elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: cultivator

cultivator , kullefaoter , cullefaoter, cultefaoter , m , cultivator.
Bron: Kerkhoff, Chris (1970 ev), Dialectwoordenlijst van het Land van Cuijk, Cuijk
cultivator , kultievaater , cultivator op wielen.
Bron: Crompvoets, H. en J. van Schijndel (1991), Mééls Woordeboe:k. Meijel: Medelo.
cultivator , kullivator , kulivater, kullevater, kultivaoter, kullivator, ku , de , kullivators , (Zuidoost-Drents zandgebied, Noord-Drenthe). Ook kulivater (Zuidoost-Drenthe, Zuidwest-Drenthe, noord, Noord-Drenthe), kullevater (Zuidwest-Drenthe, zuid), kultivaoter (Kop van Drenthe), kullivator (Zuidwest-Drenthe, zuid), kullievater (Midden-Drenthe). Ook vormen met c = cultivator De boer döt zien kulievator aachter de wupkaar an en even laoter geeit e op pad hen ’t laand (Eex)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
cultivator , kultievator , kulevater, kulievater, kuultievator, kultievater , zelfstandig naamwoord , de; cultivator
Bron: Bloemhoff, H., J. Withaar, A. Bloemhoff en T. Bontekoe (2005), Stellingwarfs-Nederlands Verklarend Handwoordenboek (SNVH), Berkoop/Oldeberkoop: Stichting Stellingwarver Schrieversronte.
cultivator , cultiefâter , cultivator, schoffelploeg
Bron: Laat, G. de (2011), Zoo prôte wèij in Nuejne mi mekaâr, Nuenen
cultivator , kulefaoter , cultivator, landbouwwerktuig om de grond te egaliseren en fijn te maken.
Bron: Scholtmeijer, H. (2011), Veluws handwoordenboek, Almere.
cultivator , kullefaater , zelfstandig naamwoord , cultivator (Land van Cuijk)
Bron: Swanenberg, A.P.C. (2011), Brabants-Nederlands: Nederlands-Brabants: Handwoordenboek, Someren


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal