elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: link

link , [vuile streep in een stof] , link , moet, streep, vuile veeg (in goed) (1903).
Bron: Beets, A. (1954), ‘Leidse woorden en uitdrukkingen’, in: Bicker Caarten, A. (red.), Leids Volksleven, Leiden: Sijthoff
link , link , link, gevaarlijk Dè’s linke soep! Dat is link!
Bron: Kerkhoff, Chris (1970 ev), Dialectwoordenlijst van het Land van Cuijk, Cuijk
link , link , 1. gevaarlijk. 2. slim
Bron: Steenhuis, F.H. (1978), Winschoter bargoens, in: Stoere en Olderwetse Grunneger Woorden, Wildervank
link , link , bijvoeglijk naamwoord en bijwoord , 1. Riskant. | Doen jij ’t maar, ik vind ’t te link. 2. Oneerlijk, onbetrouwbaar. | ’t Loikt moin ’n link zaakie. 3. Geslepen. | Koik uit, ’t is ’n linke kirrel, ’oor! Zegswijze ik koik wel link uit, ik pas ervoor, ik trap er niet in. – Hai is zo link as ’n looien deur, hij is zeer geslepen, hoogst onbetrouwbaar.
Bron: Pannekeet, J. (1984), Westfries Woordenboek, Wormerveer
link , leenk , zoa leenk as en loëj deur: hal um inne gate!
Bron: Kuipers, Cor e.a. (1993), Zò bót ás en hiëp. Plat Hôrster, Horst.
link , link , bijvoeglijk naamwoord , (Zuidwest-Drenthe, Zuidoost-Drents veengebied) = 1. riskant Het liekt mij nogal link um dat te doen gevaarlijk (Wsv) 2. listig, slim Een leperd die is link (Hav), Aj link binnen... verstandig (Mep), ook als woordspeling op links: Hoe linker, hoe flinker (Die), soms gevolgd door Hoe rechter, hoe slechter (Hgv)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
link , link , zelfstandig naamwoord , linke , linkies , [O] vuile streep in linnen of katoen Da’ goed is slecht gewasse, alle linke staon d’r nog in
Bron: Werkgroep Dialecten Hoeksche Waard (2006), Hoekschewaards woordenboek, Klaaswaal.
link , lienk , zelfstandig naamwoord , plooi (West-Brabant)
Bron: Swanenberg, A.P.C. (2011), Brabants-Nederlands: Nederlands-Brabants: Handwoordenboek, Someren
link , link , bijvoeglijk naamwoord , scheef; riskant; WBD III.3.1:362 'link' = verdacht (onder verdenking staand, onbetrouwbaar, onguur); WBD III.1.4:27 'link' = slim; Antw. LINK bvw - Fr. gauche. Spr. Hoe linker hoe flinker, hoe rechter hoe slechter
Bron: Sterenborg, W. en E. Schilders (2014), Woordenboek van de Tilburgse Taal (WTT), Tilburg: Stichting Cultureel Brabant


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal