elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: vlijst

vlijst , vlist , zelfstandig naamwoord , ijzeroer. Vlist is harde, ijzerhoudende grond, van lichtbruin tot bijna zwart van kleur. Soms diep onder ’t gèèl zand (ook wel rooi zand genoemd), soms bijna aan de oppervlakte. Als de vlist in een bouwput een bank vormde moest hij verwijderd worden want die was ondoordringbaar voor water.
Bron: Naaijkens, J. (1992), Dè’s Biks – Verklarende Dialectwoordenlijst, Hilvarenbeek
vlijst , vléijst , leem , Vléijst in de grond lôt gin wôtter dur, dé's in 'n nat jaor nie goed vur d’n ókst. Leem in de grond laat geen water door, dat is in een nat jaar niet goed voor de oogst.
Bron: Hendriks, W. (2005), Nittersels Wóórdenbuukske. Dialect van de Acht Zaligheden, Almere
vlijst , vlijst , vlist , zelfstandig naamwoord , harde aardlaag zoals een ijzeroerbank (Eindhoven en Kempenland); vlist; ijzeroerbank (Tilburg en Midden-Brabant)
Bron: Swanenberg, A.P.C. (2011), Brabants-Nederlands: Nederlands-Brabants: Handwoordenboek, Someren
vlijst , vlijs , zelfstandig naamwoord , WBD III.4.4:161 'vlijst' = oerbank; WBD III.4.4:164 'vlijst' = geelbruine aardlaag. WNT lemma Oer, Afleidingen: Oerbank (”ijzeroxide-hydraat, hetwelk, onoplosbaar in water, de oerbanken vormt,” STARING t. a. pl.)
Bron: Sterenborg, W. en E. Schilders (2014), Woordenboek van de Tilburgse Taal (WTT), Tilburg: Stichting Cultureel Brabant


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal