elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: bedorven

bedorven , bedôrm , bedorven
Bron: Steenhuis, F.H. (1978), Stoere en Olderwetse Grunneger Woorden, Wildervank: Dekker & Huisman
bedorven , bedurve , bedorven. Die butter is bedurreve.
Bron: Spek, J. van der (1981), Zoetermeers woordenboek, Zoetermeer.
bedorven , bedurven , bijvoeglijk naamwoord , 1. bedorven, tot bederf overgegaan 2. erg verwend
Bron: Bloemhoff, H., J. Withaar, A. Bloemhoff en T. Bontekoe (2005), Stellingwarfs-Nederlands Verklarend Handwoordenboek (SNVH), Berkoop/Oldeberkoop: Stichting Stellingwarver Schrieversronte.
bedorven , bedurreve , bijvoeglijk naamwoord , 1. bedorven D’r zit een bedurreve luchie an; ’t is harstikke vrot Er zit een bedorven luchtje aan, het is totaal verrot 2. verwend Het kind was deur d’r opoe hêêlemael bedurreve Het kind was door haar grootmoeder totaal verwend
Bron: Werkgroep Dialecten Hoeksche Waard (2006), Hoekschewaards woordenboek, Klaaswaal.
bedorven , bedùrve , verwend,vertroeteld, bedorven , ’n Bedùrve mèijdje. Een verwend meisje.
Bron: Laat, G. de (2011), Zoo prôte wèij in Nuejne mi mekaâr, Nuenen
bedorven , bedörve , bijvoeglijk naamwoord , bedorven; – Miep Mandos-v.d. Pol - Aantekeningen Brabantse spreekwoorden: Beeter en aaw pèèrd kepòt as en jóng bedörve .K+S 'bedurreve eetwaoren'; Cees Robben: Beeter en aaw pèrd kepòt as en jóng bedörve .WBD III.1.4:93 'bedorven = idem; WBD III.2.2:34 'bedorven' = verwend kind; WBD III.2.3:202 'bedorven' = beschimmeld (brood); J. Cornelissen & J.B. Vervliet, Idioticon van het Antwerpsch dialect (1899): BEDÖRVEN bvw - Spr. Bedörven zijn tot in 't merk van zijn beenen - door en door bedorven zijn.
Bron: Sterenborg, W. en E. Schilders (2014), Woordenboek van de Tilburgse Taal (WTT), Tilburg: Stichting Cultureel Brabant


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal