elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: watbenjemen

watbenjemen , [tussenwerpsel] , watbenjemen , (tussenwerpsel) , Hij wordt me een kerel watbenjemen, dat is me een gebouw watbenjemen.
Bron: Bouman, J. (1871), De Volkstaal in Noordholland, Purmerend.


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal