elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: flèren

fleren , [een klap geven] , fleeren , het werkwoord: een klap of oorvijg geven.
Bron: Panken, P.N. (1850) Kempensch taaleigen, Idioticon I, A-Z, Idioticon II, H-Z, red. Johan Biemans, 2010, Bergeijk.
fleren , fleeren , voor: vleien, flikflooien; “Nou nijt meer fleeren, Pijt!”“Nou vrachtig, as d’r ein bange is veur floien, bin ik et”, enz. West-Vlaamsch: fleren = vleien, contractie van fletteren. Zuid-Nederlandsch = vleien, Fransch flatter. (De Bo).; zie: flappen 1.
Bron: Molema, H. (1895), Woordenboek der Groningsche Volkstaal in de 19e eeuw (handschrift met aanvullingen op gedrukte editie uit 1887)
fleren , fléêre , slaan, meppen D’r op fléêre; slaan An zien ore fléêre een oorvijg geven; (neer)gooien, neersmijten D’r nér fléêre; ewég fléêre weggooien, wegsmijten.
Bron: Kerkhoff, Chris (1970 ev), Dialectwoordenlijst van het Land van Cuijk, Cuijk
fleren , fleren , 1. iets wegsmijten. 2. draai om de oren geven.
Bron: Bos-Vlaskamp, G. e.a. (1994), Olster woorden, Olst.
fleren , flèren , fleren , (Zuid-Drenthe, Midden-Drenthe). Ook fleren (Midden-Drenthe, Kop van Drenthe, Zuidwest-Drenthe) = 1. met kracht neerkomen (Zuid-Drenthe, Midden-Drenthe) Het regent dat het fleert (Die), Daor fleert het al weer hen, dreug is het nog niet west vandaog (Eex), Het flèerde tegen de roeten (Wsv), Het flèert er aordig op (Sle), Een klap um de oren geven dat het zo fleerde (Hav), zie ook plèren 2. spatten Het waoter flèert in ’t ronde (Gro), Hij kan zien woordtien wel doen, het fleert hum van de mond (Ruw) 3. vallen (Zuid-Drenthe, Midden-Drenthe) Aj onder het rieden van het peerd flèren... (Smi), Het was zo glad, hij flèerde op de grond (Wap), Ze flèerden mor zo van de benen (Dro) 4. vleien (Zuid-Drenthe, Kop van Drenthe) Wat is dat een flèerderd, die kan je zo mooi um de bek flèren (Sle) 5. smeren (Zuid-Drenthe, Midden-Drenthe, Kop van Drenthe) Hij zat aal an de deur te fleren mit zien smerige handen (Row), ook gezegd van smeren met verf of specie (Zuidoost-Drenthe, Zuidwest-Drenthe, noord) 6. ergens aan plakken (Zuidwest-Drenthe, Zuidoost-Drents zandgebied) 7. smijten (Kop van Drenthe, Zuidwest-Drenthe, zuid) 8. slaan (Zuidwest-Drenthe, Zuidoost-Drents zandgebied) Fleer hum toch ien an de kop! (Pdh), Die man is drekt kwaod, en dan flèert hij der mar op lös (Bro) 9. kletsen (Zuidwest-Drenthe, zuid) Wie hef dat rond efleerd? (Mep) 10. sjansen (Veenkoloniën) Die jonges fleren tegen de wichter (Eco) 11. aansmeren (Zuidoost-Drents zandgebied) Een zwienekoper fleerde mij de biggen an de kont (Emm), zie ook anflèren
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
fleren , flèère , slaan , Flèère, pèère, slaoge én slôn, dóffe én fómpe mér't bliif handwerk. Zes verschillende woorden om handtastelijk te zijn, maar het bleef wel handwerk.
Bron: Hendriks, W. (2005), Nittersels Wóórdenbuukske. Dialect van de Acht Zaligheden, Almere
fleren , fleren , werkwoord , 1. slaan (door mens of dier) 2. vallend slaan op, tegen 3. zich zeer snel verplaatsen
Bron: Bloemhoff, H., J. Withaar, A. Bloemhoff en T. Bontekoe (2005), Stellingwarfs-Nederlands Verklarend Handwoordenboek (SNVH), Berkoop/Oldeberkoop: Stichting Stellingwarver Schrieversronte.
fleren , [gooien] , fleren , (van zich af) gooien.
Bron: Scholtmeijer, H. (2011), Veluws handwoordenboek, Almere.
flèren , fluure , werkwoord , vleien (Eindhoven en Kempenland)
Bron: Swanenberg, A.P.C. (2011), Brabants-Nederlands: Nederlands-Brabants: Handwoordenboek, Someren
fleren , flaere , flaertj, flaerdje, geflaerdj , meppen , Dalik flaer ich dich t’r ein!
Bron: Tonnaer, M. en Har Sniekers (eindred.), (2012), Thoears Woeardebook, Thorn
fleren , fluure , zwak werkwoord , "vleien; N. Daamen - handschrift 1916 - ""fluuren - ergens (lief, aanhoudend) om vragen""; WBD (III.2.1:487) fluure = een hond vleien; ook: ònhaole; Sch. - FLUREN = fleren = vleien (Brab.Leuv.); Goem. - FLEREN - vleien, meest van kinderen gezegd."
Bron: Sterenborg, W. en E. Schilders (2014), Woordenboek van de Tilburgse Taal (WTT), Tilburg: Stichting Cultureel Brabant


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal