elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: aftrappen

aftrappen , oftrappen , zwak werkwoord, (on)overgankelijk , 1. aftrappen De schoelmister much oftrappen bij die voetbalwedstried (Sle) 2. aflopen De hazen hebt het wèer aordig te verduren; alle hazelegers wordt oftrapt (Hijk), Veur een haze moej het hiele heideveld oftrappen (Dal), Die schoenen bint totaal oftrapt (Bei) 3. (veend.) tweede bewerking van de baggerlaag; men had daarbij kleinere plankjes onder de voeten (Zuidwest-Drenthe, Kop van Drenthe, Zuidoost-Drents zandgebied, Veenkoloniën), z. ook trappen
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
aftrappen , oftrappen , werkwoord , 1. de aftrap verrichten 2. van zich aftrappen 3. door te trappen van zich houden, van zich verwijderen 4. naar beneden trappen 5. door ertegen te trappen afbreken 6. met stelligheid, rigoureus verwijderen 7. her en der lopen 8. vasttrappen van veengrond bij turfwinning
Bron: Bloemhoff, H., J. Withaar, A. Bloemhoff en T. Bontekoe (2005), Stellingwarfs-Nederlands Verklarend Handwoordenboek (SNVH), Berkoop/Oldeberkoop: Stichting Stellingwarver Schrieversronte.
aftrappen , oftrappe , werkwoord , trap of, trapte of, ofgetrapt , aftrappen
Bron: Werkgroep Dialecten Hoeksche Waard (2006), Hoekschewaards woordenboek, Klaaswaal.
aftrappen , aftrappe , werkwoord , een afstand lopend meten (West-Brabant)
Bron: Swanenberg, A.P.C. (2011), Brabants-Nederlands: Nederlands-Brabants: Handwoordenboek, Someren
aftrappen , aaftrappe , aftrappe , zwak werkwoord , aftrappen, weg- of verder gaan; Cees Robben – Ze trappen ’t aaf/ Ze kennen de weg... (19570921); Cees Robben – Gao toch gaa.. en trappet aaf... (19600116); aftrappe: vertrokken, ertussenuit gaan; Van Rijen (1998): 'aaftrappe ww - vertrekken'
Bron: Sterenborg, W. en E. Schilders (2014), Woordenboek van de Tilburgse Taal (WTT), Tilburg: Stichting Cultureel Brabant


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal