elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: trechter

trechter , trächter , mannelijk , trechter
Bron: Jonker, L. & H.G. van Grol (z.j., ca 1940), Woordenboek dialect van Vriezenveen
trechter , tràchtr , zelfstandig naamwoord, mannelijk , tràchtrs , tràchtrken , trechter
Bron: Schönfeld Wichers, K.D. (1959), Woordenboek van het Rijssens dialect, herdruk 1996, z.pl.
trechter , trachter , traachter, trechter , de , (Zuidoost-Drenthe, Veenkoloniën, Kop van Drenthe). Ook traachter (Midden-Drenthe, ti), trechter (Noord-Drenthe, Zuid-Drenthe) = trechter De trechter stiet op het pietereulieblik (Coe), Zet even de trachter op de fles (Row), Hij is zo laks as dikke stroop in een trechter (Schn)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
trechter , trächter , (Kampereiland, Kamperveen) trechter
Bron: Fien, A., Ph.C.G.M. Bloemhoff-de Bruijn en J. Gunnink (2000), Woordenboek van de Kamper Taal, Kampen
trechter , trachter , zelfstandig naamwoord , de; var. van trechter
Bron: Bloemhoff, H., J. Withaar, A. Bloemhoff en T. Bontekoe (2005), Stellingwarfs-Nederlands Verklarend Handwoordenboek (SNVH), Berkoop/Oldeberkoop: Stichting Stellingwarver Schrieversronte.
trechter , trefter , zelfstandig naamwoord , trechter (West-Brabant)
Bron: Swanenberg, A.P.C. (2011), Brabants-Nederlands: Nederlands-Brabants: Handwoordenboek, Someren
trechter , trèèchter , zelfstandig naamwoord , trechter; A.A. Weijnen; Onderzoek dialectgrenzen in Noord-Brabant (1937) - type 'trechter', met ch (krt. 40)
Bron: Sterenborg, W. en E. Schilders (2014), Woordenboek van de Tilburgse Taal (WTT), Tilburg: Stichting Cultureel Brabant


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal