elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: schiemannen

schiemannen , [opknappen, besturen] , beschiemannen , (intransitief werkwoord) , beschikken, waarnemen. Hij kan dat zoo heel goed beschiemannen. Het is ontleend aan het scheepswoord schieman, hoogbootsmansmaat, die voor de pompen en de reinheid van het schip zorgt.
Bron: Bouman, J. (1871), De Volkstaal in Noordholland, Purmerend.
schiemannen , skiemannen , werkwoord , schiemannen
Bron: Fien, A., Ph.C.G.M. Bloemhoff-de Bruijn en J. Gunnink (2000), Woordenboek van de Kamper Taal, Kampen


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal