elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: serenade

serenade , senaode , (optocht der studenten bij avond met fakkellicht).
Bron: Beets, A. (1927), ‘Utrechtsche Volkswoorden en Volksgezegden’, in: Driemaandelijksche bladen 22, 1, 1-30, 73-84. Groningen
serenade , sernaat , vrouwelijk , sernaate , serenade.
Bron: Schelberg, P.J.G. (1986), Woordenboek van het Sittards dialect, Amsterdam
serenade , serenade , de , serenades , serenade De meziek zul hum een serenade brengen (Eex)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
serenade , sernaat , zelfstandig naamwoord vrouwelijk , senades , - , serenade , VB: De hermenie braach 't goûwe broédspäor 'n sernaat.; uitbrander sernaat VB: Wie 'r wäor bliéve zitte op sjaol hèt 'r mich bié hön 'n fleenke sernaat krège.
Bron: Jaspars, G. en H. Fiévez (2006-2008), Woordenboek van het Gronsvelds, Gronsveld/Ryckholt
serenade , sirrenaadje , (onzijdig) , sirrenaadjes , serenade , De harmenie brach de jubelaris ei sirrenaadje.
Bron: Tonnaer, M. en Har Sniekers (eindred.), (2012), Thoears Woeardebook, Thorn
serenade , sernaatje , zelfstandig naamwoord , sernaatjes , serenade die door de harmonie aan elk lid werd gebracht die een jubileum of een ander persoonlijk feest vierde
Bron: Janssen, L. (2013), Limburgs Woordenboek Heels-Nederlands, Heel.
serenade , sirnaadje , serenade
Bron: Arts, Jan (2015), Brónsgreun Bukske, Editie Veldes dialek, Velden.


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal