elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: duimsep

duimsep , dèùmsjep , zelfstandig naamwoord , duimdrop (Tilburg en Midden-Brabant)
Bron: Swanenberg, A.P.C. (2011), Brabants-Nederlands: Nederlands-Brabants: Handwoordenboek, Someren
duimsep , dèùmsjèp , zelfstandig naamwoord , duimdrop, zachte drop die op de duim plakte om opgelikt te worden; Gin dèùmszjèp mir bij Sjoo de Lèpper/ Alle cènte die zèn op. (Lechim; ps. v. Michel van de Ven; ongedateerd knipsel 1960-1980; uit: Gao de cènt foetsie?); Frans Verbunt: duimdrop
Bron: Sterenborg, W. en E. Schilders (2014), Woordenboek van de Tilburgse Taal (WTT), Tilburg: Stichting Cultureel Brabant


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal