elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: kortelings

kortelings , kortlings , pas geli-je.
Bron: Kuipers, Cor e.a. (1993), Zò bót ás en hiëp. Plat Hôrster, Horst.
kortelings , kortelings , bijwoord , onlangs (LPW: Lop) Ook in de Vechtstreek (Van Veen 1989, p. 42). Zie ook *kort , betekenis 2 en *korts .
Bron: Scholtmeijer, H. (1993), Zuidutrechts Woordenboek – Dialecten en volksleven in Kromme-Rijnstreek en Lopikerwaard, Utrecht
kortelings , körtelings , bijwoord , (Zuidwest-Drenthe) = onlangs Körtelings binne wij nog henne wèest (Dwi), Dat is körtelings nog gebeurd (Ruw)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
kortelings , köttelings , zie köttens
Bron: Fien, A., Ph.C.G.M. Bloemhoff-de Bruijn en J. Gunnink (2000), Woordenboek van de Kamper Taal, Kampen
kortelings , kotlings , kotliks, kottelings, kotteliks , bijwoord , onlangs
Bron: Bloemhoff, H., J. Withaar, A. Bloemhoff en T. Bontekoe (2005), Stellingwarfs-Nederlands Verklarend Handwoordenboek (SNVH), Berkoop/Oldeberkoop: Stichting Stellingwarver Schrieversronte.
kortelings , korteliengs , pas geleden, nog niet zo lang geleden , daor ben ik korteliengs nog gewiest = daar ben ik niet zo lang geleden nog geweest-
Bron: Melis, A. van (2011) Bikse Praot. Prinsenbeeks Dialectwoordenboek. Prinsenbeek: Heemkundekring ‘Op de Beek’
kortelings , körteliengs , bijwoord , onlangs (West-Brabant)
Bron: Swanenberg, A.P.C. (2011), Brabants-Nederlands: Nederlands-Brabants: Handwoordenboek, Someren


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal