elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: hemelzaad

hemelzaad , himmelzaod , o , hemelzaad (Zwarte luis op tuinbonen.)
Bron: Kerkhoff, Chris (1970 ev), Dialectwoordenlijst van het Land van Cuijk, Cuijk
hemelzaad , heemelzaod , zelfstandig naamwoord , zwarte luis waarmee bijvoorbeeld de labbòòne nog al eens vol kwamen te zitten als ze niet tijdig bespoten waren, bijv. met een aftreksel van tabaksstelen. Zie ook: striepe.
Bron: Naaijkens, J. (1992), Dè’s Biks – Verklarende Dialectwoordenlijst, Hilvarenbeek
hemelzaad , hemmelzood , bladluizen.
Bron: Zegers, A. (1999), Het dialect van het land van Ravenstein, in het bijzonder van Uden en Zeeland, Uden.
hemelzaad , himmelzood , bladluizen
Bron: Bergh, N. van den, e.a. (2007), Um nie te vergeete. Schaijks dialectboekje, Schaijk.
hemelzaad , heemelzaod , himmelzaod , zelfstandig naamwoord , bladluizen (Land van Cuijk; Tilburg en Midden-Brabant); himmelzaod; bladluizen (Den Bosch en Meierij)
Bron: Swanenberg, A.P.C. (2011), Brabants-Nederlands: Nederlands-Brabants: Handwoordenboek, Someren
hemelzaad , heemelzaod , zelfstandig naamwoord , "bladluizen; N. Daamen (handschrift 1916) –  ""Hemelzaad - noemen de boeren en ook wel de burgers: bladluizen""; WBD III.4.2:225 'hemelzaad' - bladluis (Aphididae); Stadsnieuws (rubriek): Asser heemelzaod in de bôome zit, gòn ze druppe (010707); Jan Naaijkens, Dès Biks - 1992 - heemelzaod zelfstandig naamwoord- zwarte luis; WNT HEMELZAAD - naam voor plantluizen (in de Meierij)"
Bron: Sterenborg, W. en E. Schilders (2014), Woordenboek van de Tilburgse Taal (WTT), Tilburg: Stichting Cultureel Brabant


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal