elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: tornen

tornen , tornen , (intransitief werkwoord) , stooten, rukken, losmaken. Het paard tornt er wat op aan, om het touw te breken, waarmede het aan den boom gebonden is. Aantornen, manen om betaling van schulden.
Bron: Bouman, J. (1871), De Volkstaal in Noordholland, Purmerend.
tornen , taenen , tornen.
Bron: Bos-Vlaskamp, G. e.a. (1994), Olster woorden, Olst.
tornen , törnen , tornen , zwak werkwoord, overgankelijk , (Zuidoost-Drenthe, Noord-Drenthe, Zuidwest-Drenthe, zuid). Ook tornen (Zuidwest-Drenthe, Zuidoost-Drents veengebied, Kop van Drenthe) = tornen, losmaken Een jas oet mekaor törnen (Nor), Ik moet een naod löstörnen (Gie), (fig.) Dat meuj zo laoten, daor meuj niet an törnen niet willen veranderen (Pes)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
tornen , torzen , tornen.
Bron: Zegers, A. (1999), Het dialect van het land van Ravenstein, in het bijzonder van Uden en Zeeland, Uden.
tornen , tönnen , tornen
Bron: Fien, A., Ph.C.G.M. Bloemhoff-de Bruijn en J. Gunnink (2000), Woordenboek van de Kamper Taal, Kampen
tornen , târnn , tornen. Wie zult die mouwe lös târnn.
Bron: Dialectwârkgroep Heerde/Waopmvelde (2004), Nieje Heerder Woordnboek, Heerde.
tornen , torrene , werkwoord , torren, torrende, getorrend , tornen
Bron: Werkgroep Dialecten Hoeksche Waard (2006), Hoekschewaards woordenboek, Klaaswaal.
tornen , torre , tornen
Bron: Bergh, N. van den, e.a. (2007), Um nie te vergeete. Schaijks dialectboekje, Schaijk.
tornen , törnen , (werkwoord) , törnen, etörnd , tornen.
Bron: Kraijer, M., H. Mulder, D. Visscher en Ph. Bloemhoff (2009), Op zien Zwols: Woordenboek van de Zwolse Taal, Kampen: IJsselacademie
tornen , toorze , tornen, een naad losmaken
Bron: Laat, G. de (2011), Zoo prôte wèij in Nuejne mi mekaâr, Nuenen
tornen , taarnen , tärnen , tornen.
Bron: Scholtmeijer, H. (2011), Veluws handwoordenboek, Almere.
tornen , teurze , werkwoord , trekken (Helmond en Peelland)
Bron: Swanenberg, A.P.C. (2011), Brabants-Nederlands: Nederlands-Brabants: Handwoordenboek, Someren


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal