elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: kuimen

kuimen , kü̂men , (zwak werkwoord) , klagen.
Bron: Gallée, J.H. (1895). Woordenboek van het Geldersch-Overijselsch Dialect. Deventer: H.P. Ter Braak
kuimen  , kümme , küm, küms, kümp, kümde, gekümp , zuchten.
Bron: Daelen-Meuter, Jos. van (ca. 1937), Venloos waordebook, ongepubliceerd typoscript, Venlo.
kuimen , kume , klagen, kreunen.
Bron: Kerkhoff, Chris (1970 ev), Dialectwoordenlijst van het Land van Cuijk, Cuijk
kuimen , kume , geluid dát gemákt wuurt beej ut levere ván en inspanning.
Bron: Kuipers, Cor e.a. (1989), È maes inne taes. Plat Hôrster, Horst.
kuimen , kuumme , droefheid en pijn door woorden te kennen geven, zich uiten over iets verdrietigs.
Bron: Crompvoets, H. en J. van Schijndel (1991), Mééls Woordeboe:k. Meijel: Medelo.
kuimen , krumen , zuchten, zeuren (W.-Veluwe).
Bron: Scholtmeijer, H. (2011), Veluws handwoordenboek, Almere.
kuimen , koime , kuume , werkwoord , kreunen (Helmond en Peelland); kuume; jammeren (Land van Cuijk)
Bron: Swanenberg, A.P.C. (2011), Brabants-Nederlands: Nederlands-Brabants: Handwoordenboek, Someren
kuimen , [zuchten] , kume , kuumtj, kuumdje, gekuumdj , zuchten, steunen (van pijn of vermoeidheid) , Doe kuums mich get bie-ein!: jij stelt je aan. Höf dich mer, ich zal waal kume: doe jij het werk maar, ik kijk toe.: doe jij het werk maar, ik kijk toe.
Bron: Tonnaer, M. en Har Sniekers (eindred.), (2012), Thoears Woeardebook, Thorn
kuimen , ku~me , kuumde – gekuump , kreunen; zuchten
Bron: Arts, Jan (2015), Brónsgreun Bukske, Editie Veldes dialek, Velden.


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal