elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: deurgebint

deurgebint , dörgebont , deurgebont, dùrgebont , o , deuropening, deurkozijn In ’t dörgebont staon In de deuropening staan.
Bron: Kerkhoff, Chris (1970 ev), Dialectwoordenlijst van het Land van Cuijk, Cuijk
deurgebint , durgebònt , zelfstandig naamwoord , deurkozijn.
Bron: Naaijkens, J. (1992), Dè’s Biks – Verklarende Dialectwoordenlijst, Hilvarenbeek
deurgebint , deùrgebont , deurkozijn.
Bron: Zegers, A. (1999), Het dialect van het land van Ravenstein, in het bijzonder van Uden en Zeeland, Uden.
deurgebint , durgebónt , deurkozijn , Dé durgebónt is nie goed afgestèld, ge kunt zóó zien dé't nie hôks sti. Dat deurkozijn is niet goed afgesteld, je kunt zo zien dat het niet haaks staat.
Bron: Hendriks, W. (2005), Nittersels Wóórdenbuukske. Dialect van de Acht Zaligheden, Almere
deurgebint , durgebônt , gebônt , deurkozijn
Bron: Bergh, N. van den, e.a. (2007), Um nie te vergeete. Schaijks dialectboekje, Schaijk.
deurgebint , dörgebont , durgebont , zelfstandig naamwoord , deurkozijn (Land van Cuijk); durgebont; deurkozijn (Eindhoven en Kempenland)
Bron: Swanenberg, A.P.C. (2011), Brabants-Nederlands: Nederlands-Brabants: Handwoordenboek, Someren
deurgebint , deurgebont , zelfstandig naamwoord, onzijdig , "de deurstijlen; WBD gebinte (balkenstelsel bestaande uit 2 stijlen en 1 ankerbalk); Cees Robben – Mee oew luie kont (...) in ’t deurgebont... (19830325); Cees Robben – Het gammel deurgebond (19610915); uitdrukking -  in et deurgebont staon - in de weg staan; Oome Teun kwaam mee z'n pijpken in de mond in et deurgebont staon... (Jan Jaansen; ps. v. Piet Heerkens svd; ’Oome Teun op collecte’; feuilleton in 3 afl. in de NTC 12-8-1939 –26-8-1939); Den herbergier zee: ""Die kunnen deur de vensters kijken en in et deurgebond staon, daor is plaots genog (Jan Jaansen; ps. v. Piet Heerkens svd; De nuuwe kapelaon van Baozel, afl. 11; NTC 10-12-1938); De Wijs  – Rijd den kreugel mar deur ’t deurgebint in’t schop (20-07-1962); vM hij ston tussen et durgebont; durgebont; deurkozijn, deurstijlen; vM Hij stón tussen et durgebónt; Pierre van Beek: durgebónt = deurstijl (?); Henk van Rijen: 'deurgebond' zelfstandig naamwoord - deuropening; Frans Verbunt: 'deurgebont'; Frans Verbunt: 'in et deurgebont staon' - in de weg staan; Cees Robben: 'het gammel deurgebond'; Jan Naaijkens - Dè's Biks - 1992 – durgebònt - deurkozijn"
Bron: Sterenborg, W. en E. Schilders (2014), Woordenboek van de Tilburgse Taal (WTT), Tilburg: Stichting Cultureel Brabant


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal