elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: ruizelen

ruizelen , ruuzele , ruien.
Bron: Daelen-Meuter, Jos. van (ca. 1937), Venloos waordebook, ongepubliceerd typoscript, Venlo.
ruizelen , rûzele , in de rui zijn.
Bron: Kerkhoff, Chris (1970 ev), Dialectwoordenlijst van het Land van Cuijk, Cuijk
ruizelen , rûzele , ruisen (bladeren van de boom.)
Bron: Kerkhoff, Chris (1970 ev), Dialectwoordenlijst van het Land van Cuijk, Cuijk
ruizelen , ruzele , hoar, blaar of nalde verleze.
Bron: Kuipers, Cor e.a. (1989), È maes inne taes. Plat Hôrster, Horst.
ruizelen , reuzjele , van veren wisselen, in de rui zijn.
Bron: Crompvoets, H. en J. van Schijndel (1991), Mééls Woordeboe:k. Meijel: Medelo.
ruizelen , ruzeln , zwak werkwoord, onovergankelijk , (Zuidoost-Drents zandgebied, sa) = ritselen
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
ruizelen , ruzelen  , ruisen, suizelen; ruuspeppel, esp, ratelpopulier.
Bron: Scholtmeijer, H. (2011), Veluws handwoordenboek, Almere.
ruizelen , reuzele , reezele, ruuzele , werkwoord , ruien, van veren wisselen (Helmond en Peelland); reezele; ritselen (Helmond en Peelland); ruuzele; ruien, loslaten, uitvallen (Land van Cuijk)
Bron: Swanenberg, A.P.C. (2011), Brabants-Nederlands: Nederlands-Brabants: Handwoordenboek, Someren
ruizelen , [ruien] , ruize , ruzele , ruizeltj, ruizeldje, geruizeldj , 1. ruien 2. de bladeren verliezen , De hoonder zeen aan ’t ruizele.
Bron: Tonnaer, M. en Har Sniekers (eindred.), (2012), Thoears Woeardebook, Thorn
ruizelen , ruzele , ruzelde – geruzeld , vallen (dennennaalden)
Bron: Arts, Jan (2015), Brónsgreun Bukske, Editie Veldes dialek, Velden.


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal