elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: broeds

broeds , [verlangend te broeden] , brö̀idsch , (bijvoeglijk naamwoord) , broeiziek (van vogels).
Bron: Gallée, J.H. (1895), Woordenboek van het Geldersch-Overijselsch Dialect, aanhangsel Twents
broeds , brûdsch , (bijvoeglijk naamwoord) , broeiziek (van vogels).
Bron: Gallée, J.H. (1895). Woordenboek van het Geldersch-Overijselsch Dialect. Deventer: H.P. Ter Braak
broeds , bröds , bröts, bruds , broedsch, broeiziek; dei henne is al weer bröds = dei hen is al weer bruts.
Bron: Molema, H. (1895), Woordenboek der Groningsche Volkstaal in de 19e eeuw (handschrift met aanvullingen op gedrukte editie uit 1887)
broeds , bruds , broedsch.
Bron: Ebbinge Wubben, C.H. (1907), ‘Staphorster Woordenlijst’, in: Driemaandelijkse Bladen 6, 61-94
broeds , bröds , broeds. Ne brödse henne: een broedse kip
Bron: Jonker, L. & H.G. van Grol (z.j., ca 1940), Woordenboek dialect van Vriezenveen
broeds , bròds , bijvoeglijk naamwoord, bijwoord , broeds
Bron: Schönfeld Wichers, K.D. (1959), Woordenboek van het Rijssens dialect, herdruk 1996, z.pl.
broeds , bruuds , broeds. Béj ons hénne zien d’r ’n par bruuds Bij onze kippen zijn er een paar broeds..
Bron: Kerkhoff, Chris (1970 ev), Dialectwoordenlijst van het Land van Cuijk, Cuijk
broeds , broesk , bijvoeglijk naamwoord , Verouderde vorm van broeds. Vgl. Fries brodsk. | We hewwe ’n paar broeske kippe.
Bron: Pannekeet, J. (1984), Westfries Woordenboek, Wormerveer
broeds , bröds , broeds.
Bron: Bos-Vlaskamp, G. e.a. (1994), Olster woorden, Olst.
broeds , bröds , broeds.
Bron: Werkgroep Dialekt van het Cultuur Historisch Genootschap Raalte (1995), Nieuw Sallands Woordenboek, Raalte
broeds , bröds , bijvoeglijk naamwoord , broeds Een brödse hen kwam in een zak an de boom te hangen (Bor), Een brödse kiepe meuj mit de konte in het water haolden, dan giet het wel aover (Hol), Het aol wief is bröds, ze zit de heile dag op stoul (Row), Die is ok aordig bröds van een trotse vrouw met veel verbeelding (Sle), zie ook brödsig
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
broeds , brös , bröds , (Kampen) broeds. Ook: bröds (Kampereiland, Kamperveen)
Bron: Fien, A., Ph.C.G.M. Bloemhoff-de Bruijn en J. Gunnink (2000), Woordenboek van de Kamper Taal, Kampen
broeds , bröds , bruuds , broeds. ’n Brödse kippe is te kenn an ’t geluud; Bruuds heur iej veule minder as bröds.
Bron: Dialectwârkgroep Heerde/Waopmvelde (2004), Nieje Heerder Woordnboek, Heerde.
broeds , brods , bijvoeglijk naamwoord , 1. broeierig (van het weer), zie ook brodsig 2. geneigd tot mopperen, humeurig
Bron: Bloemhoff, H., J. Withaar, A. Bloemhoff en T. Bontekoe (2005), Stellingwarfs-Nederlands Verklarend Handwoordenboek (SNVH), Berkoop/Oldeberkoop: Stichting Stellingwarver Schrieversronte.
broeds , bruds , bröds, breuds , bijvoeglijk naamwoord , 1. broeds (van kippen) 2. slecht gehumeurd 3. zie brodsig
Bron: Bloemhoff, H., J. Withaar, A. Bloemhoff en T. Bontekoe (2005), Stellingwarfs-Nederlands Verklarend Handwoordenboek (SNVH), Berkoop/Oldeberkoop: Stichting Stellingwarver Schrieversronte.
broeds , broes , bijvoeglijk naamwoord , broeds Dien broese kip heppetter slecht ofgebrocht; ellef stinkaaiers en een doorkont Die broedse kip heeft slecht gepresteerd; elf onbevruchte eieren en een ei met uitpuilend dooier
Bron: Werkgroep Dialecten Hoeksche Waard (2006), Hoekschewaards woordenboek, Klaaswaal.
broeds , bruuts , broeds
Bron: Bergh, N. van den, e.a. (2007), Um nie te vergeete. Schaijks dialectboekje, Schaijk.
broeds , brods , bröds, bruuds , 1. broeds; 2. stuurs, nors, onvriendelijk; brodskont, 1. broedse kip; 2. iemand die te veel bij de warme kachel zit.
Bron: Scholtmeijer, H. (2011), Veluws handwoordenboek, Almere.
broeds , bruuds , bijvoeglijk naamwoord , uu is kort; WBD broeds (Hasselts)
Bron: Sterenborg, W. en E. Schilders (2014), Woordenboek van de Tilburgse Taal (WTT), Tilburg: Stichting Cultureel Brabant


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal