elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: murmureren

murmureren , murmereren , zwak werkwoord, onovergankelijk , (niet Kop van Drenthe en veengebieden Oost-Drenthe) = 1. zeuren, klagen (Zuidwest-Drenthe, zuid, ti, Midden-Drenthe) Hij hef altied wat te murmereren, mar hij mankeert niks (Ruw) 2. morren, tegenpraten, opstandig zijn (Zuidoost-Drents zandgebied, Zuidwest-Drenthe) IJ kunt er wel over murmereren, maor het hölpt oe toch niks (Zdw), Klaos stiet daor mar te murmereren, het wark stiet hum niet an (Hav) 3. prakkizeren (Midden-Drenthe, Zuidwest-Drenthe, zuid) Zit niet langer te murmereren, het komp best wèer in urder (Hijk) 4. er tegen opzien (Zuidwest-Drenthe, zuid, Zuidoost-Drents zandgebied) Hie mus opereerd worden, maor hie murmereerde der aordig tegen (Bor) 5. in zichzelf praten (Zuidoost-Drents zandgebied) Murmereren is in zichzulf praoten (Schn)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
murmureren , murmereren , 1. zachtjes protesteren; 2. mopperen
Bron: Fien, A., Ph.C.G.M. Bloemhoff-de Bruijn en J. Gunnink (2000), Woordenboek van de Kamper Taal, Kampen
murmureren , murmereere , klagen , die murmereer nog as ze de honderdduzend trekt = die klaagt nog als ze de honderdduizend wint-
Bron: Melis, A. van (2011) Bikse Praot. Prinsenbeeks Dialectwoordenboek. Prinsenbeek: Heemkundekring ‘Op de Beek’
murmureren , murmereere , werkwoord , mompelen, brommen, klagen (West-Brabant; Helmond en Peelland)
Bron: Swanenberg, A.P.C. (2011), Brabants-Nederlands: Nederlands-Brabants: Handwoordenboek, Someren
murmureren , mörmereere , mèrmerêere , zwak werkwoord , murmureren; Vroegmiddelnederlandse ‘mompelen’; Robben bedoelt het eveneens Vroegmiddelnederlandse ‘morren’: klagen; Cees Robben – Wè zodde mörmereeren... (19580705); mèrmerêere; mompelen; uit het Franse murmurer; Zôo mèrmereerde ôome Tiest/ teege al die 't wôn heure,/ Hij krêeg wèl hier èn daor gelèèk/ mar mist de wènd van veure. (Lechim; ps. v.  Michel van de Ven; ongedateerd knipsel 1960-1980; uit: Nie waoge... nie winne...)
Bron: Sterenborg, W. en E. Schilders (2014), Woordenboek van de Tilburgse Taal (WTT), Tilburg: Stichting Cultureel Brabant


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal