elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: oets

oets , oets , de , oetsen , (Hgv) = wagen voor vervoer van bomen
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
oets , oets , mallejan, wagen bestaande uit twee hoge wielen en een disselboom voor het vervoer van zware lasten, vooral bomen
Bron: Melis, A. van (2011) Bikse Praot. Prinsenbeeks Dialectwoordenboek. Prinsenbeek: Heemkundekring ‘Op de Beek’
oets , oets , zelfstandig naamwoord , boomwagen (mallejan) (West-Brabant); oetske; verkleinwoord; onnozel persoontje (Den Bosch en Meierij; Tilburg en Midden-Brabant)
Bron: Swanenberg, A.P.C. (2011), Brabants-Nederlands: Nederlands-Brabants: Handwoordenboek, Someren
oets , oets , zelfstandig naamwoord , "mallejan; N. Daamen - Handschrift 1916 - ""oets - voertuig om boomen mede te vervoeren""; Henk van Rijen - 'oets, oerts'; LDM - Verder om niet te vergeten ""de oets"", ook wel mallejan genoemd, het speciale vervoermiddel voor bomen. Deze bestond uit twee wielen maar groter dan een gewoon karwiel, zodat dus de as ook hoger kwam te liggen. Deze as was zwaarder dan van een gewone kar en er op lag een houten balk en hieraan was beweegbaar verbonden een vooruitstekende paal van ca. 3 m met aan het vooreind een stevige ijzeren ring, waar bij het gebruik de haamknuppel werd ingehaald met aan de uiteinden hiervan ook een stevig ijzeren oog, waar bij het inspannen de haagten of strengen werden ingehaakt. Dit voertuig werd gebruikt voor het vervoer van bomen, die onder de as werden gehangen. Drik en Kees Zebregs aan 't Goirke, Tinus, Kees en Jan Leijs, Hasselt, Huybrechts Lijnsheike waren in dit werk de mannen van 't vak. (Lowie van Dorrus Misters; rubriek Uit onze Tilburgse folklore, afl. 21 ‘Tilburg had een respectabele lijst’; NTC 4-2-1954); Stadsnieuws - Wènnen oets, naa traptie der wir meej baaje pôoten in! - Wat een onnozele hals, nu trapt hij er weer met beide voeten in; C. Verhoeven - Herinneringen aan mijn moedertaal (1978) – OETS m - mallejan, voertuig met twee wielen voor het vervoeren van bomen. Niet in WNT, wel in v. Dale: OETS m - mallejan. A.P. de Bont, Dialekt van Kempenland (1958-2005) - HOETS vr! - mallejan. In Lage Mierde: 'n oerts. J. H. Hoeufft, Proeve van Bredaasch Taal-eigen(1836) - OEST noemt men hier zeker werktuig om stukken geschut of andere zware ligchamen te ligten of voort te trekken. Z. a. Reeds bij Kil. WBD 'oets' - mallejan (II:2787); Cornelissen & Vervliet, Idioticon van het Antwerpsch dialect (1899) -  OERTS znw. m. zie HÖRST, zie HÖRTS; HÖRTS, NÖRTS, ÖRTS, HUITS, UITS, NUITS, in N. Kempen: HOERTS, HOETS, OETS, NOETS voertuig op 2 wielen, met langen dissel, om boomen te vervoeren; Van Dale (XIV) mallejan - wagen bestaande uit een as met twee hoge wielen en een disselboom, om bomen en andere zware lasten te vervoeren (1872) - van 'mal' (dwaas) + de persoonsnaam Jan, vermoedelijk gevormd naar mallewagen (wagen waarop leden van het narrengilde rondreden)."
Bron: Sterenborg, W. en E. Schilders (2014), Woordenboek van de Tilburgse Taal (WTT), Tilburg: Stichting Cultureel Brabant


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal