elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: solfer

solfer , solfer , zwavelstok
Bron: Boers, B. (1843), [Goerees] ‘Lijst van eenige verouderde, of in de provincie Zuidholland niet gebezigde Nederduitsche woorden, welke op het eiland Goedereede en Overflakkee nog heeden in gebruik zijn’, in: Beschrijving van het eiland Goedereede en Overflakkee, Sommelsdijk, pp. 48-57
solfer , solfer , zwavelstok
Bron: Boers, B. (1843), [Overflakkees] ‘Lijst van eenige verouderde, of in de provincie Zuidholland niet gebezigde Nederduitsche woorden, welke op het eiland Goedereede en Overflakkee nog heeden in gebruik zijn’, in: Beschrijving van het eiland Goedereede en Overflakkee, Sommelsdijk, pp. 48-57
solfer , solfer , zwavel. Het is de oude benaming. Men zegt ook sulfer.
Bron: Panken, P.N. (1850) Kempensch taaleigen, Idioticon I, A-Z, Idioticon II, H-Z, red. Johan Biemans, 2010, Bergeijk.
solfer , solver , zelfstandig naamwoord , [Num, veroud] zwavel Een luciferskop is mè solver gemaokt
Bron: Werkgroep Dialecten Hoeksche Waard (2006), Hoekschewaards woordenboek, Klaaswaal.
solfer , solfer , zelfstandig naamwoord , zwavel (Helmond en Peelland)
Bron: Swanenberg, A.P.C. (2011), Brabants-Nederlands: Nederlands-Brabants: Handwoordenboek, Someren
solfer , solfer , (mannelijk) , zwavel
Bron: Tonnaer, M. en Har Sniekers (eindred.), (2012), Thoears Woeardebook, Thorn
solfer , sòlfter , zelfstandig naamwoord , "zwavel, sulfer; Flaneur (pseudoniem van Antoon Arts) - ... en dat ze dat “vuurke"" stookten met “solfter"" die ze bij de „fabriek van Bogers"" uit de sintels hadden gekrabt. (Uit: Zonder opschrift; Nieuwe Tilburgsche Courant zaterdag 16 april 1904)"
Bron: Sterenborg, W. en E. Schilders (2014), Woordenboek van de Tilburgse Taal (WTT), Tilburg: Stichting Cultureel Brabant


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal