elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: potsig

potsig , potsig , (bijvoeglijk naamwoord, bijwoord) , Aardig, grappig. ʼt Was potsig üm te z(i)een, hu aardig dat èpken kon exterseeren met ʼn eerlinks geweerken. Wadde potsige dingen likt daor vör de glazen in d(i)ee spö̀llegudswinkel. Wat stonnî daor potsig te bü̂̂gen. Vgl. Hgd. Posse – klucht.
Bron: Draaijer, W. (1896). Woordenboekje van het Deventersch Dialect. ’s-Gravenhage: Martinus Nijhoff
potsig , [aardig, grappig] , potsig , (bijvoeglijk naamwoord, bijwoord) , Aardig, grappig. ʼt Was potsig üm te z(i)een, hu aa(r)dig dat èpken kon exters(i)eeren met ʼn (i)eerlinks gew(i)eerken. Wadde potsige dingen likt daor vö̂r de glazen in d(i)ee spö̀llegudswinkel. Wat stonnî daor potsig te bü̂gen. Verg. Hgd. Posse – klucht.
Bron: Draaijer, W. (2e druk 1936), Woordenboekje van het Deventersch Dialect, Deventer: Kluwer.
potsig , potseg , bijvoeglijk naamwoord, bijwoord , grappig, eigenaardig
Bron: Schönfeld Wichers, K.D. (1959), Woordenboek van het Rijssens dialect, herdruk 1996, z.pl.
potsig , potsig , grappig en klein, b.v.: ’n potsig keerltien = een grappig klein kereltje.
Bron: Bos-Vlaskamp, G. e.a. (1994), Olster woorden, Olst.
potsig , potsig , grappig (van personen).
Bron: Werkgroep Dialekt van het Cultuur Historisch Genootschap Raalte (1995), Nieuw Sallands Woordenboek, Raalte
potsig , potsig , (Gunninks woordenlijst van 1908) grappig
Bron: Fien, A., Ph.C.G.M. Bloemhoff-de Bruijn en J. Gunnink (2000), Woordenboek van de Kamper Taal, Kampen
potsig , potseg , leuk, grappig. Wat hef hie daor ’n potseg huutien op.
Bron: Dialectwârkgroep Heerde/Waopmvelde (2004), Nieje Heerder Woordnboek, Heerde.
potsig , potsig , bijvoeglijk naamwoord , dik, vet, vlezig
Bron: Bloemhoff, H., J. Withaar, A. Bloemhoff en T. Bontekoe (2005), Stellingwarfs-Nederlands Verklarend Handwoordenboek (SNVH), Berkoop/Oldeberkoop: Stichting Stellingwarver Schrieversronte.


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal