elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: kikkebik

kikkebik , [ogenblik] , kikkemik , (mannelijk) , kikkemikken , oogenblik, ommezien. Dat is alle kikkemikken weêr aan, het kind kan geen kikkemik stil zijn.
Bron: Bouman, J. (1871), De Volkstaal in Noordholland, Purmerend.
kikkebik , kikkebik , (zelfstandig naamwoord) , Alleen in de uitdr. alle kikkebikken, alle ogenblikken. || ’t Is alle kikkebikken weer an. Ze loopt hier alle kikkebikken voorbij. – Te Mijdrecht zegt men klikkeblik in dezelfde zin, in de Beemster kikkemik. Aldaar is ook een gebruikelijk geen kikkemik, geen ogenblik, b.v. dat kind kan geen kikkemik stil zijn (BOUMAN 53). – Vgl. de uitdr. kikken noch mikken, kikken noch zich verroeren, die reeds in het Mnl. voorkomt (Mnl. Wdb. III, 1426) en nog in verschillende N.- en Z.-Nederl. streken bekend is (hij dorst kikken noch mikken, zonder kikken of mikken, hij weet van kikken noch mikken). – In de Wormer beduidt krikkemikken (zie aldaar) voortdurend heen en weer bewegen, beweeglijk zijn, raggen. – Alle kikkemikken zal dus zijn bij elke kik, bij de minste beweging die men maakt, d.i. elk ogenblik.
Bron: Boekenoogen, G.J. (1897), De Zaanse Volkstaal. Deel II: Zaans Idioticon - Aanvullingen. Zaandijk (herdruk 1971)
kikkebik , kikkeflikke , zelfstandig naamwoord meervoud , Zie kikkemikke.
Bron: Pannekeet, J. (1984), Westfries Woordenboek, Wormerveer
kikkebik , kikkemikke , zelfstandig naamwoord meervoud , in de zegswijze alle kikkemikke, om de haverklap. Een oude zegswijze luidde: kikken noch mikken = kikken noch zich verroeren. Letterlijk betekent dus alle kikkemikke ‘bij elke kik of beweging’. Vgl. Boek. met de variant: alle kikkebikken.
Bron: Pannekeet, J. (1984), Westfries Woordenboek, Wormerveer


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal