elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: vijfschaft

vijfschaft , vîfschaft , kleedingstof met vijf schachten of kamhouten gemaakt.
Bron: Gallée, J.H. (1895). Woordenboek van het Geldersch-Overijselsch Dialect. Deventer: H.P. Ter Braak
vijfschaft , viefschaft , kleedingstof, V, 5.
Bron: Ebbinge Wubben, C.H. (1907), ‘Staphorster Woordenlijst’, in: Driemaandelijkse Bladen 6, 61-94
vijfschaft , viefschaft , viefschacht , het , Ook viefschacht (Zuidwest-Drenthe, zuid, Midden-Drenthe) = vijfschaft Een mouwjak wur wel maokt van viefschaft (Rol), Vroeger dreugen de vrouwen een viefschaft pakkie (Scho)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
vijfschaft , viefschaft , vuufschaft, vieschaft, vuufschoft, vieschaf , zelfstandig naamwoord , et; vijfschacht (bep. soort wollen stof, waaraan één gladde kant)
Bron: Bloemhoff, H., J. Withaar, A. Bloemhoff en T. Bontekoe (2005), Stellingwarfs-Nederlands Verklarend Handwoordenboek (SNVH), Berkoop/Oldeberkoop: Stichting Stellingwarver Schrieversronte.


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal