongepermitteerd, ongeperrementeerd, bijvoeglijk naamwoord, schandalig (Helmond en Peelland)
ongeraakt, ongerákt, ongeraokt, bijwoord, uitermate (Eindhoven en Kempenland); ongeraokt; onberekenbaar (Tilburg en Midden-Brabant)
ongetierig, ongetiereg, bijvoeglijk naamwoord, wispelturig (Land van Cuijk; Den Bosch en Meierij)
ongieslijk, ongieslek, bijvoeglijk naamwoord, onbezonnen (West-Brabant)
onmondig, ommundeg, bijwoord, enorm (Land van Cuijk)
onnut, onnut, bijwoord, heel erg (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland); onnut; nutteloos, gemeen (Land van Cuijk)
onrein, onrèns, bijvoeglijk naamwoord, oneerlijk, vals (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
onsnik, onsnik, bijvoeglijk naamwoord, niet goed wijs (Tilburg en Midden-Brabant)
ont, ont, bijvoeglijk naamwoord, ondeugend, ongepast, onbetrouwbaar, sluw, smerig (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
ontaard, ontaord, bijwoord, heel erg (Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
onterik, onterik, zelfstandig naamwoord, valsspeler (Tilburg en Midden-Brabant)
ontiegelijk, ontiegelek, bijwoord, heel erg (Land van Cuijk; Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant)
onverschillig, onverskillig, bijvoeglijk naamwoord, verschillend (Helmond en Peelland)
oog, eugske, zelfstandig naamwoord, oogje (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
oogst, ókst, zelfstandig naamwoord, oogst (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland)
oogsten, oste, werkwoord, aren lezen (Land van Cuijk)
ooievaar, euver, oiver, zelfstandig naamwoord, ooievaar (Land van Cuijk); oiver; ooievaar (Helmond en Peelland)
oorfluwijn, óvverwèèng, zelfstandig naamwoord, kussensloop (Helmond en Peelland)
oorlof, olf, zelfstandig naamwoord, verlof (Tilburg en Midden-Brabant)
op hasard, oppezaord, oppezaard, bijwoord, waarschijnlijk (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland)
opbod, opbod, zelfstandig naamwoord, oprisping (Helmond en Peelland)
opbrengen, opbrenge, werkwoord, opvoeden (West-Brabant)
opdekken, opdekke, werkwoord, de tafel dekken (Land van Cuijk)
opdoen, opdoen, opdoew, werkwoord, gebeuren (West-Brabant); opdoew; grootbrengen (Helmond en Peelland)
opfoesen, opfoese, werkwoord, opvangen (Helmond en Peelland)
ophalen, ophaole, werkwoord, (tafel) dekken (Den Bosch en Meierij)
opkalfateren, opkallefaotere, werkwoord, herstellen, weer mooi maken (Den Bosch en Meierij; West-Brabant)
opkamer, opperkaomerke, zelfstandig naamwoord, opkamer (West-Brabant)
opkiezen, opkiese, opkieze, werkwoord, aanhitsen, bijv. van een hond (West-Brabant; Tilburg en Midden-Brabant)
opkrullen, opkrolle, werkwoord, oprollen (West-Brabant)
oplappen, oplappe, werkwoord, herstellen (Land van Cuijk)
oplichten, opleechte, werkwoord, tillen (Helmond en Peelland)
Oploo, Ploo, toponiem, Oploo (Land van Cuijk)
opnieuw, opneejt, -nijt, bijwoord, opnieuw (Land van Cuijk; Den Bosch en Meierij)
opperen, oepere, uupere, werkwoord, bouwsteigers bevoorraden (Eindhoven en Kempenland); uupere; bouwsteigers bevoorraden (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
oppoten, oppoete, werkwoord, optillen (Land van Cuijk)
opslag, opslag, zelfstandig naamwoord, miskraam (Land van Cuijk)
opsnijden, opsnééje, werkwoord, opscheppen (Helmond en Peelland)
opwas, opwas, zelfstandig naamwoord, vaat (Land van Cuijk)
opwassen, opwaase, opwasse, werkwoord, de vaat doen (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
opwieroken, opwierke, werkwoord, lof toezwaaien (Eindhoven en Kempenland)
opwinden, opweenge, werkwoord, opwinden (Helmond en Peelland)
opzicht, opzicht, zelfstandig naamwoord, uiterlijk (Eindhoven en Kempenland)
ordineren, ordeneere, werkwoord, ordenen (West-Brabant)
ordonneren, ordereere, werkwoord, voorschrijven (West-Brabant)
orgel, ölger, zelfstandig naamwoord, orgel (Land van Cuijk; Helmond en Peelland)
orneren, orneere, werkwoord, bereiden (West-Brabant)
ort, orte, zelfstandig naamwoord, meervoud, etensresten (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk)
ossenbol, oksterbolleke, zelfstandig naamwoord, winterkoninkje (West-Brabant)
ossenstal, ossestal, zelfstandig naamwoord, hoefstal (Land van Cuijk)
Osssendrecht, Ostrecht, toponiem, Ossendrecht (West-Brabant)
otteren, ottere, werkwoord, klungelen (Den Bosch en Meierij)
oubollig, hobbolleg, bijvoeglijk naamwoord, onstuimig (weer) (Den Bosch en Meierij)
ouder, ouwer, aawer, zelfstandig naamwoord, leeftijd (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant); aawer; leeftijd (Helmond en Peelland)
ouwebet, ouwbèt, zelfstandig naamwoord, kletswijf.
ouwebet, aawbet, zelfstandig naamwoord, kletskous (Helmond en Peelland)
ouwebetten, ouwbètte, ouwebette, werkwoord, babbelen (Eindhoven en Kempenland; West-Brabant)
ouwebetten, aawbette, werkwoord, kletsen (Tilburg en Midden-Brabant)
ouwefiep, aawfiep, zelfstandig naamwoord, kletskous (Helmond en Peelland)
ouwemeut, aawmeut, zelfstandig naamwoord, kletskous (Tilburg en Midden-Brabant)
overhand, ooveraand, bijwoord, om de beurt (West-Brabant)
overhoop, ooverwoop, zelfstandig naamwoord, overvloed (West-Brabant)
overlaatst, ooverlest, bijwoord, onlangs (West-Brabant)
overlezen, ooverlééze, werkwoord, genezen met gebed en handoplegging (Tilburg en Midden-Brabant)
Overloon, Loon, toponiem, Overloon (Land van Cuijk)
overluiden, ooverlèùje, werkwoord, de doodsklok luiden (Land van Cuijk)
overlutsel, óvverlutsel, zelfstandig naamwoord, kladje (Helmond en Peelland)
overnaars, oovernaores, bijwoord, in het algemeen (West-Brabant)
overnieuw, óvvernèjt, overnuut, bijwoord, opnieuw (Helmond en Peelland); overnuut; opnieuw (Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
overstart, ooverstart, bijwoord, achteruit (Eindhoven en Kempenland)
overtijd, oovertijd, bijwoord, vroeger, lang geleden (West-Brabant)
overtrek, oovertrek, zelfstandig naamwoord, verhuizing (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
ozelig, oozeleg, bijvoeglijk naamwoord, huiverig (Land van Cuijk)
ozendrop, euzendröp, euzendruup, zelfstandig naamwoord, water dat van het dak afloopt (Tilburg en Midden-Brabant); euzendruup; water dat van het dak afloopt (Land van Cuijk)
paai, paoi, zelfstandig naamwoord, grote som geld (West-Brabant)
paard, pèrd, péérd, zelfstandig naamwoord, paard (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland); péérd; paard (Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
paardenju, pèèrdejuu, zelfstandig naamwoord, paardenrookvlees (West-Brabant)
paardenpoot, pèèrdepawt, zelfstandig naamwoord, horrelvoet (Helmond en Peelland)
paardenstal, pesstal, zelfstandig naamwoord, paardenstal (West-Brabant)
paardenwesp, perreweps, zelfstandig naamwoord, wesp (West-Brabant)
paardgetuig, pèrsgetög, zelfstandig naamwoord, paardentuig (Eindhoven en Kempenland)
paasbloem, paosblom, zelfstandig naamwoord, narcis (Tilburg en Midden-Brabant)
paashuizen, posheuze, werkwoord, ronddolen (Helmond en Peelland)
paaslelie, pösleelie, pòslillie, zelfstandig naamwoord, narcis (Land van Cuijk); pòslillie; narcis (Helmond en Peelland)
paat, paat, zelfstandig naamwoord, slappe koffie (Eindhoven en Kempenland)
paddenkaal, paddekaol, zelfstandig naamwoord, kikkervisje (Den Bosch en Meierij)
paddenkaal, pattekaal, bijvoeglijk naamwoord, helemaal kaal (West-Brabant)
paddennaakt, paddenaks, zelfstandig naamwoord, naakt, gezegd van jonge vogels (Eindhoven en Kempenland)
paddenpoot, paddepoot, zelfstandig naamwoord, weeffout (Tilburg en Midden-Brabant)
paddenvoet, paddevoewt, zelfstandig naamwoord, weeffout (Helmond en Peelland)
padoog, padoog, zelfstandig naamwoord, strontje (zweertje aan het ooglid) (West-Brabant)
padscheet, padscheet, zelfstandig naamwoord, strontje (zweertje aan het ooglid) (Tilburg en Midden-Brabant)
pagadder, pagadder, paddegatter, zelfstandig naamwoord, knul, kwajongen (West-Brabant); paddegatter; klein kind (Helmond en Peelland)
pakkendrager, pakkendraager, pakkendraoger, zelfstandig naamwoord, bagagedrager (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
paletot, paltoo, zelfstandig naamwoord, ochtendjas (Helmond en Peelland)
palissade, pallesaot, zelfstandig naamwoord, lange slungel (Eindhoven en Kempenland)
palm, palm, zelfstandig naamwoord, buxus (Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
papenkan, paopekanneke, zelfstandig naamwoord, vrucht van de meidoorn (West-Brabant)
papillot, paviejotje, zelfstandig naamwoord, haarstrikje, krulspeld (West-Brabant; Tilburg en Midden-Brabant)
papkoster, papköster, zelfstandig naamwoord, dik kindje (Tilburg en Midden-Brabant)
parentage, pèrmetaosie, zelfstandig naamwoord, verwantschap, familie (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant)
parig, perreg, bijvoeglijk naamwoord, tochtig, gezegd van een merrie (West-Brabant)
parleën, perleeje, werkwoord, redeneren (Eindhoven en Kempenland)
parlevanten, parlevaante, werkwoord, kletsen (West-Brabant)
participant, passiepaant, bijvoeglijk naamwoord, behulpzaam (West-Brabant)
pas, paas, bijvoeglijk naamwoord, passend (Tilburg en Midden-Brabant)
pateen, potein, zelfstandig naamwoord, druiprek (West-Brabant)
paternoster, pátternoster, zelfstandig naamwoord, rozenkrans (Eindhoven en Kempenland)
patriarch, patriejark, zelfstandig naamwoord, vreemde snuiter (Tilburg en Midden-Brabant)
pats, pats, zelfstandig naamwoord, alpinopet (Helmond en Peelland)
peekoffie, peekoffie, zelfstandig naamwoord, cichorei (Eindhoven en Kempenland; West-Brabant)
Peel, Pil, toponiem, Peel (Helmond en Peelland)
peen, peekes, zelfstandig naamwoord, meervoud, worteltjes (West-Brabant)
peer, peer, péér, zelfstandig naamwoord, slag, klap (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant)
pees, piske, zelfstandig naamwoord, lontje (Tilburg en Midden-Brabant)
peestamp, peejestaamp, zelfstandig naamwoord, hutspot (Tilburg en Midden-Brabant)
peestamp, peestaamp, zelfstandig naamwoord, hutspot (West-Brabant)
peet, péét, zelfstandig naamwoord, peettante (Eindhoven en Kempenland)
peetoom, peeteroom, zelfstandig naamwoord, peetoom (Land van Cuijk)
peeuwen, piewe, werkwoord, huilen van pijn (Land van Cuijk)
pekweg, pèkweg, zelfstandig naamwoord, asfaltweg (Den Bosch en Meierij)
pelen, peele, werkwoord, buitenshuis met bloemen versieren (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk)
pelerine, pèllerien, pèlderien, zelfstandig naamwoord, omslagdoek (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk)
peluw, pulling, zelfstandig naamwoord, peluw, kussen (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
penalty, pienantie, penèntie, zelfstandig naamwoord, strafschop (Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant); penèntie; strafschop (Helmond en Peelland)
pennenvleugel, pennevleugel, zelfstandig naamwoord, vlinder (Den Bosch en Meierij)
pens, pèns, zelfstandig naamwoord, buik (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
peperkoek, peeperkoek, zelfstandig naamwoord, kruidkoek, ontbijtkoek (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk; West-Brabant)
peperkoek, pipperkoek, zelfstandig naamwoord, kruidkoek, ontbijtkoek (Helmond en Peelland)
perken, perke, werkwoord, hinkelen (kinderspel) (Tilburg en Midden-Brabant)
perkhinkelen, parkienkele, werkwoord, hinkelen in een perkje (meisjesspel) (West-Brabant)
perkhinkelen, pèrkhinke, werkwoord, hinkelen (kinderspel) (Helmond en Peelland)
permitteren, parmenteere, werkwoord, permitteren, klagen, smeken (West-Brabant)
perzik, pierik, pörk, spirzik, zelfstandig naamwoord, perzik (Land van Cuijk); pórk; kleine perzik (West-Brabant); spirzik; perzik (Den Bosch en Meierij)
pestig, pèèsteg, bijvoeglijk naamwoord, vervelend (Eindhoven en Kempenland)
peten, pèète, werkwoord, veel koffie drinken (Helmond en Peelland)
petoet, petoet, zelfstandig naamwoord, gevangenis (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk)
petoeten, petoete, werkwoord, kaartspel (Helmond en Peelland)
petroleum, pieterolie, zelfstandig naamwoord, petroleum (West-Brabant)
peukelen, peukele, werkwoord, peuteren (Helmond en Peelland)
peulen, poole, werkwoord, schillen (bonen) (Helmond en Peelland)
peur, peur, pèùr, zelfstandig naamwoord, angst (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
peut, peut, zelfstandig naamwoord, kracht (Helmond en Peelland)
pezenwever, peezeweever, zelfstandig naamwoord, drammer (West-Brabant)
pezerik, peezerik, pisserik, zelfstandig naamwoord, gierigaard, geslachtsdeel van mannelijke dieren (West-Brabant); pisserik; gierigaard, geslachtsdeel van mannelijke dieren (Helmond en Peelland)
piccolo, piekeloo, zelfstandig naamwoord, ijsje (West-Brabant)
piechem, piggem, zelfstandig naamwoord, klein, min persoontje (Tilburg en Midden-Brabant)
piek, piek, zelfstandig naamwoord, capuchon (West-Brabant); piek; snottebel (West-Brabant)
piekapel, piekepel, zelfstandig naamwoord, vlinder (West-Brabant)
piel, pieleke, zelfstandig naamwoord, kuikentje (West-Brabant)
pielboter, pielekesbotter, zelfstandig naamwoord, margarine (West-Brabant)
pieliën, pielieje, werkwoord, kieskeurig eten (Tilburg en Midden-Brabant; Helmond en Peelland)
piels, piels, zelfstandig naamwoord, afgeroomde melk (Helmond en Peelland)
piepelenberg, piepelenberg, zelfstandig naamwoord, verstoppertje (Tilburg en Midden-Brabant)
piepelenbergen, piepelenbèèrge, werkwoord, verstoppertje spelen (Eindhoven en Kempenland)
pieper, pieper, zelfstandig naamwoord, aardappel (Land van Cuijk)
piepje verbergen, piepke verbèrge, werkwoord, verstoppertje spelen (Land van Cuijk)
pier, pier, zelfstandig naamwoord, regenworm (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk)
pieraas, pieraos, zelfstandig naamwoord, regenworm (West-Brabant)
pierenkruid, pierekruud, zelfstandig naamwoord, boerenwormkruid (Land van Cuijk)
pierenlubber, pierelubberke, zelfstandig naamwoord, bot mes (Land van Cuijk)
pierig, piereg, bijvoeglijk naamwoord, pips (Land van Cuijk)
pierogen, pierauwge, werkwoord, staren, op apegapen liggen (Helmond en Peelland)
pieteleer, pietelèèr, zelfstandig naamwoord, slipjas (West-Brabant)
pieteloweeën, pieteloweeje, werkwoord, op de loop gaan (West-Brabant)
pietje, pietjes, zelfstandig naamwoord, meervoud, luizen (West-Brabant)
pietsje, pietske, zelfstandig naamwoord, beetje (West-Brabant)
piezakken, piezakke, werkwoord, hard werken (Land van Cuijk)
pijl, pijl, zelfstandig naamwoord, halm, stengel van gras of graangewas (West-Brabant)
pijlrecht, pielrèècht, bijvoeglijk naamwoord, loodrecht (Helmond en Peelland)
pijn, pent, pien, ping, zelfstandig naamwoord, pijn (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant) ; pien; pijn (Land van Cuijk); ping; pijn (Helmond en Peelland)
pijper, peejperd, zelfstandig naamwoord, lichte turf (Helmond en Peelland)
pijzel, pijzer, zelfstandig naamwoord, opslagruimte voor graan (West-Brabant)
pikker, pikker, zelfstandig naamwoord, doorn (Eindhoven en Kempenland)
pilaster, pielaster, zelfstandig naamwoord, pilaar (West-Brabant)
pilsje, pilske, zelfstandig naamwoord, glaasje bier (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
pimp, peempe, zelfstandig naamwoord, meervoud, haarslierten (Land van Cuijk)
pin, pin, zelfstandig naamwoord, gierigaard (Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk)
pindraad, pindraod, zelfstandig naamwoord, prikkeldraad (West-Brabant)
pinegel, pineegel, zelfstandig naamwoord, egel (Helmond en Peelland; Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland); pineegel; gierigaard (Helmond en Peelland)
pinksterroos, pinkstroews, zelfstandig naamwoord, pioen (Land van Cuijk)
pinnetjesdraad, pinnekesdraod, zelfstandig naamwoord, prikkeldraad (Tilburg en Midden-Brabant)
pinnig, pieneg, pinneg, zelfstandig naamwoord, gierig (West-Brabant); pinneg; gierig (Den Bosch en Meierij)
pintenneuker, pinteneuker, zelfstandig naamwoord, gierigaard (Helmond en Peelland)
pintol, pindol, zelfstandig naamwoord, tol (speelgoed) (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk)
pip, pip, zelfstandig naamwoord, snot (kippenziekte) (Eindhoven en Kempenland)
pips, pips, bijvoeglijk naamwoord, flets (Tilburg en Midden-Brabant)
pisbloem, pisblom, zelfstandig naamwoord, paardebloem (Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
pispotjes, pispötjes, piespotjes, zelfstandig naamwoord, meervoud, akker- of haagwinde (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant); piespotjes; haagwinde (West-Brabant)
pitsen, pitse, werkwoord, kieskeurig eten (Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant; Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; West-Brabant)
plaat, plaat, zelfstandig naamwoord, bladrozet van de paardenbloem (Land van Cuijk); plaat; schol (vis) (West-Brabant)
plaats, plets, plòts, zelfstandig naamwoord, plaats, binnenplaats (West-Brabant); plòts; binnenplaats (Tilburg en Midden-Brabant)
pladeren, plaare, werkwoord, voorzichtig aanpakken (Land van Cuijk)
plagger, plegger, zelfstandig naamwoord, werkschort (Helmond en Peelland)
plakbroodje, plekbrooike, zelfstandig naamwoord, bolus (Tilburg en Midden-Brabant)
plakjaan, plekjèèn, zelfstandig naamwoord, slons (Helmond en Peelland)
plakken, plakke, plèkke, werkwoord, opschieten, vorderen (Helmond en Peelland; Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk) plèkke; blijven hangen (Eindhoven en Kempenland)
plakken, plèkke, werkwoord, blijven hangen (Eindhoven en Kempenland)
plank, plangeske, zelfstandig naamwoord, plankje (West-Brabant)
planken zondag, planken zondag, zelfstandig naamwoord, feestdag, waarop je niet naar de mis hoeft (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
plas, plas, zelfstandig naamwoord, rond wittebrood (Land van Cuijk)
plat, plat, zelfstandig naamwoord, dialect (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
platter, platter, zelfstandig naamwoord, molsla, salade van paardebloemen (West-Brabant)
platuit, platoit, bijwoord, ronduit, direct (Helmond en Peelland)
plee, pleej, zelfstandig naamwoord, toilet (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
pleister, ploster, zelfstandig naamwoord, pleister (West-Brabant)
plek, plak, plek, zelfstandig naamwoord, akker, een perceel bouwland (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk; Helmond en Peelland); plak; plek, vlek (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland); plek; lijm (Helmond en Peelland)
pleures, fleures, zelfstandig naamwoord, borstvliesontsteking (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
pleuris, pleures, zelfstandig naamwoord, borstvliesontsteking (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk)
plimp, plimp, zelfstandig naamwoord, wimper (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant; Helmond en Peelland)
ploegdrijver, ploegdrieverke, zelfstandig naamwoord, witte kwikstaart (Land van Cuijk)
pludderen, plöddere, werkwoord, stofbad nemen (Eindhoven en Kempenland)
pluis, ploeske, zelfstandig naamwoord, pluisje (Helmond en Peelland; West-Brabant)
pluis, ploeskes, zelfstandig naamwoord, meervoud, wollegras (Helmond en Peelland)
plukking, plukkem, zelfstandig naamwoord, onkruid (Helmond en Peelland)
poel, poeleke, polleke, pul, zelfstandig naamwoord, jonge kip (Tilburg en Midden-Brabant); poeleke; kinderhandje (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Land van Cuijk); polleke; kinderhandje (Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant) ; pul; jonge kip, jonge meid (Eindhoven en Kempenland)
poel, poelie, zelfstandig naamwoord, jonge kip (West-Brabant)
poelepetaat, poelepetaat, poetpetoet, zelfstandig naamwoord, parelhoen (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant); poetpetoet; kwartel (Helmond en Peelland)
poeliën, poelieje, werkwoord, in het water bewegen, klotsen, knoeien met water (Land van Cuijk; Helmond en Peelland)
poeliepek, poeliepèk, zelfstandig naamwoord, dropwater (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland)
poemel, poemel, zelfstandig naamwoord, paardenvijg (Land van Cuijk)
poen, poen, zelfstandig naamwoord, zoen (Eindhoven en Kempenland)
poerken, poereke, werkwoord, roeren (Helmond en Peelland; Land van Cuijk)
poesje, poeske, zelfstandig naamwoord, wilgenkatje (Helmond en Peelland)
poetje, poetje, zelfstandig naamwoord, poesje, ook als koosnaam voor meisjes (Den Bosch en Meierij; West-Brabant)
pof, póf, zelfstandig naamwoord, fijn zand (Helmond en Peelland)
poffer, póffer, zelfstandig naamwoord, grote pronkmuts voor vrouwen (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk)
polder, polder, zelfstandig naamwoord, vliering boven schuur of kast (West-Brabant)
politie, pliesie, zelfstandig naamwoord, politie (Helmond en Peelland; Land van Cuijk; West-Brabant)
pompbak, pómbak, zelfstandig naamwoord, gootsteen (Helmond en Peelland)
ponder, punder, zelfstandig naamwoord, unster, weegtoestel (Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk)
ponderboom, ponterboom, zelfstandig naamwoord, lange balk aan de hooiwagen (Tilburg en Midden-Brabant)
ponderen, pundere, werkwoord, wegen (Helmond en Peelland)
pongel, pongel, zelfstandig naamwoord, huisraad (Helmond en Peelland)
ponteneur, ponteneur, zelfstandig naamwoord, eergevoel. (West-Brabant); ponteneur; standpunt. (Tilburg en Midden-Brabant)
ponteneuren, ponteneure, werkwoord, op je strepen staan (Den Bosch en Meierij)
poppenschoen, poppeskoewn, zelfstandig naamwoord, monnikskap (Helmond en Peelland)
portantie, petansie, zelfstandig naamwoord, belang (Den Bosch en Meierij)
portantie, pretansie, zelfstandig naamwoord, belang (West-Brabant)
portefeuille, portefoelie, zelfstandig naamwoord, portefeuille (Eindhoven en Kempenland)
potage, petázzie, petòzzie, zelfstandig naamwoord, stamppot (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
pothillen, pothille, werkwoord, samenwonen (Eindhoven en Kempenland)
pottenbakker, pottebakker, zelfstandig naamwoord, uit klei gebakken knikker (West-Brabant)
potteren, pottere, werkwoord, werken (Helmond en Peelland)
prakkeseren, prakkezeere, werkwoord, nadenken (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
pramen, praome, werkwoord, knellen (Eindhoven en Kempenland)
prating, praoting, zelfstandig naamwoord, gezelschap (Land van Cuijk)
pratten, pratte, werkwoord, mokken (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant; Eindhoven en Kempenland); pratte; pruilen, kwijnen (Den Bosch en Meierij)
pree, preej, zelfstandig naamwoord, zakgeld, salaris (Eindhoven en Kempenland; West-Brabant)
preekkantig, prikkantig, zelfstandig naamwoord, jaloers (Helmond en Peelland)
prei, poor, zelfstandig naamwoord, prei (Land van Cuijk)
prengel, prengel, zelfstandig naamwoord, gierigaard (Tilburg en Midden-Brabant)
prengelen, prengele, werkwoord, trillen, schudden (West-Brabant)
pressen, prösse, werkwoord, een geslacht varken verwerken (Helmond en Peelland)
presumptie, prezumpsie, zelfstandig naamwoord, achterdocht (Helmond en Peelland)
preut, preut, zelfstandig naamwoord, achterste (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland)
priemsen, priemse, werkwoord, stelen (Helmond en Peelland)
prijzig, prijzeg, bijvoeglijk naamwoord, duur (West-Brabant)
prikkeldraad, pikkeldraod, pikdraod, pikkerdraod, zelfstandig naamwoord, prikkeldraad (Eindhoven en Kempenland); pikdraod; prikkeldraad (Land van Cuijk); pikkerdraod; prikkeldraad (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland)
pril, pril, zelfstandig naamwoord, april (Helmond en Peelland)
principaalse, prinsepolse, zelfstandig naamwoord, voorname persoon (Tilburg en Midden-Brabant)
proeven, pruuve, werkwoord, pimpelen (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk)
pront, pro(o)nt, bijvoeglijk naamwoord, flink, kordaat, keurig (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant; Helmond en Peelland)
proost, próst, zelfstandig naamwoord, leunstoel (Land van Cuijk)
prop, prop, zelfstandig naamwoord, dennenappel (Den Bosch en Meierij)
pros, pros, zelfstandig naamwoord, koppig persoon (West-Brabant)
prosecutie, pèrsekuusie, zelfstandig naamwoord, kwelling, probleem (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
prossen, prösse, werkwoord, slordig werken (Tilburg en Midden-Brabant)
pruim, proem, zelfstandig naamwoord, knikker (Tilburg en Midden-Brabant)
pruimbes, prömbizzem, zelfstandig naamwoord, braam (Den Bosch en Meierij)
pruimpjesmik, pruumkesmik, zelfstandig naamwoord, krentenbrood (Land van Cuijk)
prul, prul, zelfstandig naamwoord, onderbuik, geslachtsdeel (Land van Cuijk)
prullen, prulle, werkwoord, prutsen (Den Bosch en Meierij)
prutter, prutter, zelfstandig naamwoord, liefhebber (Tilburg en Midden-Brabant)
pui, pui, zelfstandig naamwoord, tasmuurtje, scheiding tussen tasruimte en dorsvloer (West-Brabant)
puiken, puuke, werkwoord, aanstoten (West-Brabant)
puin, paone, pèène, penge, pèùn, puine, zelfstandig naamwoord, meervoud, kweekgras (Tilburg en Midden-Brabant); pèène; kweekgras (onkruid) (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland); penge; kweekgras (Helmond en Peelland); pèùn; kweekgras (Land van Cuijk); puine; kweekgras (onkruid) (West-Brabant)
puist, poist, paost, post, zelfstandig naamwoord, boomstronk (Helmond en Peelland); paost; boom- of heggenstronk; post; boomstronk (Tilburg en Midden-Brabant)
puistje, pèùske, zelfstandig naamwoord, kereltje (Eindhoven en Kempenland)
puit, puit, zelfstandig naamwoord, kikker (West-Brabant)
puiten, puite, werkwoord, gieten (Helmond en Peelland)
puitenbloem, puiteblom, zelfstandig naamwoord, pinksterbloem (West-Brabant)
puitoor, pèùtoor, zelfstandig naamwoord, plaaggeest (Eindhoven en Kempenland)
pukkel, poekel, zelfstandig naamwoord, rug (Land van Cuijk)
pulver, polvers, zelfstandig naamwoord, meervoud, klappertjes (Land van Cuijk)
quatsch, kwats, zelfstandig naamwoord, onzin (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
quatschen, kwatse, werkwoord, onzin praten (Land van Cuijk)
querelle, krèlle, zelfstandig naamwoord, meervoud, kuren (Eindhoven en Kempenland)
querelle, kerwel, zelfstandig naamwoord, ruzie (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland)
queue, keu, zelfstandig naamwoord, achterwerk (Helmond en Peelland)
quidam, kwiedam, zelfstandig naamwoord, vreemde snuiter, grapjas (Eindhoven en Kempenland; Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk)
raak, raak, zelfstandig naamwoord, gehemelte (Den Bosch en Meierij)
raam, raom, zelfstandig naamwoord, aanloop, uithaal (West-Brabant)
raar, raar, bijvoeglijk naamwoord, schaars (Land van Cuijk)
rabat, rebat, zelfstandig naamwoord, sponning, model (Tilburg en Midden-Brabant)
rabauw, rabauwke, zelfstandig naamwoord, reinette (appelras) (Eindhoven en Kempenland)
raden, raoie, werkwoord, aanraden (West-Brabant)
rafel, rèffel, riefel, zelfstandig naamwoord, rafel, reep, strook grond (Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk); riefeltje; verkleinwoord; reepje (Helmond en Peelland)
rafelen, rèffele, werkwoord, rafelen, vezelen (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant)
ragebol, raovesbol, zelfstandig naamwoord, ragebol (Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
raggen, ragge, werkwoord, wild spelen (West-Brabant)
rakel, raokel, zelfstandig naamwoord, ongemanierde vrouw (Den Bosch en Meierij)
rakelijzer, raokeliezer, rookelijzer, zelfstandig naamwoord, pook (Land van Cuijk); rookelijzer; pook (Den Bosch en Meierij)
rakken, rakke, werkwoord, ronddolen (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
raktas, raktes, zelfstandig naamwoord, vrouw die vaak van huis is (Helmond en Peelland)
rallen, ralle, werkwoord, brullen van koeien of krolse katten (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
ramen, raome, werkwoord, huppelen, van jong vee bijv. (West-Brabant)
rammelaar, raimeler, zelfstandig naamwoord, mannelijk konijn (Helmond en Peelland)
randen, raande, werkwoord, overslaan, nalaten (Tilburg en Midden-Brabant)
rank, reng, zelfstandig naamwoord, rank (stengel van een klimplant) (Land van Cuijk)
ranken, renge, werkwoord, bonen afhalen (Land van Cuijk)
rap, rap, bijvoeglijk naamwoord, snel (Land van Cuijk)
rappelement, rappelement, rippelemèènt, zelfstandig naamwoord, berisping (West-Brabant)
raspel, raspel, zelfstandig naamwoord, rasp (Land van Cuijk)
rats, rats, bijwoord, helemaal (Eindhoven en Kempenland)
ratsen, ratse, werkwoord, weghalen (Eindhoven en Kempenland)
rauwvorst, rowvorst, zelfstandig naamwoord, rijp (Land van Cuijk)
rauwvriezen, rouwvrieze, werkwoord, rijp vormen (Den Bosch en Meierij)
rauzen, rouse, werkwoord, tekeergaan (Den Bosch en Meierij; West-Brabant)
ravage, ráwázzie, rouwòzzie, zelfstandig naamwoord, wanorde (Helmond en Peelland); rouwòzzie; chaos (Den Bosch en Meierij)
razen, raoze, werkwoord, tekeergaan (Eindhoven en Kempenland)
rebbel, rèbbel, zelfstandig naamwoord, mond (Den Bosch en Meierij)
rebbelen, rebbele, werkwoord, druk praten (Land van Cuijk)
rechtbank, rebbaank, zelfstandig naamwoord, aanrecht (West-Brabant)
rechten, rèchte, werkwoord, procederen (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
recommanderen, rikkemendeere, werkwoord, aanbevelen (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
redderen, riddere, werkwoord, druk in de weer zijn (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
reddersteel, riddersteel, zelfstandig naamwoord, regelaar, druk baasje (Helmond en Peelland)
redelijk, rállek, ròllek, bijvoeglijk naamwoord, lichtelijk (Eindhoven en Kempenland); ròllek; lichtelijk (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland)
reep, reep, rjeep, zelfstandig naamwoord, ruif (Tilburg en Midden-Brabant); rjeep; hoepel (West-Brabant)
reepsnijder, reepsnéér, zelfstandig naamwoord, hoepelmaker (Helmond en Peelland)
regel, reejgel, zelfstandig naamwoord, liniaal (Eindhoven en Kempenland)
regels, reegels, zelfstandig naamwoord, meervoud, menstruatie (Den Bosch en Meierij; West-Brabant)
regenen, rengele, werkwoord, regenen (West-Brabant)
reien, rèèje, werkwoord, bereiken, moeite doen (Den Bosch en Meierij)
rein, rèèn, bijvoeglijk naamwoord, vies (Den Bosch en Meierij)
rekering, reekering, zelfstandig naamwoord, rekening (West-Brabant)
rekstro, rekstrooi, zelfstandig naamwoord, stro om onder een overledene te leggen (Tilburg en Midden-Brabant)
rellen, rèlle, werkwoord, rondstruinen (Den Bosch en Meierij)
remplaçant, raamplesaant, zelfstandig naamwoord, plaatsvervanger, o.m. in militaire dienst (West-Brabant)
rent, rent, zelfstandig naamwoord, het vieren van de ondertrouw (Tilburg en Midden-Brabant)
repen, reepe, werkwoord, hoepelen (West-Brabant); reepe; uit vrijen gaan (Tilburg en Midden-Brabant)
reper, reeperd, zelfstandig naamwoord, rokkenjager (Den Bosch en Meierij)
retireren, rettereere, rittereere, roitereere, werkwoord, druk heen en weer rennen (West-Brabant); rittereere; beredderen, in orde brengen (Tilburg en Midden-Brabant); roitereere; in actie komen, plaatsmaken (Helmond en Peelland)
retsen, rètse, werkwoord, rondstruinen (Den Bosch en Meierij)
reumatiek, rimmetiek, zelfstandig naamwoord, reuma (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; West-Brabant); rimmetiek; reuma (Den Bosch en Meierij)
richt, richt, zelfstandig naamwoord, richting (West-Brabant)
richter, richter, zelfstandig naamwoord, loopplank (Helmond en Peelland)
riek, riek, rèèk, zelfstandig naamwoord, ijzeren mestvork (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; West-Brabant); rèèk; hooihark (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland)
riels, riels, rils, bijvoeglijk naamwoord, tenger (Den Bosch en Meierij); rils; lang en mager (Eindhoven en Kempenland)
Riethoven, Rijtoowve, toponiem, Riethoven (Eindhoven en Kempenland)
rigeur, regeur, zelfstandig naamwoord, gezag, regime (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
rijden, rééje, werkwoord, rijden (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
rijder, rijer, zelfstandig naamwoord, mannelijk konijn (West-Brabant)
rijeren, reejere, rèère, riere, werkwoord, rillen (Land van Cuijk); rèère; bibberen (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant); riere; bibberen (West-Brabant)
rijf, rief, bijvoeglijk naamwoord, rijkelijk (Land van Cuijk)
rijf, rijf, raif, zelfstandig naamwoord, hark (West-Brabant); raif; hark (Tilburg en Midden-Brabant)
rijfkoek, riefkoek, zelfstandig naamwoord, aardappelpannenkoek (Land van Cuijk)
rijgdraad, driegdraod, zelfstandig naamwoord, rijgdraad (Eindhoven en Kempenland)
rijglijf, rèllef, zelfstandig naamwoord, korset (Den Bosch en Meierij)
rijgnestel, rejnassel, rainassel, rinnèssel, zelfstandig naamwoord, veter (Land van Cuijk); rainassel; schoenveter (Helmond en Peelland); rinnèssel; veter (Den Bosch en Meierij)
rijgnestelen, rinnèssele, werkwoord, ongeduldig heen en weer lopen, net voor de bevalling (Den Bosch en Meierij)
Rijkevoort, Riekevort, toponiem, Rijkevoort (Land van Cuijk)
rijs, ries, zelfstandig naamwoord, twijg, jonge tak (Land van Cuijk)
rijsbos, riesbos, zelfstandig naamwoord, takkenbos (Land van Cuijk)
rijstebrij, rijstebrij, zelfstandig naamwoord, muurpeper (West-Brabant)
rijt, réét, zelfstandig naamwoord, waterloop (Eindhoven en Kempenland)
rikken, rikke, werkwoord, kaartspel dat lijkt op whist (Eindhoven en Kempenland)
rikraden, rikraoje, werkwoord, zich afvragen wat te doen (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk)
ril, ril, zelfstandig naamwoord, ribbel (Tilburg en Midden-Brabant)
ripzakken, ripzakke, werkwoord, rommelen (Land van Cuijk)
riskatie, riskássie, -kòssie, zelfstandig naamwoord, risico (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Den Bosch en Meierij)
rist, riste, zelfstandig naamwoord, meervoud, kieren (Land van Cuijk)
rits, rits, bijvoeglijk naamwoord, loops (Land van Cuijk)
rits, ritsie, zelfstandig naamwoord, perzikkruid (Eindhoven en Kempenland)
ritsen, ritse, werkwoord, afstropen, snel heen en weer gaan, er vandoor gaan (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland)
rivet, rievet, revét, zelfstandig naamwoord, klinknagel, sluit- ring (Den Bosch en Meierij); revét; klinknagel, sluitring (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
roei, roei, zelfstandig naamwoord, honderd vierkante meter (Land van Cuijk)
roemer, roemer, zelfstandig naamwoord, wijnglas (Land van Cuijk)
roest, roest, zelfstandig naamwoord, kippenhorde, houten geraamte waar de kippen op slapen (West-Brabant)
roetsjbaan, roetsjbaan, zelfstandig naamwoord, glijbaan (Land van Cuijk)
roetsjen, roetse, werkwoord, glijden (Helmond en Peelland)
roffel, roefel, zelfstandig naamwoord, wasbord (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
rogge, rog, zelfstandig naamwoord, rogge (Helmond en Peelland)
roggebloem, rogbloem, zelfstandig naamwoord, korenbloem (Land van Cuijk)
rontelom, rontelom, -um, rommetom, roondelum, voorzetsel, rondom (Tilburg en Midden-Brabant; Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland); rommetom; rondom (West-Brabant); roondelum; rondom (Helmond en Peelland)
roof, roof, zelfstandig naamwoord, wondkorstje (Helmond en Peelland; West-Brabant)
Rooi, Rói, toponiem, Sint-Oedenrode (Den Bosch en Meierij)
room, rómme, roome, zelfstandig naamwoord, meervoud, melk (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
roosduif, rósdeufke, zelfstandig naamwoord, tamme tortelduif (Den Bosch en Meierij)
ros, rös, bijvoeglijk naamwoord, overrijp (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
rossen, rösse, werkwoord, schuren, wrijven (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
rouwenis, rouwenis, zelfstandig naamwoord, stuk grond met onkruid en lang gras (West-Brabant)
ruggenstreng, ruggestrang, rugstrang, zelfstandig naamwoord, wervelkolom (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Land van Cuijk)
ruien, ruie, werkwoord, schommelen (Land van Cuijk)
ruigte, rögt, zelfstandig naamwoord, onkruid, kreupelhout, wildernis (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
ruiken, ruuke, werkwoord, ruiken en rieken (Tilburg en Midden-Brabant)
ruimen, ruime, werkwoord, schoonmaken, leeg maken (West-Brabant)
ruiven, ruive, werkwoord, ruien, van veren wisselen (West-Brabant)
ruizelen, reuzele, reezele, ruuzele, werkwoord, ruien, van veren wisselen (Helmond en Peelland); reezele; ritselen (Helmond en Peelland); ruuzele; ruien, loslaten, uitvallen (Land van Cuijk)
ruizen, rééze, reeze, raoze, rèùze, rijze, werkwoord, uitvallen (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant); raoze; ruien, van veren wisselen (Den Bosch en Meierij); rèùze; ruien, van veren wisselen (Eindhoven en Kempenland); rijze; uitvallen, dwarrelen (Land van Cuijk)
rups, rips, rieps, zelfstandig naamwoord, rups (West-Brabant); rieps; rups (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland)
rus, rös, ros, rus, zelfstandig naamwoord, graszode (Helmond en Peelland); ros; graszode (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant); rus; zode (Eindhoven en Kempenland)
russel, russel, zelfstandig naamwoord, rooster, in de kachel en om de voeten te vegen (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
rutselen, rutsele, werkwoord, door elkaar schudden (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
ruttenbag, ruttebagge, zelfstandig naamwoord, meervoud, koolrapen (West-Brabant)
ruzie, ruuzeng, zelfstandig naamwoord, ruzie (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; West-Brabant)
sabbelen, zoebele, werkwoord, sabbelen (Helmond en Peelland; Land van Cuijk)
sabberen, zabbere, werkwoord, sabbelen (West-Brabant); zabbere; zuigen (Eindhoven en Kempenland)
sajet, sjet, zelfstandig naamwoord, stopgaren (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk; West-Brabant)
sakkeren, sakkere, werkwoord, vloeken (Eindhoven en Kempenland; West-Brabant; Helmond en Peelland)
salamander, salamander, zelfstandig naamwoord, potkacheltje (West-Brabant)
salaris, slorres, zelfstandig naamwoord, zakgeld (Den Bosch en Meierij)
salie, saovie, sèlf, zèlf, zilf, zelfstandig naamwoord, salie (tuinkruid) (West-Brabant); sèlf; salie (tuinkruid) (Den Bosch en Meierij); zèlf; salie (tuinkruid) (Land van Cuijk); zilf; salie (tuinkruid) (Eindhoven en Kempenland)
salut, seluuj, tussenwerpsel, tot ziens (West-Brabant)
sanselen, saansele, werkwoord, treuzelend lopen (Tilburg en Midden-Brabant)
santenboetiek, santepetie, zelfstandig naamwoord, kraam, rommel (Land van Cuijk)
Santerbuiten, Saanterbuite, toponiem, Standdaarbuiten (West-Brabant)
sarring, sarring, zelfstandig naamwoord, beroering (Land van Cuijk)
sas, sas, zelfstandig naamwoord, sluis (West-Brabant)
saucis, sesies, siesie, zelfstandig naamwoord, metworst (Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant; Eindhoven en Kempenland); siesie; metworst (West-Brabant)
schaar, schéér, scheer, skeer, skèèjer, zelfstandig naamwoord, schaar (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant); skeer, skèèjer; schaar (Helmond en Peelland; Den Bosch en Meierij)
schaarbaar, scharber, bijvoeglijk naamwoord, rijp voor de oogst (Tilburg en Midden-Brabant)
schaarbos, schaarbos, zelfstandig naamwoord, bos van kreupelhout (West-Brabant)
schaars, schaors, schárs, skars, zelfstandig naamwoord, scheermes (Tilburg en Midden-Brabant) schárs; scheermes (Eindhoven en Kempenland); skars; scheermes (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland)
schaatsen, schetse, werkwoord, schaatsen (West-Brabant)
schabbernak, schabbernak, zelfstandig naamwoord, bouwvallig huis (Tilburg en Midden-Brabant)
schabouwelijk, schabouwelek, bijvoeglijk naamwoord, slordig (West-Brabant)
schade, schaoi, skaai, zelfstandig naamwoord, schade (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant); skaai; schade (Helmond en Peelland)
schadelijk, schaoilek, skaailek, skaoilek, bijvoeglijk naamwoord, duur, nadelig (Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant); skaailek; duur, nadelig (Helmond en Peelland);skaoilek; nadelig (Den Bosch en Meierij)
schaduw, schaoi, zelfstandig naamwoord, schaduw (Tilburg en Midden-Brabant)
schaft, schof, zelfstandig naamwoord, korte periode (Tilburg en Midden-Brabant)
schaften, schoove, skofte, werkwoord, uitrusten, schaften (West-Brabant); skofte; schaften (Helmond en Peelland)
schalier, schelier, zelfstandig naamwoord, paardenruif (West-Brabant)
schamel, schemmel, bijvoeglijk naamwoord, ongepast (Land van Cuijk)
schandaliseren, schandeliezeere, skandelezeere, werkwoord, beschadigen (West-Brabant); skandelezeere; beschadigen (Helmond en Peelland)
schans, schaans, schans, zelfstandig naamwoord, takkenbos (Land van Cuijk); schans; schutting van steen (Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk)
schansmuur, schaansmuur, skansmuur, zelfstandig naamwoord, schutting (Tilburg en Midden-Brabant); skansmuur; schutting (Helmond en Peelland)
schap, schab, skab, zelfstandig naamwoord, plank (in een kast of aan de muur) (Eindhoven en Kempenland); skab; dikke plank (Den Bosch en Meierij)
schaper, scheeper, skeeper, zelfstandig naamwoord, schaapherder (Eindhoven en Kempenland); skeeper; schaapherder (Den Bosch en Meierij)
schapraai, schapraoi, skopsraai, zelfstandig naamwoord, kelderkast (West-Brabant); skopsraai; keukenplank (Helmond en Peelland)
scharen, skaarze, skoerse, werkwoord, scharen, vergaren, bijeenbrengen, uitschrapen (Den Bosch en Meierij); skoerse; schrapen (Helmond en Peelland)
scharkuikentje, scharkuukske, schéérkuukske, zelfstandig naamwoord, lievelingetje (Land van Cuijk); schéérkuukske; nakomertje (Tilburg en Midden-Brabant)
scharmaaier, schermaai, zelfstandig naamwoord, druktemaker (Tilburg en Midden-Brabant)
scharrelebonker, scharrelebonker, zelfstandig naamwoord, klaploper (Land van Cuijk)
schavieren, schaffiere, werkwoord, ontzien (Eindhoven en Kempenland)
schavierig, skaviereg, bijvoeglijk naamwoord, verwaarloosd, lichtzinnig, ondeugend (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland)
scheefloper, schaaflouwper, zelfstandig naamwoord, klaploper (Helmond en Peelland)
scheel, schéél, scheel,, skeel, skèèl, zelfstandig naamwoord, deksel (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant); skeel; deksel (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland); skèèl; scheel (Helmond en Peelland)
scheikei, schaaikaai, zelfstandig naamwoord, grenssteen (Tilburg en Midden-Brabant)
schelden, schèlle, werkwoord, schelden (Eindhoven en Kempenland)
schelen, skeele, werkwoord, verschillen (Helmond en Peelland)
schelf, schelft, skelft, skilft, zelfstandig naamwoord, hooizolder (Eindhoven en Kempenland); skelft; hooizolder (Helmond en Peelland); skilft; kippenhorde, houten geraamte waar de kippen op slapen (Den Bosch en Meierij)
schelm, schelm, zelfstandig naamwoord, dief (Eindhoven en Kempenland)
schemeren, schiemere, skiemere, werkwoord, schemeren (Tilburg en Midden-Brabant); skiemere; schemeren (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland)
schenden, schééne, skèène, werkwoord, beschadigen, vernielen (Land van Cuijk); schèène; schelden (Tilburg en Midden-Brabant); skèène; schelden (Den Bosch en Meierij)
schenk, schenk, schink,. skenk, zelfstandig naamwoord, bot (Eindhoven en Kempenland); schink; ham (Land van Cuijk); skenke; meervoud; beenderen (Helmond en Peelland)
schenkblok, skenkblok, zelfstandig naamwoord, bar (Helmond en Peelland)
scheplepel, schepleepel, zelfstandig naamwoord, soeplepel (Land van Cuijk)
scheppen, schoepe, werkwoord, scheppen, weglopen (Land van Cuijk)
schepwade, schepwaoi, zelfstandig naamwoord, schepnet (Eindhoven en Kempenland)
scherp, scherp, zelfstandig naamwoord, scherpe kant van het mes (Land van Cuijk)
schertsen, schiertse, skiertse, werkwoord, giechelen (Land van Cuijk); skiertse; giechelen (Den Bosch en Meierij)
scheuteling, schutteling, zelfstandig naamwoord, big dat al van de zeug af is (Land van Cuijk)
scheutig, scheuteg, skeuteg, bijvoeglijk naamwoord, royaal (Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant); skeuteg; royaal (Den Bosch en Meierij)
scheutje, schutje, zelfstandig naamwoord, poosje (West-Brabant)
schibbelen, schiebere, skibbele, werkwoord, beven (Land van Cuijk); skibbele; bibberen (Den Bosch en Meierij)
schieps, skieps, bijvoeglijk naamwoord, scheef (Helmond en Peelland)
schier, schier, bijvoeglijk naamwoord, bedorven, van een ei (Land van Cuijk); schier; glazig, van een aardappel (Land van Cuijk)
schieter, schieter, zelfstandig naamwoord, knikker (Eindhoven en Kempenland)
schietworm, schietwörm, skietwörm, zelfstandig naamwoord, zilvervisje (Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk) skietwörm; zilvervisje, suikergast (Den Bosch en Meierij)
schiften, skiefere, werkwoord, schiften (Den Bosch en Meierij)
schijtbos, schijtbos, sketbos, zelfstandig naamwoord, bos hoog gras op plaatsen waar koeienvlaaien hebben gelegen (West-Brabant); sketbos; bos hoog gras op plaatsen waar koeienvlaaien hebben gelegen (Den Bosch en Meierij)
schijtekster, schéétekster, zelfstandig naamwoord, bangerik (Tilburg en Midden-Brabant)
schijthuis, schiethuus, skijthois, zelfstandig naamwoord, toilet, bangerik (Land van Cuijk); skijthois; bangerik (Helmond en Peelland)
schijtmelde, schietmeld, zelfstandig naamwoord, melde (plant) (Land van Cuijk)
schijtmik, schéétmik, zelfstandig naamwoord, kruidkoek (Tilburg en Midden-Brabant)
schijtvlek, schietvlek, zelfstandig naamwoord, strontje (zweertje aan het ooglid) (Land van Cuijk)
schik, schik, skik, zelfstandig naamwoord, plezier (Land van Cuijk); skik; plezier (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland)
schilerwt, schelarte, zelfstandig naamwoord, meervoud, peultjes (West-Brabant)
schillen, schelle, skelle, werkwoord, schillen (Eindhoven en Kempenland); skelle; schillen (Helmond en Peelland)
schilmesje, schelmiske, zelfstandig naamwoord, schilmesje (Tilburg en Midden-Brabant)
schimp, schimp, zelfstandig naamwoord, schaamlippen (Land van Cuijk)
schit, schit, zelfstandig naamwoord, koeienvlaai (Eindhoven en Kempenland)
schob, schop, skop, zelfstandig naamwoord, schuurtje (Land van Cuijk; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant); skop; schuurtje (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland)
schobbelen, schobbele, werkwoord, schurken (Tilburg en Midden-Brabant)
schobben, schobbe, skobbe, werkwoord, krabben, schurken (Land van Cuijk); skobbe; krabben, schurken (Den Bosch en Meierij)
schobber, schoeber, zelfstandig naamwoord, schobbejak (Eindhoven en Kempenland)
schoelje, schoelie, zelfstandig naamwoord, vieze vrouw (Land van Cuijk)
schoepen, schoepe, skoepe, werkwoord, stelen (Tilburg en Midden-Brabant); skoepe; stelen (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland)
schoer, schoer, skoer, zelfstandig naamwoord, onweersbui, zware regenbui (Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk); skoer; onweersbui, zware regenbui (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland)
schoester, schoester, zelfstandig naamwoord, schoenmaker (Land van Cuijk)
schoeveren, schuuvere, werkwoord, huiveren (Land van Cuijk)
schoffelen, schoefele, skoefele, werkwoord, schoffelen (Land van Cuijk); skoefele; schoffelen (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland)
schokkelen, schokkele, werkwoord, schudden (Land van Cuijk)
schokkeren, schokkere, werkwoord, zich schokkend voortbewegen (West-Brabant)
schoks, schoeks, zelfstandig naamwoord, scheef (Land van Cuijk)
schollenbonk, schollebonk, zelfstandig naamwoord, schurk (West-Brabant)
scholletjederen, schollekedeere, werkwoord, over ijsschotsen rennen (Tilburg en Midden-Brabant)
scholt, skólt, zelfstandig naamwoord, ovenspaan (Den Bosch en Meierij)
schommeldruk, schommeldruk, zelfstandig naamwoord, dropwater (West-Brabant)
schommelei, schommelei, zelfstandig naamwoord, bedorven ei (West-Brabant)
schonkwammes, schokwammes, zelfstandig naamwoord, zware vrouw (Tilburg en Midden-Brabant)
schooltjematten, schóltjematte, werkwoord, spijbelen (Tilburg en Midden-Brabant)
schooltjewachten, schuultwachte, werkwoord, spijbelen (Land van Cuijk)
schoon, schon, schoon, skòn, schwoon, bijvoeglijk naamwoord, mooi (Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant); skòn; mooi (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland); schwoon; netjes (West-Brabant)
schoonbroer, schoonbroer, zelfstandig naamwoord, zwager (West-Brabant)
schop, schup, zelfstandig naamwoord, spade (Land van Cuijk)
schopje, schöpke, zelfstandig naamwoord, dennenappel (Land van Cuijk)
schoppen, schuppe, skuppe, werkwoord, schoppen (Tilburg en Midden-Brabant); skuppe; schoppen (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland)
schort, scholk, skolk, zelfstandig naamwoord, schort (Eindhoven en Kempenland); skolk; schort (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland)
schortel, schortel, zelfstandig naamwoord, schort (Land van Cuijk)
schot, schot, skot, zelfstandig naamwoord, koe die eenmaal gekalfd heeft (West-Brabant; Eindhoven en Kempenland); koe die eenmaal gekalfd heeft (Den Bosch en Meierij)
schoteldoek, schotteldoek, zelfstandig naamwoord, vaatdoek (West-Brabant)
schottelslet, schootelslèt, schottelslèt, skòttelslèt, zelfstandig naamwoord, vaatdoekje (Eindhoven en Kempenland); schottelslèt; vaatdoek (Land van Cuijk) ; skóttelslèt; vaatdoekje (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland)
schouder, schoer, zelfstandig naamwoord, schouder(blad) (West-Brabant)
schraal, schraol, bijvoeglijk naamwoord, mager (Tilburg en Midden-Brabant)
schrale, schrállie, zelfstandig naamwoord, scharminkel (Eindhoven en Kempenland)
schramie, skraamie, zelfstandig naamwoord, lange, magere, onvriendelijke vrouw (Helmond en Peelland)
schrankelen, skrenkele, skriekele, werkwoord, strompelen (Helmond en Peelland); skriekele; wankelend lopen (Den Bosch en Meierij)
schrap, skrepke, zelfstandig naamwoord, streepje (Helmond en Peelland)
schrap, schraap, bijvoeglijk naamwoord, ruw (Land van Cuijk)
schrapnel, skrapnèl, zelfstandig naamwoord, lelijke vrouw (Den Bosch en Meierij)
schreeuwen, schrauwe, schreuwe, schruwwe, skreuwe, werkwoord, huilen (Land van Cuijk) schreuwe; huilen (Tilburg en Midden-Brabant); schruwwe; huilen (Eindhoven en Kempenland); skreuwe; huilen (Den Bosch en Meierij)
schreeuws, skraws, zelfstandig naamwoord, schreeuwlelijk (Helmond en Peelland)
schreeuwsaus, skruwsaws, zelfstandig naamwoord, uiensaus (Helmond en Peelland)
schreken, schrééke, skreeke, werkwoord, schreeuwen (Land van Cuijk); skreeke; schreeuwen (Den Bosch en Meierij)
schrepel, schreejpel, schrèèpel, bijvoeglijk naamwoord, mager, schraal (Eindhoven en Kempenland); schrèèpel; mager, tenger (West-Brabant)
schrepel, schreepel, zelfstandig naamwoord, wiedhaak, werktuig om onkruid te wieden (Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
schriet, schriet, zelfstandig naamwoord, lange, dunne meid (Land van Cuijk)
schrijden, skraaie, werkwoord, met grote passen lopen (Helmond en Peelland)
schrijenbeens, skreienbings, bijwoord, schrijlings (Helmond en Peelland)
schrijsen, schriese, werkwoord, krijsen (Land van Cuijk)
schrijten, schrééte, werkwoord, krijsen (Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
schrijver, schrééver, schriever, skreever, skrèèver, zelfstandig naamwoord, schrijver, geelgors (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant); schriever; schrijver, geelgors (Land van Cuijk); skreever, skrèèver; schrijver, geelgors (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland)
schrik, schrik, skrik, zelfstandig naamwoord, angst (Eindhoven en Kempenland); skrik; angst (Helmond en Peelland)
schriks, schriks, bijvoeglijk naamwoord, schuin (Tilburg en Midden-Brabant)
schrobbelaar, schrobbeléér, zelfstandig naamwoord, textielarbeider (Tilburg en Midden-Brabant)
schroetsen, schroetse, werkwoord, schampen, schuren (Land van Cuijk)
schroeven, schroepe, werkwoord, aanlopen, in zijn loop belemmerd worden (Land van Cuijk)
schrot, skrot, zelfstandig naamwoord, fijne hagel (Helmond en Peelland)
schuddekul, schuddekul, zelfstandig naamwoord, slappe koffie (West-Brabant)
schudden, schudde, werkwoord, uitgieten (Land van Cuijk)
schuieren, schuiere, werkwoord, schuiven, schuren (West-Brabant)
schuif, schèùf, zelfstandig naamwoord, tafellade (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
schuifel, skoifel, zelfstandig naamwoord, stoomfluit (Helmond en Peelland)
schuifelen, sjoefele, schuufele, werkwoord, schuifelen, sloffen (West-Brabant; Tilburg en Midden-Brabant); schuufele; kiskassen, steentjes op het water laten kaatsen (Land van Cuijk)
schuimen, skuume, werkwoord, rondstruinen (Den Bosch en Meierij)
schuren, schoere, werkwoord, schrobben (Eindhoven en Kempenland)
schurft, schörft, schurft, zelfstandig naamwoord, schurft, ijzeroerbank (West-Brabant); schurft; moeilijk te bewerken grond (West-Brabant)
schuts, skuts, zelfstandig naamwoord, grote, vaak ijzeren, knikker (Den Bosch en Meierij)
schuup, schuup, zelfstandig naamwoord, vrouw die graag uit gaat (Land van Cuijk)
schuurhaard, schuurherd, zelfstandig naamwoord, dorsvloer (Tilburg en Midden-Brabant)
schuw, schèùw, schouw, skaw, skouw, bijvoeglijk naamwoord, schuw, schunnig (Eindhoven en Kempenland); schouw; schuw (Land van Cuijk; West-Brabant); skaw; schuw (Helmond en Peelland); skouw; schuw, onbeschoft (Den Bosch en Meierij)
schwung, zjoem, zelfstandig naamwoord, fut (Tilburg en Midden-Brabant)
seffens, seffes, bijwoord, dadelijk, aanstonds (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; West-Brabant)
seiselen, seisele, werkwoord, kiskassen, steentjes op het water laten kaatsen (West-Brabant)
semmelen, semmele, simmele, werkwoord, treuzelen (Helmond en Peelland); simmele; aarzelen (Land van Cuijk)
semmeltrien, sèmmeltrien, zelfstandig naamwoord, treuzelaar (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
sep, sèp, sjep, siep, zelfstandig naamwoord, drop (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland); sjep; drop (Tilburg en Midden-Brabant); siep; spekje (snoep) (Helmond en Peelland)
sepjesdrop, sepkesdrop, zelfstandig naamwoord, dropwater (Land van Cuijk)
seut, seut, zelfstandig naamwoord, traag persoon (West-Brabant)
showdol, sjowdol, zelfstandig naamwoord, macho (Helmond en Peelland)
sibbig, sibbekes, bijvoeglijk naamwoord, akelig (West-Brabant)
Sieb, Siep, zelfstandig naamwoord, wijk in ’s-Hertogenbosch, deel van Orthenpoort (Den Bosch en Meierij)
sieper, sieper, zelfstandig naamwoord, oogvuil (Helmond en Peelland)
siepoog, siepoog, zelfstandig naamwoord, tranend oog (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
sijpel, zeepels, zelfstandig naamwoord, meervoud, oogvuil (Tilburg en Midden-Brabant)
sik, sik, zelfstandig naamwoord, bok (Den Bosch en Meierij); sik; gemeentesecretaris (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
sikkel, zeekel, zichel, zelfstandig naamwoord, sikkel (West-Brabant); zichel; sikkel (Eindhoven en Kempenland)
simmen, simme, simmieje, simpe, werkwoord, zeuren, zacht huilen (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant); simmieje; zeuren, zacht huilen (Den Bosch en Meierij); simpe; zeuren, zacht huilen (Helmond en Peelland)
sinds, siend, swens, bijwoord, sinds (West-Brabant); siend; ondertussen (West-Brabant); swens; sinds (Tilburg en Midden-Brabant)
singel, singel, zelfstandig naamwoord, buikband (paardentuig) (Land van Cuijk)
Sint-Agatha, Sintaagte, toponiem, St.-Agatha (Land van Cuijk)
Sint-Anthonis, Sintunnis, toponiem, St.-Anthonis (Land van Cuijk)
sintjansbes, sintjansbeezem, sintjansbeezie, zelfstandig naamwoord, blauwe bosbes (Tilburg en Midden-Brabant); sintjansbeezie; blauwe bosbes (Eindhoven en Kempenland)
sjacheren, sjachele, werkwoord, handelen (Tilburg en Midden-Brabant)
sjanfoeteren, sjanfoetere, werkwoord, boos zijn (Helmond en Peelland)
sjansen, sjanse, werkwoord, flirten (Den Bosch en Meierij)
sjappie, sjappie, sjap, zelfstandig naamwoord, opzichtig geklede ordinaire man (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk; West-Brabant); sjap; ordinair persoon (Tilburg en Midden-Brabant)
sjarel, sjaorel, zelfstandig naamwoord, kanjer (West-Brabant)
sjatsen, sjatse, werkwoord, boemelen (West-Brabant)
sjezen, sjeeze, werkwoord, hard rijden (Land van Cuijk)
sjirpen, skirpe, werkwoord, piepen, tjilpen (Den Bosch en Meierij)
sjokkebollen, sjokkebolle, werkwoord, zich schokkend voortbewegen, bijv. in een kar (West-Brabant)
sjurk, sjurk, zelfstandig naamwoord, mus (Tilburg en Midden-Brabant)
sla, slaai, slaoi, zelfstandig naamwoord, sla (Helmond en Peelland; Land van Cuijk); slaoi; sla (Tilburg en Midden-Brabant)
slaappon, slappon, zelfstandig naamwoord, pyjama (Tilburg en Midden-Brabant)
slabber, slabber, zelfstandig naamwoord, slabbetje (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk); slèbberke; verkleinwoord; slabbetje (Eindhoven en Kempenland)
slachter, slachter, zelfstandig naamwoord, slager (Eindhoven en Kempenland)
sladder, sladder, zelfstandig naamwoord, stroperige massa (Land van Cuijk)
sladderig, sladdereg, bijvoeglijk naamwoord, glibberig (Den Bosch en Meierij)
slag, slag, zelfstandig naamwoord, groep patrijzen (Helmond en Peelland)
slagen, slaoge, werkwoord, slaan (West-Brabant)
slaken, slaoke, werkwoord, dooien (West-Brabant)
slakkeren, slèkkere, werkwoord, verwelken (Eindhoven en Kempenland)
slameur, slameur, slemeur, zelfstandig naamwoord, beslommering (Tilburg en Midden-Brabant); slemeur; drukte, zorgen (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland)
slauw, slauw, bijvoeglijk naamwoord, sloom (Land van Cuijk)
slechten, slechte, werkwoord, eggen na het zaaien (West-Brabant)
sleets, sleej, bijvoeglijk naamwoord, stroef aan de tanden (West-Brabant)
sleeuws, sleuws, slèws, sluws, bijvoeglijk naamwoord, wrang, sleeuw (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk); sluws; wrang, sleeuw (Helmond en Peelland)
sleg, sleg, zelfstandig naamwoord, grote, houten hamer (Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
slepen, slèèpe, werkwoord, slepen (Eindhoven en Kempenland)
slibberen, slibbere, werkwoord, baantje glijden over het ijs (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
slichtmes, slich(t)mes, zelfstandig naamwoord, kapmes (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
slidderen, sliddere, werkwoord, baantje glijden over het ijs (West-Brabant)
slieps, slieps, zelfstandig naamwoord, stropdas (Land van Cuijk)
sliet, sliet, zelfstandig naamwoord, lange stok (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant); sliet; lange vrouw (Land van Cuijk)
slijm, slèm, zelfstandig naamwoord, geklonterd kolengruis (Helmond en Peelland)
slijpen, sléépe, werkwoord, slijpen (Eindhoven en Kempenland)
slikwagge, slikwag, zelfstandig naamwoord, windsels, bij slecht weer of vuil werk om de broekspijpen gebonden (West-Brabant)
slinder, slinder, slinter, zelfstandig naamwoord, haarvlecht, slinger (Eindhoven en Kempenland; Den Bosch en Meierij)
slinderen, slintere, werkwoord, vlechten (Helmond en Peelland)
slip, slip, zelfstandig naamwoord, schoot (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Land van Cuijk)
slipslaan, slipslaon, werkwoord, geen succes hebben (West-Brabant)
slisselen, sliesele, werkwoord, onduidelijk praten (Helmond en Peelland)
slof, sloffe, zelfstandig naamwoord, meervoud, briketten (West-Brabant)
sloffen, slèffe, sloepe, werkwoord, sloffen (Eindhoven en Kempenland); sloepe; sloffen (Land van Cuijk)
sloffer, sleffers, zelfstandig naamwoord, meervoud, pantoffels (West-Brabant)
sloop, sleup, zelfstandig naamwoord, gleuf, sleuf (Helmond en Peelland)
sloor, sloor, slòr, zelfstandig naamwoord, arme, slordige vrouw (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant); sloor; hazelnoot (West-Brabant); sloore, slòrre; meervoud; koolzaad (gewas) (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
slop, slop, zelfstandig naamwoord, steegje (Tilburg en Midden-Brabant); slop; toegang in een heg tot akker of weide (West-Brabant)
sluitspeld, sloitspèèl, zelfstandig naamwoord, veiligheidsspeld (Helmond en Peelland)
slurpen, slierpe, werkwoord, slurpen (Eindhoven en Kempenland)
smeer, sméér, zelfstandig naamwoord, slaag (Land van Cuijk)
smeerlap, smerlap, zelfstandig naamwoord, gekonfijte dadel (Helmond en Peelland; West-Brabant)
smele, smeele, zelfstandig naamwoord, struisgras, buntgras (Helmond en Peelland)
smetten, smette, werkwoord, bevuilen (Land van Cuijk)
smetten, smètte, werkwoord, aanmerken (Helmond en Peelland)
smidse, smis, zelfstandig naamwoord, smederij (Helmond en Peelland)
smiegel, smiechel, zelfstandig naamwoord, linkerd (Eindhoven en Kempenland)
smiegelen, smiechele, werkwoord, iets stiekem doen (West-Brabant)
smierker, smiekerd, snierkerd, zelfstandig naamwoord, linkerd (Den Bosch en Meierij); snierkerd; stiekemerd, gemenerik (Helmond en Peelland)
smiksen, smiekse, werkwoord, smullen (Eindhoven en Kempenland)
smoel, smoel, zelfstandig naamwoord, gezicht (Den Bosch en Meierij; West-Brabant)
smoelwerk, smoelwéérk, zelfstandig naamwoord, gezicht (Tilburg en Midden-Brabant; Helmond en Peelland)
smoken, smooke, werkwoord, roken (Land van Cuijk)
smook, smook, zelfstandig naamwoord, walm (Tilburg en Midden-Brabant)
smoren, smoore, werkwoord, stuiven, roken (West-Brabant)
smorgens, smèrs, bijwoord, ’s morgens (Land van Cuijk)
smossen, smosse, werkwoord, knoeien, motregenen (West-Brabant)
smots, smots, zelfstandig naamwoord, onzedelijk meisje (Eindhoven en Kempenland)
smout, smout, smalt, zelfstandig naamwoord, raapolie (Tilburg en Midden-Brabant); smalt; smout, smeerbaar vet (Land van Cuijk)
snabbel, snèbbel, zelfstandig naamwoord, mond (Den Bosch en Meierij); snèbbel; praatzieke vrouw (Land van Cuijk)
snabbelen, snèbbele, werkwoord, babbelen (Eindhoven en Kempenland)
snater, snaoter, zelfstandig naamwoord, mond (Den Bosch en Meierij)
snatsen, snátse, snètse, werkwoord, eten van onrijp fruit (Eindhoven en Kempenland); snètse; stelen, stiekem snoepen van fruit (Den Bosch en Meierij)
sneb, snèb, zelfstandig naamwoord, snavel (Land van Cuijk)
snedig, snig, bijvoeglijk naamwoord, snedig (Helmond en Peelland)
sneeuwen, sneeje, werkwoord, sneeuwen (Land van Cuijk)
snelzeiker, snelzeiker, zelfstandig naamwoord, damesonderbroek met open kruis (Den Bosch en Meierij)
sneu, sneu, bijvoeglijk naamwoord, snugger (Eindhoven en Kempenland)
sneukelen, sneukele, werkwoord, snoepen (Helmond en Peelland)
snijder, snééjer, snèèr, zelfstandig naamwoord, kleermaker (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk); snèèr; kleermaker, libel (Eindhoven en Kempenland)
snipperboon, snipperbón, zelfstandig naamwoord, snijboon (Eindhoven en Kempenland)
snips, snips, bijvoeglijk naamwoord, krap (Eindhoven en Kempenland)
snitsel, snitselke, zelfstandig naamwoord, snipper (Land van Cuijk)
snitter, snitter, zelfstandig naamwoord, snipper (Eindhoven en Kempenland)
snitteren, snèttere, werkwoord, versnipperen (Den Bosch en Meierij)
snobben, snobbe, werkwoord, grommen (Tilburg en Midden-Brabant)
snoeren, snuure, werkwoord, aanrijgen (Eindhoven en Kempenland)
snoetje, snuutje, zelfstandig naamwoord, snoetje, kusje (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
snokken, snukke, werkwoord, rukken (Eindhoven en Kempenland; West-Brabant)
snollen, snolle, werkwoord, snoepen (Land van Cuijk)
snor, snoerske, zelfstandig naamwoord, snorretje (Helmond en Peelland)
snorren, snoorze, werkwoord, spinnen, snorren (Helmond en Peelland)
snotpiek, snotpiek, zelfstandig naamwoord, snottebel (West-Brabant)
snotpin, snotpin, zelfstandig naamwoord, snottebel (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant)
snubbeken, snubbe, werkwoord, snuffelen (Helmond en Peelland)
snuffen, snoffe, werkwoord, snotteren (Eindhoven en Kempenland; Den Bosch en Meierij)
snuif, snuf, zelfstandig naamwoord, snuiftabak (Eindhoven en Kempenland)
snuit, snut, zelfstandig naamwoord, snauw (Land van Cuijk)
snuiten, snutte, werkwoord, snuiten (West-Brabant)
snuiven, snuuve, werkwoord, opscheppen (Land van Cuijk)
soeliën, soelieje, werkwoord, klungelen (Den Bosch en Meierij)
Soerendonk, Zoerk, toponiem, Soerendonk (Eindhoven en Kempenland)
soeur, sèùr, zelfstandig naamwoord, non (West-Brabant)
sok, zök, zok, zelfstandig naamwoord, meervoud, sokken (Helmond en Peelland); zok; sok (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk)
soldaat, saldoot, zelfstandig naamwoord, soldaat (Den Bosch en Meierij)
solfer, solfer, zelfstandig naamwoord, zwavel (Helmond en Peelland)
solution, slusjon, zelfstandig naamwoord, bandenplak (Helmond en Peelland)
Someren, Zummere, toponiem, Someren (Helmond en Peelland)
sommenketijden, seménketije, bijwoord, zo nu en dan (Tilburg en Midden-Brabant)
somwijlen, somwééle, sewééle, sówèlle, swijle, bijwoord, soms (Eindhoven en Kempenland); sewééle; soms (Tilburg en Midden-Brabant); sówèlle; soms, wellicht (Den Bosch en Meierij); swijle; soms (West-Brabant)
somwijls, swees, bijwoord, ondertussen, terwijl (West-Brabant)
sop, sop, zelfstandig naamwoord, gekookt voer voor het vee, spekvet (Eindhoven en Kempenland)
sopje, söpke, zelfstandig naamwoord, natte sneeuwbal (Land van Cuijk)
soppen, soppe, söppe, werkwoord, onderdompelen (Tilburg en Midden-Brabant); söppe; dopen in spekvet (Helmond en Peelland)
sossen, sösse, werkwoord, springen (West-Brabant)
spaak, speek, spjeek, zelfstandig naamwoord, spaak (Land van Cuijk); spjeeke; meervoud; spaken (West-Brabant)
spaarsen, spaorze, werkwoord, terrein effenen met de voet (Helmond en Peelland)
spaden, spaaie, spaoie, werkwoord, spitten (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Eindhoven en Kempenland; West-Brabant); spaaie, spaoie; flink eten (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant); spaaie; met grote passen lopen (Land van Cuijk)
spalk, spalk, zelfstandig naamwoord, vrucht van de meidoorn (Den Bosch en Meierij)
spatie, spossie, zelfstandig naamwoord, speling (Land van Cuijk)
spatjes, spatjes, zelfstandig naamwoord, meervoud, kapsones, praatjes (Den Bosch en Meierij)
spats, spatse, zelfstandig naamwoord, meervoud, ophef (Eindhoven en Kempenland)
speculasie, spikkelaasie, zelfstandig naamwoord, speculaas (West-Brabant)
speieren, spjeere, werkwoord, spatten (West-Brabant)
spekkers, spekkers, zelfstandig naamwoord, zoete kers (Land van Cuijk)
speknek, spèknèk, zelfstandig naamwoord, patser (Den Bosch en Meierij)
spekvlieg, spekvlieg, zelfstandig naamwoord, blauwe vleesvlieg, bromvlieg (Den Bosch en Meierij; West-Brabant)
speld, spèl, zelfstandig naamwoord, speld, dennennaald (Eindhoven en Kempenland)
spelden, speejte, werkwoord, vastspelden (Eindhoven en Kempenland)
spelen, speule, werkwoord, spelen (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
spelens, speules, zelfstandig naamwoord, speling (West-Brabant)
spelig, spulleg, bijvoeglijk naamwoord, bronstig, van koeien gezegd (Den Bosch en Meierij)
spelkoker, spellekooker, zelfstandig naamwoord, vrucht van de meidoorn (West-Brabant)
spellen, spelle, werkwoord, diarree hebben (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
spetten, spèète, werkwoord, spatten, spuiten (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant)
spie, spie, zelfstandig naamwoord, driehoekig perceel (Tilburg en Midden-Brabant)
spiegelen, spiegele, werkwoord, met iets pronken om een ander jaloers te maken (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk)
spieker, spieker, zelfstandig naamwoord, smalle turfschop (Helmond en Peelland)
spier, spier, zelfstandig naamwoord, halm, grasstengel (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
spiers, spiers, spiets, zelfstandig naamwoord, speeksel (Tilburg en Midden-Brabant); spiets; speeksel (Den Bosch en Meierij)
spiersen, spierse, spiertse, werkwoord, nat spetteren (Eindhoven en Kempenland); spierse; spugen, spatten (Helmond en Peelland); spiertse; spatten (Land van Cuijk)
spijl, spiel, zelfstandig naamwoord, spijl (Land van Cuijk)
spil, spel, spul, zelfstandig naamwoord, diarree (Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant); spul; spel (Land van Cuijk)
spin, spintje, speentje, spientje, zelfstandig naamwoord, voorraadkast (Den Bosch en Meierij); speentje; voorraadkast (Helmond en Peelland); spientje; voorraadkast (Land van Cuijk); spin; voorraadkast (Land van Cuijk)
spinhok, spinnehok, zelfstandig naamwoord, gevangenis (Den Bosch en Meierij)
spinnengeweef, spinnegeweef, zelfstandig naamwoord, spinnenweb (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk)
spinnenjager, spinnejaager, spinnejaoger, zelfstandig naamwoord, grauwe vliegenvanger (Land van Cuijk); spinnejaager, spinnejaoger; ragebol (Land van Cuijk; Eindhoven en Kempenland)
spinnenkop, spinnekop, zelfstandig naamwoord, ragebol (Den Bosch en Meierij); spinnekop; spin (West-Brabant)
spinnenvoeten, spinvoete, werkwoord, stuiptrekken (Tilburg en Midden-Brabant)
spinzen, spiense, werkwoord, gluren (Helmond en Peelland)
spochten, spochte, werkwoord, opstuiven (Land van Cuijk)
spoeden, spoeie, werkwoord, haasten (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
spoertelen, spoertele, werkwoord, diarree hebben (Tilburg en Midden-Brabant)
spollen, spolle, spolleke, werkwoord, woelen, in wanorde brengen door wild te bewegen (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant); spolleke; woelen, in wanorde brengen door wild te bewegen (Land van Cuijk)
sponde, spon, zelfstandig naamwoord, verplaatsbare plank (Tilburg en Midden-Brabant)
spoorbaan, spórbaon, zelfstandig naamwoord, spoorweg (Tilburg en Midden-Brabant)
sport, sproot, spreut, zelfstandig naamwoord, sport van ladder of stoelpoot (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland); spreut; sport van ladder of stoelpoot (Land van Cuijk)
spouwtje, spouwke, zelfstandig naamwoord, kleinigheidje (Tilburg en Midden-Brabant)
spreeuw, spraon, zelfstandig naamwoord, spreeuw (Land van Cuijk)
sproetel, sproetels, zelfstandig naamwoord, meervoud, sproeten (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk)
sprok, sprok, bijvoeglijk naamwoord, broos (West-Brabant)
sprong, sprong, spreung, zelfstandig naamwoord, kloofje (Land van Cuijk); spreung; barst (Helmond en Peelland)
spruiten, spruute, werkwoord, uitlopen, van een plant (Land van Cuijk)
spruw, spreew, zelfstandig naamwoord, spruw (Land van Cuijk)
spugen, spoege, werkwoord, overgeven (West-Brabant)
spuisteren, spuistere, werkwoord, kabaal maken (Helmond en Peelland)
spurriën, spurrieje, werkwoord, kabaal maken (Land van Cuijk)
spuw, spèùw, zelfstandig naamwoord, speeksel (Eindhoven en Kempenland)
spuwbakje, spejbèkske, zelfstandig naamwoord, kwispedoor (Land van Cuijk)
spuwen, spaawe, spouwe, werkwoord, spugen, overgeven (Helmond en Peelland); spouwe; overgeven (Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
staalkant, staalkant, zelfstandig naamwoord, met kreupelhout begroeide wal langs een akker (West-Brabant)
staandebeens, stòndebins, bijwoord, haastig (Helmond en Peelland)
staartpan, startpènneke, zelfstandig naamwoord, kikkervisje (Land van Cuijk)
staartschroef, startschroef, zelfstandig naamwoord, stuitbeen (Tilburg en Midden-Brabant)
staartschroef, stèrtskroef, zelfstandig naamwoord, stuitbeen (Den Bosch en Meierij)
stade, staai, zelfstandig naamwoord, gemak (Helmond en Peelland)
staden, staaie, staoie, werkwoord, stappen (Land van Cuijk); staoie; moeizaam voortgaan (West-Brabant)
stage, staosie, zelfstandig naamwoord, periode (West-Brabant)
stalen, staale, staole, werkwoord, gelijken (Helmond en Peelland; Land van Cuijk); staole; gelijken (Eindhoven en Kempenland)
stalgang, stalgange, zelfstandig naamwoord, meervoud, verticale palen, waar de koeien achter staan (West-Brabant)
stalrepel, stalreepels, stalreepe, zelfstandig naamwoord, meervoud, verticale palen, waar de koeien achter staan (Land van Cuijk); stalreepe; verticale palen, waar de koeien achter staan (Den Bosch en Meierij)
stampen, stampe, werkwoord, schoppen (Den Bosch en Meierij)
stand, stand, zelfstandig naamwoord, karnton (Eindhoven en Kempenland)
statie, staasie, zelfstandig naamwoord, station (Eindhoven en Kempenland)
steeg, steeg, stig, bijvoeglijk naamwoord, koppig (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant); stig; koppig (Eindhoven en Kempenland)
steekbes, stikkebeezie, stékbéér, zelfstandig naamwoord, kruisbes (West-Brabant); stékbéér; kruisbes (Land van Cuijk)
steekbord, stèkbredje, zelfstandig naamwoord, opzetplank van een kar (Land van Cuijk)
steekzak, stikkezak, zelfstandig naamwoord, boterhamzakje (West-Brabant)
steelmoes, steelemoes, zelfstandig naamwoord, raapstelen (Land van Cuijk)
steg, stegt, zelfstandig naamwoord, onverharde weg (Tilburg en Midden-Brabant)
steggelen, stèchele, werkwoord, kibbelen, redetwisten (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk; Helmond en Peelland)
steggelen, steggele, werkwoord, kibbelen, redetwisten (Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
stek, stèkke, zelfstandig naamwoord, meervoud, aanmaakhoutjes (Land van Cuijk)
stekaas, stèkás, stèkaos, zelfstandig naamwoord, larve van de kokerjuffer (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
stekel, steekels, zelfstandig naamwoord, meervoud, distel (West-Brabant)
stekelvarken, steekelverke, zelfstandig naamwoord, egel (Land van Cuijk; West-Brabant); steekelverke; pissebed (West-Brabant)
stekkendrager, stekkedraoger, zelfstandig naamwoord, rode bosmier (West-Brabant)
stekker, stèkker, zelfstandig naamwoord, meervoud, dorre takken (Helmond en Peelland)
stekkeren, stèkkere, werkwoord, sprokkelen (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
stempel, stimpelke, zelfstandig naamwoord, stammetje (Land van Cuijk)
stermijn, sturmijn, zelfstandig naamwoord, vergiet (West-Brabant)
stevernij, steevernej, zelfstandig naamwoord, stevigheid (Land van Cuijk)
stiechel, stiechel, zelfstandig naamwoord, stijfkop (Eindhoven en Kempenland)
stiekbal, stiekebal, zelfstandig naamwoord, gummibal (West-Brabant)
stiepel, stieperke, zelfstandig naamwoord, paaltje (Land van Cuijk)
stieselen, stiesele, werkwoord, kiskassen, steentjes op het water laten kaatsen (Helmond en Peelland)
stijfsel, stessel, zelfstandig naamwoord, stijfsel (West-Brabant)
stijgbeugel, stiebeugel, zelfstandig naamwoord, stijgbeugel (Eindhoven en Kempenland)
stik, stik, bijwoord, helemaal (Eindhoven en Kempenland; West-Brabant); stik; precies (Land van Cuijk); stik; scherp (Land van Cuijk)
stilletje, stilleke, zelfstandig naamwoord, klein draagbaar toilet in de vorm van een stoel (Land van Cuijk)
stinkolie, stinkollie, zelfstandig naamwoord, petroleum (Land van Cuijk)
Stiphout, Stippent, toponiem, Stiphout (Helmond en Peelland)
stobber, stobber, zelfstandig naamwoord, stuifzand (Eindhoven en Kempenland)
stobberen, stobbere, werkwoord, stof doen op- waaien (Tilburg en Midden-Brabant)
stoefen, stoefe, stòffe, werkwoord, opscheppen (West-Brabant); stòffe; opscheppen (Helmond en Peelland)
stoefer, stoeferke, zelfstandig naamwoord, pochetje (Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
stoffer, stofvèrke, zelfstandig naamwoord, handveger (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk)
stoken, steuke, stooke, werkwoord, opruien (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant); stooke; blozen (Eindhoven en Kempenland)
stokken, stokke, werkwoord, speelkaarten schudden (West-Brabant)
stolpen, stölpe, werkwoord, op zijn kop zetten (Land van Cuijk)
stolperen, stölpere, werkwoord, struikelen, stommelen, strompelen (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
stomp, stoemp, zelfstandig naamwoord, stomp (Land van Cuijk)
stook, stook, zelfstandig naamwoord, brandhout (Helmond en Peelland)
stoop, stoop, zelfstandig naamwoord, melkbus (Eindhoven en Kempenland); stupke; verkleinwoord; kruikje (Helmond en Peelland)
stootje, stötje, zelfstandig naamwoord, poosje (Land van Cuijk)
stootvogel, stótvoogel, zelfstandig naamwoord, roofvogel (Helmond en Peelland; Land van Cuijk)
stootwagen, stótwaage, zelfstandig naamwoord, handwagen (Helmond en Peelland)
stoppelen, stoppele, werkwoord, een stoppelveld ploegen (West-Brabant)
stopverf, stokvaaroew, zelfstandig naamwoord, stopverf (West-Brabant)
straffen, straove, werkwoord, zeuren (West-Brabant)
straks, strakke, bijwoord, over korte tijd, even geleden (Helmond en Peelland); strakke; straks (Land van Cuijk)
strapel, straopele, zelfstandig naamwoord, meervoud, blauwe bosbessen (Helmond en Peelland)
streen, streen, zelfstandig naamwoord, flauw meisje (West-Brabant)
streep, striepke, zelfstandig naamwoord, streepje (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
strekel, streekel, strikkel, zelfstandig naamwoord, slijpsteen (Land van Cuijk); streekel; tepel van een koe (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland); strikkel; vervelend persoon (Helmond en Peelland)
strekeloor, streekeloor, zelfstandig naamwoord, plaaggeest (Land van Cuijk)
streng, streeng, streen, zelfstandig naamwoord, streng garen (Helmond en Peelland); streen; streng garen (Tilburg en Midden-Brabant)
striemel, striemel, zelfstandig naamwoord, strook, reep (Den Bosch en Meierij)
striemelen, striemele, werkwoord, wankelen, waggelen (Eindhoven en Kempenland)
strietsen, strietse, werkwoord, stelen (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland); strietse; wild stropen (Land van Cuijk)
strijbos, strijbos, zelfstandig naamwoord, iemand die graag redetwist (West-Brabant)
strijden, strééje, streeje, strije, werkwoord, redetwisten (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk); strije; redetwisten (Helmond en Peelland; West-Brabant)
strijken, strééke, strieke, werkwoord, strijken, vleien (Den Bosch en Meierij); strieke; strijken, strelen (Land van Cuijk)
strijker, strééker, zelfstandig naamwoord, mooiprater (Tilburg en Midden-Brabant)
strijkhoutje, striekholtje, zelfstandig naamwoord, lucifer (Land van Cuijk)
stro, straw, zelfstandig naamwoord, stro (Helmond en Peelland)
stronthommel, stronthommel, zelfstandig naamwoord, mestkever (Den Bosch en Meierij)
strontpikker, strontpikker, zelfstandig naamwoord, kuifleeuwerik (Tilburg en Midden-Brabant)
strooien, strouwe, werkwoord, strooien (Helmond en Peelland; Land van Cuijk)
strooisel, strouwsel, strossel, zelfstandig naamwoord, strooisel (Den Bosch en Meierij); strossel; strooisel (Tilburg en Midden-Brabant)
stroopkoffie, stroopkoffie, zelfstandig naamwoord, cichorei (Tilburg en Midden-Brabant)
stroopnagel, streupnaagel, zelfstandig naamwoord, ingescheurde nagelrand (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant)
strop, strop, zelfstandig naamwoord, tegenvaller (Den Bosch en Meierij)
struif, streuf, strèùf, zelfstandig naamwoord, pannenkoek (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
struis, strois, bijvoeglijk naamwoord, flink, zelfverzekerd (Helmond en Peelland)
strul, strul, bijvoeglijk naamwoord, mul (Tilburg en Midden-Brabant)
stui, stui, zelfstandig naamwoord, voorhoofd (West-Brabant)
stuifregen, stiefreegen, zelfstandig naamwoord, motregen (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
stuik, stèùk, zelfstandig naamwoord, stapel (Tilburg en Midden-Brabant)
stuiken, stoeke, stuuke, werkwoord, schokken, winst halen (Land van Cuijk); stoeke; stuiteren (Land van Cuijk); stuuke; stutten (Land van Cuijk)
stuip, stuup, bijvoeglijk naamwoord, stevig, eigengereid (Tilburg en Midden-Brabant)
stuipelen, stuupele, werkwoord, spaarzaam regenen (Land van Cuijk)
stuiten, stèùte, stoite, stuute, werkwoord, prijzen, roemen (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant); stoite; prijzen, roemen (Helmond en Peelland); stuute; prijzen, roemen (Land van Cuijk)
stuiven, stiefe, stieve, werkwoord, motregenen (Helmond en Peelland); stieve; stuiven, stof (doen) opwaaien (Den Bosch en Meierij)
stukkeren, stukkere, werkwoord, oplappen (Eindhoven en Kempenland)
stult, stult, zelfstandig naamwoord, domme meid (Eindhoven en Kempenland)
stuperen, stuupere, werkwoord, aansporen, een zetje geven (Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
stuur, stuur, zelfstandig naamwoord, schommel (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant; Eindhoven en Kempenland)
stuurs, steur, bijvoeglijk naamwoord, hard, stroef, stuurs (Tilburg en Midden-Brabant)
stuw, stouw, zelfstandig naamwoord, klucht, menigte (Den Bosch en Meierij; West-Brabant)
stuwen, stouwe, werkwoord, opjagen (Den Bosch en Meierij; West-Brabant)
subiet, sebiet, zelfstandig naamwoord, meteen, dadelijk, aanstonds (Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
suffisant, suffisaant, bijvoeglijk naamwoord, zelfvoldaan (Tilburg en Midden-Brabant)
suisse, swies, zelfstandig naamwoord, ordehandhaver in de kerk (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
suk, suk, bijvoeglijk naamwoord, scheef (West-Brabant)
superplie, suuperplie, zelfstandig naamwoord, koorhemd, dat de priester over zijn toog draagt (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
supiet, sepiete, zelfstandig naamwoord, meervoud, zwezerik (Tilburg en Midden-Brabant)
sus, sus, zelfstandig naamwoord, bewustzijn (Tilburg en Midden-Brabant)
swietmaker, zwietmaaker, zelfstandig naamwoord, opschepper (Land van Cuijk)
taai, tèèj, tèj, bijvoeglijk naamwoord, boos (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland); tèj; vochtig (Land van Cuijk); tèj; met moeite (Land van Cuijk)
taailappen, taailappe, werkwoord, over ijsschotsen rennen (Helmond en Peelland)
taat, tát, zelfstandig naamwoord, vader (Land van Cuijk)
taats, tets, zelfstandig naamwoord, kopspijkertje (West-Brabant)
tack, tekse, zelfstandig naamwoord, meervoud, schoenspijkertjes (Tilburg en Midden-Brabant)
tafel, taffel, toffel, zelfstandig naamwoord, tafel (Eindhoven en Kempenland); toffel; tafel (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant)
tafelen, taffele, toffele, werkwoord, tafelen (volkgericht) (Eindhoven en Kempenland); toffele; tafelen (volksgericht) (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant)
takkelijk, takkelek, bijvoeglijk naamwoord, kordaat, pittig (Tilburg en Midden-Brabant)
talmen, dwalme, werkwoord, treuzelen (Land van Cuijk)
tarwe, tarroew, téérf, tèrf, zelfstandig naamwoord, tarwe (West-Brabant); téérf; tarwe (Tilburg en Midden-Brabant; Helmond en Peelland); tèrf; tarwe (Den Bosch en Meierij)
tas, taas, tas, tès, zelfstandig naamwoord, stapel (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant); tas; oogststapel (hooi, graan) (West-Brabant); tas; kop (thee, koffie) (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant); tès; luie, onverzorgde vrouw (Land van Cuijk); tès; zak (broek, jas) (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk)
tashol, tashool, zelfstandig naamwoord, bergruimte in de schuur (Helmond en Peelland)
tasneusdoek, tèsnuzzek, zelfstandig naamwoord, zakdoek (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland)
tatolf, taotolf, zelfstandig naamwoord, sufferd (Tilburg en Midden-Brabant)
tatten, tatte, werkwoord, klappen (Tilburg en Midden-Brabant)
te mettentijde, temaintje, temènt(i)e, bijwoord, morgenvroeg, vroeg in de ochtend (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Eindhoven en Kempenland)
te naastenbij, tenoste(m)bij, tenòstembaai, -bééj, bijwoord, ongeveer (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
tebbes, tèbbes, zelfstandig naamwoord, hoofd (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant)
teems, temmes, timmes, zelfstandig naamwoord, vergiet (Tilburg en Midden-Brabant); timmes; vergiet (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland)
teer, taar, taars, zelfstandig naamwoord, teer, pek (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland): taars; teer, pek (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant)
tegenswoordig, tiggeswooreg, bijwoord, tegenwoordig (West-Brabant)
tegetijd, teegetééj, bijwoord, tegelijkertijd (Tilburg en Midden-Brabant)
teil, teil, zelfstandig naamwoord, wastobbe (Land van Cuijk)
telder, telder, zelfstandig naamwoord, etensbord (Land van Cuijk)
telen, teule, tulle, werkwoord, telen, verbouwen, oogsten (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant); tulle; verbouwen (Land van Cuijk)
telen, teule, werkwoord, ploegen (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland); teule; banjeren (Helmond en Peelland)
tellen, telle, werkwoord, rekenen (Land van Cuijk)
temet, temèt, bijwoord, mettertijd, dadelijk, haast (West-Brabant)
temper, timper, zelfstandig naamwoord, beslag voor pannenkoeken (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
temptatie, temtaosie, zelfstandig naamwoord, ophef, kabaal (West-Brabant)
ten ruwste, terouwste, teröwste, bijwoord, zo ongeveer, ruwweg (Tilburg en Midden-Brabant; Eindhoven en Kempenland)
teren, taarze, werkwoord, met teer bestrijken (Helmond en Peelland)
Terheijden, Traaje, toponiem, Terheijden (West-Brabant)
tering, tèrreng, zelfstandig naamwoord, tuberculose (Eindhoven en Kempenland)
terwijl, tierewijle, voegwoord, terwijl (Helmond en Peelland)
test, tèèst, tiest, zelfstandig naamwoord, hoofd (West-Brabant); tiest; groot hoofd (Tilburg en Midden-Brabant)
tets, tets, zelfstandig naamwoord, klap (West-Brabant)
tetsen, tetse, werkwoord, stuiteren (Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
teugelen, teugele, werkwoord, vooruit trekken (Helmond en Peelland)
teulder, teulder, zelfstandig naamwoord, voerman (Helmond en Peelland)
teunissen, teunisse, werkwoord, slaan (Land van Cuijk)
teut, teut, werkwoord, rondtrekkende koopman (Eindhoven en Kempenland)
teuten, teute, werkwoord, treuzelen (West-Brabant)
theebloem, theebloem, -blom, zelfstandig naamwoord, muurbloem (Land van Cuijk muurbloem; Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant)
tic, tekse, zelfstandig naamwoord, meervoud, eigenaardigheden (Land van Cuijk)
tierntei, tuuteier, zelfstandig naamwoord, meervoud, kippeneieren (Land van Cuijk)
tiersen, tierse, werkwoord, met iets pronken om een ander jaloers te maken (Eindhoven en Kempenland)
tiet, tiet, zelfstandig naamwoord, kip (West-Brabant)
tietje, tietje, zelfstandig naamwoord, kippenei (Helmond en Peelland)
tietrnei, tietaai, tietei, zelfstandig naamwoord, kippenei (Tilburg en Midden-Brabant; Land van Cuijk; West-Brabant)
tijding, tééng, teng, zelfstandig naamwoord, bericht (Helmond en Peelland); teng; bericht (Den Bosch en Meierij; West-Brabant)
tikje, tikske, zelfstandig naamwoord, ogenblikje (West-Brabant)
tikkertje, takkerke, zelfstandig naamwoord, krijgertje (kinderspel) (West-Brabant)
tilleiig, tillééjeg, bijvoeglijk naamwoord, overgevoelig (Den Bosch en Meierij)
tilletje, tilleke, zelfstandig naamwoord, glazen knikker (West-Brabant)
timp, tomp, toemp, tump, zelfstandig naamwoord, punt (Land van Cuijk); toemp; hoek, punt (Den Bosch en Meierij); tump; punt (Den Bosch en Meierij)
tissen, tisse, werkwoord, sissen, braden (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland); tisse; zich verbijten, ongeduldig wachten (Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
titsen, titse, werkwoord, aantikken (Eindhoven en Kempenland); titse; ongeduldig wachten (West-Brabant)
tjannik, tjannek, zelfstandig naamwoord, tamme kauw, ekster of gaai (Tilburg en Midden-Brabant)
tobbe, toeb, zelfstandig naamwoord, wastobbe (Tilburg en Midden-Brabant)
tod, tod, zelfstandig naamwoord, vod (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
toddenkramer, toddekrèmmer, todkrimmer, zelfstandig naamwoord, voddenkoopman (Land van Cuijk); todkrimmer; voddenkoopman (Helmond en Peelland)
toe, toew, voorzetsel, tot (Eindhoven en Kempenland)
toebakkes, toebakkes, zelfstandig naamwoord, zwijger (Tilburg en Midden-Brabant)
toei, toei, zelfstandig naamwoord, rotzooi (Den Bosch en Meierij)
toelaag, toelaog, bijvoeglijk naamwoord, broodbeleg (Tilburg en Midden-Brabant)
toeliën, toelieje, werkwoord, treuzelen (Den Bosch en Meierij)
toemaat, toement, zelfstandig naamwoord, laatste oogst hooigras (Tilburg en Midden-Brabant)
toemaatkatje, toementkatje, zelfstandig naamwoord, najaarskatje (Tilburg en Midden-Brabant)
toen krek, toekrèkke, bijwoord, zojuist (Helmond en Peelland)
toer, toer, zelfstandig naamwoord, halssnoer (West-Brabant)
toeta, toeta, zelfstandig naamwoord, domme vrouw (Land van Cuijk)
toetmem, toetmem, bijwoord, eender (Helmond en Peelland)
toil cirée, dwalsereej, zelfstandig naamwoord, tafelkleed van zeil (Tilburg en Midden-Brabant)
tok, tók, zelfstandig naamwoord, poos (Eindhoven en Kempenland)
tokken, tukke, werkwoord, aarzelen (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk); tukke; pauzeren (Tilburg en Midden-Brabant)
tol, tolleke, zelfstandig naamwoord, raap, stoppelknol (West-Brabant)
tonnenmoes, tonmoes, zelfstandig naamwoord, zuurkool (Land van Cuijk)
toog, toog, twoog, zelfstandig naamwoord, bar, toonbank (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant); toog; ereboog (West-Brabant); twoog; toonbank (West-Brabant)
tooien, taowe, werkwoord, tooien, versieren (Helmond en Peelland)
toon, teun, zelfstandig naamwoord, toonbank (Land van Cuijk)
toot, toot, zelfstandig naamwoord, gezicht, mond (Helmond en Peelland; West-Brabant); toot; uitsteeksel van een balk (Helmond en Peelland)
tootop, tootop, zelfstandig naamwoord, snoever (Tilburg en Midden-Brabant)
tornen, teurze, werkwoord, trekken (Helmond en Peelland)
torsen, toorze, werkwoord, zoemen (Helmond en Peelland)
totteren, tjottere, werkwoord, loswrikken (Tilburg en Midden-Brabant)
tout par tout, toepertoe, bijwoord, zonder beperkingen (Tilburg en Midden-Brabant)
touter, touter, zelfstandig naamwoord, schommel (West-Brabant)
traktement, traktement, trektement, zelfstandig naamwoord, zakgeld (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; West-Brabant); trektement; zakgeld (Tilburg en Midden-Brabant)
trapperen, trapeere, trapiere, werkwoord, betrappen (Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
travalje, travallie, zelfstandig naamwoord, hoefstal (Tilburg en Midden-Brabant)
trechter, trefter, zelfstandig naamwoord, trechter (West-Brabant)
trede, treej, zelfstandig naamwoord, stap (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
treeft, treef, zelfstandig naamwoord, taartenrooster (Tilburg en Midden-Brabant; Den Bosch en Meierij); trifje; verkleinwoord; taartenrooster (Land van Cuijk)
treffelijk, trèffelek, bijwoord, toevallig (Eindhoven en Kempenland)
treil, treil, zelfstandig naamwoord, rij mesthoopjes op de akker (West-Brabant)
trekken, trekke, werkwoord, tochten (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk; West-Brabant)
trets, trets, zelfstandig naamwoord, schoenmakersspijker, punaise (Helmond en Peelland; Land van Cuijk)
trijzelen, triezele, werkwoord, rondslingeren (Land van Cuijk)
trip, trip, zelfstandig naamwoord, kwezel (Tilburg en Midden-Brabant)
triporteur, triepeteur, zelfstandig naamwoord, bakfiets (Tilburg en Midden-Brabant)
trippelen, treepele, werkwoord, ijsberen, dribbelen (Helmond en Peelland)
trizee, trezeej, zelfstandig naamwoord, vergiet (West-Brabant)
troebelig, trubbeleg, bijvoeglijk naamwoord, druk (Eindhoven en Kempenland)
troebelkont, trubbelkont, zelfstandig naamwoord, druk, onrustig persoon (Den Bosch en Meierij)
troel, tjoeleke, zelfstandig naamwoord, liefje (koosnaam) (West-Brabant)
troep, trop, zelfstandig naamwoord, groep (Land van Cuijk)
troesten, troeste, werkwoord, uit ergernis de lippen op elkaar persen (Helmond en Peelland)
troffel, trééfel, zelfstandig naamwoord, truweel (Tilburg en Midden-Brabant)
tros, troes, zelfstandig naamwoord, haarpluk, gezwel (Helmond en Peelland)
trosleeuwerik, troesluwwerik, zelfstandig naamwoord, kuifleeuwerik (Helmond en Peelland)
trosmond, trosmond, zelfstandig naamwoord, pruillip (Den Bosch en Meierij)
trul, trul, zelfstandig naamwoord, mond (Tilburg en Midden-Brabant)
trullen, drölle, trulle, werkwoord, rollen (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk); trulle; langzaam rollen (Eindhoven en Kempenland)
trunten, trunsele, werkwoord, treuzelen (Helmond en Peelland)
tube, tuub, zelfstandig naamwoord, fietsband (Tilburg en Midden-Brabant)
tuffen, tuffe, werkwoord, spugen (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; West-Brabant)
tuier, tuur, zelfstandig naamwoord, tuierpaal (Helmond en Peelland)
tuierhamer, teuerhaamer, zelfstandig naamwoord, grote, houten hamer (Land van Cuijk)
tuierpin, teuerpin, zelfstandig naamwoord, paaltje, dat in de grond wordt geslagen (Land van Cuijk)
tuil, tuiltje, zelfstandig naamwoord, kuifje (West-Brabant)
tuimeltak, toimeltak, zelfstandig naamwoord, wispelturig persoon (Helmond en Peelland)
tuin, tuin, tèùn, zelfstandig naamwoord, omheining, haag (West-Brabant); tèùn; omheining (Eindhoven en Kempenland)
tuisen, toese, tuuse, werkwoord, ruilen, wisselen (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Eindhoven en Kempenland); tuuse; ruilen (Land van Cuijk)
tuit, tuit, teut, zelfstandig naamwoord, melkkan, melkbus (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk); teut; neus van de schoen (West-Brabant)
tuitelen, tèùtele, tuitele, werkwoord, ruilen (Tilburg en Midden-Brabant; Eindhoven en Kempenland); tèùtele; sjacheren (Eindhoven en Kempenland); tuitele; wisselen (West-Brabant)
tuitzakje, tuutzekske, zelfstandig naamwoord, papieren zakje (Land van Cuijk)
tuk, tuk, zelfstandig naamwoord, aard, karakter (Den Bosch en Meierij)
tuktukvogel, tuktukvuggelke, zelfstandig naamwoord, roodborsttapuit (Helmond en Peelland)
tulpetaan, tulpetaon, zelfstandig naamwoord, parelhoen (West-Brabant)
tureluut, tuureluut, zelfstandig naamwoord, kuifleeuwerik (Tilburg en Midden-Brabant)
tus, tus, zelfstandig naamwoord, zode (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant)
tut, tut, tuut, zelfstandig naamwoord, fopspeen (Den Bosch en Meierij); tuut; fopspeen (Eindhoven en Kempenland); tuutje; verkleinwoord; papieren zakje (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant)
tutfles, tutfles, zelfstandig naamwoord, zuigfles (Land van Cuijk)
tuttelen, tuttele, werkwoord, zuigen (Land van Cuijk)
tutteren, tuttere, werkwoord, zuigen (Den Bosch en Meierij)
tweedens, twiddes, bijwoord, op de tweede plaats (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
u, oe, voornaamwoord, jou (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
u, uuwes, voornaamwoord, U (Den Bosch en Meierij)
Udenhout, Uunent, toponiem, Udenhout (Tilburg en Midden-Brabant)
uier, èùr, zelfstandig naamwoord, uier (Eindhoven en Kempenland)
uier, uur, zelfstandig naamwoord, uier (Helmond en Peelland)
uil, uul, zelfstandig naamwoord, uil (Helmond en Peelland)
uilenkop, uulekop, zelfstandig naamwoord, kikkervisje (Land van Cuijk)
uitbeduiden, uitbeduie, werkwoord, verklaren (West-Brabant)
uiteenhouden, uuterènhaawe, werkwoord, onderscheiden (Land van Cuijk)
uitersgang, uitersgaank, zelfstandig naamwoord, lente (West-Brabant)
uiterzij, uutersej, bijwoord, opzij (Land van Cuijk)
uithollen, uitölleke, werkwoord, uithollen (West-Brabant)
uitkomende, ötkommende, zelfstandig naamwoord, lente (Eindhoven en Kempenland)
uitlagen, ötleege, werkwoord, lager maken, afgraven (Tilburg en Midden-Brabant)
uitlodderen, uutloetere, werkwoord, oprekken (Land van Cuijk)
uitmaak, ötmaok, uitmaok, uutmaak, zelfstandig naamwoord, smoes (Tilburg en Midden-Brabant); uitmaok; smoes (West-Brabant); uutmaak; smoes (West-Brabant)
uitscharen, oitskaarze, werkwoord, uitschrapen (Helmond en Peelland)
uitscheiden, ötschaaie, oitskaaie, werkwoord, ophouden (Tilburg en Midden-Brabant); oitskaaie; ophouden (Helmond en Peelland)
uitschieten, ötschiete, werkwoord, uitscheppen (Eindhoven en Kempenland)
uitschuiven, oitskeuve, werkwoord, uitglijden (Helmond en Peelland)
uitval, ötval, zelfstandig naamwoord, resultaat (Eindhoven en Kempenland)
ulling, ulling, uuling, zelfstandig naamwoord, bunzing (Land van Cuijk);uuling; bunzing (Den Bosch en Meierij)
unster, öster, zelfstandig naamwoord, unster, weegtoestel met trekveer (West-Brabant; Tilburg en Midden-Brabant)
upper, uiper, zelfstandig naamwoord, visdobber (Land van Cuijk)
uw, oew, öw, ow, voornaamwoord, jouw (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant); öw; jouw (Eindhoven en Kempenland); ow; jouw (Land van Cuijk)
vaaiig, vaaieg, bijvoeglijk naamwoord, flauw, flets (Tilburg en Midden-Brabant)
vaak, vaok, zelfstandig naamwoord, slaap (West-Brabant)
vaakachtig, vaokèchteg, bijvoeglijk naamwoord, slaperig (Eindhoven en Kempenland)
vaardig, vaordeg, vèrreg, bijvoeglijk naamwoord, vlug (West-Brabant); vèrreg; gereed (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk)
vaars, vèès, zelfstandig naamwoord, jonge koe, vaars (West-Brabant)
vaart, vaort, zelfstandig naamwoord, heimwee (Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
vaarweg, vorweg, zelfstandig naamwoord, karrenspoor, landweg (Den Bosch en Meierij)
vademen, vaoieme, vaime, werkwoord, omarmen (Den Bosch en Meierij); vaime; tasten (Helmond en Peelland)
vag, vag, zelfstandig naamwoord, luiaard (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
valies, velies, zelfstandig naamwoord, reistas (Eindhoven en Kempenland)
valling, valleng, zelfstandig naamwoord, verkoudheid (Eindhoven en Kempenland; West-Brabant)
vals, vals, bijvoeglijk naamwoord, boos (Tilburg en Midden-Brabant)
vandeeg, vandeege, bijwoord, behoorlijk (West-Brabant)
var, var, zelfstandig naamwoord, stier (Land van Cuijk)
varen, vaare, vaore, voore, werkwoord, varen, rijden (Land van Cuijk); vaare; met de kruiwagen rijden (Helmond en Peelland); vaore; varen, als een gemis ervaren (Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant); vaore; niet bevallen (West-Brabant); vaore; varen, rijden, als een gemis ervaren (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland); voore; niet bevallen (Helmond en Peelland)
varig, varreg, bijvoeglijk naamwoord, tochtig, van een koe gezegd (Land van Cuijk)
vars, vars, zelfstandig naamwoord, hak (voet) (Eindhoven en Kempenland); vars; hiel (West-Brabant)
Vastenavond, vastenaovend, vastelaove(n)d, zelfstandig naamwoord, vastenavond, carnavalsdinsdag (Tilburg en Midden-Brabant); vastelaove(n)d; vastenavond, carnavalsdinsdag (West-Brabant; Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
vat, vát, zelfstandig naamwoord, vader (Land van Cuijk)
vatten, vatte, werkwoord, pakken, nemen (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
veeg, veeg, veg, zelfstandig naamwoord, bijdehante vrouw (Den Bosch en Meierij); veg; bijdehante vrouw (Land van Cuijk)
veger, veeger, zelfstandig naamwoord, zachte bezem (Tilburg en Midden-Brabant)
veil, vèèl, bijwoord, te koop (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland); vèèl; beschikbaar (Helmond en Peelland)
veinzen, vingze, werkwoord, veinzen (Helmond en Peelland)
velen, vèèle, veele, werkwoord, verdragen (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
velg, velling, zelfstandig naamwoord, velg (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
velours, floers, floer, zelfstandig naamwoord, fluweel (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant; Den Bosch en Meierij; West-Brabant)
vemast, vemast, bijvoeglijk naamwoord, droevig (West-Brabant)
venijn, verningt, fernènt, zelfstandig naamwoord, venijn, ongedierte in gewassen (Helmond en Peelland); fernènt; venijn (Eindhoven en Kempenland)
vent, vèènt, faant, zelfstandig naamwoord, echtgenoot (West-Brabant); faant; leurder, nietsnut (West-Brabant)
venter, venter, zelfstandig naamwoord, leurder, koopman die van deur tot deur gaat (West-Brabant)
veraarden, veraorde, werkwoord, ontaarden, verbasteren (West-Brabant)
verastereren, verastereere, werkwoord, verzekeren (Helmond en Peelland)
verbalemonden, verbaalemonde, verballemonde, verbèllemonde, -mont, werkwoord, verwaarlozen, slecht beheren, verprutsen, vernielen (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
verbeelding, verbilding, zelfstandig naamwoord, verwaandheid (Tilburg en Midden-Brabant)
verdestrueren, verdestruweere, werkwoord, vernielen (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
verdoold, verduld, bijvoeglijk naamwoord, verdwaald (Helmond en Peelland)
verdutselen, verdutsele, werkwoord, dementeren (Land van Cuijk)
verf, varroew, zelfstandig naamwoord, verf (West-Brabant)
verfroemelen, verfroemele, werkwoord, verkreuken (Land van Cuijk)
verhabbezakken, verabzakke, werkwoord, prutsen (West-Brabant)
verhaffelen, verhaffele, werkwoord, verwennen (Den Bosch en Meierij)
verhemelte, verheemelte, zelfstandig naamwoord, gehemelte (Tilburg en Midden-Brabant)
verhesterd, verhesterd, bijvoeglijk naamwoord, verstijfd van schrik (Tilburg en Midden-Brabant)
verinteresten, verintereste, werkwoord, niets op- leveren (Tilburg en Midden-Brabant)
verjaren, verjaore, verjeure, werkwoord, jarig zijn (Helmond en Peelland; West-Brabant); verjeure; jarig zijn (Den Bosch en Meierij)
verkasseroenen, verkazzeroene, verkaseloene, werkwoord, vernielen (Helmond en Peelland); verkaseloene; vuil maken (Land van Cuijk)
verkild, verkèld, bijvoeglijk naamwoord, verkouden (Land van Cuijk)
verkindsen, verkèndse, werkwoord, dementeren (Eindhoven en Kempenland)
verkindst, verkiensd, bijvoeglijk naamwoord, dement (Land van Cuijk)
verkoevereren, verkoevereere, verkoevere, werkwoord, opknappen, na een ziekte (Tilburg en Midden-Brabant); verkoevere; opknappen, na een ziekte (Helmond en Peelland)
verlebberen, verlebbere, werkwoord, verwelken (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant)
verleden, fleej, vleej, bijvoeglijk naamwoord, vorig, verleden (West-Brabant; Tilburg en Midden-Brabant); vleej; vorig, verleden (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
verloodsel, brwooisel, zelfstandig naamwoord, email (West-Brabant)
vermaats, vermaots, bijwoord, successievelijk (Tilburg en Midden-Brabant)
vernakend, vernaakend, bijwoord, enorm (Eindhoven en Kempenland)
verneuken, verneuke, werkwoord, bedriegen (Tilburg en Midden-Brabant)
verpierd, verpierd, bijvoeglijk naamwoord, wormstekig (Land van Cuijk)
verrekt, verrèkkes, bijwoord, verrekt (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
verrooid, verrooid, bijvoeglijk naamwoord, door de war (West-Brabant)
verruineren, verrinneweere, werkwoord, vernielen (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
vers, vors, bijvoeglijk naamwoord, vers (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
verscharen, verschaore, werkwoord, overbrengen naar een andere wei (Eindhoven en Kempenland)
verschieten, verschiete, verskiete, werkwoord, schrikken (Land van Cuijk; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant); verschiete; van kleur verbleken (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant); verskiete; schrikken (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland); verskiete; van kleur verbleken (Den Bosch en Meierij)
verschillen, verschille, werkwoord, schelen (Eindhoven en Kempenland)
verschoning, verskónning, zelfstandig naamwoord, schone kleren (Den Bosch en Meierij)
verschoren, verskurre, bijvoeglijk naamwoord, gegund (Helmond en Peelland)
verschuwen, veschouwe, werkwoord, verjagen (West-Brabant)
verslakken, verslaieke, werkwoord, slap worden (groente) (Land van Cuijk)
verslakkerd, verslakkerd, bijvoeglijk naamwoord, verwelkt (Helmond en Peelland)
versleteren, verslèttere, werkwoord, verwelken (bloemen) (Land van Cuijk)
verspelen, verspeule, werkwoord, verliezen (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
verstukken, verstukke, werkwoord, oplappen, verstellen van kleding (Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
vervat, vervat, zelfstandig naamwoord, voorraad, reserve (Tilburg en Midden-Brabant; Eindhoven en Kempenland)
verweren, veweere, werkwoord, bewegen (West-Brabant)
verzegd, verzeed, bijvoeglijk naamwoord, gereserveerd (Tilburg en Midden-Brabant)
verzoeken, verzuuke, werkwoord, uitnodigen (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
vesperen, ispere, werkwoord, brood en koffie nuttigen in de namiddag (Eindhoven en Kempenland)
vet, vet, zelfstandig naamwoord, room (Land van Cuijk)
veulenen, völle, werkwoord, een veulentje werpen (Den Bosch en Meierij)
veulenmerrie, vullemèèr, zelfstandig naamwoord, drachtige merrie (West-Brabant)
vieren, viere, werkwoord, ontzien (Den Bosch en Meierij)
vierkantig, vierkaanteg, bijvoeglijk naamwoord, lomp (Tilburg en Midden-Brabant)
vies, fies, bijwoord, erg (Land van Cuijk)
vies, vies, bijvoeglijk naamwoord, intelligent (West-Brabant); vies; kieskeurig (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
Vijfhuizenberg, Fuizenbaarg, toponiem, Vijfhuizenberg (straat in Roosendaal) (West-Brabant)
vileinig, flènneg, bijvoeglijk naamwoord, boosaardig, vinnig (Eindhoven en Kempenland)
vinden, viene, werkwoord, vinden (Land van Cuijk)
vinnig, vinneg, bijvoeglijk naamwoord, vlug van begrip (Den Bosch en Meierij)
violet, flet, zelfstandig naamwoord, anjer (Land van Cuijk)
violet, fiegelette, zelfstandig naamwoord, meervoud, viooltjes (West-Brabant)
viseie, bezouwe, zelfstandig naamwoord, benul (West-Brabant)
visroede, visroei, zelfstandig naamwoord, hengel (Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
vitselen, fitsele, werkwoord, vlechten met wilgentenen (Eindhoven en Kempenland)
vitselstek, fitselstèk, zelfstandig naamwoord, vlechtwerk van wilgentenen (Den Bosch en Meierij)
vlaai, vlaoi, zelfstandig naamwoord, lompe vrouw (West-Brabant)
vlaander, vlaonders, zelfstandig naamwoord, meervoud, varens (West-Brabant)
vlaggen, vlagge, werkwoord, plaggen steken (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
vleesbloem, vlisblom, zelfstandig naamwoord, koekoeksbloem (Den Bosch en Meierij)
vleet, vleet, zelfstandig naamwoord, meid (West-Brabant)
vlesterke, vlèsterke, zelfstandig naamwoord, wolkje (Den Bosch en Meierij)
vliegende pad, vliegende pad, zelfstandig naamwoord, nachtzwaluw (Helmond en Peelland)
vlies, vlies, zelfstandig naamwoord, reuzel (Land van Cuijk)
vliezen, vleeze, werkwoord, bonen schoonmaken (West-Brabant)
vlijm, vliemke, zelfstandig naamwoord, sneetje (Land van Cuijk)
vlijst, vlijst, vlist, zelfstandig naamwoord, harde aardlaag zoals een ijzeroerbank (Eindhoven en Kempenland); vlist; ijzeroerbank (Tilburg en Midden-Brabant)
vlik, vlitske, zelfstandig naamwoord, schijfje (Eindhoven en Kempenland)
vlim, vlim, vlimp, zelfstandig naamwoord, visgraat (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland); vlim, vlimp; wimperDen Bosch en Meierij (Land van Cuijk)
vlo, vlooi, vloon, zelfstandig naamwoord, vlo (Eindhoven en Kempenland); vloon; vlo (Land van Cuijk)
vloos, vlös, zelfstandig naamwoord, vennetje (Helmond en Peelland)
voegen, vuuge, werkwoord, passen, schikken (Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
voelen, vuule, werkwoord, voelen (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
voer, voeier, zelfstandig naamwoord, voeder (Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
voering, voeier, zelfstandig naamwoord, voering (Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
voetballen, foebele, werkwoord, voetballen (Helmond en Peelland)
vonder, vonder, zelfstandig naamwoord, vlonder (Helmond en Peelland)
vonken, vunke, werkwoord, meer melk geven, van koeien (Land van Cuijk)
vooi, vooi, zelfstandig naamwoord, vrouwelijk konijn (Tilburg en Midden-Brabant)
voor de voet, vurrevoet, bijwoord, op volgorde (Eindhoven en Kempenland)
voorbode, veurbooike, vurboike, zelfstandig naamwoord, voorteken (West-Brabant); vurboike; voorteken (Eindhoven en Kempenland)
vooreinde, voorend, vörred, vurres, zelfstandig naamwoord, vooreinde van een akker (West-Brabant); vörred; vooreinde van een akker (Land van Cuijk); vurres; vooreinde van een akker (Helmond en Peelland)
voorgaand, vurgend, bijvoeglijk naamwoord, vorig (Den Bosch en Meierij)
voorgebint, vörgebont, zelfstandig naamwoord, woongedeelte van de boerderij (Land van Cuijk)
voorgenomen, vurges, bijwoord, voornemens (Den Bosch en Meierij)
voorkind, voorkiend, vurkèènd, zelfstandig naamwoord, bastaardkind (West-Brabant); vurkèènd; bastaardkind (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant)
voorkop, vurkop, zelfstandig naamwoord, voorhoofd (Helmond en Peelland)
voorn, voorske, zelfstandig naamwoord, voorntje (Helmond en Peelland)
voorschoot, vurschoot, zelfstandig naamwoord, schort (Tilburg en Midden-Brabant)
voorschot, vurskót, zelfstandig naamwoord, spit in de rug (Helmond en Peelland)
voorspres, vurspres, bijwoord, expres (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland)
voort, vort, vórt, bijwoord, voort, verder, in het vervolg (West-Brabant); vort; voort, verder, vooruit, in het vervolg, tegenwoordig (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
voortijd, vörtied, vurted, zelfstandig naamwoord, lente (Land van Cuijk); vurted; lente (Den Bosch en Meierij)
voortvatten, vórtvatte, werkwoord, doorgeven (Land van Cuijk)
voos, voos, bijvoeglijk naamwoord, benauwd (Land van Cuijk); voos; gevoelloos (West-Brabant)
vorket, verkèt, zelfstandig naamwoord, vork (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
vorst, vorst, vöst, zelfstandig naamwoord, nok van het dak (Den Bosch en Meierij); vöst; wreef van de voet (West-Brabant)
vozen, fooze, werkwoord, prutsen (Eindhoven en Kempenland)
vreden, vreeje, werkwoord, afrasteren (Den Bosch en Meierij)
vreten, frééte, werkwoord, vreten (Tilburg en Midden-Brabant)
vries, vries, zelfstandig naamwoord, vorst (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
vrijdag, freddes, bijwoord, vrijdags (Den Bosch en Meierij)
vrijen, vreeje, werkwoord, verkering hebben (Land van Cuijk)
Vrouwenmadestraat, Fermaoi, toponiem, Vrouwemadestraat (Roosendaal) (West-Brabant)
vrouwlieden, fròllie, zelfstandig naamwoord, meervoud, vrouwen (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
vrouwlui, vrállie, vròllie, zelfstandig naamwoord, meervoud, vrouwvolk (Eindhoven en Kempenland); vròllie; vrouwvolk (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk)
vrouwmens, frammes, frommes, vrammes, vrommes, vrömmes, zelfstandig naamwoord, vrouw (Eindhoven en Kempenland); frommes; vrouw (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant); vrammes; vrouw (Eindhoven en Kempenland); vrommes; vrouw (Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant); vrömmes; vrouw (West-Brabant)
vuilakken, völleke, vuuleke, werkwoord, vies doen (Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant); vuuleke; knoeien (Land van Cuijk)
vuiligheid, völleghè, vuulegheid, zelfstandig naamwoord, onkruid (Eindhoven en Kempenland); vuulegheid; onkruid (Land van Cuijk)
vuurlicht, vuurlicht, zelfstandig naamwoord, bliksem (Eindhoven en Kempenland)
waai, waaie, wèèj, zelfstandig naamwoord, meervoud, kuiten (Land van Cuijk); wèèj; klap (Land van Cuijk)
waaihout, waienhout, zelfstandig naamwoord, wilgenhout (Helmond en Peelland)
waailap, waailap, zelfstandig naamwoord, losbol (West-Brabant)
Waalre, Wòldere, toponiem, Waalre (Eindhoven en Kempenland)
Waalwijk, Wollek, toponiem, Waalwijk (Tilburg en Midden-Brabant)
waar, war, wor, tussenwerpsel, nietwaar (Tilburg en Midden-Brabant); wor; nietwaar (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
waarheid, waorend, worrend, zelfstandig naamwoord, waarheid (Den Bosch en Meierij); worrend; waarheid (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
waarschuwen, warschauwe, werkwoord, waarschuwen (Eindhoven en Kempenland)
waat, waod, zelfstandig naamwoord, scherpe deel van het lemmet, de snede van het mes (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
wabberen, wabbere, werkwoord, trillen (Eindhoven en Kempenland)
wachten, wochte, werkwoord, wachten (Eindhoven en Kempenland)
waden, wèèje, werkwoord, waden (Land van Cuijk)
wantenwever, wanteweever, zelfstandig naamwoord, druk kind (West-Brabant)
warzen, waorze, werkwoord, ineen warren, vermengen (Den Bosch en Meierij)
wasbord, wasbred, zelfstandig naamwoord, wasbord (Land van Cuijk)
waspen, waspin, zelfstandig naamwoord, wasknijper (Land van Cuijk; Helmond en Peelland)
wassen, waase, werkwoord, groeien (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
wassen, wasse, werkwoord, groeien (Land van Cuijk)
wat, , voornaamwoord, wat (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant)
wat niet, wánne, wonnie, tussenwerpsel, nietwaar (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk); wonnie; nietwaar (Helmond en Peelland)
watergal, wattergal, zelfstandig naamwoord, maagzuur (Helmond en Peelland)
wats, wats, zelfstandig naamwoord, klap (Land van Cuijk)
web, webke, zelfstandig naamwoord, bundeltje stro (Tilburg en Midden-Brabant)
weddenschap, weddingschap, zelfstandig naamwoord, weddenschap (Land van Cuijk)
weduwe, weef, wee, weuw, wew, wuw, zelfstandig naamwoord, weduwe (West-Brabant); wees; meervoud; vrouwen (Helmond en Peelland); weuw; weduwe (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant); wew; weduwe (Land van Cuijk); wuw; weduwe (Eindhoven en Kempenland)
weduwman, weddeman, weedeman, widdeman, zelfstandig naamwoord, weduwnaar (Land van Cuijk); weedeman; weduwnaar (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant); widdeman; weduwnaar (Helmond en Peelland)
weduwnaar, weevenèèr, weuwer, wuwwer, zelfstandig naamwoord, weduwnaar (West-Brabant); weuwer; weduwnaar (Den Bosch en Meierij); wuwwer; weduwnaar (Eindhoven en Kempenland)
weegscheet, weejgeskeejt, weejgscheejt, zelfstandig naamwoord, strontje (zweertje aan het ooglid) (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Eindhoven en Kempenland)
weer, weer, zelfstandig naamwoord, ram, mannelijk schaap (Den Bosch en Meierij)
weerbieden, wèèrdbieje, werkwoord, voortmaken (West-Brabant)
weerga, wirgaoi, zelfstandig naamwoord, evenbeeld, gelijke (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
weerom, vrom, vrum, bijwoord, terug (West-Brabant); vrum; terug (Helmond en Peelland)
weg, ewég, bijwoord, weg, verdwenen (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
weggetje, wieske, zelfstandig naamwoord, zandpaadje (West-Brabant)
wegkruipertje, wegkruiperke, zelfstandig naamwoord, verstoppertje (West-Brabant)
wegleren, wegleere, werkwoord, doceren (Tilburg en Midden-Brabant)
weitemik, weitemik, zelfstandig naamwoord, tarwebrood (Land van Cuijk)
wel, wel, zelfstandig naamwoord, wals, om grond plat te rollen (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk)
welja, bèjaa, bèèjot, bèlja, tussenwerpsel, wel ja (Helmond en Peelland); bèèjot; wel ja! (West-Brabant); bèlja; wel ja! (Den Bosch en Meierij)
welk, uuke, voornaamwoord, welke, wat voor (West-Brabant)
welligheid, welligheid, zelfstandig naamwoord, vriendschap, geluk (Helmond en Peelland)
welnee, bènunt, tussenwerpsel, wel nee! (West-Brabant)
welput, welput, zelfstandig naamwoord, waterput (West-Brabant)
wemelen, wiemele, werkwoord, wiebelen, krioelen, heen en weer bewegen (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; West-Brabant)
wenden, wèène, werkwoord, omkeren (Eindhoven en Kempenland)
wender, wiender, wuunder, zelfstandig naamwoord, woerd, mannelijke eend (Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant; Land van Cuijk; Eindhoven en Kempenland); wuunder; woerd, mannelijke eend (Den Bosch en Meierij)
werf, werft, waarft, zelfstandig naamwoord, erf rond het huis (Tilburg en Midden-Brabant); waarft; erf (West-Brabant)
werk, waark, zelfstandig naamwoord, werk (West-Brabant)
werkdag, swèrregs, swèrres, bijvoeglijk naamwoord, doordeweeks (Eindhoven en Kempenland; Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland)
wervel, wörvel, wèlver, wurfel, vrelleke, zelfstandig naamwoord, werveltje, sluiting op venster of deurtje (Eindhoven en Kempenland); wèlver; werveltje, sluiting op venster of deurtje (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk); wurfeltje; werveltje, sluiting op venster of deurtje (West-Brabant) werveltje, sluiting op venster of deurtje (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland); vrelleke; verkleinwoord; werveltje, sluiting op venster of deurtje (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland)
wesp, wezzep, weps, zelfstandig naamwoord, wesp (Helmond en Peelland); weps; wesp (Tilburg en Midden-Brabant)
wesper, vèsper, zelfstandig naamwoord, wesp (Land van Cuijk)
weteren, wéétere, wittere, werkwoord, te drinken geven (Land van Cuijk; West-Brabant); wittere; te drinken geven (Den Bosch en Meierij)
wetten, wette, werkwoord, slijpen (Den Bosch en Meierij)
wezenlijk, weejzelek, weezelek, bijwoord, werkelijk (Den Bosch en Meierij); weezelek; werkelijk (Tilburg en Midden-Brabant)
wicht, wicht, zelfstandig naamwoord, meisje (Eindhoven en Kempenland)
wieberen, wiepere, werkwoord, wiegelen (Eindhoven en Kempenland)
wieden, wééje, weeje, werkwoord, wieden (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
wiedes, wiebes, bijwoord, wiedes (West-Brabant)
wiek, wiejk, zelfstandig naamwoord, diepe snee (Helmond en Peelland)
wieken, wiejke, werkwoord, gillen (Helmond en Peelland)
wiekeren, wiekere, werkwoord, zachtjes huilen (West-Brabant)
wiele, wiele, zelfstandig naamwoord, roepnaam van de eend (Land van Cuijk)
wietelen, wietele, werkwoord, wankelen (Tilburg en Midden-Brabant)
wiewouw, wiewaw, wiewouw, zelfstandig naamwoord, wielewaal (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Eindhoven en Kempenland)
Wijbosch, Wéépes, toponiem, Wijbosch (Den Bosch en Meierij)
wijd, wijd, wied, bijvoeglijk naamwoord, ver (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland); wied; ver (Land van Cuijk)
wijd weg, wééteweg, bijwoord, ver weg (Eindhoven en Kempenland)
wijer, wèèr, zelfstandig naamwoord, vijver (Eindhoven en Kempenland)
wijf, wèèf, zelfstandig naamwoord, vrouw (West-Brabant); wefke; verkleinwoord; vrouwtje (Den Bosch en Meierij)
wijfmens, wefmiens, zelfstandig naamwoord, vrouw (Tilburg en Midden-Brabant)
wijlieden, wellie, wallie, voornaamwoord, wij (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant); wallie; wij (Helmond en Peelland)
wijltje, welleke, weltje, zelfstandig naamwoord, poosje (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland); weltje; poosje (Tilburg en Midden-Brabant)
willen, wulle, werkwoord, willen (Helmond en Peelland)
wind, wijnd, zelfstandig naamwoord, wind (Eindhoven en Kempenland)
windei, wiendei, zelfstandig naamwoord, ei zonder schaal (Land van Cuijk); wéénèèj; bang persoon (Den Bosch en Meierij); wingèèj; windei (Helmond en Peelland)
windel, wiendels, wendel, zelfstandig naamwoord, meervoud, luiers (Land van Cuijk); wendel; zwachtel (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
Windmolenstraat, Wijmelestraot, toponiem, Windmolenbergstraat in ’s-Hertogenbosch (Den Bosch en Meierij)
windschijter, wiendschèèter, zelfstandig naamwoord, opschepper (West-Brabant)
wingerd, wijgerd, wéégerd, zelfstandig naamwoord, wijnrank (West-Brabant); wéégerd; wijnstok (Den Bosch en Meierij)
wins, wiens, bijvoeglijk naamwoord, verbogen (Land van Cuijk)
Wintelre, Wijntersel, toponiem, Wintelre (Eindhoven en Kempenland)
winter, winter, zelfstandig naamwoord, vorst (Land van Cuijk)
wipper, wipper, zelfstandig naamwoord, wip (West-Brabant)
wipwap, wipwap, zelfstandig naamwoord, wip (Helmond en Peelland)
wis, wis, zelfstandig naamwoord, wilgenteen, twijg (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland)
wit, wiet, bijvoeglijk naamwoord, wit (West-Brabant)
witheid, witteghè, zelfstandig naamwoord, vriendschap (Eindhoven en Kempenland)
witmoes, witmoes, zelfstandig naamwoord, witte kool (Land van Cuijk)
woeden, woeie, werkwoord, razen, tieren (West-Brabant)
woedend, woeiend, bijwoord, enorm (Land van Cuijk)
woelen, mwoole, werkwoord, woelen (West-Brabant)
woerd, werd, zelfstandig naamwoord, mannelijke eend of gans (West-Brabant)
wolf, wolf, zelfstandig naamwoord, cariës, het rotten van tanden (Den Bosch en Meierij)
wolfstand, wolfstaand, zelfstandig naamwoord, moederkoren (Den Bosch en Meierij)
wolleboon, wullebon, zelfstandig naamwoord, tuinboon (Land van Cuijk)
wonder, wonder, bijvoeglijk naamwoord, eigenaardig (Eindhoven en Kempenland)
wonder, wonder, zelfstandig naamwoord, wonderlijk persoon (Helmond en Peelland)
wordewil, wordewil, zelfstandig naamwoord, nietsnut (Eindhoven en Kempenland)
worm, wörm, zelfstandig naamwoord, worm (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland); wörm; gording (dwarshout dat twee gebinten verbindt) (Den Bosch en Meierij)
woudbes, waldsbeer, zelfstandig naamwoord, blauwe bosbes (Land van Cuijk)
wout, wout, zelfstandig naamwoord, politieagent (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant)
wouwer, wouwer, zelfstandig naamwoord, vijver (Tilburg en Midden-Brabant)
wreed, freed, vrjeed, bijvoeglijk naamwoord, trots (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant); vrjeed; trots (West-Brabant); vrjeed; vreselijk (West-Brabant)
wregelen, vrèèle, werkwoord, wringen, plagen (Den Bosch en Meierij)
wreken, vreuke, vrjeeke, werkwoord, wrikken, hard werken (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant); vrjeeke; wringen (West-Brabant)
wricht, vricht, zelfstandig naamwoord, wreef (Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk)
wringer, vringer, zelfstandig naamwoord, ruziezoeker (Tilburg en Midden-Brabant)
wringknook, vringknook, zelfstandig naamwoord, ruziezoeker (Helmond en Peelland)
wroet, fruut, zelfstandig naamwoord, gezicht (Helmond en Peelland)
wroeten, fruute, vruujte, werkwoord, wroeten, graven (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant; Eindhoven en Kempenland); vruujte; wroeten (Helmond en Peelland)
wuiles, wèùles, zelfstandig naamwoord, onbehouwen knaap (Land van Cuijk)
wuzziken, wuzzike, werkwoord, bezig zijn (Helmond en Peelland)
zaadzak, zaodzak, zelfstandig naamwoord, sloom persoon (Land van Cuijk)
zaaier, zaoiers, zelfstandig naamwoord, meervoud, kuit van een vis (West-Brabant)
zaan, zaon, zelfstandig naamwoord, room (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
zaar, zaor, zelfstandig naamwoord, zegge (grassoort) (Eindhoven en Kempenland)
zacht, zaoft, zocht, zoft, bijvoeglijk naamwoord, zacht (Helmond en Peelland); zocht; zacht (West-Brabant); zoft; zacht (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
zadel, zaal, zelfstandig naamwoord, zadel (Helmond en Peelland)
zalven, zalve, werkwoord, vet eten (Tilburg en Midden-Brabant)
zanden, zante, werkwoord, zand strooien (Eindhoven en Kempenland)
zaniken, sannieje, zanneke, zaoneke, zanke, werkwoord, zeuren (Den Bosch en Meierij); zanneke; zeuren (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland); zaoneke; zeuren (Tilburg en Midden-Brabant); zanke; vitten (Tilburg en Midden-Brabant)
zat, zat, bijvoeglijk naamwoord, dronken (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant); zat; genoeg (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
zatvreter, zatvreeter, zelfstandig naamwoord, rijkaard (Land van Cuijk)
zauwelen, saawele, sauwele, zouwele, werkwoord, kletsen (Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant); sauwele; kletsen (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; West-Brabant); zouwele; motregenen (Land van Cuijk)
zauwtje, zouwke, zelfstandig naamwoord, regenbuitje (West-Brabant)
zebedeus, sibbedeeëske, zibbedeeske, djeezeke, zelfstandig naamwoord, suf meisje (Eindhoven en Kempenland); zibbedeeske; overdreven kwezelachtig persoon (Den Bosch en Meierij); zibbedeeske; sul (Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant); djeezeke; verlegen meisje (West-Brabant)
zeeg, zeeg, zig, bijvoeglijk naamwoord, tam, mak (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant); zig; tam (Eindhoven en Kempenland)
zeel, zeel, zelfstandig naamwoord, touw (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland); zilleke; verkleinwoord; touwtje (Helmond en Peelland)
zeem, zums, zelfstandig naamwoord, zeemlap (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland)
zeen, zeen, zelfstandig naamwoord, pees (Eindhoven en Kempenland)
zeepnat, zeepnat, zelfstandig naamwoord, zeepsop (Land van Cuijk)
zeigelen, zeigele, werkwoord, glijden (Land van Cuijk)
zeikdempel, zèkdempel, zelfstandig naamwoord, mier (Land van Cuijk)
zeikmeik, zeikmeik, zelfstandig naamwoord, mier (Land van Cuijk)
zeikmier, zèèjkmiejr, zèèjkmoeier, zelfstandig naamwoord, mier (Helmond en Peelland); zèèjkmoeier; mier (Eindhoven en Kempenland)
zeikput, zeikput, zelfstandig naamwoord, gierkelder (Land van Cuijk)
zeikworm, zèèkwörm, zelfstandig naamwoord, mier (Den Bosch en Meierij)
zeis, zeisie, zaisie, zèssie, zelfstandig naamwoord, zeis (West-Brabant); zaisie; zeis (Helmond en Peelland); zèssie; zeis (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant)
zemel, ziemel, zimmel, zelfstandig naamwoord, zeurpiet (Helmond en Peelland);zimmele; meervoud; zenuwen (Den Bosch en Meierij)
zemelen, zimmele, werkwoord, aarzelen, treuzelen (Land van Cuijk)
zemen, zjeume, werkwoord, zemen (Tilburg en Midden-Brabant)
zemig, zemmeg, bijvoeglijk naamwoord, smeuïg (Land van Cuijk)
zeng, zengske, zelfstandig naamwoord, regenbuitje (West-Brabant)
zerf, séérf, saarf, zéérf, zelfstandig naamwoord, opperhuid (Tilburg en Midden-Brabant); saarf; opperhuid (West-Brabant); zéérf; opperhuid (Tilburg en Midden-Brabant)
zerp, zèèrp, bijvoeglijk naamwoord, scherp (Eindhoven en Kempenland)
zeug, zóg, zug, zelfstandig naamwoord, varkenszeug (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant); zug; vrouwelijk varken (West-Brabant)
zeveren, zeevere, zeivere, zjeevere, werkwoord, kwijlen, zeuren, motregenen (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant); zeivere; kletsen (Helmond en Peelland); zjeevere; kwijlen, motregenen, kletspraat verkopen (West-Brabant)
ziepen, ziepe, werkwoord, snijden (Eindhoven en Kempenland)
zift, zift, zelfstandig naamwoord, zeef (Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk)
ziften, zifte, werkwoord, zeven (Tilburg en Midden-Brabant)
zijg, zéég, zèèj, zelfstandig naamwoord, melkzeef (Tilburg en Midden-Brabant; Den Bosch en Meierij); zèèj; melkzeef (Eindhoven en Kempenland)
zijgschotel, zeejschottel, zelfstandig naamwoord, melkzeef (Land van Cuijk)
zijig, zééjeg, bijvoeglijk naamwoord, zoetsappig, schijnheilig (Den Bosch en Meierij)
zijlieden, zallie, zèllie, voornaamwoord, zij (mv) (Helmond en Peelland); zèllie; zij (mv) (Eindhoven en Kempenland; Den Bosch en Meierij)
zin, zin, zelfstandig naamwoord, humeur (Eindhoven en Kempenland)
zingzolder, zingzulder, zelfstandig naamwoord, zangkoor (Tilburg en Midden-Brabant)
zink, zink, zelfstandig naamwoord, laagte in het landschap (Den Bosch en Meierij)
zjat, zjat, zelfstandig naamwoord, kopje (koffie) (Eindhoven en Kempenland)
zjèren, zjaare, werkwoord, gooien (West-Brabant)
zo tijd, zootij, voegwoord, zodra (West-Brabant)
zode, zut, zelfstandig naamwoord, troep, rommel (Land van Cuijk)
zoei, zoei, zelfstandig naamwoord, mestgoot in de stal (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland)
zoeien, zoeie, werkwoord, mest uitrijden (Land van Cuijk)
zoeiput, zoeiput, zelfstandig naamwoord, gierput (Land van Cuijk)
zoek, soek, zelfstandig naamwoord, hond (Land van Cuijk)
zoeken, zuuke, werkwoord, zoeken, zin hebben (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk)
zoel, zoel, bijvoeglijk naamwoord, zwoel, drukkend warm (Tilburg en Midden-Brabant; Eindhoven en Kempenland)
zoels, zoels, bijvoeglijk naamwoord, groezelig (Land van Cuijk)
zoepen, zoepe, werkwoord, liggend uitrusten (Helmond en Peelland)
zoet, zuut, bijvoeglijk naamwoord, zoet, lief (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk)
zoetjes, zuutjes, zuutekes, bijwoord, zoet, zachtjes (Tilburg en Midden-Brabant); zuutekes; zachtjes, langzaam (Helmond en Peelland)
zolder, zulder, zelfstandig naamwoord, zitvlak van een broek (Den Bosch en Meierij; Helmond en Peelland)
zolen, zoole, werkwoord, smeulen (West-Brabant)
zomer, zommer, zelfstandig naamwoord, bedorven broodgedeelte (Helmond en Peelland)
zomervogel, zómmervogel, zelfstandig naamwoord, vlinder (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
zonde, sund, zund, bijwoord, jammer (Eindhoven en Kempenland; Tilburg en Midden-Brabant); zund; jammer (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk)
zonderen, zundere, werkwoord, sorteren, selecteren (Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
zonk, zonk, zelfstandig naamwoord, inzinking, laagte in het landschap (Tilburg en Midden-Brabant; Eindhoven en Kempenland; West-Brabant)
zoon, zeun, zelfstandig naamwoord, zoon (West-Brabant)
zorg, zörg, zelfstandig naamwoord, leunstoel (Den Bosch en Meierij; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
zuchtig, zuchteg, bijvoeglijk naamwoord, ziekelijk (Den Bosch en Meierij)
zuiken, zeuke, werkwoord, zogen (Land van Cuijk)
zuiktand, zèùktand, zelfstandig naamwoord, melktand (Eindhoven en Kempenland)
zuiver, zèùver, bijvoeglijk naamwoord, schoon, zindelijk (Den Bosch en Meierij)
zulle, zul, zult, zelfstandig naamwoord, drempel in de stal waarachter de koeien staan (West-Brabant); zul; voedergoot voor de koeien (West-Brabant); zul; voorstal (West-Brabant); zult; drempel in de stal waarachter de koeien staan (Den Bosch en Meierij)
zult, zult, zelfstandig naamwoord, soort hoofdkaas (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
zulten, zulte, werkwoord, smeulen (Helmond en Peelland; Land van Cuijk)
zultkoordje, zultkurdje, zelfstandig naamwoord, lont (Helmond en Peelland)
zultvloer, zultvloewer, zelfstandig naamwoord, terrazzovloer (Helmond en Peelland)
zurkel, sulker, sölper, zuulker, zelfstandig naamwoord, zuring (Eindhoven en Kempenland; West-Brabant); sölper; zuring (Helmond en Peelland); zuulker; zuring (West-Brabant)
zutsmuts, zutsmuts, zelfstandig naamwoord, vergeetachtige vrouw (Land van Cuijk)
zuur, zoer, zoewer, bijvoeglijk naamwoord, zuur, guur (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant)
zuur, zuur, zelfstandig naamwoord, zitvlak van een broek (Tilburg en Midden-Brabant)
zuurkool, zoerkolle, zelfstandig naamwoord, meervoud, zuurkool (Helmond en Peelland)
zuus, zuus, zelfstandig naamwoord, wieg (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland)
zwaagster, zweechster, zelfstandig naamwoord, schoonzus (Land van Cuijk)
zwagerin, zwaogerin, zelfstandig naamwoord, schoonzus (Den Bosch en Meierij)
zwak, zwak, bijvoeglijk naamwoord, lenig (Den Bosch en Meierij)
zwaluw, zwèlf, zwelling, zwòlf, zwolm,, zelfstandig naamwoord, zwaluw (Land van Cuijk); zwelling; zwaluw (Helmond en Peelland); zwòlf; zwaluw (Den Bosch en Meierij); zwolm; zwaluw (Tilburg en Midden-Brabant)
zwamkloot, zwamklouwt, zelfstandig naamwoord, kletsmajoor (Helmond en Peelland)
zwetsmien, zwetsmien, zelfstandig naamwoord, babbelkous (Helmond en Peelland)
zwiem, zwiemke, zelfstandig naamwoord, twijgje (Tilburg en Midden-Brabant)
zwiers, zwier(t)s, zelfstandig naamwoord, ondermelk (Eindhoven en Kempenland; Helmond en Peelland; Tilburg en Midden-Brabant)
zwiet, swiet, zelfstandig naamwoord, opschepperij, verwaandheid (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant; West-Brabant)
zwijmelen, zweemele, werkwoord, wankelen (West-Brabant)
zwik, zwoeks, zelfstandig naamwoord, slaag (Land van Cuijk)
zwil, zweel, zwil, zelfstandig naamwoord, eelt (Den Bosch en Meierij; Eindhoven en Kempenland; Land van Cuijk); zwil; eelt (Helmond en Peelland)
zwoerd, zwaord, zwardje, zwerdje, zelfstandig naamwoord, zwoerd (Den Bosch en Meierij); zwardje; verkleinwoord; zwoerd (Helmond en Peelland; Land van Cuijk); zwerdje; verkleinwoord; zwoerd (West-Brabant)
zwoers, zwoers, zelfstandig naamwoord, regenbui (Eindhoven en Kempenland)
Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal