elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: nonnengaten

nonnengaten , nonnegaote , het triforium in de Domkerk. (Verg. de nonnendeurtjes, in den Briel, de nonnenkamertjes te Brouwershaven). - ’t Was met de intree van den nūwen domenee zóó vol; de minse zatte-n-in de nonnegaote (vermoedelijk nooit gebeurd, maar wèl verteld).
Bron: Beets, A. (1927), ‘Utrechtsche Volkswoorden en Volksgezegden’, in: Driemaandelijksche bladen 22, 1, 1-30, 73-84. Groningen


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal