elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: knarpen

knarpen , knarpen , kniezen, verkwijnen, “’n mens is hier nijt om altied te knarpen en oet te dreugen.”
Bron: Molema, H. (1895), Woordenboek der Groningsche Volkstaal in de 19e eeuw (handschrift met aanvullingen op gedrukte editie uit 1887)
knarpen , knoarpm , werkwoord, zwak , knersen, van hout
Bron: Schönfeld Wichers, K.D. (1959), Woordenboek van het Rijssens dialect, herdruk 1996, z.pl.


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal