elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: roerop

roerop , roerop! , Uitroep bij, en vandaar ook de naam voor het spel: prous (Utr.), ‘schaar’, of ‘châine’; te Rotterdam: herrieprous. Twee jongens moeten, hand aan hand, andere jongens trachten te tikken met de vereenigde handen, en daardoor te vangen; ieder die gevangen wordt moet zich aansluiten en in den keten meelopen, tot eindelijk allen gevangen zijn.
Bron: Beets, A. (1927), ‘Utrechtsche Volkswoorden en Volksgezegden’, in: Driemaandelijksche bladen 22, 1, 1-30, 73-84. Groningen


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal