elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: aanreden

aanreden , [in gereedheid brengen] , anreeden , het garen voor linnen en wollen stoffen zelf spinnen. Wat het linnen aangaat is alles eigen gereed, want men heeft het vlas zelf verbouwd, het garen zelf gesponnen en het door den dorpswever geweefd linnen zelf gebleekt.
Bron: Molema, H. (1889), Proeve van een woordenboek der Drentsche volkstaal in de 19e eeuw, handschrift
aanreden , anrijden , anraiden , zie: anreden.
Bron: Molema, H. (1895), Woordenboek der Groningsche Volkstaal in de 19e eeuw (handschrift met aanvullingen op gedrukte editie uit 1887)
aanreden , anreden , (Niezijl, enz.) = rijden, anrijden = zelf garen spinnen voor linnen en vieschaft (zie aldaar)
Bron: Molema, H. (1895), Woordenboek der Groningsche Volkstaal in de 19e eeuw (handschrift met aanvullingen op gedrukte editie uit 1887)
aanreden , anred , (verleden deelwoord van: anrijden); ’t zulf anred hebben = van zelf gesponnen garen, dat men van wol of vlas heeft bereid of laten bereiden, linnen en vieschaft laten weven. Vgl. ijgenred.
Bron: Molema, H. (1895), Woordenboek der Groningsche Volkstaal in de 19e eeuw (handschrift met aanvullingen op gedrukte editie uit 1887)
aanreden , anrijden , zie anred * en rijden *.
Bron: Ganderheyden, A.A. (1897), Groningana – Supplement op H. Molema’s Woordenboek der Groningsche Volkstaal, Groningen (reprint 1985)
aanreden , anreien , voormelken, het melken op gang brengen.
Bron: Bos-Vlaskamp, G. e.a. (1994), Olster woorden, Olst.
aanreden , anreien , reien an, an ereid , het voormelken van koeien.
Bron: Werkgroep Dialekt van het Cultuur Historisch Genootschap Raalte (1995), Nieuw Sallands Woordenboek, Raalte
aanreden , anrien , anreden, anrieden, anreen , (Zuidoost-Drents zandgebied, wb). Ook anreden, (Zuidoost-Drents zandgebied, wm, wb), anrieden en anreen (wb) = 1. nauwer maken door een band of door te plooien (Zuidoost-Drents zandgebied) Ik moe de schoet nog even anreden (Sle), Ik moe het wat stiever anreden (Sle) 2. het garen voor linnen en wollen stoffen zelf spinnen (wm)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal