elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: rolpatroon

rolpatroon , [patroon voor het maken van rolpens, niet bestaand iets] , rollepatroon , (onzijdig) , eenen ûtzenden om ’t rollepatroon te halen; in den slachttijd werd dikwijls iemand, die hiermede onbekend was en dien men voor den gek wilde houden, uitgezonden naar de buren om het patroon te vragen, dat voor het maken der rolpensen noodig was. De eene buur zond hem of haar dan naar den ander, totdat eindelijk een goedige iemand hem mededeelde dat het niet bestond en niet noodig was.
Bron: Gallée, J.H. (1895). Woordenboek van het Geldersch-Overijselsch Dialect. Deventer: H.P. Ter Braak
rolpatroon , rōlpetroon , zie: kezoan.
Bron: Molema, H. (1895), Woordenboek der Groningsche Volkstaal in de 19e eeuw (handschrift met aanvullingen op gedrukte editie uit 1887)
rolpatroon , rollepatroon , (onzijdig) , In den slachttijd werd vaak een niet al te snuggere huisgenoot uitgezonden om het rollepatroon; hij werd dan van Pontius naar Pilatus gestuurd. Rolle is rolpens. In Dieren zendt men zoo iemand om de dakschére.
Bron: Draaijer, W. (1896). Woordenboekje van het Deventersch Dialect. ’s-Gravenhage: Martinus Nijhoff
rolpatroon , rolpetroon , zie kezoan *.
Bron: Ganderheyden, A.A. (1897), Groningana – Supplement op H. Molema’s Woordenboek der Groningsche Volkstaal, Groningen (reprint 1985)
rolpatroon , rollepatroon , (onzijdig) , In den slachttijd werd vaak een niet al te snuggere huisgenoot uitgezonden om het rollepatroon; hij werd dan van Pontius naar Pilatus gestuurd. Rolle is rolpens. In Dieren zendt men zoo iemand om de dakschére.
Bron: Draaijer, W. (2e druk 1936), Woordenboekje van het Deventersch Dialect, Deventer: Kluwer.
rolpatroon , rolpatroon , rolpers , het , (Midden-Drenthe, Kop van Drenthe). Ook rolpers (Kop van Drenthe) = fopwerktuig, waarop iemand bij het slachten werd uitgestuurd Jan, wil ie wal even het rolpatroon van de buurman halen? (Hoh), De jong werd henstuurd om de rolpaars op te haolen (Een)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
rolpatroon , rollepetroon , (Gunninks woordenlijst van 1908) patroon waarnaar men de koemaag in stukken snijdt voor rolpens (iets dat niet bestaat, zie ook: Gunninks woordenlijst van 1908: dakschere)
Bron: Fien, A., Ph.C.G.M. Bloemhoff-de Bruijn en J. Gunnink (2000), Woordenboek van de Kamper Taal, Kampen
rolpatroon , rollepetroon , zelfstandig naamwoord , et; rolpatroon
Bron: Bloemhoff, H., J. Withaar, A. Bloemhoff en T. Bontekoe (2005), Stellingwarfs-Nederlands Verklarend Handwoordenboek (SNVH), Berkoop/Oldeberkoop: Stichting Stellingwarver Schrieversronte.


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal