elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: pudding in de buil

pudding in de buil , poddik-in-de-bü̂̂l , Zekere meelspijs, die in een zak gekookt wordt.
Bron: Draaijer, W. (1896). Woordenboekje van het Deventersch Dialect. ’s-Gravenhage: Martinus Nijhoff
pudding in de buil , poddĕk in dĕ buul , boekweitenmeel met gist en karnemelk.
Bron: Ebbinge Wubben, C.H. (1907), ‘Staphorster Woordenlijst’, in: Driemaandelijkse Bladen 6, 61-94
pudding in de buil , [gerecht] , poddik-in-de-bü̂l , Zekere meelspijs, die in een zak gekookt wordt.
Bron: Draaijer, W. (2e druk 1936), Woordenboekje van het Deventersch Dialect, Deventer: Kluwer.


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal