elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: duveltje

duveltje , duvelke , m , klein kacheltje
Bron: Kerkhoff, Chris (1970 ev), Dialectwoordenlijst van het Land van Cuijk, Cuijk
duveltje , duveltien , 1. kleine duivel. 2. kleine kachel vroeger gebruikt voor de warmte, om de was te koken en om heet water te maken bij het slachten.
Bron: Bos-Vlaskamp, G. e.a. (1994), Olster woorden, Olst.
duveltje , duuveltien , duiveltje. (houtkacheltje).
Bron: Dialectwârkgroep Heerde/Waopmvelde (2004), Nieje Heerder Woordnboek, Heerde.
duveltje , duveltien , (zelfstandig naamwoord) , 1. kleine duivel; 2. klein ondeugend kind; 3. kleine potkachel.
Bron: Kraijer, M., H. Mulder, D. Visscher en Ph. Bloemhoff (2009), Op zien Zwols: Woordenboek van de Zwolse Taal, Kampen: IJsselacademie
duveltje , duveltje , potkacheltje , as ’t duveltje braande was ’t altij wèèrem in huis = als het potkacheltje brandde was het altijd warm in huis-
Bron: Melis, A. van (2011) Bikse Praot. Prinsenbeeks Dialectwoordenboek. Prinsenbeek: Heemkundekring ‘Op de Beek’
duveltje , duveltjen , duveltien , soort kolenkachel
Bron: Scholtmeijer, H. (2011), Veluws handwoordenboek, Almere.
duveltje , duuveltje , zelfstandig naamwoord , potkacheltje (Tilburg en Midden-Brabant)
Bron: Swanenberg, A.P.C. (2011), Brabants-Nederlands: Nederlands-Brabants: Handwoordenboek, Someren
duveltje , duuveltje , zelfstandig naamwoord, verkleinwoord , kacheltje, op pootjes; kleine duivel; Henk van Rijen: Spartele as en duuveltje in en wijwaotersvòtje - Erg tegenstribbelen
Bron: Sterenborg, W. en E. Schilders (2014), Woordenboek van de Tilburgse Taal (WTT), Tilburg: Stichting Cultureel Brabant


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal