elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: drekstoep

drekstoep , drekstoup , drekstoep , in geschrifte drekstoep, ook vuilnisstoep = vuilnisbelt buiten de voormalige Oosterpoort te Groningen, in 1889 verder naar het oosten verplaatst. Daar wordt alle drek en straatvuil der stad, de stroatendrek, heengevoerd en naar behooren dooreengewerkt, om, met de ier afzonderlijk, naar de Koloniestreken verkocht te worden. De veiling dezer meststoffen heeft nu te Zuidbroek en Veendam plaats, en de geheele zaak is eene overoude stadsinrichting die meer en meer door andere steden wordt nagevolgd. (Het Nederlandsche stoep ook = plaats waar schepen worden gelost of geladen; stoepman, elders: vuilnisman.)
Bron: Molema, H. (1895), Woordenboek der Groningsche Volkstaal in de 19e eeuw (handschrift met aanvullingen op gedrukte editie uit 1887)
drekstoep , drekstoup* , “stoep” heeft hier de (ook bij v. Dale vermelde) beteekenis van “plaats waar schepen worden geladen”; elders o.a. stoepman = vuilnisman.
Bron: Ganderheyden, A.A. (1897), Groningana – Supplement op H. Molema’s Woordenboek der Groningsche Volkstaal, Groningen (reprint 1985)


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal