elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: aanerven

aanerven , anarven , sterk, zwak werkwoord, onpersoonlijk , door erfenis in bezit krijgen Deur al dat anarven hadden ze de kop deur de halster kregen waren ze weer in goede doen geraakt (Nor), Dei hebt het ok niet met het waarken kregen, maor aal maor deur het anaarven (Vri), Alles wat hij hef, hef hij deur anarven (Noo), Dat geld hef hij niet veur ewarkt, maor het is hum anarfd (Zdw)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
aanerven , aonèrven , aan komen lopen (van een hond).
Bron: Zegers, A. (1999), Het dialect van het land van Ravenstein, in het bijzonder van Uden en Zeeland, Uden.
aanerven , anarven , werkwoord , aanerven, door erfenis in eigendom krijgen
Bron: Bloemhoff, H., J. Withaar, A. Bloemhoff en T. Bontekoe (2005), Stellingwarfs-Nederlands Verklarend Handwoordenboek (SNVH), Berkoop/Oldeberkoop: Stichting Stellingwarver Schrieversronte.
aanerven , ônèèreve , aan komen lopen
Bron: Bergh, N. van den, e.a. (2007), Um nie te vergeete. Schaijks dialectboekje, Schaijk.


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal