elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: vitselen

vitselen , vitsel , eene teen of teenen band, hier gewoonlijk tot beschutsel, vakwand of wand, (eene soort van muur) gebezigd. Dit werk heet Fitselen of Vitselen.
Bron: Panken, P.N. (1850) Kempensch taaleigen, Idioticon I, A-Z, Idioticon II, H-Z, red. Johan Biemans, 2010, Bergeijk.
vitselen , fisln , werkwoord, zwak , toebereiden van kwakzalversmiddel of volksgeneesmiddel
Bron: Schönfeld Wichers, K.D. (1959), Woordenboek van het Rijssens dialect, herdruk 1996, z.pl.
vitselen , fitsele , werkwoord , vlechten met wilgentenen (Eindhoven en Kempenland)
Bron: Swanenberg, A.P.C. (2011), Brabants-Nederlands: Nederlands-Brabants: Handwoordenboek, Someren


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal