elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: wegsmijten

wegsmijten , wegsmieten , (wederkeerend) = zich liederlijk gedragen en zich zoo aan de algemeene minachting prijs geven.
Bron: Molema, H. (1895), Woordenboek der Groningsche Volkstaal in de 19e eeuw (handschrift met aanvullingen op gedrukte editie uit 1887)
wegsmijten , wegsmieten , zie versmieten *; in de beteekenis van: verwerpen, wegcijferen, zie bldz. 582 II midden.
Bron: Ganderheyden, A.A. (1897), Groningana – Supplement op H. Molema’s Woordenboek der Groningsche Volkstaal, Groningen (reprint 1985)
wegsmijten , ewėchsjmiete , sjmeet ewėch, haet of is ewėchgesjmeete , weggooien.
Bron: Schelberg, P.J.G. (1986), Woordenboek van het Sittards dialect, Amsterdam
wegsmijten , wègsmiite , weggooien , Dieje rómmel van mén moet'te nie wègsmiite dé duu'jek zélf wél, alles óp zun'nen tiid. Die rommel van mij moet je niet weggooien dat doe ik zelf wel, alles op z'n tijd.
Bron: Hendriks, W. (2005), Nittersels Wóórdenbuukske. Dialect van de Acht Zaligheden, Almere
wegsmijten , [weggooien] , wegsmiete , wegsmijten, weggooien
Bron: Tonnaer, M. en Har Sniekers (eindred.), (2012), Thoears Woeardebook, Thorn


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal