elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: distelvink

distelvink , déijstelvink , putter , De déijstelvink is't mist gekléúrde veugeltje wa hier vurkömt, 't lèèft mist van déijstelzaod. De putter is het meest gekleurde vogeltje wat hier voorkomt, het leeft voornamelijk van distelzaad.
Bron: Hendriks, W. (2005), Nittersels Wóórdenbuukske. Dialect van de Acht Zaligheden, Almere
distelvink , dijselfink , zelfstandig naamwoord , putter (Helmond en Peelland)
Bron: Swanenberg, A.P.C. (2011), Brabants-Nederlands: Nederlands-Brabants: Handwoordenboek, Someren


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal