elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: uitreden

uitreden , oetredden , uitkammen, van het haar, Gron. oetreien.
Bron: Molema, H. (1889), Proeve van een woordenboek der Drentsche volkstaal in de 19e eeuw, handschrift
uitreden , oetreien , oetrijden, uutrijden, uutraiden , (uitreeden) = oetkemmen = kammen, uitkammen van het haar. Zuid-Hollandsch uitreeën, Zeeland reeën; Noordfriesch, Deensch rede = kammen; utrede = uitkammen. Zie: rei 2.
Bron: Molema, H. (1895), Woordenboek der Groningsche Volkstaal in de 19e eeuw (handschrift met aanvullingen op gedrukte editie uit 1887)
uitreden , uutreedĕn , uitkammen.
Bron: Ebbinge Wubben, C.H. (1907), ‘Staphorster Woordenlijst’, in: Driemaandelijkse Bladen 6, 61-94
uitreden , oetreen , werkwoord , uitkammen
Bron: Schönfeld Wichers, K.D. (1959), Woordenboek van het Rijssens dialect, herdruk 1996, z.pl.
uitreden , oetrijen , uutrijen , (uit) kammen
Bron: Steenhuis, F.H. (1978), Stoere en Olderwetse Grunneger Woorden, Wildervank: Dekker & Huisman
uitreden , uutreien , 1. luizen of neten uit het haar kammen. 2. takken van omgehakte bomen klein hakken.
Bron: Bos-Vlaskamp, G. e.a. (1994), Olster woorden, Olst.
uitreden , uutreien , reien uut, uut ereid , luizen en neten uitkammen.
Bron: Werkgroep Dialekt van het Cultuur Historisch Genootschap Raalte (1995), Nieuw Sallands Woordenboek, Raalte
uitreden , oetrien , sterk werkwoord, overgankelijk , (Zuidoost-Drents zandgebied, Zuidwest-Drenthe, Midden-Drenthe, Kop van Drenthe) = kammen Ik moet het haor nog even oetraaiden (Row, veroud.), ...oetrien (Man), z. ook oetrieven
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
uitreden , uutreijn , met een kam bewerken. Iej muttn oe haor nog uutreijn; jonge, iej ziet der uut as ’n bosduuvel.
Bron: Dialectwârkgroep Heerde/Waopmvelde (2004), Nieje Heerder Woordnboek, Heerde.
uitreden , oitrêêje , werkwoord , rêê oit, rêêde oit, oitgerêêd , [O] haar van dieren met de roskam kammen Je mottet haer van de paerde nog oitrêêje Je moet het haar van de paarden nog roskammen Zie ook rêêkam
Bron: Werkgroep Dialecten Hoeksche Waard (2006), Hoekschewaards woordenboek, Klaaswaal.
uitreden , uutreien , zie reien.
Bron: Scholtmeijer, H. (2011), Veluws handwoordenboek, Almere.


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal