elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: beestenvlees

beestenvlees , beestĕvleis , koeienvleesch.
Bron: Ebbinge Wubben, C.H. (1907), ‘Staphorster Woordenlijst’, in: Driemaandelijkse Bladen 6, 61-94
beestenvlees , beistevläis , onzijdig , rundvlees
Bron: Jonker, L. & H.G. van Grol (z.j., ca 1940), Woordenboek dialect van Vriezenveen
beestenvlees , beestevleis , koeievlees.
Bron: Bos-Vlaskamp, G. e.a. (1994), Olster woorden, Olst.
beestenvlees , biestevleis , rundvlees.
Bron: Werkgroep Dialekt van het Cultuur Historisch Genootschap Raalte (1995), Nieuw Sallands Woordenboek, Raalte
beestenvlees , biestevleis , rundvlees. Biestevleis is altied duurder as vârknsvleis.
Bron: Dialectwârkgroep Heerde/Waopmvelde (2004), Nieje Heerder Woordnboek, Heerde.


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal