elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: graft

graft , graft* , ook = graf, Hoogduitsch Gruft; vergel. genōcht * en begrafnis . Oudtijds schreef men “’t gracht” = ʼt graf, en “gracht-steden” = grafplaatsen, o.a. in Amstelredams eer ende opcomen, bl. 264 en 265 van de uitgave van 1639.
Bron: Ganderheyden, A.A. (1897), Groningana – Supplement op H. Molema’s Woordenboek der Groningsche Volkstaal, Groningen (reprint 1985)


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal