elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: melasse

melasse , melasse , (Stad-Groningsch) = godsdienstige kwezelaarster; ’n fiene melasse = een schijnheilige. (v. Dale: melasse = suikerstroop.)
Bron: Molema, H. (1895), Woordenboek der Groningsche Volkstaal in de 19e eeuw (handschrift met aanvullingen op gedrukte editie uit 1887)
melasse , melasse* , (bldz. 542): toespeling op ’t Nederlandsche woord melasse = suikerstroop?
Bron: Ganderheyden, A.A. (1897), Groningana – Supplement op H. Molema’s Woordenboek der Groningsche Volkstaal, Groningen (reprint 1985)


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal