elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: voorgaand

voorgaand , vóórgende , bijwoord , Voorgaande, vorige. | Vóórgende week.
Bron: Pannekeet, J. (1984), Westfries Woordenboek, Wormerveer
voorgaand , veurgaond , bijvoeglijk naamwoord, bijwoord , voorgaand Dat was ien veurgaonde jaoren aans (Hav), Veurgaonde jaoren was het dreuger as nou (Row)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
voorgaand , vurgend , bijvoeglijk naamwoord , vorig (Den Bosch en Meierij)
Bron: Swanenberg, A.P.C. (2011), Brabants-Nederlands: Nederlands-Brabants: Handwoordenboek, Someren


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal