elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: aangeladen

aangeladen , ongelaoje , deelwoord , lichtjes aangeschoten. No de Leste Mis viet ie altèd ’n paor bòrreltjes bè Ant Hees en kwam dan wè ongelaoje thùis.
Bron: Naaijkens, J. (1992), Dè’s Biks – Verklarende Dialectwoordenlijst, Hilvarenbeek
aangeladen , aongelaoie , bijvoeglijk naamwoord , dronken (West-Brabant)
Bron: Swanenberg, A.P.C. (2011), Brabants-Nederlands: Nederlands-Brabants: Handwoordenboek, Someren
aangeladen , òngelaoje , bijwoord , blijkbaar uit 'aanladen', maar als werkwoord niet bekend; dronken; Dè uurke wier enen halve naacht/ ik was goed òngelaoje (Lechim; ps. v. Michel van de Ven; ongedateerd knipsel 1960-1980; uit: Dur de maand gevalle...); Piet van Beers – ‘Grèèze cèlle’: Toen ik zèlf nao nog wè slokke/ Òngelaoie zèè vertrokke... (Spoeje doemmeniemer; 2009)
Bron: Sterenborg, W. en E. Schilders (2014), Woordenboek van de Tilburgse Taal (WTT), Tilburg: Stichting Cultureel Brabant


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal