elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: ho

ho , how , ho! stop! “how, how wat Remmelt!” fig. = draaf niet zoo door.
Bron: Molema, H. (1889), Proeve van een woordenboek der Drentsche volkstaal in de 19e eeuw, handschrift
ho , ho , (als zelfstandig naamwoord) = rust; zie: hohollen.
Bron: Molema, H. (1895), Woordenboek der Groningsche Volkstaal in de 19e eeuw (handschrift met aanvullingen op gedrukte editie uit 1887)
ho , hoo , [hō] , halt
Bron: Jonker, L. & H.G. van Grol (z.j., ca 1940), Woordenboek dialect van Vriezenveen
ho , ho , uitroep, in de zegswijze ho maar! niets daarvan, dat is er niet bij! | Hai wul wel in de kroeg zitte, maar werke, ho maar! – ‘Ho’, zoit ’n boer teugen z’n peerd, corrigerende reactie om aan te geven, dat men, indien men genoeg heeft (bv. genoeg eten dat wordt opgeschept), niet ‘ho’ dient te zeggen.
Bron: Pannekeet, J. (1984), Westfries Woordenboek, Wormerveer
ho , hów , stilstaan, stoppen, langzamer.
Bron: Crompvoets, H. en J. van Schijndel (1991), Mééls Woordeboe:k. Meijel: Medelo.
ho , how , huw, ho, hoow, heuw, hu , tussenwerpsel , Ook huw (Zuidoost-Drents zandgebied, Midden-Drenthe, Veenkoloniën), ho (Zuidwest-Drenthe, noord, Noord-Drenthe), hoow (Zuidoost-Drents zandgebied), heuw (Zuidoost-Drents zandgebied), hu (Zuidoost-Drents zandgebied) = stop, wacht eens even How, how, stop is even, dat he’k niet zegd (Bov), Huw, huw toch (tegen paard) (Sle), of How jong, how wij bint er (Eex), ’k Zèe how en ’t peerd stund as een paole, zeg ik oe (Hgv), As wij gien brij meer hebben wilt zegge wij how en dan zeg de vrouwe: ik bin gien peerd (Hol), How kuj zeggen tegen een peerd of tegen iene, die drok an het vertellen is (Zdw)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
ho , how , huui , ho, stop, van een paard.
Bron: Zegers, A. (1999), Het dialect van het land van Ravenstein, in het bijzonder van Uden en Zeeland, Uden.
ho , how , hiw, huw, ho, houw , tussenwerpsel , 1. gezegd om een trekdier te doen stoppen, ook om iemand te doen stoppen, ophouden, af te remmen 2. terechtwijzende, afkeurende of afremmende uitdrukking
Bron: Bloemhoff, H., J. Withaar, A. Bloemhoff en T. Bontekoe (2005), Stellingwarfs-Nederlands Verklarend Handwoordenboek (SNVH), Berkoop/Oldeberkoop: Stichting Stellingwarver Schrieversronte.
ho , hôw , stop
Bron: Bergh, N. van den, e.a. (2007), Um nie te vergeete. Schaijks dialectboekje, Schaijk.
ho , hoôw , hów , halt, wacht, ho, stop , Om een paard te laten stoppen zegt men: ”Hoôw!” , Hów is éfkes. Wacht eens eventjes.
Bron: Laat, G. de (2011), Zoo prôte wèij in Nuejne mi mekaâr, Nuenen
ho , huûj , ho , Huûj pèrd. Ho paard.
Bron: Laat, G. de (2011), Zoo prôte wèij in Nuejne mi mekaâr, Nuenen
ho , hao! , stop! (commando aan een paard) ook houw! juuj! Zie ook haar! herú! hot! jö! truugku
Bron: Janssen, L. (2013), Limburgs Woordenboek Heels-Nederlands, Heel.
ho , houw! , 1. ’t Is toch niet waar!; houw!houw! – a -.nu moet je ophouden b – hoho! 2. ho!, stop! (tegen een paard) ook hao! juuj! zie ook haar! herú! hot! jö! truugku!
Bron: Janssen, L. (2013), Limburgs Woordenboek Heels-Nederlands, Heel.
ho , how , tussenwerpsel , stop, nou
Bron: Feijen, Jan (2013), Zoeë Kalle Vae - Weertlands woordenboek, Weerd.
ho , hoow , tussenvoegsel , WBD (Hasselt) langzamer: (commando voor een paard)
Bron: Sterenborg, W. en E. Schilders (2014), Woordenboek van de Tilburgse Taal (WTT), Tilburg: Stichting Cultureel Brabant


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal