elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: chose

chose , sjoos , m , [F. chose] kwestie de hélle sjoos is, dè enz. De hele kwestieis, dat enz. [Oef]
Bron: Kerkhoff, Chris (1970 ev), Dialectwoordenlijst van het Land van Cuijk, Cuijk
chose , soos , Da’s nou de hille soos. (zaak; het Franse chose )
Bron: Spek, J. van der (1981), Zoetermeers woordenboek, Zoetermeer.
chose , sjoos , zelfstandig naamwoord , zaak, kwestie. Dè’s naaw hil de sjoos. Dat is nu heel de kwestie. Dat is nou alles. Van het Frans chose (zaak).
Bron: Naaijkens, J. (1992), Dè’s Biks – Verklarende Dialectwoordenlijst, Hilvarenbeek
chose , sjoos , zelfstandig naamwoord , kwestie (Tilburg en Midden-Brabant)
Bron: Swanenberg, A.P.C. (2011), Brabants-Nederlands: Nederlands-Brabants: Handwoordenboek, Someren
chose , sjoos , zelfstandig naamwoord , zaak, geval; Cees Robben – Da’s de sjoos... (19560428); Cees Robben – En des de sjoos.. (19610922); Henk van Rijen - hil de sjoos - de hele zaak, het hele geval; — = Fr. 'chose'; Jan Naaijkens - Dè's Biks –- sjoos zelfstandig naamwoord  - zaak, kwestie
Bron: Sterenborg, W. en E. Schilders (2014), Woordenboek van de Tilburgse Taal (WTT), Tilburg: Stichting Cultureel Brabant


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal