elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: affaire

affaire , affére , afféren , afférens , Zaak, affaire. D(i)ee man hef al vierderlei afférens ehad; ’t wil maor n(i)eet bòtren met ’m.
Bron: Draaijer, W. (1896). Woordenboekje van het Deventersch Dialect. ’s-Gravenhage: Martinus Nijhoff
affaire , affére , afféren , afférens , Zaak, affaire. D(i)ee man hef al vierderlei afférens ehad; ’t wil maor n(i)eet bòtteren met ’m.
Bron: Draaijer, W. (2e druk 1936), Woordenboekje van het Deventersch Dialect, Deventer: Kluwer.
affaire , affeer , beroep (ambacht)
Bron: Steenhuis, F.H. (1978), Stoere en Olderwetse Grunneger Woorden, Wildervank: Dekker & Huisman
affaire , affaere , vrouwelijk , affaeres , affaire.
Bron: Schelberg, P.J.G. (1986), Woordenboek van het Sittards dialect, Amsterdam
affaire , affère , affèer, affere, afferen, affèren, afferens, afferi , affèren, affeers, afferens , Ook affèer (Zuidoost-Drents zandgebied, Midden-Drenthe), affere (Zuidwest-Drenthe, zuid, Zuidoost-Drents zandgebied), afferen (Zuid-Drenthe), affèren (Midden-Drenthe), afferens (Zuidwest-Drenthe, zuid), affering (Zuidwest Drenthe, noord), adfeer (Veenkoloniën), affeer (Veenkoloniën) = 1. werk, beroep, zaak Mien opa was koeper van zien affeer (Vtm), Hie is van affeer veranderd (Bor), Heb ie dat affère? (Dwi), Wat hef die jonge van oe veur affeers? wat is zijn beroep (Hav), Hij hef een affeer in geriedschup (Hgv), Die is good veur ’n afferen(s) dat is een goed zakenman (Die) 2. kwestie Hij hef een malle affère had met zien volk (Bei), Die affère wil ik niks met te maken hebben, daor zit een luchien an (Oos)
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
affaire , affeerns , narigheden. Aj zokke affeerns heb, dan bin iej wel klaor, geld verdienn en aoverholln is dan gien kuns.
Bron: Dialectwârkgroep Heerde/Waopmvelde (2004), Nieje Heerder Woordnboek, Heerde.
affaire , affaere , affaer , zelfstandig naamwoord , de; bezigheid die geld oplevert, werk, beroep
Bron: Bloemhoff, H., J. Withaar, A. Bloemhoff en T. Bontekoe (2005), Stellingwarfs-Nederlands Verklarend Handwoordenboek (SNVH), Berkoop/Oldeberkoop: Stichting Stellingwarver Schrieversronte.


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal