elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: Kolonie

kolonie , klonies , (koloniën); de Klonies kan beteekenen: de Veenkoloniën, de bedelaarsgestichten en het koloniaal werfdepôt te Harderwijk.
Bron: Molema, H. (1895), Woordenboek der Groningsche Volkstaal in de 19e eeuw (handschrift met aanvullingen op gedrukte editie uit 1887)
Kolonie , Kloonies , de Kloonies , Fout:509
Bron: Ganderheyden, A.A. (1897), Groningana – Supplement op H. Molema’s Woordenboek der Groningsche Volkstaal, Groningen (reprint 1985)
kolonie , kelonie , klonie, kolonie , de , kelonies , Ook klonie, kolonie (Midden-Drenthe) = 1. ontginningsgebied, vooral het gebied rond Veenhuizen Ik wil even hen de kelonie gebied bij Schoonoord (Sle), Zie bint op veziet west in klonie d.i. in Veenhuizen (Eex), zo ook Hij het ok aal in de klonie zeten in de Veenhuizer strafgevangenis (Row), Hij glimt as Klonie-Geert zien kaast (Dro) 2. (grote) groep (Zuidoost-Drenthe) Der zit een hele kolonie meeuwen op die plas (Hijk) 3. troep, bende (Zuidwest-Drenthe, zuid, Midden-Drenthe) Een klonie det het daor is achter de koenen; de stront is ien gien drei jaor van de mure haald (Ruw), Het is daor een grote kelonie in hoes (Hijk) *Waor woon ie? Antw. In de klonie (Dwi), ... Waor is dat? O, in het mestgat (Hol), ... In het mestgat, harregat, wat stinkt dat (Smi)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
kolonie , klonie , kelonie , zelfstandig naamwoord , de; 1. elk der koloniën van de Maatschappij van Weldadigheid in de omgeving, bijv. De Klonie is bi’j Noordwoolde, mar ’t is ok de Liemweg onder Steggerde 2. koloniaal gebiedsdeel 3. kolonie van bep. vogels 4. bijenvolk
Bron: Bloemhoff, H., J. Withaar, A. Bloemhoff en T. Bontekoe (2005), Stellingwarfs-Nederlands Verklarend Handwoordenboek (SNVH), Berkoop/Oldeberkoop: Stichting Stellingwarver Schrieversronte.


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal