elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: loors

loors , loors , geniepig persoon
Bron: Laat, G. de (2011), Zoo prôte wèij in Nuejne mi mekaâr, Nuenen
loors , lorske , loereske, loorske, , zelfstandig naamwoord , min mannetje (Eindhoven en Kempenland) ; loereske; kopje koffie (Helmond en Peelland) loorske; slokje (Helmond en Peelland)
Bron: Swanenberg, A.P.C. (2011), Brabants-Nederlands: Nederlands-Brabants: Handwoordenboek, Someren


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal