elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: aanstrepen

aanstrepen , anstreepm , werkwoord , met nadruk op iets wijzen
Bron: Schönfeld Wichers, K.D. (1959), Woordenboek van het Rijssens dialect, herdruk 1996, z.pl.
aanstrepen , aansjtraepe , sjtraepde aan, haet of is aangesjtraep , aanstrepen.
Bron: Schelberg, P.J.G. (1986), Woordenboek van het Sittards dialect, Amsterdam
aanstrepen , anstrepen , zwak werkwoord, overgankelijk , aanstrepen Ik zal in dat bouk wal even anstrepen, woor wie bleven bunt (Bov)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal