elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: aangewen

aangewen , ángewén , o , aanwensel Dè smoeletrékken is ok mar ’n léllek ángewén, is ’t nie? Dat gezichtentrekken is ook maar een lelijk aanwensel, is het niet?
Bron: Kerkhoff, Chris (1970 ev), Dialectwoordenlijst van het Land van Cuijk, Cuijk
aangewen , angewén , zelfstandig naamwoord , gewoonte (Land van Cuijk)
Bron: Swanenberg, A.P.C. (2011), Brabants-Nederlands: Nederlands-Brabants: Handwoordenboek, Someren


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal